Deze zomer reizen we aan de hand van de grote schrijvers door Europa. Vandaag gaan we naar Parijs, de stad van David Foenkinos, een van de populairste én eigenzinnigste schrijvers van Frankrijk. Sinds zijn roman en film ‘La délicatesse’ een wereldhit werd, reist hij van hot naar her. Maar het liefst is hij thuis, in een onbekend en onbemind stukje Parijs.

STEUN RO

Vraag hem niet waarom, maar jaren geleden al raakte David Foenkinos in de ban van het idee om ooit bij een bibliotheek te wonen. Het werd de grootste van het land, de Bibliothèque nationale de France in het dertiende arrondissement. Vanuit zijn appartement kijkt hij uit op de hoge glazen flatgebouwen die boven de moderne wijk uittorenen. Tien jaar geleden, vertelt hij, stond hier nog vrijwel niets. Zijn vrienden verklaarden hem voor gek – niemand wilde in deze buurt wonen. ‘Veel mensen beschouwen dit als een van de lelijkste stukjes van de stad en vinden het complex zonde van het geld. Ik vind het hier geweldig. Het is een rustige wijk; niet te veel mensen, weinig herrie. Ik noem het soms het Zwitserland van Parijs.’

Die rust heeft hij tegenwoordig hard nodig, want het succes van de roman La délicatesse, dat in 2012 in Nederland uitkwam, heeft zijn leven ingrijpend veranderd. Tussen zijn debuut in 2001 en zijn grote doorbraak met La délicatesse leverde de bijzonder productieve Fransman al acht romans af, en diverse filmscripts. En ineens was daar het overweldigende succes La délicatesse: een miljoen verkochte exemplaren in Frankrijk, een bestseller in veel andere landen, vertaald in 31 talen, bekroond met diverse literaire prijzen. De al even succesvolle verfilming, door David Foenkinos zelf gemaakt samen met zijn broer Stéphane, draaide over de hele wereld.

La délicatesse vertelt het verhaal van Nathalie, een knappe jonge vrouw die bij een Zweeds bedrijf werkt en gelukkig getrouwd is. Tijdens een zondags hardlooprondje wordt haar man François overreden en zijn dood dompelt Nathalie in diepe rouw. Maar na drie jaar ontluikt er tegen alle verwachtingen een romance tussen de weduwe en haar collega Markus, een zachtaaardige en tedere man. Hun relatie wordt het gesprek van de dag binnen het bedrijf, want hoe kan zo’n mooie en onbereikbare vrouw een relatie krijgen met zo’n sukkel, en dan ook nog een Zweed?

Hoewel La délicatesse een ontroerend, bitterzoet verhaal is over liefde en verlies, wordt het nergens zwaar door Foenkinos’ lichtvoetige toon en associatieve vertelwijze en de vele grappige terzijdes en intermezzo’s, zoals een recept voor risotto met asperges of de uitslag van het wereldpuzzelkampioenschap 2008 in Minsk. Even soepel switcht Foenkinos zelf van serieuze zaken naar flauwe grappen. ‘De toon van het boek zegt veel over mij, en er zit ook veel van mijzelf in de personages, zelfs in Nathalie: sterk, maar ook kwetsbaar.’

Ook het verhaal is persoonlijker dan zijn vorige romans, vertelt hij. Schrijven geeft ruimte aan wat er in het onderbewuste leeft, terwijl je dat zelf (nog) niet in de gaten hebt. ‘Normaal gesproken wil ik helemaal niet meer met mijn boek bezig zijn als het eenmaal klaar is, maar nu liet het me niet los. Het gaat over hoe het is om iemand kwijt te raken en opnieuw te leren leven. Veel mensen schreven me dat ik het zo waarachtig beschreven had. Pas na verloop van tijd begon ik te beseffen hoezeer het verhaal was gebaseerd op mijn eigen ervaringen. Ik ben toen ik zestien was heel dicht bij de dood geweest. Het gebied rondom mijn hart was helemaal ontstoken en ik moest een hartoperatie ondergaan. Men wist niet precies wat de oorzaak was, waarschijnlijk had ik een virus dat normaal alleen bij oude mensen voorkomt. Ik heb een half jaar in het ziekenhuis gelegen en was vreselijk bang dat ik dood zou gaan. Nachtenlang kon ik niet slapen. Mijn ouders waren niet geïnteresseerd in cultuur, we hadden thuis geen boeken en ik haatte lezen. Maar na de operatie hield ik ineens van muziek, van schilderkunst en film, van lezen en schrijven. En ik wilde dus ineens bij een biliotheek wonen. Ook mijn houding ten aanzien van vrouwen en sensualiteit veranderde. Deze gebeurtenis heeft mijn leven ingrijpend veranderd. Het voelt alsof ik een tweede kans heb gekregen. Het heeft een tijd geduurd voordat ik me dat realiseerde, maar La délicatesse is een boek over een tweede kans.’

Die kans kan zich op een onvermoed moment aandienen, ‘toevallig’ – of misschien ook wel niet. Foenkinos thematiseert in zijn roman de rol van toeval in het leven. ‘Waarom dingen lopen zoals ze lopen, weten we niet; misschien zijn ze voorbestemd. Als Nathalie Markus eerder had ontmoet, had ze hem niet zien staan. Maar nu is hij de juiste persoon op het juiste moment in haar leven. Ook al is haar geest er nog niet klaar voor, haar lichaam besluit dat ze verder kan met het leven. Soms besluit het leven gewoon voor jou. Lange tijd probeerde ik een carrière op te bouwen in de muziek, maar alles ging steeds verkeerd en moeizaam. Uit frustratie begon ik met schrijven en dat bleek buitengewoon  makkelijk te gaan. Mijn eerste manuscript werd meteen gepubliceerd, bij Gallimard nog wel! Het voelde echt alsof dit mijn bestemming was.’

Ook La délicatesse kwam blijkbaar op het juiste moment, anders was het niet zo’n enorm succes geworden, denkt hij. ‘Mensen houden van Markus: hij is lief en een tikkeltje vreemd, hij is geestig en fijngevoelig. Hij heeft echt aandacht voor Nathalie, hij luistert naar haar. Ik denk dat het mensen raakt omdat men in de maatschappij waarin we leven, waarin alles er snel en hard aan toe gaat, behoefte heeft aan de zachtaardigheid en kwetsbaarheid die deze personages vertegenwoordigen. Er zijn op dit moment bovendien niet veel romans met humor en verbeeldingskracht in de Franse literatuur.’

Als duidelijk wordt dat Markus een relatie heeft met Nathalie, wordt hij ineens de gevierde man van het bedrijf en al snel doen de wildste geruchten de ronde: zo zou hij bijvoorbeeld tot de vriendenkring behoren van actrice Natalie Portman. Maar al snel steekt ook afgunst de kop op, en worden de verhalen minder vriendelijk – iets wat Foenkinos na het succes van zijn roman zelf ook aan den lijve ondervonden heeft. ‘Als je meer dan een miljoen boeken verkoopt, zijn er veel mensen die je gaan haten en word je het middelpunt van allerlei discussies. Zo vinden sommigen dat je als schrijver bent, je niet ook filmregisseur kunt zijn. Een typisch Franse manier van denken, als je het mij vraagt, en totaal belachelijk.’

Hij lacht. ‘Zoals ik al zei, ik schrijf geen autobiografische boeken, het is meestal andersom: mijn leven volgt de boeken die ik schrijf. In 2004 publiceerde ik Le potentiel érotique de ma femme, en daarna zijn mijn vrouw en ik gescheiden. Misschien moet ik eens een roman gaan schrijven over een auteur die een prachtige vrouw ontmoet die zalige lasagna maakt…’

Vanaf de zomer gaat hij zich weer helemaal aan het schrijven wijden, in de eenzame beslotenheid van zijn huis. ‘Ik heb de afgelopen maanden zo veel gereisd en gepraat, en zo veel mensen gezien. Het maken van die film vond ik geweldig; dan sta je daar ’s avonds in het donker aan de voet van de Eiffeltoren, Audrey Tautou in een prachtige avondjurk. Maar het was niet elke dag even makkelijk voor mij, al die mensen die op jouw beslissing wachten, al die drukte. Als schrijver leid ik een teruggetrokken leven; dan ben ik alleen of met mijn zoon, zie ik weinig andere mensen, eet ik om zes uur en ga ik vroeg slapen. Dan ben ik gewoon een oude, saaie kerel. Het klinkt misschien raar, want ik kan hartstikke jong en gek doen, maar in mijn ziel voel ik me oud.’

Het fijnste van reizen is uiteindelijk daarom toch het thuiskomen, vindt hij. ‘Elke keer ben ik dan weer zo gelukkig. Ik hou van Parijs! Natuurlijk, er zijn veel problemen hier: het is veel te duur, veel te druk, mensen zijn agressief in de metro. Het is alsof je getrouwd bent met een gecompliceerde vrouw. Lastig, maar ja, uiteindelijk blijf je toch van haar houden.’

Van David Foenkinos verschenen bij uitgeverij Meulenhoff de romans La délicatesse en Herinneringen.

Het Parijs van David Foenkinos

‘Ik vind Parijs op z’n mooist in augustus, als de Parijzenaars weg zijn en de stad leeg is. Het is een stad die eigenlijk wel honderd steden bevat. Ik ben hier geboren, maar soms voel ik me nog steeds net een toerist. Deze wijk rond de Bibliothèque nationale de France in het dertiende arrondissement vind ik geweldig. Het is er rustig, en ik ken iedereen. Al mijn herinneringen liggen hier. Ik barst uit mijn flat en zou eigenlijk moeten verhuizen, maar ik wil hier niet meer weg. Vlak bij mijn flat is de MK2 bioscoop, waar ze tweepersoonsstoelen hebben – perfect voor als je een afspraakje hebt. Mijn favoriete restaurant is Chez Lili et Marcel, op de Quai Austerlitz. Het heeft een lekker ouderwetse sfeer, jaren vijftig, en ze geven snoepgoed aan kinderen. Hier in de buurt, in het sfeervolle wijkje Butte-aux-cailles, hebben we de film La délicatesse opgenomen. De eerste scène is opgenomen in het onopvallende, maar leuke cafeetje Les cailloux.

Ik werk ’s ochtends en ga dan in de middag meestal uren wandelen; ik schrijf namelijk veel in mijn hoofd tijdens het lopen. Ik vind het heerlijk om langs de Seine te wandelen, met al die oude boekwinkeltjes op de kade – daar kan ik echt uren rondstruinen. Maar het liefst ga ik naar het Parc des Buttes Chaumont. Klim helemaal naar de top en je hebt een geweldig uitzicht. Het is echt een schitterend park. Als een droom.’