Gerardo Soto y Koelemeijer, kind van een Spaanse vader en Hollandse moeder, verwerkt in zijn romans de recente geschiedenis van Spanje. Na zijn debuut met Armelia, een verhaal rond de Spaanse burgeroorlog, onderneemt hij in zijn tweede boek een poging het taboe open te breken over het schandaal van de gestolen kinderen.

STEUN RO

De avond dat Gerardo Soto y Koelemeijer voor het eerst leest over de gestolen kinderen van Spanje, zet hij de aanzet voor zijn tweede roman op papier. Als zoon van een Spaanse vader is hij geschokt door de verhalen over grootschalige kinderroof. De Haarlemse wiskundedocent beseft op dat moment hoe weinig hij weet van het land waar hij als kind zijn zomers door bracht. Het boek ´De gestolen kinderen´ is een beklemmende reis geworden door de recente geschiedenis van Spanje. Aan de hand van een lang verzwegen schandaal.

Het verhaal in het kort: Miguels rustige leven in een dorp in de buurt van Salamanca verandert in één klap als hij op een dag te horen krijgt dat hij is geadopteerd. Samen met zijn vriend Álvaro, archeoloog en amateurhistoricus, probeert Miguel zijn geschiedenis te reconstrueren. Hij ontdekt stukje bij beetje hoe een netwerk van dictator Franco-aanhangers decennialang tienduizenden kinderen bij hun ouders heeft weggehaald. Het gestolen kind gaat vervolgens zelf op jacht naar zijn wortels.

Struisvogel

Met een ingetogen schrijfstijl weet Gerardo, in een aangenaam tempo, duidelijk te maken hoe de hoofdpersoon alle stadia doorloopt. Van struisvogel tot brutale vragensteller. Van een rustig voortkabbelend bestaan naar een man op een verwoede zoektocht naar zijn ware identiteit.

“Ik had al het een en ander gelezen over de Spaanse Burgeroorlog en over het Franco-tijdperk”, vertelt Gerardo over de opmaat naar zijn nieuwe roman. “Maar dit verhaal was me onbekend en te interessant om te laten liggen. Ik heb het boek opgedragen aan mijn dochter Goya van vijf. Als je zelf kinderen hebt, maakt het je extra bewust hoe erg het is wat er in Spanje is gebeurd al die jaren.”

Baanbrekend

De Gestolen Kinderen is een baanbrekend boek. Niet eerder werd in een roman geschreven over het onderwerp. Ook niet in Spanje. “Er rust nog steeds een taboe op”, weet Gerardo. “Dat heeft alles te maken met de oude breuklijn tussen links en rechts. Onder de conservatieve premier Aznar, van de Partido Popular, werd weinig gepraat over de Burgeroorlog. Zijn opvolger, de socialist Zapatero, brak een lans voor de slachtoffers. Nu de PP weer regeert, zwijgt men liever. Ik denk dat het goed zou zijn om de discussie aan te gaan en te praten over het verleden.”

Een schrijver van huis uit is hij niet. Gerardo Soto y Koelemeijer (Alkmaar, 17 augustus 1975) heeft een Spaanse vader en een Nederlandse moeder. Op jonge leeftijd wordt hij vier keer achtereen Nederlands kampioen turnen en verblijft een jaar op het turninternaat te Papendal. Hij rondt het VWO af op het Jan Arentsz te Alkmaar en studeert daarna Technische Wiskunde aan de TU Delft. In 2003 promoveert hij in de wiskunde tot doctor. Twee jaar later studeert hij af in de literatuurwetenschap aan de Universiteit van Leiden. Gerardo heeft een propedeuse in filosofie, politicologie, talen en culturen van Latijns-Amerika en is eerstegraads bevoegd docent wiskunde. Na de nodige omzwervingen is hij momenteel weer docent wiskunde op een middelbare school: het ECL in Haarlem.

Burgeroorlog

In 2006 debuteert hij met de roman Armelia, het verhaal van een familie aan de vooravond van de Spaanse Burgeroorlog (1936-1939). “Wie iets van het huidige Spanje wil begrijpen, kan niet om de burgeroorlog heen”, stelt Gerardo op zijn blog. “Toch is er lang gezwegen over wat er is gebeurd in de oorlog en de jaren onder Franco. Bij de overgang naar de democratie werd afgesproken het verleden te laten rusten. Maar langzamerhand komen de verschrikkingen boven.”

,,Ik heb helaas nooit voor langere tijd in Spanje gewoond. Maar als kind spendeerde ik elke zomer met ouders en zus aan de mediterrane zee. We verbleven standaard vijf weken in het krappe appartement van mijn grootouders, in de calle de Francisco Almarche in Benetesser, een dorpje ten zuiden van Valencia. In een oranje Renault 5, de achterbank naar voren geklapt, legden we 2000 kilometer af. Mijn zus en ik lagen languit op de koffers, omgeven door bollen Edammer kaas voor alle ooms, tantes en grootouders.”

“Ik bewaar goede herinneringen aan die tijd. Misschien wel omdat als kind veel langs je heen vloeit. Zo was ik me niet bewust van het feit dat Spanje kort daarvoor nog geleid werd door een dictator. Lange tijd heb ik geloofd dat koning Juan Carlos de oudste zoon van Franco was.”

Klootzak

“Dat mijn vader Franco een klootzak vond, begreep ik pas vele jaren later. We keken samen de film El Lute, over het leven van Eleuterio Sánchez Rodríguez, eens de meest gezochte crimineel van Spanje. Bij het zien van zoveel onrecht kreeg mijn vader het te kwaad en stak hij een tirade af. Aan fascisten heeft hij een broertje dood. Het is mooi hoe mijn vader het woord imbeciel uitspreekt, half Nederlands, half Spaans, niet precies wetend op welke lettergreep hij de klemtoon moet leggen. Maar dat Franco er in zijn ogen een was, daar liet hij geen twijfel over bestaan.”

“Ik voel me wel een beetje Spaans, maar ik kan niet goed aangeven wat dat dan is. Ik denk zelfs dat ik Spanje niet zou kunnen aarden. Veel corruptie, bureaucratie. Ik denk dat ik daar niet aan zou kunnen wennen. Ik hecht te veel waarde aan dat de dingen goed geregeld zijn.”

Opstand

“De hoofdpersoon Miguel staat ook model voor de gelatenheid van Spanjaarden, die met crises op allerlei gebied worden geconfronteerd. Ik verbaas me erover dat er geen grote opstanden uitbreken in Spanje. Jongeren bezetten een aantal jaar geleden pleinen, maar wat gebeurt er nu nog? En dat met zulke hoge werkeloosheid, mensen die uit hun huizen worden geplaatst, de corruptie. En dan al die gestolen kinderen en de onverwerkte misdaden uit het verleden. Je zou verwachten dat men zich niet zo gedeisd houdt. Miguel past binnen dat kader. Is iemand die, zoals zoveel mensen, zijn leven invult met werk en zijn gezin. Hij is van de vaste patronen en structuren en dus weinig flexibel. Wanneer hij de brief van zijn tante ontvangt, waarin staat dat hij is 'geadopteerd', probeert hij dit nog lang te ontkennen. Om maar aan zijn oude, veilige leventje vast te kunnen klampen.”

Een eerder gepubliceerde vierluik over de grootschalige babyroof in Spanje vind je hier: https://reportersonline.nl/?p=20218

Voor meer informatie over Gerardo Soto y Koelemeijer: http://www.gerardosoto.com.

 

Geef een antwoord