Nadat de Roemeense president Nicolae Ceausescu in Noord-Korea is toegejuicht door de uitzinnige onderdanen van Kim Il-sung, besluit hij om van Boekarest het Pyongyang van Europa te maken.

STEUN RO

De namen van de communistische leiders uit Oost-Europa glijden langzaam ons geheugen uit. Todor Zhivkov en Janos Kadar, wie waren dat ook alweer? Maar de naam Nicolae Ceausescu zal niet snel in de vergetelheid raken. Je kunt in Roemenië niet ontsnappen aan zijn erfenis. Om te begrijpen waar de megalomane bouwplannen en ongeremde persoonlijkheidscultus van Ceausescu vandaan komen, moet je in Noord-Korea zijn.

Ceausescu was in 1971 al zes jaar secretaris-generaal van de Roemeense communistische partij toen hij afreisde naar China en Noord-Korea. De keuze voor die landen was niet toevallig. De Noord-Koreaanse leider Kim Il-sung probeerde zich los te wurmen uit de houdgreep van de Sovjet-Unie en de betrekkingen tussen China en de Sovjet-Unie waren ronduit slecht. Moskou had het namelijk niet zo begrepen op het Maoïsme als alternatief voor het Russische marxisme-leninisme. Ook Ceausescu stond op slechte voet met Moskou. Zo knoopte hij tegen de zin van de Sovjet-Unie in 1967 diplomatieke betrekkingen aan met Israël en veroordeelde hij een jaar later de Russische invasie van Tsjecho-Slowakije om de Praagse Lente neer te slaan.

Een graag geziene gast

Die eigenzinnigheid levert Ceausescu veel steun op in het vrije Westen, dat graag wil geloven dat Ceausescu een hervormingsgezinde communist is van hetzelfde kaliber als Josip Broz Tito in Joegoslavië. De Roemeense leider wordt in West-Europa met alle egards ontvangen. In 1973 brengen Nicolae en Elena Ceausescu een staatsbezoek aan Nederland. Ze dineren met de koninklijke familie en bezoeken fabrieken, boerderijen en het Paleis op de Dam. Nicolae, die een broertje dood heeft aan democratie, spreekt zelfs de Eerste Kamer toe. Omgekeerd doet een gestage stroom hoogwaardigheidsbekleders Boekarest aan. Op zwart-witbeelden is te zien hoe Charles de Gaulle en Rixard Nixon zich in open auto’s laten rondrijden over de brede boulevards van Boekarest.

De glunderende Ceausescu geniet overduidelijk van het hoge bezoek en van de aanhankelijkheidsbetuigingen van de Roemenen die rijendik langs de weg staan. Maar achteraf bekeken is het een beschamend eenvoudige vertoning vergeleken met de wijze waarop hij een paar jaar later zelf wordt onthaald in Pyongyang. Als je op YouTube de kleurenfilmpjes van dat bezoek bekijkt, kun je je goed voorstellen dat de zoon van een Roemeense keuterboer overweldigd werd door de strak geregisseerde show in Pyongyang. Langs de weg en op een soort viaduct in de vorm en kleuren van een regenboog wuiven Koreaanse meisjes, gekleed in smetteloos witte jurken, met roze waaiers. Als Ceausescu en Kim arriveren bij het centrale plein in Pyongyang worden ze verwelkomt door ritmisch zwaaiende en dansende menigtes gehuld in zuurstokkleurige kledij.

Het hoogtepunt van het bezoek is een eerbetoon aan het dictatoriale tweetal in een stadium. Het veld en de tribunes staan vol figuranten die met gekleurde borden het ene reusachtige schilderij na het andere vormen. De Koreanen beelden onder meer de “technische en wetenschappelijke revolutie” uit die onder leiding van “de geliefde kameraad Nicolae Ceausescu” in Roemenië plaatsvindt. In de slotscene zien we Kim wild zwaaien naar de uitzinnige massa. Ceausescu staat er onbeholpen bij, wat nog erger wordt als de langere Kim hem bij de arm pakt om samen te zwaaien.

Monsterpaleis

Na hun bezoek aan het Verre Oosten neemt de verheerlijking van Nicolae en Elena Ceausescu steeds groteskere vormen aan. Geen van de echtelieden bracht het verder dan de lagere school, maar Elena vergaart desondanks de ene na de andere academische titel. Nicolae wordt in de propaganda afgeschilderd als een intellectuele reus die Marx, Engels en Lenin overschaduwt, hoewel hij in werkelijkheid geen bijdrage van betekenis heeft geleverd aan de communistische leer, of het moet het virulente nationalisme zijn waarin hij het Roemeense communisme doopte.

“Wie de muren van dit ziekenhuis beroert, zal op een feestdag sterven.”

Nicolae wil ook een zichtbaar stempel drukken op de Roemeense samenleving. Terwijl in Cambodja de Rode Khmer stedelingen naar het platteland drijft, huisvest Ceausescu grote aantallen Roemeense boeren in foeilelijke torenflats, die tot op de dag van vandaag het landschap ontsieren. Ook de hoofdstad Boekarest ontsnapt niet aan zijn vernielzucht. Om ruimte te scheppen voor zijn marmeren monsterpaleis met duizend kamers laat hij bijna vijf vierkante kilometer van het oude stadscentrum afbreken. Ter vergelijking: dat is een kwart van de oppervlakte van de gemeente Leiden. Terwijl de Roemenen in de rij staan voor brood en hooguit een paar uur elektriciteit per dag hebben, worden tientallen kerken, ziekenhuizen, kloosters en ontelbare woningen opgeofferd aan de grootheidswaanzin van het tirannieke echtpaar. Een van de verwoeste ziekenhuizen, een schitterend gebouw uit 1835, bevat een marmeren plaat met een waarschuwing: wie de muren van dit gebouw beroert, zal op een feestdag sterven.

Ceausescu ziet in 1989 de communistische regimes in de buurlanden verkruimelen, maar gelooft blind in zijn eigen onoverwinnelijkheid. Zes weken na de val van de Berlijnse Muur laat hij tienduizenden arbeiders aanrukken die hem in Boekarest moeten toejuichen. Maar hij gokt verkeerd: de massabetoging loopt uit op een revolutie. Op 22 december vluchten Nicolae en Elena halsoverkop per helikopter uit Boekarest, maar ze komen niet verder dan Targoviste, een stadje ten noordwesten van Boekarest. In een spartaanse ingerichte militaire barak brengen ze de drie laatste dagen van hun leven door.

Sterven op een feestdag

Op Eerste Kerstdag worden Nicolae en Elena na een kort showproces ter dood veroordeeld. Alles wordt met een videocamera opgenomen, maar uitgerekend het moment waarop Nicolae en Elena worden neergemaaid door een kogelregel staat niet op film. De beelden van de levenloze lichamen laten echter geen ruimte voor twijfel. Elena ligt op haar rechterzij, er stroomt veel bloed uit haar hoofd. Nicolae ligt als een vodden pop op zijn rug, de benen onder zijn lichaam gevouwen. Als je de executieplaats – nu een grimmig museum – bezoekt, zie je direct de vele kogelgaten in de muur.

Wat is er nadien met de lichamen van de Ceausescu’s gebeurd? Volgens Wikipedia zijn ze ter aarde besteld op de Ghencea begraafplaats in Boekarest. Op een stralende middag in oktober besluit ik er een kijkje te nemen. Ik geneer me altijd enigszins als ik loop te zoeken naar het graf van een beroemd persoon terwijl de mensen om mij heen rouwen om het verlies van een dierbare. Gelukkig is de sfeer op het kerkhof gemoedelijk. Bij de kapel wordt gerookt en gedronken en verderop klopt iemand zijn automatten uit tegen een boom.

De man die zoveel religieuze heiligdommen liet verwoesten ligt in de schaduw van een kerk, in een eenvoudig graf van rood marmer zonder kruis. “Președintele Republicii Socialiste România” staat in de steen gebeiteld. De enige opsmuk bestaat uit twee grote boeketten, de bloemen zijn vers. Als ik aanstalten maak om wat foto’s te schieten, komt er een oudere man naast mij staan. Hij slaat een kruis. Zou het een apparatsjik zijn? Met zijn grijze snor, stoppelbaard en leren jasje ziet hij er niet uit als een hoge functionaris van weleer. Hij staart een halve minuut naar het graf en loopt dan naar zijn Dacia Logan.

46 procent van de Roemenen wil Nicolae Ceausescu weer als president.

Weer thuis vind ik op de website van de Roemeense nieuwszender Digi24 een artikel uit 2014 over de postume populariteit van Ceausescu. Volgens een enquete zou 46 procent van de ondervraagden op Ceausescu stemmen als hij kandidaat was geweest voor de presidentsverkiezingen in 2014. Dat klinkt bizar, maar vorig jaar stemde 46 procent van de Roemenen doodgemoedereerd op een partij die wordt geleid door een crimineel met een strafblad. Zijn vergrijp: verkiezingsfraude. Als je in Roemenië woont, verbaas je je aanvankelijk over van alles; na een tijdje kijk je nergens meer van op.

Volgens een socioloog die de opiniepeiling becommentarieerde, duurt het drie generaties vooraleer ingrijpende gebeurtenissen verwerkt zijn. Rond het midden van deze eeuw is het dus gedaan met verse boeketten op het graf van de Europese Kim Jong-un.