Tanja van Bergen heeft voor de rest van haar leven genoeg gedronken. Sinds eind vorig jaar doet zij verslag van haar nieuwe, onbenevelde bestaan. Deel 9: Als je dan toch ergens aan verslaafd moet zijn…

STEUN RO

Peter Koelewijn zat in mijn hoofd.

‘Kom van die bank af!’ zong hij pesterig. ‘Ik waarschuw niet meer! Neenee-neenee-neenee, van die bank af!’

En dat dan de hele dag door.

Waar deze nu weer vandaan kwam? Tja, zo werkt dat hoofd van mij. Jaren achtereen kan ik de wetenschap dat ik iets moet veranderen diep wegstoppen, maar op een dag plopt-ie alsnog tevoorschijn, in de vorm van een niet te negeren tekst, een opdringerige jingle.

Vaak zijn het flarden uit liedjes. Zo was in de weken voorafgaand aan mijn laatste glas Stef Bos de huisartiest: ‘Pappa, ik lijk steeds meer op jou.’ Geen fijne meezinger als je de dochter bent van een voor-bijna-alles-bange man met een kwaaie dronk, maar juist daardoor werkte hij zo goed. De afkeer van het vooruitzicht te eindigen zoals mijn vader gaf me de wilskracht die ik nodig had om zelf niet meer bang te durven zijn.

En nu heeft Koelewijn – viel u zojuist ook opeens iets op aan die naam? – me de sportschool ingezongen. Drie keer per week een ronde crosstrainer-roeimachine-loopband blijkt een behoorlijk effectieve remedie tegen rusteloosheid en bijbehorende ondermijnende gedachten.

En zodra ik mijn basisconditie terug heb, ga ik weer lekker buiten hardlopen, want dat werkt nóg beter. Lees het prachtvolle Hallo Muur van Erik Jan Harmens er maar op na, met zijn liefdesverklaringen aan de kilometers die hij door weer en wind aflegt: ‘Als ik hardloop, kijk ik voor me uit, naar niets in het bijzonder, en soms denk ik minutenlang nergens aan.’

Het risico is natuurlijk dat wij matelozen ook hierin weer doorslaan

Het is opmerkelijk hoeveel ex-drinkers in de ban raken van die kilometers. Wetenschappers verklaren het uit de endorfines die je al rennende aanmaakt en waarmee je de opiaatreceptoren in je hersenen vult. Het effect daarvan lijkt namelijk sterk op de ‘beloning’ van alcohol: instant geluk, rust in je kop.

Het risico is natuurlijk wel dat wij matelozen ook daarin weer doorslaan. ‘Veel te vaak en net iets te hard rennen,’ erkent een collega-journalist en -alcoholist. ‘Net zoals we als kind meteen de hele zak snoep leeg aten. Maar het meditatieve is voor mij een goede tegenhanger voor het rusteloze en actieve brein dat ik voorheen met alcohol en drugs stilhield.’

Ach, als je dan toch ergens aan verslaafd moet zijn…

Overigens lukt het me de laatste tijd ook steeds beter prettige jingles in mijn hoofd te stoppen. En het is grappig te zien hoe gemakkelijk je daarmee je stemming kunt beïnvloeden. De vooralsnog favoriete truc: wachtwoorden die de afkorting zijn van een vrolijkmakende songtitel. Als je vele keren per dag je toetsenbord ontgrendelt met ‘iandiandaifg’, schiet evenzovele keren door je hoofd: It’s a new dawn, it’s a new day, and I feel… good!

Zin

Deze column is eerder geplaatst in Zin. Inmiddels ligt in de winkel alweer het nieuwe nummer van dit maandblad, met aflevering 10: Allemaal verslaafd?

Eedere afleveringen teruglezen? Dat kan door te klikken op:

Deel 1: ‘Een junk? Ik? Ja’

Deel 2: ‘Voelt u insecten onder uw huid kriebelen?’

Deel 3: Afkicken is sáái!

Deel 4: Droog daten

Deel 5: Kijk mama, zonder handen!

Deel 6: Het Verslaafde Meisje

Deel 7: De Alcoholist en ik

Deel 8: Wat drink je als je niet drinkt?

 

Tanja van Bergen (1961) heeft voor de rest van haar leven genoeg gedronken. In 2016 deed zij verslag van haar nieuwe, onbenevelde bestaan.