Het complete verhoor van Dino Soerel als verdachte in het Passageproces van vrijdag 17 juni.

STEUN RO

Op dinsdag 14 juni 2016 werd Dino Soerel als verdachte gehoord in het Passageproces. Een verslag daarvan staat op Crimesite en bij Bondtehond.

Vooral het verslag op Crimesite was pikant. De verdenking tegen Dino was dat hij samen met Willem Holleeder en Ali Akgün een soort driemanschap vormde dat opdracht gaf voor allerlei liquidaties. Kroongetuige Fred Ros beweert dat. Rechter Ruud Veldhuisen legde Dino nu het vuur na aan de schenen over een op een bij Dino gevonden briefje met de term haaiensnaaier. De suggestie was dat Holleeder daarmee werd bedoeld. Dus dat er wel degelijk zakelijke contacten waren geweest tussen Dino en Holleeder. Dino en zijn advocaat leken wat van slag te raken, waarna de zitting werd geschorst.

Vrijdag 17 juni ging het verder, in het Justitieel Complex Schiphol. Dit is een zo letterlijk mogelijk verslag, waarin tal van randzaken aan de orde komen. Over de vriendinnen van Soerel, Fred Ros, de contacten met Mink Kok, Stanley Hillis, Dick Vrij, Willem Endstra, Erik de Vlieger en vele anderen.

Rechter (Ruud Veldhuisen): Waar waren wij gebleven, meneer Soerel? We waren in gesprek over telefoongeprekken, waarin de haaiensnaaier naar voren kwam, en u gevraagd: wie zou dat geweest zijn? U had geen flauw idee. Toen werd u voorgehouden dat er aantekeningen zijn gevonden van administratie van u, en nadere verkenning leerde: ‘Het klopt wel, dit komt uit administratie van mij.’ De naam haaiensnaaier, dat Holleeder daarmee wordt bedoeld, in telefoongesprekken, dat was u eigenlijk vergeten. Eén ding stond volgens u vast: die haaiensnaaer in mijn administratie, dat was niet Holleeder, maar iemand anders. U wilde er niks over zeggen. U kreeg gelegenheid voor overleg, dat leidde tot de onderbreking vandaag.

Dino: Ja, dat was het eind.

Rechter, tegen Dino’s advocaat Nico Meijering: U wil een verzoek doen?

Meijering: Wij willen sluiting van de deuren verzoeken. Op wat voorgevallen is afgelopen dinsdag, daar wil mijn cliënt in verband met zijn veiligheid op ingaan. Het tweede verzoek is om overleg met cliënt, over nieuwe stukken,

Rechter: U bedoelt die twee of drie a’tjes?

Meijering: Nou, dat waren er wel wat meer. Het gaat om CIE-info (Criminele Inlichtingen Eenheid) uit 1992/1993 over de zaak Holman (moord op Rinus Holman). Het derde verzoek is het Openbaar Ministerie op te dragen vandaag direct te produceren alle door de CIE uitgegeven info betreffende de zaak Holman, dat schijnt van belang te zijn. Mogelijk dat we om het hele dossier gaan vragen.

Rechter: Sluiting van de deuren, vanwege veiligheid?

Meijering: Als hij ingaat op een aantal vragen die aan de orde zijn geweest. Het gaat om de veiligheid van hem en zijn familie, en zijn omgeving.

Rechter: Dat is een bredere kring. Zijn er nog meer aanvullingen, of dit is het eigenlijk?

Advocaat-generaal Frits Posthumus: Alle CIE-info over de zaak Holman lijkt ons niet noodzakelijk. De relevantie in het proces-verbaal van de CIE is dat er een bepaald verband wordt gelegd tussen bepaalde personen op een moment dat ze zelf zeggen dat ze dat niet hadden. Sluiting van de deuren, voor veiligheid, dat is nogal vaag. Op voorhand kun je niet zomaar begrijpen of vermoeden waar het gevaar in schuilt als er een vraag wordt beantwoord wie een bepaalde persoon is.

Rechter, na overleg met collega’s, tegen Meijering: Wordt u door de openbaarheid belemmerd?

Meijering: Ja, cliënt zou een aantal jassen moeten uitdoen en er is onbegrip voor als hij bepaalde jassen niet uitdoet, of al zijn jassen niet. Dat heeft er mede toe geleid, daar hebben we overleg over gehad, als er onbegrip aan de zijde van Hof gaat ontstaan over de proceshouding, dan kom je in de gevarenzone, daar willen we iets mee doen. Cliënt heeft toegelicht dat zijn veiligheid in het geding is.

Advocaat-generaal Cynthia de Jong: Ik wil nog iets aanvullen over het CIE-proces-verbaal in de zaak van Rinus Holman. Dat is een nog steeds lopend opsporingsonderzoek, daar zit ook een belang bij justitie om geen inzage in te verlenen. Daarnaast zijn er nog een paar nieuwe stukken: nog drie pv’s van de CIE die gisteravond om half elf zijn binnen gekomen. Dit is dus een goed moment ook dat mee te nemen. Het gaat om drie korte pv’s.

Meijering: Ik heb een vraag aan het Openbaar Ministerie, ik vind één ding onbegrijpelijk. Als het onderzoek Holman nog loopt, waarom dit er wordt uitgelicht. Er wordt verband gelegd tussen deze moord en Soerel en Jesse Remmers. Er zijn vijvers waarin voortdurend wordt gevist.

Rechter: Er is geen stoeptegel die niet wordt opgelicht.

Meijering: Het is lastig voor de verdediging dat er telkens wat belastends bij wordt gegooid. Ieder CIE-proces-verbaal heeft een bepaalde waarde. In het dossier Holman bevindt zìch andere CIE-informatie dat anderen opdracht hebben gegeven en niet Soerel, waarom wordt dat niet genoemd? Als het OM A zegt, zouden we graag zien dat ze ook B, C en misschien tot en met Z zeggen.

(er volgt schorsing)

Rechter: Het eerste verzoek, over de CIE-informatie in de zaak Holman: dit wordt afgewezen. De gegeven onderbouwing is niet toereikend en er zijn opsporingsbelangen in die zaak. Omdat er nog wordt opgespoord.

Het verzoek over het sluiten van de deuren: de toelichting betreft de proceshouding van U, meneer Soerel, toegespitst op het aspect van de Haaiensnaaier en jassen die al of niet uitgetrokken zouden worden, en het veiligheidsrisico.

De maatstaven voor het sluiten van de deuren hebben betrekking op het belang van de persoonlijke levenssfeer, of het belang van een goede rechtspleging. De vraag is of die belangen er zijn en welk belang er wordt beschermd door het deuren sluiten. Dat ziet het hof niet.

De maatregel brengt niet mee dat de veiligheid wordt beschermd. Wat er naar voren wordt gebracht komt daarna naar voren in de stukken en wordt besproken. Het biedt geen soelaas voor de veiligheid, dit verzoek wordt afgewezen. Dat u zit met iets dat u kwijt wil, kan dat belang niet beschermen, daar zijn andere wegen voor. U zou met de politie over kunnen spreken, omdat het vragen en vervolgvragen oproept, de rechter is hiervoor niet voldoende geëquipeerd, de bal ligt bij u. Misschien wilt u wel wat verklaren, maar wordt u gehinderd door veiligheid. Maar of u spreekt er niet over of u moet een andere weg zoeken.

Meijering: Ik wil graag even overleggen.

Rechter: Heeft u hier net al niet over overlegd?

Meijering: We hadden wel een zekere verwachting dat de deuren gesloten zouden worden.

Rechter: U heeft de toelichting gehoord en begrepen?

Meijering: Of ik die begrepen heb… Cliënt geeft aan het prettig te vinden even overleg te hebben.

(wordt toegestaan, wederom schorsing)

Na de schorsing geeft Dino aan zelf iets te gaan zeggen. “We hebben overleg gehad, om iets wel of niet in te brengen, het kan ook gewoon in het openbaar. Ik ben van mening dat het wel in het openbaar kan, daarmee wil beginnen. Ik heb er wel voor gekozen nu wat te zeggen. Omdat de deuren niet gesloten worden, heb ik wat dingen moeten krassen. Ik draag het voor. (Kucht).

Geachte leden van het hof. Afgelopen dinsdag begon u in uw verhoor mij te vertellen dat u in mijn geval alle jassen zou uitdoen. U zou dat in mijn geval wel doen. U noemde mijn proceshouding hybride. Over derden en mijn familie wil ik terughoudend zijn. Ten opzichte van de beschuldigingen in Passage heb ik altijd de vragen beantwoord.

Dinsdag gaf ik aan dat voor mij door de verklaringen van Astrid Holleeder het veiligheidsaspect een belangrijke rol is gaan spelen. Het gaat over mijn familie en naasten. Een maand geleden is een van mijn familieleden gewaarschuwd door de CIE voor zijn leven. Dat belang gaat ver boven dat van mij en andere belangen. De dreiging richting mijn familielid komt uit een bepaalde hoek. Ik had hier iets meer over willen toelichten, maar dat doe ik nu dus niet.

(het is overduidelijk dat hij hier Willem Holleeder bedoelt, waarschijnlijk had hij achter gesloten deuren die naam wel willen noemen)

Ik heb zelf ervaren dat mijn manier van vervoeren sindsdien veranderd is, ik neem aan dat justitie het ook serieus neemt naar mij toe. Bij dit soort bedreigingen zit er altijd iets in van: we weten het niet. Ze denken dat de dreiging uit een bepaalde hoek komt. Voor mij en mijn familie is dit zeer verontrustend. Als ik dan maar gestraft moet worden, als ik een jas aanhoud, so be it. Ik weet niet hoe het zit, ik doe niet mee aan geruchten en roddelen. Dat zijn die jassen.

Waarom moet ik mensen waar ik vroeger mee omging, nu ineens gaan belasten in zaken die niet eens over Passage gaan? Ik kan het voor mezelf niet eens overzien wat ik over mezelf of anderen afroep als ik over andere iets lelijks zou verklaren, waardoor zij en ik ook in de problemen kunnen komen? Het zou mij in ieder geval niet in dank afgenomen worden, met alle mogelijke gevolgen van dien.

U gaf ook aan dat u niet in mijn hoofd kan kijken, maar dit speelt allemaal door mijn hoofd en ik vind nu wel dat ik mijn houding moet toelichten. Juist en vooral vanwege die dreiging naar mijn familie. Ik had het graag achter gesloten deuren gedaan, maar het is niet anders. Maar in ieder geval zodat u misschien begrijpt waar dat hybride en het niet uit willen doen van een jas vandaan komt.

Het andere onderwerp is ‘haaiensnaaier’. Hier ben ik van geschrokken hoe dat gegaan is. Ik voelde mezelf overvallen door de stukken en de vragen daarover. Het is mijn eigen schuld, want ik heb de stukken wel gekregen, maar niet gelezen net als mijn advocaten. Toen ik de stukken kreeg, zal ik gedacht hebben: ‘Och dat is Zuil’ en heb er verder geen aandacht aan besteed. Dat is mijn eigen schuld, maar het gaat over twee telefoontaps van elf jaar geleden waarin iemand anders Holleeder haaiensnaaier noemt.

U maakte een koppeling naar een proces-verbaal met een som en een aantekening. Terwijl u mij vragen stelde, zat ik met één oog het proces-verbaal te lezen bij mr. Flokstra (een van zijn advocaten) op zijn laptop. U maakte gelijk de koppeling naar zakelijk contact en daar zat mijn vertwijfeling, want ik dacht en wist: ‘Dat kan niet, want ik heb geen zaken gedaan met Holleeder.’ Ik schrok van uw conclusie op basis van de beperkte informatie in dat proces-verbaal. Ik kan dat uitleggen, maar daar moet ik verschrikkelijk mee uitkijken om mezelf en anderen niet te belasten, dat ging ook nog eens door mijn hoofd.”

(Gezien het verslag van Crimesite leek er op dinsdag lichte paniek uit te zijn gebroken na de ‘aanval’ van de rechter. Dino vertelt nu dat hij in de toen snel ingelaste pauze al aan zijn advocaten had verteld hoe het zat met die term haaiensnaaier en welke naam daar bij hoorde en dat dat niet Holleeder was). “Het was voor mij ook terugschakelen naar een papiertje van elf jaar geleden.”

Dat ging over een zakelijke transactie van vóór juli 2005.

“De 100 is 100.000 euro en het zijn kosten voor het wisselen en iemand die ik koppel aan het woord haaiensnaaier heeft dat wisselen geregeld en zo zit het. De term haaiensnaaier komt bij mij inderdaad op uit een film. In die periode ging ik samen met mijn jongste kind, ik zal de leeftijd van toen er niet bij zeggen, weleens naar de film en heb de film toen gezien. Ik ben ervan geschrokken dat u tegen mij zegt als ik iets probeer terug te halen van elf jaar geleden op basis van één proces-verbaal en telefoontaps, dat het er bij u niet in wil gaan. Met andere woorden: ik zat te liegen. Althans zo vatte ik het op. En dat is niet zo, ik heb geen zaken gedaan met Holleeder.

Het meest ben ik geschrokken, dat mag u best weten, daar heb ik slecht van geslapen de afgelopen nachten, dat uw appreciatie een andere kleur krijgt met het wachten. Ik hoop niet dat u van mij verwacht dat ik een papiertje en twee telefoontaps van zo lang geleden meteen herken en kan plaatsen. Het lukte op dat moment niet direct en dat appreciëren zie ik niet terug in het geval van de kroongetuige, Ros in dit geval, die steeds aantoonbaar liegt en zijn verklaringen draait, bijvoorbeeld als hij heel stellig over een februari-reis verklaart met een hele De Boer-theorie erbij en honderd procent zeker samen met Jesse Remmers en als dan blijkt na een onderzoek door de politie dat dat helemaal niet kan, dan komt het Openbaar Ministerie met een reactie: ‘Ja, maar misschien was het januari.’ Kom op zeg, geef hem nog meer voorzetjes. Waarom hoor ik dan niemand over appreciatie? Voorzitter, ik hoop op een eerlijk proces en daar ga ik ook vanuit. Maar ik hoop ook op een proces met een open mind. Dank voor uw aandacht.”

Rechter: Dank u, meneer Soerel. De conclusie is dus die ik al opperde: de ene haaiensnaaier is de andere niet.

Soerel: Ja.

Voorzitter: Dat is wat u zei.

Het verhoor gaat verder door de advocaten-generaal Frits Posthumus en Cynthia de Jong.

Frits: Ik wil beginnen met vragen over twee woningen waar u heeft gewoond. Als eerste die in Kennemerland. Hoe lang heeft u daar gewoond?

Dino: Van 1998 tot 2006. Daarna heeft het nog wel op mijn naam gestaan, maar ik ben daar weggegaan in 2006.

Frits: Heeft u daar ook met anderen gewoond?

Dino: Met een kind van mij en in het begin met een ander kind.

Frits: Heeft u daar later alleen gewoond?

Dino: Nee, ik heb altijd met een van mijn kinderen gewoond.

Frits: Tot wanneer heeft K. (achternaam van zijn toenmalige vriendin Petra) daar gewoond?

Dino: Ik denk tot 2002, 2003.

Frits: U weet dat in kader van het onderzoek de politie geprobeerd heeft u aan te houden, op 24 september 2002, op het adres Kennemerland 31. Toen men daar binnen kwam, zag men licht in de keuken branden, een wasmachine, er was niemand in de woning. Er waren geen bedden. Het lijkt dat er niet gewoond werd.

Dino: Mijn toenmalige vriendin, de moeder van mijn dochter, was naar een andere woning gegaan, ze hadden spullen meegenomen. Het was een overgangsfase. De bedden zullen als eerste naar de andere woning zijn gegaan.

Frits: Op 7 februari 2003 bent u gehoord als verdachte. Dan zegt u dat u toen niet wist waar ze woonden.

Dino: Dat is een misverstand, ik heb altijd geweten waar ze woonde.

Frits: De Apkenstraat 13 in Purmerend. U heeft gezegd dat het bedoeling was dat u daar zou gaan wonen.

Dino: In eerste instantie wel. Op een gegeven moment zaten we met een jong kind, de school was daar dicht in de buurt, toen heb ik gezegd: gaan jullie daar maar wonen.

Frits: Kwam u wel regelmatig in de Apkenstraat?

Dino: Ja, ik heb altijd een hele goede verstandhouding gehad, in het begin, vanwege ons kind samen.

Frits: Was het een mooie woning?

Dino: In eerste instantie vond ik hem niet mooi, later is hij wel mooi geworden. Als je ‘m aankleedt.

Frits: Is hij verbouwd? Door wie?

Dino: Door een aannemersbedrijf.

Cynthia: Zat er in de Apkenstraat kogelwerend glas?

Dino: Ja.

Cynthia: Had u dat laten doen?

Dino: Ja. Omdat ik er zou gaan wonen, al in beginperiode, dus in 2001 of 2002.

Cynthia: Had u in Kennemerland ook gewapend glas

Dino: Nee.

Cynthia: Waarom niet?

Dino: Omdat ik op de Apkenstraat zou gaan wonen en later in die periode had ik ook een woning in een woonboot, aan de Jacob van Lennepkade. En ik had een vriendin in Rotterdam, ik was niet van plan, ik wist niet hoe lang ik in die woning Kennemerland zou blijven.

Cynthia: De Apkenstraat was een huurwoning?

Dino: Ja.

Cynthia: Dat glas was een hele investering?

Dino: Viel mij wel mee.

Cynthia: Was er ook een bewakingscamera?

Dino: Ja.

Cynthia: Ook bij Kennemerland?

Dino: Dat was soort mobiele camera bij het keukenraam. In de Apkenstraat was een vaste.

Cynthia: Voor of achterdeur?

Dino: Allebei.

Frits: Waarom kogelwerend glas?

Dino: Ik kreeg een waarschuwing van de CIE. Toen ben ik ook in zo’n auto gaan rijden, maar toen dacht ik: ik kan wel in zo’n auto gaan rijden. Maar vandaar dat ik het ook bij de woning heb laten doen,

Frits: We hebben gevraagd of er iets terug te vinden was van een waarschuwing.

Cynthia: We hebben de bevestiging gekregen dat er een waarschuwing tegen u en tegen meneer Holleeder is uitgegaan. Op hetzelfde moment.

Frits: Een ander adres van u was de Tweede Sweelinckstraat in Amsterdam. U woonde op de eerste verdieping. Ben u weleens op de bovenste verdieping geweest?

Dino: Ik kwam voornamelijk op de eerste.

Frits: Hoe kwam u hier terecht?

Dino: Een kennis, Gerrit, was huurder van die woning, zodoende. Ik en anderen maakten er gebruik van. Het was niet specifiek dat ik daar woonde.

Frits: Sinds wanneer?

Dino: Ik denk in 2002, 2003.

Frits: Er was een doorzoeking in juli 2005 in die woning.

Dino: Dat zou ik niet weten.

Cynthia: Met wie, welke anderen, woonde u daar?

Dino: Die wil ik niet benoemen.

Cynthia: Kan dat Donald Groen zijn geweest? Van hem zijn daar vingerafdrukken gevonden.

Dino: Daar wil ik niks over zeggen.

Cynthia: Waarom niet?

Dino: De woning werd door meerdere mensen gebruikt.

Cynthia: Heeft u weleens anderen gezien, binnen?

Dino: Gerrit wel eens, de huurder.

Cynthia: Donald Groen daar weleens gezien?

Dino: Staat me niet bij.

Cynthia: Hoe wist u dat er anderen kwamen?

Dino: Er zat een bepaald slot, er waren aparte toegangsdeuren, je sloot op bepaalde manieren af, je wist dat er anderen in geweest waren.

Cynthia: U wist dat er anderen kwamen. Heeft u Gerrit Bosch weleens gezien.

Dino: Ja.

Cynthia: Hoe wist u dat er anderen waren geweest? U had er best wel vertrouwelijke spullen liggen. Het lijkt me wel een risico als u niet weet wie er nog meer gebruik van maken.

Dino: Gerrit vertrouwde ik wel, die hoorde bij het ploegje waarmee ik in Zuil ben aangehouden.

(Zuil is het oude drugsonderzoek waarin Dino een van de verdachten was, dat staat los van het Passageproces)

Cynthia: Zuil-verdachte? Ik zou niet zo gauw weten wie daarmee in verband wordt gebracht.

Dino: Nee, ik kwam als enige van de groep uit Amsterdam. Dat wil niet zeggen dat ik de enige was.

Cynthia: Het was een woning van organisatie, moet ik dat zo zien?

Dino: Zo wil ik het niet noemen.

Cynthia: Als ik zie hoe het aangetroffen is en hoe er spul verborgen was, dan geeft mij dat wel de indruk van een safehouse.

Dino: Nee, een safehouse is waar je verblijft om onder te duiken.

Frits: Er lag geld onder een matras op de slaapkamer, op de eerste verdieping.

Dino: Ik heb deze hele cyclus ook al in Zuil gekregen, wat u noemt is mij wel bekend. Daar heb ik al op geantwoord.

Frits: 10.000 euro onder de matras, of dat van u was of niet.

Dino: Ik weet niet wat ik toen heb gezegd, en nu weet ik het niet meer.

Frits: In het lichtarmatauur in de badkamer zat ook 90.000 euro. Dat is een aanzienlijk bedrag. Was dat van u?

Dino: Nee.

Frits: Kenden Petra (de toenmalige vriendin Petra K.) en Gerrit elkaar?

Nico Meijering: Voorzitter, gaat dit ergens naar toe?

Rechter: Ik stel de vragen niet, natuurlijk gaat het ergens naar toe.

Frits: Het gaat wel over jaren die in Passage aan de orde zijn. De woonboot aan de Jacob van Lennepkade.

Dino: Ik heb gezegd dat ik die gebruikte als verblijfswoning.

Frits: Hoe kwam u aan die woning?

Dino: De eigenaren kwamen uit Amsterdam-Noord, van hun huurde ik die woonboot.

Frits: Woonde u daar echt?

Dino: Rouleren is een raar woord, maar ik kwam in Rotterdam, en Purmerend en op de woonboot. Daar verbleef ik regelmatig. Incidenteel in de Apkenstraat en Kennemerland. En in de Sweelinckstraat.

Frits: Betaalde u huur voor de woning in de Sweelinckstraat?

Dino: Nee. Gerrit huurde die woning. Hij was conciërge van de eigenaar, ik weet niet of hij wel huur betaalde.

Frits: Voor de woonboot wel?

Dino: Ja.

Frits: Van wanneer tot wanneer heeft u die woonboot gehad?
Dino: Dat was allemaal in diezelfde periode, na het uit elkaar gaan van (Petra) K. en ik. 2002, 2003.

Frits: U en Petra gingen in 2001 uit elkaar?

Dino: Onze relatie liep toen stuk, liep af.

Frits: U houdt van sport. Voetballen

Dino: Ook van kickboksen.

Frits: U heeft ook hardgelopen. De Dam tot Damloop

Frits: Een paar keer.

(in 2005 bijvoorbeeld, de 10 Engelse Mijlen = 16,4 kilometer, in 1.35)

Frits: Dinsdag ging het over een hardloopmoment waarbij u Endstra had gezien.

Dino: Ik vond en vind hardlopen heel leuk en het is eigenlijk omdat meneer Endstra er in de achterbankgesprekken over begon. Ik liep regelmatig hard in de bossen of bij Schoorl, daar was dat moment, er was een groep hardlopers, waarvan ik niet wist wie iedereen was, eind jaren negentig. Endstra sprak daarover, toen wist ik dat moment. Ik kwam vaker in Schoorl bij het Klimduin, toen dacht ik: dan is hij daar toen bij geweest.

Frits: Was Holleeder daar ook bij?

Dino: Dat weet ik niet zeker. Mink was erbij. Ik. Een paar andere jongens van de sportschool, een ploeg van man of tien.

Frits: Welke sportschool?

Dino: Ik trainde bij verschillende scholen. Amsterdam, Purmerend.

Frits: Amsterdam-Noord?

Dino: Ja. Zilverberg. Toen heette het Pancratius.

Frits: Mike’s Gym?

Dino: Nee. Zilverberg. Mike’s Gym zit bij Tuindorp.

Rechter: Ik veronderstel dat achter elke vraag een bedoeling zit. Die zie ik niet. Het is misschien goed dat ik dat hardop zeg.

Frits: Dinsdag zei u dat u zakelijk en vriendschappelijk met mensen omging.

Dino: Dat is een vermenging. Bijvoorbeeld Hillis was zakelijk en vriendschappelijk. Andere mensen die niet genoemd zijn, ook zakelijk en vriendschappelijk, dat was niet per se gescheiden.

Zakelijk: bijvoorbeeld een transporteur. Ik zie die persoon, die ontmoet ik, daar houdt het op.

Cynthia: U had wel piepercontacten. Ook met vrienden?

Dino: Ja, dat was als backup; mijn kinderen hadden mijn piepnummer ook.

Cynthia: Kent u Henk Rommy?

Dino: In die tijd waren er diverse mensen die als groeperingen los en vast met elkaar werkten. Ik zat bij Frans Mulder, die woonde bij mij achter (in Purmerend), die had ik leren kennen in het huis van bewaring. Hij werkte samen met Rummy, eh, Rommy (Dino noemt hem afwisselend Rummy en Rommy) en Douglas (Walter Douglas, alias Scarface), dat waren eigenlijk groepen apart.

Cynthia: Heeft Frans Mulder gezegd dat hij met Henk Rommy werkte?

Dino: Ja, dat zal wel uitgesproken zijn, toen waren er contacten. Het was dit brengen of dat halen. Puur werk.

Cynthia: In 2011 zegt u: ‘Ik heb Henk Rommy nooit ontmoet, ik had wel contact met een Nederlandse man, die had weer contact met hem. Wij kwamen wel een ontmoeting tussen u en Henk Rommy tegen. Dat verbaast mij.

Dino: Mulder, Douglas en Rommy, dat waren de mensen die bepaalden het toen. Toen ik met Mulder in contact kwam, kende ik hun niet. Als ik iets moest brengen, kwam ik met hen in contact, maar ik wist niet wie dat was.

Cynthia: 14 juli 1992 Stadionplein. Er staat dat er contact wordt gemaakt.

Dino: Als ik daar dan kom en ik moet iets afgeven, dan zal hij een van zijn mensen hebben gewezen, als hij daar dan bij was

Cynthia: U heeft niet gedacht: dat zou Henk Rommy geweest kunnen zijn?

Dino: Op een gegeven moment wist ik wel wie hij was. Dat heb ik volgens mij wel gezegd. Die ontmoeting zoals u zegt, kan ik niet plaatsen. Rummy ging niet in gezicht staan, ik kreeg een sleutel. Toen ik pas met Mulder ben begonnen, wist ik niet wie wie was.

(dit gaat nog een tijd zo door, tot het de rechter begint te vervelen en hij het even samenvat: “U zegt: ik me nooit gerealiseerd dat Rommy er was, ik heb nooit rechtstreeks contact gehad.” Dat is inderdaad wat Dino de hele tijd probeert duidelijk te maken)

Cynthia: Kent u bijnamen? Cobra. Hij zegt zelf dat hij dat hij Eddy Murphy heette.

Dino: Die bijnaam ken ik wel.

Cynthia: Er is een gesprek tussen u en Frans Mulder over de telefoon. Frans Mulder zegt dat u iets moet afgeven aan Eddy Murphy, dat u die gaat ontmoeten.

Dino: Die mensen bleven op dat moment wel zo op de achtergrond, dat was niet iemand die zelf iets aanpakte,

Cynthia: Er komt nog een meneer in voor, meneer Dikkens.

Dino: Dat zegt me wel iets. Via Mulder.

Cynthia: Weet u dat die de bewoner was van de woning waar met een raket op was geschoten?

Dino: Ja. Ik kende Dikkens al voordat woning beschoten werd. Hij was een contact van Mulder.

(een nieuwe getuige in de Passage-zaak (Harry W., 63) was medeverdachte van het beschieten van een huis in Vinkeveen met een raket in 1995. Het gaat om het huis van Henk de Vries – destijds eigenaar van coffeeshop de BullDog in Amsterdam – op 25 januari 1995, aan de Groenlandsekade in Vinkeveen.)

Vervolgens gaat het over de bekende foto die in Benidorm is gemaakt van een hele groep criminelen met o.a. Stanley Hillis en Mink Kok. Dino wordt gevraagd of hij de personen kent die erop staan. Hij staat er zelf ook bij. Bij de rechtbank is deze foto in kleur, ik heb hem alleen in zwart-wit.

Frits: In 1994 ging u met anderen naar Detroit, naar het voetbal. Hoe bent u in die groep terechtgekomen?

Dino: Ik kwam vrij in 1991/1992; toen kwam ik met Mulder in contact. Op een gegeven moment zijn er een aantal aanhoudingen geweest, ik heb alleen in voorarrest gezeten. Ik kwam in contact met Hillis, die kende ik natuurlijk, uit de Bijlmer, 1989. Dat was eerst alleen in de omgang. Toen was het WK voetbal en vroegen ze: “We gaan erheen, heb je zin om mee te gaan?” Ik vind voetbal hartstikke leuk. Ik was nog nooit in Amerika geweest, hartstikke leuk, ik ben meegegaan.

Frits: De foto in de jachthaven, die groepsfoto, daar staat u ook op. Herkende u meer mensen?

Dino: Mink (Kok). Hillis. Twee van de woonbootverhuurders. Rick van der Bunt. (Rick van der Bunt is in 2008 Spanje geliquideerd, hij was een goed contact van Mink Kok. Zie hier (http://www.misdaadjournalist.nl/2013/11/dick-de-spaanse-erfenis-van-rick-van-der-bunt/) Wander Vleming komt later nog even ter sprake in een zaak met Endstra).

Cynthia: U staat helemaal rechts.

Dino: Klopt.

Cynthia: De man voor ons links van Hillis?

Dino: Dat is Verbunt. (hij bedoelt Rick van der Bunt)

Cynthia: En de man met het rode jack?

Dino: Ik heb hem niet in kleur. (wordt geregeld)

Naast Verbunt? Robert Groen. (broer van Donald Groen)

Cynthia: En links van Robert?

Dino: Ik weet de naam niet. Hij heeft een Turks restaurant gehad in Amsterdam, in de Haarlemmerstraat of zo.

Cynthia: Rechts van Hillis?

Dino: Een van de twee, rechts en links, dat is de eigenaar van de woonboot (Dino huurde een woonboot aan de Jacob van Lennepkade in Amsterdam) Dat zijn twee broers. Met het groene jack is de andere broer.

De rechter wil de personen op de foto een nummer geven. De man met het glas in de hand: 1; rode jack 2, Hillis 3, man ertussen 2a; rechts van Hillis: 4. Soerel 6. “Wat een gedoe is dit allemaal.” Man met zonnebril en grijns: 7. Kale kop, nummer 8, schuin achter man met snor, de man met het glaasje voor zijn gezicht: 9. De man midden bovenuit: 10. Rechts onder man met snor: nummer 11.

Soerel: 1 is de man met het Turks restaurant. 2 is Robert Groen. 2a Rick van de Bunt, 3 is Hillis, 4 en 5 de broers van de woonboot. 7: de eigenaar van de antiekloods van Hillis, Van de Vegt; 8: Mink; 9: ken ik als Pim. 10: Fleming, Wanny; 11: Van der Wal.

Dino weet niet bij welke gelegenheid de foto is gemaakt. Het was de jachthaven in Benidorm. Het is niet bekend wie de foto heeft gemaakt en bij welke gelegenheid. In andere publicaties wordt als de man links, met de tas om zijn schouder, Charles Groen genoemd. Een broer van Donald ‘Wolf’ Groen. De man van de pizzeria is Mustafa Kahveci van pizzeria Pastorale op de Haarlemmerdijk. Dat is de plek waar Jan Femer op 23 september 2000 een afspraak had en werd doodgeschoten toen hij uit zijn auto stapte. De man met een hand voor zijn gezicht is Pim K.; achter Stanley staat Joop van de Loo die samen met Dino Soerel portier was bij discotheek The Movies in Volendam. De man met de snor is Jan Femer. Dino weet niet meer welke haven het was en niet bij welke gelegenheid. “Ze hadden een houten zeilboot, maar ik weet niet of ze daarmee waren. Het was vóór 1999.

Frits: Vleming is genoemd door u in de zaak Paarlberg. Daar zegt u dat er een conflict is, dat uw naam gebruikt is in de zaak van Ariën Kaale. Vergelijkbare zaken: Proper, Kuiters en Vleming. U had ook een conflict met Holleeder. Waarover?

Dino: Dat wil ik niet noemen, maar dat was vergelijkbaar, daar wilde ik niet in genoemd worden.

Frits: Uw naam werd genoemd ten opzichte van Vleming.

Dino: Daar wil ik het bij laten.

Frits: U noemt de naam Ulté.

Dino: Wout.

Frits: Wat was daar het conflict?

Dino: Het resulteerde in een vechtpartij, zeg maar. Ik kende Ulté allang, het is een heel aardige man, hij is ook op die manier bedreigd, hij heeft ook klappen gekregen. Hij kwam in de Bulldog, bij de moeder van mijn kind. Hij vertelde aan haar dat mijn naam voorkwam, als dreigement naar hem toe. Toen heeft zij gezegd: ‘Dat zal hij niet doen, hij kent jou.’ Dat is buiten mij omgegaan. Zij heeft tegen hem gezegd: ‘Hij heeft er geen weet van en hij heeft er niks mee te maken.’

Frits: Dinsdag zei u dat u Mink Kok al lang kende. In 1997 is hij aangehouden, u zei dat uw taken toen veranderden.

Dino: Voorheen deed ik de boekhouding, spullen inpakken, verrijden, afleveren. Daarna was het contacten leggen met andere partijen en transporteurs. Tussen verschillende partijen. Afleveren en leveranciers.

Frits: Wanneer heeft u Mink voor het laatst gezien of gesproken?

Dino: Tussen 1997/98, tot 1999.

Frits: Bent u ooit bij hem op bezoek geweest in de gevangenis?

Dino: Nee.

Frits: Was daar een reden voor?

Dino: Nee. Hij kreeg bezoek van familie. Er is geen specifieke reden geweest waarom ik niet kwam.

Frits: Andere mensen met wie u in die jaren werkte, waren behalve Mink Kok ook Jan Femer en Hillis?

Dino: Ja.

Frits: Was dat de kern?

Dino: Zij drieën waren de kern. Toen viel Jan weg, Mink was al weg, toen bleven Hillis en ik over.

Frits: Hillis was bezig een huis te bouwen op Ibiza?

Dino: In Benidorm. Daar is hij rond 2000 mee begonnen.

Frits: Hij trok zich terug uit Nederland?

Dino: Nee, hij had nog wel die antiekloods. Hij trok zich wel wat terug.

Frits: U bleef over. Was u toen de baas?

Dino: Nee. Je bent over met een aantal mensen. Het contact met Hillis was zo: er waren voor die tijd bepaalde activiteiten. Toen Hillis zich meer terugtrok en in 2002 naar Aruba ging, hield hij zich niet meer bezig met die activiteiten. Er liepen nog wel activiteiten uit die periode van hun drieën, waar hij recht op had. Daarnaast ben ik mij zelf gaan ontwikkelen, daar had hij niks mee te maken. Op die manier was het uit elkaar gegroeid.

Frits: Het bestaande werd voortgezet en daarnaast had u eigen trajecten opgestart.

Dino: Je had twee winkels.

Frits: Was u de enige die nog actief was van die groep? Was u dan niet de leidinggevende persoon?

Dino: Nee, ik had met die mensen de afspraak: we werken samen. Niet: jij werkt voor mij. Er was geen baas.

Frits: Heeft u Charles Zwolsman gekend?

Dino: Ja. Eind jaren tachtig woonde hij in Purmerend, hij woonde aan de achterkant. Hij was mijn buurman.

Frits: Heeft u zakelijk iets met hem gedaan?

Dino: Nee.

Frits: Kent u Scarlet Francini? (vriendin van Zwolsman, zij heeft een verklaring afgelegd over Zwolsman die iets zou hebben gezegd over Fred Ros)

Dino: Nee.

Frits: Sprak u met Kuiters over Zwolsman?

Dino: Dat zal best.

Frits: Heeft u ooit van Zwolsman of van iemand anders gehoord wat Zwolsman vond van Fred Ros?

Dino: Nee.

Frits: Iets over Fred Ros gehoord?

Dino: Nee.

Cynthia: Had u via Zwolsman Kuiters leren kennen?

Dino: Er was een keer een afspraak of een samenkomen met Mink. Kuiters was met Zwolsman, dat was de eerste keer. Later op Ibiza kwamen we elkaar tegen, toen wisten we wie wie was. Dat zal rond 1999 zijn geweest.

Cynthia: Was Greg Remmers daarbij?

Dino: Nee.

Cynthia: Weet u dat wel zeker?

Dino: Ik heb Kuiters voor eerst gezien met Zwolsman, daar was Greg Remmers niet bij. Remmers heb ik in 2003 voor het eerst gezien. Op Ibiza, in 1999 of 2000, ik ging elk jaar wel naar Ibiza.

Cynthia: John Mieremet. In een koffer in uw auto, in juli 2003, zat een verweerschrift dat betrekking had op Mieremet. Dat ging over een klacht van Hingst (advocaat Evert Hingst) over Van den Heuvel naar aanleiding van het interview. (Het geruchtmakende interview van John van den Heuvel met John Mieremet, in De Telegraaf, waarin Mieremet Endstra ‘de bank van de onderwereld’ noemt).

Dino: Ik zal dat wel van Hingst hebben gekregen.

Cynthia: Waarom heeft hij dat aan u gegeven?

Dino: Er werden allerlei dingen geopperd door Mieremet, ik had voor mezelf al – ik werd ik niet genoemd – ik had bedenkingen erover, vandaar mijn interesse. Mieremet is op een gegeven moment allerlei dingen gaan verklaren over mij, wat mijn interesse wekte, daarom heb ik dat gelezen.

Cynthia: Dinsdag zei u dat de auto waarin die spullen werden gevonden door u gebruikt werd. Was u de enige die die auto gebruikte?

Dino: Ik huurde hem.

Cynthia: Die spullen waren allemaal van u?

Dino: Nee.

Cynthia: Wat wel en wat niet?

Dino: Ik ben vrijgesproken omdat de aanhouding en beslagneming niet rechtmatig was.

Cynthia: De wapens in het vak voor de airbag?

Dino: Dat heb ik wel op me genomen, maar die waren niet van mij.

Cynthia: Wist u dat ze er lagen?

Dino: Dat weet ik niet meer.

Cynthia: En het koffertje in de kofferbak?

Dino: Dat is mij aangerekend.

Cynthia: In het koffertje zijn documenten gevonden, het verweerschrift zit erin, spullen van Ritmo.

Frits: Daar hebben we het over gehad, over Ritmo.

Dino: Er waren verklaringen afgelegd door de eigenaars, twee broers, en mensen die daar werkten. Ze hadden een bedrijvenloods, ik kwam er regelmatig. Daar zijn dingen gebeurd waardoor er wel zakelijke transacties geweest zijn, met computers. Het Hof heeft mij veroordeeld voor een maandelijks inkomen. Er is wel degelijk zakelijke activiteit geweest.

(Hierover kan ik niks terugvinden. Volgens Bondtehond was Ritmo een bedrijf waar Dino’s vriendin Esther S. heeft gewerkt.  Het heeft waarschijnlijk met een boekhoudkundige constructie te maken waarbij Dino op papier een inkomen had)

Cynthia: Atilla Önder. Is Dick Vrij in de woning van Atilla Önder geweest?

Dino: Ik haal het uit het dossier. Ik weet dat hij verklaard heeft dat hij mij ontmoet heeft bij de woning van Dick Vrij. Dat is niet zo. Volgens mij hebben we elkaar ontmoet op de sportschool, bij een nieuwjaarsfeest, met 300 of 400 mensen

Cynthia: Peer Schoofs kent u?

Dino: Ja.

Cynthia: Hoe lang?

Dino: Eerst in Bankenbosch, in 1990, daar zaten 240 mensen. Later ben ik hem weer tegengekomen. Eind jaren negentig.

Cynthia: Zakelijk?

Dino: Nee.

Cynthia: Was u tegelijk in Venezuela?

Dino: Ja. Met vakantie.

Cynthia: Was dat een toevallige ontmoeting?

Dino: In 2001? Volgens mij wel.

Cynthia: Kent u Erik de Vlieger?

Dino: Ja.

Cynthia: Hoe?

Dino: Ik kwam weleens waar hij zijn kantoor had. We hebben weleens gefilosofeerd over het opzetten van een bioscoopproject. Dat is niks geworden. Het is een aardige man. Ik had een familielid, die had bioscopen in zuiden, we wilden dat ook in Amsterdam, zo is dat ter sprake gekomen.

Cynthia: Wanneer heeft u hem voor het laatst gezien?

Dino: Durf ik niet zeggen. Voor 2006.

Cynthia: Kende u de vrouw van De Vlieger?

Dino: Die heb ik weleens gezien.

Cynthia: In de zaak Kolbak komt de woning in de Apkenstraat voor. Die was van IMCA, het bedrijf van Erik de Vlieger.

Dino: Ik wist dat zijn bedrijf IMCA heet.

Cynthia: Weet u waarom IMCA die woning had gekocht?

Dino: Ik wil er niet meer op antwoorden.

Cynthia: Dat is opmerkelijk. Dat roept wel vragen op. Hoe bent u aan die woning gekomen?

Dino: Ik had het aan hem gevraagd. Toen kwam dit. Mijn relatie met mijn toenmalige vriendin liep af, ik had een woning nodig, in Purmerend. Hij was de man met onroerend goed.

Cynthia: Heeft hij die woning speciaal voor u gekocht?

Dino: Dat weet ik niet.

Cynthia: Weet u hoe IMCA dit gefinancierd heeft? Op de dag voordat IMCA het koopt, 21 augustus 2001, geeft Endstra opdracht 400.000 gulden over te maken naar IMCA. Later blijkt dit een lening voor de woning Apkenstraat 13.

Dino: Daar weet ik niks van.

Cynthia: Het lijkt zo toevallig. De woning waar u zou gaan wonen, kogelvrij glas, camera’s. Maar u gaat er niet wonen.

Nico Meijering: Er is veel vaker zaken gedaan tussen IMCA en Endstra.

Cynthia: Heeft u met Endstra contact gehad over die woning?

Dino: Nee.

Cynthia: Wist u dat hij erbij betrokken was?

Dino: Nee.

Cynthia: Wist u dat ze elkaar kenden?

Dino: Ja. Maar ik heb hen nooit samen gezien. Ik weet het uit de media.

Cynthia: Was Petra K. bevriend met de vrouw van Endstra?
Dino: Ze zijn weleens wezen eten.

Cynthia: Bent u daar weleens bij geweest?

Dino: Ik ben er weleens langs gegaan als ze uit eten waren. Het was een blonde vrouw, ik weet de naam niet meer. (Het zal Anita Schuts zijn geweest)

Cynthia: Dinsdag kwam de naam van zus ter sprake. Orminda. Het lijkt erop dat er tussen Orminda en Endstra een aantal contacten waren, dat ze elkaar kenden en dat er relaties waren.

Dino: Ik ga niks over Orminda zeggen.

Cynthia: De woning in de Beethovenstraat is zo’n relatie. Vennootschap Koper-Hofman. Een aandelenstranscatie met grote winst op de investering. Was er een relatie tussen Holleeder en Orminda?

Dino: Ik wil niet praten over mijn familie.

(Op 24 december 2002 verkocht Orminda haar aandelen in Koper Hofman Beheer BV voor 1,3 miljoen euro. Een jaar eerder had ze die gekocht voor 10.000 euro. Dat was betaald door Willem Endstra. Dennis Prins, zakenpartner van Endstra, was directeur van deze BV geworden. Die had geen idee waarom Orminda was binnengehaald: ze had geen enkele bemoeienis met de vennootschap)

Cynthia: U bent in augustus 2010 aangehouden in de Rozengracht. Daar zijn twee paspoorten gevonden. Een Engels en een Bulgaars. Hoe kwam u daaraan?

Dino: Die heb ik gekocht.

Cynthia: Met welk doel?

Dino: Ik was voortvluchtig, het doel was: als ik aangehouden zou worden, om me daarmee te identificeren. Ik heb ze nooit gebruikt.

Cynthia: Het Bulgaarse was afgegeven in juli 2004, twee jaar voordat u de luwte in ging. Had u dat daarvoor al?

Dino: Nee.

Cynthia: Als u niet was aangehuuden, zat u dan nu nog aan de Rozengracht? Wat waren uw toekomstplannen?

Dino: Toen ik aangehouden werd, was ik daar niet blij mee, maar het was wel goed zo. Het heeft allemaal geen nut, achteraf gezien had het niet zo lang moeten duren, ik denk niet dat ik daar nog had gezeten.

Cynthia: U had naar het buitenland kunnen gaan.

Dino: Dat had ik kunnen doen, maar dat heb ik niet gedaan.

Cynthia: Even terug naar een medeverdachte in Passage. Ali Akgün. U heeft verklaard dat hij de enige verdachte is in het Passageproces die u goed kent.

Dino: Klopt.

Cynthia: Wanneer heeft u hem leren kennen?

Dino: Tijdens het WK Voetbal in 2004.

Cynthia: Waar?

Dino: In Zandvoort. Op een terras, met het voetbal.

Cynthia: Welke wedstrijd? Een wedstrijd waar u een bepaalde herinnering aan heeft?

Dino: Nee, dat weet ik niet. Ik weet nu al bijna niet meer wat er eergisteren heeft gespeeld.

Cynthia: Toen u Ali leerde kennen in Zandvoort, met wie was hij toen?

Dino: Met Dick (Vrij). Zij waren er al.

Cynthia: Zandvoort was een plek waar u vaker naar toe ging?

Dino: Hubertus van Zijl had daar een horecazaak. ’t Zandt. In het centrum van Zandvoort, ik weet niet of nog steeds zo is.

Cynthia: Wanneer heeft u Esther S. leren kennen?

Dino: Dat was in de periode dat Pim Fortuyn is doodgeschoten, ik weet dat zij het condoleanceregister is gaan tekenen in Rotterdam. Het was daarvoor, dus eind 2001, begin 2002.

Cynthia: Esther S. is ook gehoord, zij verklaart over uw vrienden, in de periode 2001 tot 2006. Ali Akgün was ook in die periode.

Dino: Dan vergist ze zich. Toen ik Ali eerde kennen kwam ter sprake dat ik in Rotterdam uiting. De vrouw van Ali was eerder vriendin van de eigenaar van de grote Baja Beach Club. Toen Ali haar leerde kennen, eind jaren negentig, was die eigenaar – die zijn vriendin verloor aan Ali – niet happy om hem in de zaak te krijgen. Dat was Robin Bravenboer. Dus Ali kwam toen niet in de zaak. Robin was daarvoor ook eigenaar van BED. Daar kende ik hem van, samen met Frank, de eigenaar. Als ik mijn vriendin kwam ophalen, was hij daar. Behalve hallo en dag heb ik nooit gesprekken met hem gehad.

Cynthia: Had u Ali weleens eerder gezien?

Dino: Nee, niet met uitgaan. Toen kwam ik eind 2001/2002 daar voor het eerst. Ik heb Esther gezien met een gezamenlijk eten, bij Radèn Mas, Indonesisch.

Cynthia: In een proces-verbaal wordt er 2001 genoemd.

Nico Meijering: Dat zegt ze helemaal niet.

Dino: De schietpartij met Pim Fortuyn was in 2002, kort daarvoor ik haar leren kennen. Ik herinner me het van dat register, dat vond ik opmerkelijk. Ik vond het een mooi gebaar dat iemand dat ging doen. Toen kwam Ali daar niet.

Cynthia: Toen u elkaar tegenkwam in Zandvoort, had u elkaar nooit eerder gezien?

Dino: Nee. Je gaat uit, er komen zoveel mensen, hij kwam misschien op plekken waar ik ook kwam, maar ik heb hem vanaf 2004 gekend. Daarna heb ik hem beter leren kennen.

Cynthia: Bent u weleens naar de voetbalclub Türkeyemspor geweest?

Dino: Nee, nooit. Ik ging überhaupt niet naar wedstrijden in het amateurvoetbal. Toen ik hem leerde kennen, was hij ook geen voetballer meer.

Cynthia: U zegt dat u naast Dick Vrij geen gezamenlijke vrienden van u en Ali Akgün kunt bedenken. Is dat wel zo? Willy Lemoine? Is dat geen vriend?

Dino: Nee, een kennis. Een vriend van Ali. En Dick.

Cynthia: Er is een gesprek van 11 juni 2005, over Willy Lemoine. Dan belt u met Dick Vrij en gaat het over de Buffel.

Dino: Dick noemde Lemoine de Buffel.

Cynthia: In tapgesprekken zie ik dat u bijna nooit direct contact heeft met Ali. Belde u weleens?

Dino: Ja. Ik kon hem bellen, hij mij. Misschien werd ik niet getapt.

Cynthia: Ali vraagt aan Dick Vrij of u contact met hem opneemt. Was Dick Vrij een soort tussenpersoon?

Dino: Nee, dat klopt niet. Ik ben regelmatig in het buitenland geweest, of onderweg, of bezig, niet bereikbaar, als Ali mij niet kon bereiken, dan benaderde hij andere mensen.

Cynthia: Wat opvalt: als Dick Vrij het over Ali heeft, zegt hij: de tweeling. Waarom zegt Dick niet Ali tegen u maar heeft hij het over ‘De tweeling’.

Dino: Dick was daar, op kraamvisite, we gaan naar ‘de tweeling’, toen heb ik voor eerst ook zijn vrouw gezien, Claudia. Die had tot die tijd in de Baja Beach Club gewerkt.

Cynthia: Kwam Dick Vrij weleens in de Baja?

Dino: In de periode dat ik Esther heb leren kennen, toen wel. Hij was erbij, bij dat etentje in 2002.

Cynthia: Had Dick ook een vriendin in de Baja?

Dino: Dick is nogal, eh…

Rechter: Van wisselende contacten, wou u zeggen?

Dino: Ik kan niet zeggen: hij had een vriendin. Hij had wel een vriendin, maar dat kon een week later iemand anders zijn.

Cynthia: Fatima?

Dino: Dat was een vriendin van Esther. Niet een vriendin van Dick.

Cynthia: Magan Tier? Dinsdag is die achternaam gebruikt. Is dat Mario?

Dino: Hij stond met mij op de foto van de begrafenis van de vader van Danny Kuiters, die blonde.

Cynthia: Was hij ook een bekende van Ali?

Dino: Ja, ze kenden elkaar.

(Mario Magan Tier, ‘bolle Mario’, is in februari 2015 in Amsterdam geliquideerd. Hij werd in verband gebracht met de dood van Nekke Greene, die in juli 2011 in Spanje verdween; diens lichaam werd eind 2012 gevonden in de omgeving van Marbella. Hij was doodgeschoten en in stukken gehakt. Greene was volgens de politie samen met Magan Tier betrokken bij grootschalige cocaïnesmokkel. De moord op Greene zou zijn uitgevoerd door de Turks-Amsterdamse crimineel Senol Tuna, die in oktober 2011 was geliquideerd. Mario Magan Tier was bevriend met Ali Akgün)

Cynthia: In 2000 was er al contact tussen Ali en Jesse. Heeft u Ali weleens gehoord over Jesse?

Dino: Ik heb gelezen dat hij is aangehouden omdat ze dachten dat Ali Jesse was.

Cynthia: Jesse was in 2003 in Marbella, ook bij Magan Tier, en Ali ook. Heeft u daar weleens iets over gehoord?

Dino: Ik heb Magan Tier alleen in Nederland gezien. Niek. Die blonde. Bij de begrafenis. En misschien een keer bij het uitgaan bij het Leidseplein. Als ik hem sprak, was het hallo en gedag.

(Nico is de broer van Mario)

Cynthia: U ontmoette Ali in de zomer van 2004. Tot wanneer heeft u contact gehad?

Dino: Tot in 2006. Het najaar. Ik was in 2003 aangehouden, tot december. Hij zat van begin 2004 tot medio zomer 2004. Na zijn vrijlating, met voetbal, hebben we elkaar leren kennen.

Cynthia: Heeft u van Ali weleens wat gehoord over Fred Ros?

Dino: We hebben het weleens over hem gehad. Dat had te maken met de BMW X5, van Esther, dat ze die terug moest geven. Esther klaagde dat ze geen auto meer had, tegen Ali. ‘Nu heb ik geen auto meer.’ Dat was een klaagzang, grappig bedoeld, om mij te prikkelen een andere auto te verzorgen. Daar heb ik het wel met hem over gehad, dat gezeik over die auto.

Cynthia: Heeft Ali weleens gezegd dat Fred Ros contact met u zocht?

Dino: Dat staat me niet bij.

Cynthia: Heeft Ali gezegd dat Fred Ros niet meer in Rotterdam moest komen?

Dino: Nee.

Cynthia: De auto waar u eerst in reed, die BMW, gehuurd vanaf 1 januari 2004, is bij Ali gekomen. Toeval?

Dino: Die auto’s kwamen van Brouwer in Haarlem, Ali zocht zo’n auto, ik heb hem daarheen gestuurd.

Cynthia: Heeft Ali ooit gezegd dat Fred Ros geld van u wilde hebben?

Dino: Nee.

Cynthia: Heeft hij dat nooit gezegd? Dick Vrij zegt dat hij van Ali iets gehoord heeft.

Dino: Misschien heeft Ali tegen Dick gezegd dat Fred geld van mij wilde.

Cynthia: De eerste keer dat u Fred Ros zag, werd hij aangewezen in bezoekerszaal in Zuyderbos. Was dat ook de eerste keer dat u Jesse Remmers zag?

Dino: Ik weet het niet zeker. Ik heb Jesse Remmers in ieder geval in die bezoekzaal gezien.

Cynthia: Ros zat vanaf 14 maart 2005 in Zuyderbos. Wat vertelde Kuiters?

Dino: Dat hij degene was die vastzat voor de wapens in de villa van Katja Schuurman.

Cynthia: Heeft u de hand geschud van Ros?

Dino: Hij kwam op ons af.

Cynthia: Het verbaast me dat dat mag.

Dino: In andere gevangenissen zit je in een soort slang. In Heerhugowaard zijn tafeltjes. Voor de gedetineerde een rode stoel, de anderen een zwarte stoel. Je mag wel even handje geven aan anderen.

Cynthia: En daarna?

Dino: Ik heb hem wel twee of drie keer op bezoek gezien. Fred Ros is een naam die je niet veel hoort, ik had wel eerder die naam gehoord, door de rippartij van Jamal. Daarvan kende ik de naam. Toen ik in Zuyderbos kwam en die naam hoorde, dacht ik: ‘Hé, die naam heb ik gehoord.’ Jamal had dat tegen mij verteld.

Cynthia: Dan komt u Ros tegen in het uitgaansleven. Had hij toen al iets met Lydia?

Dino: Ja. Toen zijn we uit eten gegaan. Esther had gezegd: ‘Lydia is iemand tegengekomen die kent Dick en Danny en jou.’ Toen is ter sprake gekomen om uit eten te gaan.

Cynthia: 3 maart 2006: Fred en Lydia. Ik leid eruit af dat zij zegt dat Lydia aan Ros is voorgesteld.

Dino: Ik heb ze niet voorgesteld.

Cynthia: Sinds wanneer kent u Lydia?

Dino: Ik heb Esther leren kennen begin 2002, toen werkte ze in de Baja Beach Club, toen vertelde ze dat ze naar een nieuwe horecazaak ging. Toen ik vrij kwam, vanaf 2004, op enig moment heb ik Lydia daar gezien. Niet daarvoor.

Cynthia: Met etentjes.

Dino: Eén.

Cynthia: Anderhalf.

Dino: Het is er één geweest. Die gedachte leefde meer bij de vrouwen, maar het is er nooit meer van gekomen.

Cynthia: De verdediging zegt: Het eerste etentje van Ros was met z’n vieren: u en Ros en Esther en Lydia, in Scheveningen. 19 februari 2006.

Dino: Ik dacht in het begin dat we in Rotterdam hadden gegeten, maar het was inderdaad in Scheveningen.

Cynthia: Hoe laat?

Dino: Rond tien uur ’s avonds.

Cynthia: Er is een tapgesprek die dag: Jesse en Fred hebben afgesproken elkaar in Scheveningen te ontmoeten. De GSM peilt op de Gevers Deynootweg, dan geeft Jesse Ros aanwijzingen. Het is op een zondag. Jesse was er nog niet.

Dino: Het was een Italiaans restaurant in het oudere gedeelte van de stad. Den Haag.

Cynthia: Ros geeft aan hoe Remmers moet rijden. Dan zegt Ros dat hij bij de Japanner zit. Ik zie contacten tussen Fred Ros en Jesse Remmers. Fred en Lydia zijn samen naar het restaurant gekomen. Kan het zijn dat dat eerste etentje op 26 februari was, week later?

(Dit gaat een tijd zo door, lijkt verder nergens over te gaan. Dan komen ze nog even terug op Jamal)

Cynthia: Toen kwam u Fred Ros tegen. U zegt: ‘Daar had ik niet zo’n goed gevoel bij, vanwege ripdeal met Jamal.’

Dino: Ik heb hem daarover aangesproken. Hij zei dat het anders was dan wat er verteld was. Ik heb Jamal gesproken, die kwam heel overtuigend over, ik ken die man.

Cynthia: Was dat een contact van Charles Zwolsman?

Dino: Ja.

Cynthia: Had Danny daar iets mee te maken?

Dino: Weet ik niet.

(Ik kan niks vinden over Jamal. De bekende rippartij waar Fred Ros van werd verdacht had te maken met Arturo Ritfeld, maar daar komt geen Jamal in voor)

Cynthia: Heeft Fred Ros u om geld gevraagd bij dat etentje?

Dino: Ja, eerst een hoger bedrag. Een paarhonderd euro. Ik heb nee gezegd.

Cynthia: Heeft hij daarna nog weleens geld gevraagd?

Dino: Nee.

Cynthia: Fred is aangehouden in Spanje, 3 augustus 2006. Heeft u dat met iemand besproken?

Dino: Lydia is op dezelfde dag aangehouden in Krimpen, dat ging als een lopend vuurtje, in de omgeving Rotterdam, dat heb ik wel met Esther besproken en later ook met anderen.

Cynthia: Heeft Fred Ros de naam van Ariën Kaale junior weleens genoemd?

Dino: Nee.

Cynthia: Kaale senior of Wellborn? (Fred Ros wordt ervan verdacht Henry Wellborn te hebben afgeperst in een drugszaak die met Ariën Kaale senior te maken had).

Dino: Nee.

Cynthia: Is er weleens iemand bij u gekomen of u wilde betalen voor Fred Ros, nadat Ros was aangehouden? (Ging erover of er afspraken waren gemaakt om Fred Ros te betalen).

Dino: Nee. Ik heb het weleens met meneer Meijering besproken. Die vroeg of er afspraken waren gemaakt om Fred te betalen. Toen heb ik nee gezegd.

Cynthia: Heeft u weleens gehoord dat er chantage is geweest door Fred Ros, dat hij anders zou gaan verklaren?

Dino: Mij chanteren?

Cynthia: Nee, dat u dat gehoord heeft, dat dat speelde.

Dino: Nee, dat heb ik van niemand gehoord. Het staat in het dossier. Ik ben in 2006 weggegaan. In 2010, toen ik vastzat, heb ik er met meneer Meijering over gesproken.

Cynthia: Heeft u weleens met Danny Kuiters gesproken over de aanhouding van Fred Ros?

Dino: Ongetwijfeld. Het stond groot in De Telegraaf. Daarna ben ik op bezoek geweest.

Cynthia: Was u een geregeld bezoeker van Danny?

Dino: Ja. Sinds zijn aanhouding in juni 2003 ging ik gemiddeld één keer in de vijf weken naar hem.

Cynthia: U heeft Jesse Remmers in de bezoekerszaal gezien, Zuyderbos. In CIE-gegevens staat dat er eerder contacten waren tussen u en Jesse Remmers, dat dat gekomen zou zijn via Stanley Hillis.

Dino: Ja, eind jaren negentig.

Cynthia: Jesse Remmers is 21 december 1999 vrijgekomen, nadat hij heel lang had vastgezeten. Heeft u contacten met hem gehad in die periode?

Dino: Nee. Dat kan helemaal niet.

Cynthia: Vanaf wanneer bent u bevriend met Danny Kuiters?

Dino: Ik heb hem voor het eerst gezien met Zwolsman en Mink, dat zal in 1998 geweest zijn. Ik ben hem later op Ibiza tegengekomen.

Cynthia: Danny was een vriend van u. Zag u hem geregeld?

Dino: Met Danny was het zo: hij heeft een tijdje ondergedoken gezeten in Eindhoven. Dat was een periode dat ik hem niet zag. Ik heb hem pas weer gezien toen hij in 2002 weer in Eindhoven kwam.

Cynthia: Kwam u zelf vaak in Eindhoven?

Dino: Nee, ik kwam alleen vanwege hem daar.

Cynthia: Koos Reuvers zegt er ook wat over.

Dino: Ja, die was er ook. De eerste keer dat ik Danny toen weer tegenkwam, was Koos Reuvers er ook bij.

Cynthia: En Simone Tulkens?

Dino: Ja. (Simone is de weduwe van Antonio Brizzi. Zij woonde jarenlang met haar dochter in Spanje, waar Koos Reuvers toen ook woonde. Zij komt ook uit de omgeving Eindhoven. Zij was er toevallig bij toen Aran de Jong in 2012 in Eindhoven werd geliquideerd)

Cynthia: Kende u haar al eerder?

Dino: Nee, dat was de eerste keer.

Cynthia: U bent wel met hem in Venezuela geweest, in 2001. Dan is dat toch ietsjes eerder geweest, denk ik.

Dino: Dan zal ik Danny in 2001 wel een keer in Eindhoven hebben gezien.

Cynthia: In het CIE-pv staat dat het contact tussen u en Jesse Remmers via Stanley Hillis is gegaan. Weet u of Stanley Hillis en Jesse Remmers contact met elkaar hadden?

Dino: Daar heb ik nog nooit van Hillis over gehoord.

Cynthia: Heeft Kuiters u weleens verteld over zijn vriendschap of contacten met Jesse Remmers?

Dino: Ja, dat hij in zijn vroege jeugd met de familie Remmers contact had.

Cynthia: Het was toch zo dat Jesse Remmers en Danny Kuiters bevriend waren?

Dino: Dat is de indruk die ik had.

Cynthia: Als Kuiters het met u over Jesse Remmers had, gebruikte hij dan weleens een bijnaam?

Dino: Naar mij toe, in de bezoekzaal, had hij het over Jessy.

Cynthia: U zegt: Fred Ros kwam een hand geven. Jesse Remmers zat aan dezelfde tafel. Bent u aan elkaar voorgesteld?

Dino: Danny zei: ‘Dat is Jessy’.

Cynthia: In het dossier staat dat Danny weleens ‘de Chinees’ zegt als hij Jesse Remmers bedoelt. Heeft u dat weleens gehoord?

Dino: Ik zeg niet van niet, maar het komt niet bij me op.

Cynthia: En Michael Jackson?

Dino: Ik weet niet of ik dat in het dossier gelezen heb of dat ik het van iemand gehoord heb.

Cynthia: Er was een gesprek tussen u en Rosanna, augustus 2006 in Marbella, dan neemt zij de telefoon van Dick Vrij op en dan krijgt ze u aan de telefoon. De verdediging heeft gevraagd of we dat gesprek uitgewerkt hebben. We kunnen het ook wel laten horen.

(Het gesprek wordt beluisterd).

“Ja, hallo met Dino.” “Hé, hoy, hoe gaat het?”

Rosanna vertelt dat ze vannacht om drie uur naar bed is gegaan, rest is doorgegaan.

“Ik ken niet uitgaan jonge, om drie uur ben ik moe, ik ben eigenlijk heel keurig, wat dat betreft, ik trek dat niet. We waren uit geweest met een of andere vriend van jou of zo, een Chinees, weet ik veel, een man, beetje vaag wie dat is, maar we zijn wel stoer, we zitten nu toch aan het ontbijt hier.” “Ja, dat is wel stoer.”

Cynthia: De relevantie is: toen Rosanna met u sprak, wist u toen over wie het ging?

Dino: Aan mijn reactie te horen denk ik niet dat ik daar gelijk op aansloeg. Ze heeft het over een Chinees.

Cynthia: Ze zegt er achteraan dat u maar aan Dick moet vragen wie het is geweest. (Heb ik overigens niet gehoord, was moeilijk te verstaan)

Dino: Wie het is?

Rechter 2: Ik verstond: “Dan zal ik zo meteen aan Dick vragen wie dat is.”

(Het fragment wordt opnieuw beluisterd en dan is er inderdaad iets te horen over ‘Dick vragen wie dat is geweest’. Het gesprek zal nader worden uitgewerkt)

Cynthia: Wij weten dat ze uit is geweest met Dick Vrij en kennelijk Jesse Remmers. Ze duidt hem aan als vriend van u.

Dino: Ze zegt dat ik maar aan Dick moest vragen wie dat was.

Cynthia: Heeft u dat gedaan?

Dino: Misschien wel. Dat zal wel. Het is de lijn van Dick die getapt wordt.

Cynthia: Heeft u gehoord van Dick Vrij dat hij in Marbella Jesse Remmers heeft ontmoet?

Dino: Ik denk het wel, want ik wist ook dat Dicky daarheen ging en dat ik wel gehoord heb wie daar waren.

Cynthia: Wist u ook dat Greg daar was?

Dino: Ik dacht dat u zei: Jesse.

Cynthia: Ik zei Greg en Jesse.

Dino: Van Greg wist ik niet.

Cynthia: Heeft u het daar met Ali Akgün nog over gehad?

Dino: Dat zal wel best kunnen. Het was best plezier, als ik die taps zo teruglees. Dat kan ik niet meer terughalen.

Cynthia: Heeft u Jesse Remmers weleens in Rotterdam gezien?

Dino: Nee.

Cynthia: Jesse Remmers ging weleens uit in de Cinema. Daar kwam u toch ook weleens?

Dino: Dat uitgaan van mij in Rotterdam… Ik kwam daar omdat Esther daar werkte, dan gingen we zondags weleens weg. Als hij daar was, dat geloof ik wel.

Cynthia: Maar u heeft hem daar nooit gezien?

Dino: Nee.

Cynthia: En in de Bulldog in Amsterdam?

Dino: Ik weet niet of hij in 2005 of 2006 daar is geweest, ik heb hem niet gezien.

Cynthia: La Serpe verklaart dat Remmers regelmatig in de Bulldog kwam. In het dossier staat: u ook best vaak.

Dino: Mijn toenmalige vriendin heeft in de Bulldog gewerkt, midden jaren negentig. In die tijd kwam ik er ook regelmatig. Ze is ook heel lang gestopt, toen de kleine er was. Ze werkte er al sinds eind jaren tachtig.

Cynthia: Uw zus heeft daar ook gewerkt?

Dino: Mijn vriendin werkte er al langer. Daar hebben we elkaar leren kennen, toen kwam ik er regelmatig.

Cynthia: Wie was portier bij de Bulldog?

Dino: Hans Nijman.

Cynthia: Dick Vrij?

Dino: Nee, die was portier bij de iT.

Cynthia: Tot wanneer heeft Hans Nijman daar gewerkt?

Dino: Dat weet ik niet.

Cynthia: Remmers verklaart dat hij Dick Vrij kent van de Bulldog. Dick Vrij is toch een van uw beste vrienden geweest?

Dino: Ja, nog.

Cynthia: Holleeder verklaart dat Jesse Remmers regelmatig in de Bulldog kwam. Uw toenmalige vriendin Petra werkte daar.

Dino: Op de hoek zat een broodjeszaak, daar spraken we weleens af, Danny woonde daar in de buurt.

(dat gaat nog even zo door, dan vraagt Posthumus om een korte pauze. De rechter staat het meteen toe: iedereen is er wel aan toe. Verder is er niet veel bijzonders meer besproken. De zaak wordt op dinsdag 20 juni voortgezet, maar ook daar wordt niet veel vuurwerk meer verwacht).

Na het uitwerken van het verslag heb ik nog wel een korte overpeinzing geplaatst:

“Ik moet zeggen dat ik mijn dagje-Dino met stijgende verbijstering heb beleefd: waar gaat dit eigenlijk over? Dino zou samen met Holleeder en Ali Akgün het Grote Moordcommando zijn bij tal van liquidaties, maar daar hoor je niks over. Het gaat alleen over al dan niet onschuldige etentjes, ontmoetingen, gesprekjes. Als Ali Akgün nog had geleefd, had hij hier dan – als ze hem al weer te pakken hadden gekregen – hier ook weer gezeten?

Niet dat het niet interessant is, zo’n verhoor. Er komen tal van namen en situaties voorbij waar je toch wel weer het een en ander van opsteekt.

Later vandaag komt het hele verslag online, voor de liefhebbers. Maar het is mij in de verhoren van Dino tot nu toe geheel en al ontgaan wat zijn bemoeienis zou moeten zijn met de liquidaties. Eerder werd hij daarvan vrijgesproken.

Dat hij nog vastzat, had te maken met een oude straf voor een drugszaak. Daarin was hij in 2010 tot zeven jaar veroordeeld. Later kreeg hij nog zes maanden voor witwassen, maar het is mij even onduidelijk of hij die oude straffen inmiddels heeft uitgezeten en zo ja, waarom hij nu dan nog altijd vastzit.”