Duits wonder

Bayern München en Borussia Dortmund spelen op 25 mei de Champions League finale in Londen. Het Duitse voetbal en de economie lagen er tien jaar geleden nog desolaat bij. Maar het roer ging radicaal om. Met succes.

Na de dramatisch verlopen Europese Kampioenschappen van 2000 en 2004 begrepen de functionarissen van de Duitse voetbalbond DFB dat het zo niet verder kon. Het Duitse voetbal was niet om aan te zien: tactisch hopeloos achterhaald en technisch inferieur. De nationale ploeg werd in eigen land genadeloos weggehoond als een verzameling dinosaurussen uit  'Jurassic Park'. Niemand wilde bondscoach worden. De toekomst van het Duitse voetbal zag er inkzwart uit.

Ook de Duitse economie ging door een zware crisis. Na zestien jaar Helmut Kohl (CDU) was Duitsland rond 2000 de zieke man van Europa, met een hoge werkloosheid en lage groei. De wereld lachte niet alleen over Duitslands prestaties op het voetbalveld, Duitslands ooit voorbeeldige Rijnlandse sociaal-economische model leek al net zo verouderd.

Dorpen

Het roer ging om. Zowel in het voetbal als in de politiek. Kijkend naar succesvolle jeugdopleidingen in het buitenland, waaronder die in Nederland, besloot de DFB om de voetbalopleiding geheel te vernieuwen. De betaalde voetbalorganisaties werden verplicht – op straffe van het verlies van hun licentie – om voetbalinternaten in te richten. Daarnaast kwam er een nieuw, landelijk netwerk van voetbalacademies. Tot in de kleinste dorpen worden nu talenten opgespoord, die wekelijks in een regionaal 'prestatiecentrum' kunnen trainen onder DFB-trainers. Die bondstrainers concentreren zich op techniek en tactiek, waar vroeger naar grote sterke jongens werd gezocht, die hard konden lopen.

Onder tijdsdruk – het WK in eigen land, in 2006, kwam er aan – wist de nieuwe, veramerikaanste bondscoach Jürgen Klinsmann de conservatieve garde in de Bundesliga ervan te overtuigen dat hij een jong, aanvallend elftal wilde bouwen rond de talenten Bastian Schweinsteiger en Lukas Podolski. Duitsland moest het nieuwe Oranje worden, met als extra de traditionele Duitse deugden: inzet, mentaliteit, fysieke kracht.

Die revolutie in het voetbal ging gelijk op met een maatschappelijke omwenteling: de herstructurering van de verzorgingsstaat onder bondskanselier Gerhard Schröder (SPD). Onder protest van de vakbonden en in weerwil van wekelijkse massademonstraties brak Schöders rood-groene regering de arbeidsmarkt open. De sociale systemen werden afgeslankt, het ontslagrecht versoepeld, de loonkosten gematigd, bijstandsgerechtigden verplicht om werk te accepteren. Dankzij die ambitieuze Agenda 2010, zoals Schröder zijn revolutie noemde, kreeg het Rijnland-model een modern gezicht. Inmiddels is Duitsland weer veruit de succesvolste economie in Europa, waar andere, Angelsaksisch georiënteerde economieën stagneren.

Sprookje

Bondscoach Jürgen Klinsmann werd aanvankelijk bespot wegens zijn afwijkende trainingsmethodes en om zijn heilige geloof in wetenschappelijke begeleiding. Bovendien waren de eerste resultaten (1-4 verlies tegen Italië) van zijn ploeg rampzalig. Maar net als Gerhard Schröder hielden Klinsmann en diens assistent  Joachim Löw – toen al het tactische brein binnen de DFB – koppig vast aan hun aanpak. En al in 2006 beleefde een nieuwe generatie Duitse voetbalfans haar eerste voetbalsprookje.

In korte tijd waren de jonge bondscoaches erin geslaagd de Mannschaft een geheel ander aanzien te geven. Duitsland speelde ineens attractief, gedurfd, aanvallend, met hoofdrollen voor de onbevangen 'Poldi' en 'Schweini'. Dat de finale in Berlijn niet werd gehaald, was veel Duitsers worst. Eindelijk hadden zij weer een team waarvan ze konden houden.

Zien?

De afgelopen jaren is de Duitse nationale ploeg onder bondscoach Löw nog aantrekkelijker gaan spelen, sinds een generatie doorbrak, die is opgeleid volgens de nieuwe Duitse filosofie: spelers als Mehmut Özil (1988), Sami Khedira (1987), Thomas Müller (1989), Mario Götze (1992), Marco Reuss (1989), Toni Kroos (1990), Mats Hummels (1988), Ikay Gündogan (1990). Afgezien van Özil en Khedira spelen zij allemaal in eigen land.

Deze spelers dwongen, samen met enkele buitenlandse sterren, het huidige succes van de Duitse clubs in Europa af. Zij bewijzen dat als Duitsers eenmaal besluiten om een andere weg in te slaan, successen niet lang op zich laten wachten. Kijk naar de brommende economie. En kijk, vooral, naar het Duitse voetbal.

 

Verschenen bij: De Persdienst

Mijn gekozen waardering € -

Wierd Duk schrijft over Berlijn, de hipste stad van Europa, en bericht over Duitsland, het machtigste land in de Europese Unie, en over Rusland, het ingewikkeldste land tussen Europa en Azië. Hij was correspondent in Rusland en verslaggever voor de GPD en Elsevier. Laat op radio en tv regelmatig zijn licht schijnen over actuele internationale ontwikkelingen. Schreef de boeken ‘Poetin: straatvechter bedreigt wereldorde’ (Prometheus/Bert Bakker) en 'Merkel: koningin van Europa' (Prometheus/Bert Bakker). In 2016 verschijnt 'De Beul en de Heilige: een geschiedenis uit Auschwitz' (Prometheus/Bert Bakker).

Geef een reactie