De twee gezichten van de ‘horrordokter’

Vandaag wordt de regiezitting tegen Ernst Jansen Steur hervat. Profiel van een ‘horrordokter’ met wie de patiënten wegliepen, door Floris Hulleman & Kim Peddemors.

Het is 2005 als vijf ex-patiënten van Ernst Jansen Steur zich beklagen bij letselschade-expert Yme Drost. “Ik had nog nooit meegemaakt dat er meerdere klachten binnen kwamen over één neuroloog. Laat staan vijf.” Lange tijd houden de ex-patiënten zich stil. Een van de eerste slachtoffers die het zwijgen doorbreekt, is Freddy de Haan. Begin oktober 2001 is hij bij Ernst Jansen Steur terechtgekomen met klachten dat hij het soms niet meer weet. Na ‘grondig’ onderzoek blijkt volgens de neuroloog dat hij alzheimer heeft. “Ik vertelde mijn vrouw dat ze maar op zoek moest gaan naar een andere man”, vertelt de Haan geëmotioneerd.

 “Ik vertrouwde die man voor de volle honderd procent, hij liet mij zelfs scans zien van mijn hersenen, het was voor mij duidelijk dat ik het had.” Jansen Steur schrijft de Haan het zware middel Exelon voor. “Het ging steeds slechter met me, het medicijn maakt je veel ouder. Op een gegeven moment had ik al een pijler gezocht om tegenaan te rijden. Ik zag het leven niet meer zitten.” Na aandringen besluit Freddy de Haan een second opinion te laten doen in Amsterdam. Hij blijkt geen alzheimer te hebben, maar een soort epilepsie. De scans die de neuroloog aan Freddy de Haan laat zien, blijken later van iemand anders te zijn. Eind december 2002 stopt de Haan met het slikken van Exelon, niet lang daarna is hij weer de oude. Het duurt nog even voordat hij het verhaal aan Yme Drost vertelt.

Als Drost het verhaal hoort ,vermoedt hij dat het dossier nog wel eens groter kan worden. “Ik realiseerde ik me dat dit waarschijnlijk het topje van de ijsberg was’’. Dat is een understatement. De voormalig neuroloog van het Medisch Spectrum Twente (MST) wordt verdacht van het opzettelijk in hulpeloze toestand brengen en laten van patiënten, het verkeerd diagnosticeren van patiënten, met (zwaar) lichamelijk letsel en dood tot gevolg. Daarnaast wordt hij verdacht van het verduisteren van bijna 90.000 euro van een stichting voor wetenschappelijk onderzoek, diefstal van medicijnen en het vervalsen van onderzoeksresultaten en recepten. Ook is hij verslaafd aan het pijnstillende medicijn Dormicum, dat hij slikt na een ernstig auto-ongeluk. Dit ongeluk vond plaats in 1990. Nadat hij in 2003 is ontslagen bij het MST en is uitgeschreven uit het BIG-register, gaat Jansen Steur jaren later doodleuk aan de slag in het buitenland. In 2009 wordt hij ontdekt in het Duitse Bad Laasphe door journalisten van RTV Oost en TC Tubantia. Niet lang daarna, in 2010, vinden dezelfde journalisten hem in een kliniek in Nienburg, waar hij weer aan het werk is.

December 2012 wordt bekend dat Jansen Steur verdacht wordt van lijkschennis. Volgens Drost zou hij in 1996 de hersenen van een overleden persoon hebben verwijderd – zonder dat de familie hier iets van heeft geweten. Begin 2013 is het weer raak. De ‘horrordokter’ wordt ontdekt in een kliniek in Heilbronn na een tip die is binnengekomen bij de NOS. Jansen Steur blijkt daar sinds 2011 aan het werk te zijn.  Eind maart van dit jaar heeft minister Schipper van VWS besloten om Jansen Steur op de zwarte lijst te zetten om te voorkomen dat hij weer aan het werk kan.

NSB

Ernst Jansen Steur wordt op 24 oktober 1945 geboren als Ernst Nicolaas Herman Jansen – de naam Steur voegt hij pas later toe – in het Zeeuwse Kamperland. Zijn ouders Wilhelm Jansen en Pieternella Tona Steur plaatsen op 29 oktober 1945 een klein berichtje in de lokale krant De Vrije Stemmen. ‘De heer en mevr.  dr. W Jansen – Steur  geven met grote blijdschap en dankbaarheid kennis van de geboorte van hun zonen, E.N.H en W.T.H.’ Ernst is dus één van een tweeling. De twee jongens zijn de jongste kinderen van een gezin dat bestaat uit zeven personen. Vader Steur is in Duitsland geboren. De tweeling groeit op in Kamperland, een dorpje op het eiland Noord-Beveland dat slechts tweeduizend zielen telt en tegenwoordig vooral van het toerisme leeft, maar dan nog een typisch landbouwdorp is. Nog steeds woont de tweelingbroer van Ernst Jansen in Kamperland, maar desgevraagd heeft hij geen behoefte om op de affaire rond zijn broer te reageren. Als ze iets ouder zijn, vertrekt het gezin naar de grote stad. Uit een overlijdensadvertentie van Klaas Steur, de opa van Ernst, geplaatst op 26 april 1957 in de Provinciale Zeeuwse Krant, is te lezen dat het gezin dan in Rotterdam woont. Ernst is elf jaar oud. Na de lagere school gaat hij naar het Libanon Lyceum in Rotterdam, waar  hij in 1962 slaagt voor zijn HBS-diploma. Een examengenootje dat in het laatste jaar wel eens met Ernst omgaat, herinnert zich hem als een slungelachtige, nonchalante jongen. Na de HBS volgt een studie medicijnen aan de Universiteit in Utrecht waar hij lid wordt van de studentenroeivereniging Triton. Eind jaren zestig zou Ernst meer te weten zijn gekomen over het verleden van zijn vader Wilhelm Jansen, die in 1935 naar Nederland is gekomen. Een familielid vertelt in 2012 aan De Telegraaf dat Wilhelm Jansen spion is geweest voor Adolf Hitler en actief was in de NSB. Pas nadat Ernst trouwt met een kleindochter van een verzetsstrijder zou dit inktzwarte verleden aan het licht zijn gekomen. Hierna zou de zoon het contact met zijn vader hebben verbroken en de achternaam van zijn moeder – Steur – hebben toegevoegd. Bij het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie is geen dossier voorhanden over het mysterieuze oorlogsverleden van de vader van Ernst Jansen Steur.

In 1971 studeert Jansen Steur af aan de Universiteit Utrecht. In 1978 gaat hij als neuroloog aan de slag bij het Medisch Spectrum Twente (MST) in Enschede. Daar begint hij aan zijn opmerkelijke opmars als autoriteit op het gebied van neurologie.

Begin jaren tachtig is Jansen Steur nauw betrokken bij de oprichting van de Parkinson Vereniging. In 1977 wordt deze vereniging opgericht door Mies Rijksen. Al snel wordt Jansen Steur betrokken bij de vereniging.  Van 1978 tot en met 1982 is hij vicevoorzitter. Na deze periode neemt hij plaats in de Medische Advies Raad. Deze raad bestaat uit verschillende specialisten die oordelen over subsidieaanvragen. Volgens woordvoerster Hanne de Haan-Louiset heeft Steur in die tijd geen fouten kunnen maken. “In de raad zaten meerdere specialisten. Hij heeft nooit alleen een beslissing kunnen nemen.’’
 Hoe groot de reputatie van Jansen Steur in de medische wereld is, blijkt wel als hij in 2004 voor zijn werk bij de Parkinson Vereniging wordt beloond met de Mies Rijksenprijs. Kennelijk heeft de vereniging geen weet dat hun coryfee al een jaar eerder is ontslagen bij het Medisch Spectrum Twente na een reeks van incidenten. Het ontslag is dan ook onder de pet gehouden. De Parkinson Vereniging laat weten dat ze de prijs niet gaat intrekken. ‘’De Parkinsonpatiënten hebben er geen winst bij als we dat doen. Hij heeft de prijs ontvangen voor het werk dat hij heeft gedaan in de begintijd van de vereniging,’’ vertelt woordvoerster Hanne de Haan-Louiset.

Oordeel

Tot nog toe onbekend is het feit dat Jansen ook werk heeft verricht voor de Dystonie Vereniging. Dystonie is een stoornis in de aanspanning van een spier. Vaak is de aanspanning van de spier te hoog, waardoor draaiende en wringende bewegingen ontstaan, hetgeen tot veel pijn lijdt. Eén van de manieren om deze verschijnselen te onderdrukken is het gebruik van medicijnen. In 2003 geeft de Dystonie Vereniging in samenwerking met het Nederlands Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik dan ook een brochure uit die luidt ‘Medicijngebruik bij dystonie’. Een van de auteurs die hebben meegewerkt aan de brochure is niemand anders dan neuroloog Jansen Steur die in datzelfde jaar wordt ontslagen bij het Medisch Spectrum Twente vanwege een medicijnverslaving.

Opmerkelijk. Een neuroloog die door het Nederlands Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik wordt gevraagd om mee te werken aan de realisatie van een brochure over dystonie, terwijl hij op hetzelfde moment bezig is met het schrijven van valse recepten om zo aan medicijnen te komen voor zijn verslaving. In een reactie laat Robert Scholten, sinds twee jaar voorzitter van de Dystonie Vereniging, weten dat hij pas sinds december vorig jaar op de hoogte is van dit feit en ze de rol van Jansen Steur momenteel onderzoeken. “De eerste indruk is dat hij minimaal betrokken is geweest bij de vereniging, maar we hopen over een paar maanden met een definitief oordeel te komen.”

In het enige interview dat Jansen Steur ooit gaf, aan NRC Handelsblad, vertelde hij dat hij zich in 2004 in een Schotse verslavingskliniek had laten opnemen. Daarna bezocht hij bijeenkomsten van de Anonieme Alcoholisten.

Naast zijn werk als neuroloog bij het MST, gaf Jansen Steur lezingen over zijn vakgebied. Zo ook aan de inmiddels gepensioneerde apotheker W. Roerink. “Als apotheker kreeg ik af en toe nascholing, dit was geloof ik rond het jaar 2000.” Ernst Jansen Steur houdt een lezing over het medicijn Exelon en de ziekte parkinson, namens de Hoytemastichting. De Hoytema-stichting is gericht op nascholing en informatieve bijeenkomsten voor medische professionals. “Hij was op het eerste gezicht een apart persoon, redelijk nadrukkelijk aanwezig, maar wel iemand aan wie ik alles kon vragen. Ik kon echt niet zien dat hij op dat moment verslaafd was aan medicijnen.”

Ook in zijn apotheek, in de buurt van Enschede, had Roerink wel eens contact met Jansen Steur. “Soms moest ik met hem bellen over recepten van cliënten die niet werden vergoed door de zorgverzekering. Dan zei hij: ‘Zeg maar tegen de zorgverzekeraar dat het van mij is, dan wordt het wel vergoed.’ Het ging dan altijd om het medicijn Exelon.” Zorgverzekeraar Menzis vergoedde dit medicijn. Maar omdat Jansen Steur verkeerde diagnoses zou hebben gesteld, heeft de zorgverzekeraar jarenlang kosten gemaakt voor medicijnen die niet hadden mogen worden toegediend. Daarom heeft Menzis onlangs een schadevergoeding geëist van het MST van 300.000 euro.

Prettig mens

Terug naar Yme Drost. De letselschade-expert is al bijna tien jaar bezig met Jansen Steur. Buiten het feit dat het één van zijn grootste zaken tot nu toe is, is er nog iets wat de zaak voor hem bijzonder maakt. In een ver verleden is hij namelijk zelf patiënt geweest van Jansen Steur en door hem behandeld.  Als Drost terugdenkt aan zijn eerste ontmoeting met de neuroloog, noemt hij al snel het woord ‘flamboyant’. “Een grote bos haar. Hij was makkelijk in de omgang, ik kreeg het gevoel te maken te hebben met een sociaal betrokken iemand die niet alleen als arts met mij sprak, maar ook als mens. En daar hebben patiënten gewoon behoefte aan. Hij kwam kundig en menselijk over. De verhalen van mijn cliënten komen daarmee overeen. Bijna alle cliënten hebben hem als een prettig mens ervaren.”

Rond 2003 komt Drost hem opnieuw tegen. “Ik zag hem bij een afscheidsreceptie van een arts van het Medisch Spectrum Twente die ik persoonlijk kende. Toen zag ik iemand waar ik van schrok. Een magere man, wat uitgemergeld. Ik had echt het gevoel, dat daar op het podium een zwaar verslaafde arts stond.” Op dat moment wist Drost nog niet wat er zich allemaal afspeelde en gaf als verklaring een drankverslaving. “Hij zag er niet uit. Ik kon nog zien dat het dokter Jansen was, maar daar was ook alles mee gezegd.’’

Op 3 april wordt de regiezitting tegen Jansen Steur vervolgd. Ondanks het feit dat er al een aardige stapel aanklachten ligt, denkt Drost dat het einde niet in zicht is. “Een groot deel van de puzzel is er, maar nog niet de hele puzzel. Kijk als ik tot de ontdekking kom dat hij lijkschouwingen liet verrichten zonder toestemming en mensen medicijnen uit de la gaf die in Nederland niet waren toegestaan, dan denk ik wel van: dokter waar was jij mee bezig? Was jij aan het experimenteren en hoe ver is dat gedaan? En hebben we op dat punt wel de onderste steen boven?’’ Drost is er bijna zeker van dat er meer zal volgen. “Ik sluit zeker niet uit dat er nog een paar opzienbarende zaken bijkomen.”

Mijn gekozen waardering € -

Geef een antwoord