facebook_pixel

Vijftig jaar varen en niet aan stoppen denken

Melle en Janny Draaisma – Mudde varen al vijftig jaar en willen er nog niet mee stoppen.
 

A/B MS ANIMO – Melle en Janny Draaisma – Mudde varen in augustus 50 jaar en zijn van plan om zolang als het gaat door te gaan op hun Animo. Ze hebben beiden AOW en voelen zich prettiger aan boord, want het schip is een van de weinige dingen dat ze hebben. Aan de wal gaan is daarom geen echte optie voor ze. ‘We hebben geen huis, geen auto en zijn altijd aan boord, tenzij we ergens heen moeten, post halen bijvoorbeeld. We hebben vrienden op de vaart, maar die moet je maar net zien’, vertellen ze.

Janny is van de wal, maar haar opa voer. Haar vader was touwslager bij Lankhorst. Melle is een schipperskind. Hij groeide op in een tijd dat de oudste schipperszonen nodig waren aan boord en onderwijs niet belangrijk werd gevonden. Hij is hooguit twee winters naar school geweest. Hij kan niet lezen en schrijven. Missen doet hij het niet. ‘Ik weet niet beter. In mijn tijd had je nog ligplaatsscholen. Je had je eigen schriftje en dat nam je mee als je naar school ging. Mijn zusjes zaten bij kennissen in een kosthuis. Later heb ik mijn Rijnpatent mondeling gehaald en de theorie van mijn rijbewijs ook. Ik gebruik de nummers bij de afslagen. Je leert het jezelf op een andere manier aan.’
Janny deed na de lagere school de huishoudschool. Al het papierwerk aan boord komt op haar neer. De taakverdeling is daarom nogal strikt aan boord. ‘Ik doe het papierwerk. Hij de rest. Ik heb ook een smarttelefoon en een tablet. Hij heeft een vaarcomputer, maar ik lees de namen van de schepen voor tijdens het varen’, vertelt ze.

Gebeurtenissen die dagelijks meelopen

Ze begonnen als jong stelletje op de Pax als zetschipper en voeren daarna op een eigen klippertje van 135 ton dat de Risico heette. Ze wilden groter en begonnen op huurkoopbasis op de Amstelland van 438 ton. Toen ze de Amstelland op hun naam konden zetten, noemden ze haar Animo. Na dat schip kwam hun huidige schip. Ze varen er sinds 1990 op en konden haar pas kopen, nadat haar vader in 1989 overleed. ‘Dit was een Duits schip en dat kon niet vanwege mijn vader. Hij wilde geen Duits schip. Mijn vader zat in een concentratiekamp in de oorlog, omdat hij door zijn broers was verraden. Waarmee hij was verraden weet ik niet. Daarover werd in die tijd niet gepraat’, vertelt Janny.
Buiten dat zijn ze beiden getekend door het leven. Tineke verloor een paar vingers in de jaren zeventig en raakte met haar arm bekneld in 1991, waardoor ze aan die kant een verminderde functie heeft. Hun dochter, Tineke Draaisma overleed in 2006 aan kanker en haar broer in 2013, nadat hij zich verslikte in een stukje brood. ‘Onze dochter en mijn broer, dat loopt nog steeds alle dagen met ons mee. Dat zijn echt gebeurtenissen die er in hakken bij een mens, kunnen we vertellen. De rest is bijzaak.’