Beck op NPO3, Midnight Sun op Canvas, The Sandhamn Murders en The Bridge in het geheugen, en in de boekenkast Stieg Larsson, Henning Mankell en Lars Kepler: de Zweedse thriller is een vaste waarde geworden. Waarom schrijven de inwoners van dit paradijselijke land waarin nooit iets gebeurt massaal duistere verhalen? En waarom leest u ze? Zweden-kenner Marc Pennartz duikt voor u in de donkere diepte van nordic noir.

1. Zweden is gemaakt voor thrillers (dichtbij en toch exotisch)

Wat klinkt spannender? Een lokale drugsbaron wordt neergeknald langs een Amsterdamse gracht? Of: een ideale schoonzoon verdwijnt en wordt 500 kilometer verderop ritueel geslacht teruggevonden aan de oever van een zomers meertje?

In een goede thriller is het decor deel van het mysterie. Laat de duisternis ronddwalen waar je ze niet verwacht en je sorteert effect. Daarom spelen Zweedse misdaadverhalen zich af in onooglijke dorpen, idyllische provinciestadjes en uitgestorven gehuchten, of in de wildernis zelf. Het land bestaat voor meer dan de helft uit donkere bossen, het klimaat kent er geen genade, de zomers zijn lang licht, de winters stikdonker. In de verte huilt een wolf en in de tuin staat een eland. En daartussen woont geen kat.

Moord in de grootstad vinden we normaal. Een boerenbuiten die rood kleurt doet griezelen. Zweedse schrijvers laten zich graag inspireren door hun omgeving. Haast elke Zweedse gemeente heeft vandaag haar eigen Wallander en, erger nog, haar eigen seriemoordenaar. Op papier welteverstaan.

Schrijver en journalist. True crime, misdaadverhalen, media, politiek en muziek.