Vertaler Marcel Otten vertaalde het prachtige drieluik ‘Hemel en hel’, ‘Het verdriet van de engelen’ en ‘Het hart van de mens’ van de IJslandse schrijver Jón Kalman Stefánsson met verve. Hondsmoeilijk was het, maar ook heel lonend. ‘Ieder hoofdstuk is een klein kunstwerkje waarbij je als vertaler een fijn penseel moet hanteren om het zo goed mogelijk te vertalen.’

STEUN RO

Het leven kan toch mooi zijn, we moeten slechts weten wanneer we voor hem de deur open moeten doen.
Jón Kalman Stefánsson, Het hart van de mens (Uitgeverij Anthos, 2013)

'Er wordt me wel eens gevraagd hoe moeilijk het IJslands eigenlijk is. Mijn antwoord is steevast: "Och, vergelijk het maar met klassiek Chinees." Dit is natuurlijk gechargeerd, maar niet geheel bezijden de waarheid. Het IJslands is de enige Europese taal die sinds de middeleeuwen – behalve wat betreft de uitspraak – geen veranderingen heeft ondergaan, dus alle vervoegingen en verbuigingen die middeleeuwse talen eigen zijn, bestaan nog in volle glorie, zelfs plaats- en eigennamen worden vervoegd.

Literair monument

Het IJslands kent een grote literaire traditie. Net zoals wij in staat zijn in de Nederlandse en Vlaamse schilderkunst een ontwikkelingsgang te zien vanaf Rembrandt, Rubens tot aan Karel Appel en Willem de Kooning, zo is in de IJslandse literatuur ook een duidelijke lijn te ontwaren vanaf de eerste saga’s en Edda’s  tot hedendaagse schrijvers zoals Gudbergur Bergsson, Sjón, Jón Kalman Stefánsson en Hallgrímur Helgason. In de twintigste eeuw was er het literaire monument Halldór Laxness, de Nobelprijswinnaar die zo’n beetje met elke roman die hij publiceerde ook een nieuwe stijl introduceerde. Het literaire IJslands is in de loop der eeuwen steeds meer verfijnd en lijkt ondertussen een taal voor fijnproevers te zijn geworden. Dit geldt in hoge mate voor het werk van Jón Kalman Stefánsson; het drieluik Hemel en hel, Het verdriet van de engelen en Het hart van de mens zou ik eerder classificeren als een vorm van dichterlijke minimal music. Vooral de eerste twee delen van het drieluik zijn minieme variaties op een thema. Met uiterst subtiele veranderingen zegt Jón Kalman vaak hetzelfde, waardoor het geheel een meanderende maalstroom wordt waarin de lezer wordt meegesleurd.

In Het verdriet van de engelen bijvoorbeeld speelt de kou een grote rol, zo niet de hoofdrol. Met stijgende verbazing lees je hoe Jón Kalman die kou weet te beschrijven zodat je op een gegeven moment als lezer/vertaler zelf koud tot op je botten bent. En als je denkt dat je alles hebt gehad, weet Jón Kalman in het volgende hoofdstuk er weer een schep bovenop te gooien, en wéér en wéér, tot het barre weer apocalyptische vormen heeft aangenomen. Dit alles gegoten in een lyrische taal die Jón Kalman meer als dichter dan als romancier karakteriseert.

Hondsmoeilijk

Daarom moet ik grinniken als men mij vraagt of het werk van Jón Kalman moeilijk te vertalen is. Het is moeilijk, hondsmoeilijk, maar o zo lonend. Ieder hoofdstuk is een klein kunstwerkje waarbij je als vertaler een fijn penseel moet hanteren om het zo goed mogelijk te vertalen. Maar als vertaler heb ik liever moeilijk werk onder handen dan makkelijk. Ik heb bijvoorbeeld twee krimi’s van Arnaldur Indriðason vertaald, simpel IJslands, hetgeen ik bij wijze van spreken doe met één hand op mijn rug gebonden. Bij moeilijk werk als dat van Laxness of Stefánsson leef ik op, ik word wakker, krijg taalkundig kippenvel en alle radertjes in mijn linkerhersenschors staan op scherp. Een leuke bijkomstigheid is dat bijna al mijn vertaalwerk, hetzij toneelstukken of romans, een positieve beoordeling in recensies krijgen, terwijl meestal de vertaler in een recensie niet eens wordt vermeld. En de mooiste waardering voor het werk van een vertaler wordt door Jón Kalman Stefánsson aangedragen in Het hart van de mens:

De waarde van vertalingen, had Gisli gezegd, is nauwelijks te overschatten. Ze verrijken de mens, verbreden zijn horizon, ze helpen hem de wereld beter te begrijpen, zichzelf beter te begrijpen. Een volk dat weinig vertaalt, maar alles van zijn eigen gedachten betrekt is kortzichtig en als het ook nog een groot volk is, wordt het bovendien gevaarlijk voor anderen, omdat alles wat anders is dan hun eigen zeden en gedachten vreemd is. Vertalingen verrijken de mens en daarmee de wereld. Ze helpen je verre volkeren te begrijpen. Datgene wat de mens begrijpt haat hij minder of hij is er minder bang voor. Begrip kan de mensen van zichzelf redden. Generaals hebben er meer moeite mee jou iemand te laten vermoorden als je over kennis beschikt. Je moet weten dat haat en vooroordelen uit angst en gebrek aan kennis bestaan.

 De vertaler

Marcel Otten (1951) studeerde Nederlands, Engels, Frans, Filosofie, Oudijslands en Theaterwetenschappen. Hij werkte geruime tijd als dramaturg en vertaler bij diverse grote toneelgezelschappen in Duitsland. Otten vertaalde boeken van schrijvers als Halldór Laxness, Arnaldur Indridason, Sjón en kreeg voor zijn vertaling uit het Oudijslands van de monumentale Edda de Filter Vertaalprijs 2012 toegekend. 

Geef een antwoord