Columnist Roos Schlikker fileert het nieuws. Soms met een scalpeltje, af en toe met een slagersmes. En soms haalt ze de hakbijl te voorschijn.

STEUN RO

Oké-oké-oké-okédie-oké-okeetjes.

Je hoort het Ivo Opstelten brommen met zijn bronstige stemgeluid.

Dan gaat ie maar niet op proefverlof.

Jullie je zin.

Volkert van der G. dient in de cel te blijven want anders dreigt er ernstige volksoproer, zo is zojuist bekend gemaakt.

Ik denk dat dat wel meevalt. Een enkele Fortuinfanaticus misschien, Debroervan ongetwijfeld, Hans Smolders uiteraard. Maar dat was het wel.

Maar nee hoor, stel je voor dat er eventueel heel misschien enige maatschappelijke onrust zou kunnen ontstaan. Dat moeten we niet hebben. Je weet wat er in Haren gebeurd is. We zijn een explosief volkje, reuze explosief, moet Opstelten hebben gedacht terwijl dat ganse explosieve volkje gewoon ‘Ik hou van Holland’ op de bank zat te kijken, zak Hamka's onder handbereik, en zich nergens druk om maakte.

Maar goed, Volkert mag dus niet vervroegd de straat op, zoals anderen die hun straf bijna hebben uitgezeten dat wel mogen. We laten hem lekker zitten. Tot eind mei, want dan komt ie sowieso vrij, maar ssssssst daar hebben we het nu niet over, nee joh, want dan is er weer een brandhaard nabij.

Dommies

Oké oké oké-erde-oké-okeetjes, zal ook Frans Timmermans hebben gezegd toen ie met een bos bloemen en een doos chocoladeflikken zijn excuses namens het hele Nederlandse volk aan de Russen kwam maken. We hadden het niet zo bedoeld, joh. Goed, je kinderen aan de haren over de grond slepen terwijl je zo starnakel dronken bent dat je je eigen naam amper kunt spellen laat staan dat je kunt zeggen dat je diplo-, eeeh, dupla-, eeeh daplimaat bent, dat mag allemaal niet in Nederland, maar dat geldt natuurlijk niet voor belangrijke mensen uit landen waarmee wie wij handelsbetrekkingen hebben. Dat hadden de politieagenten even niet begrepen, die dommies. Sorry, hoor.

Je zou het bijna grappig kunnen vinden als het niet zo ernstig was. Nederland sust nog voor er echte problemen zijn en is daarbij niet bang om haar principes, die we in de wet met elkaar hebben vastgelegd, overboord te sodemieteren.

Wij zijn een land dat buigt. En dat de redelijkheid laat barsten.

    Roos Schlikker begon ooit als financieel journalist maar dat was een vergissing. Nu schrijft ze interviews en reportages over alles behalve stropdassen, volgens collega’s met een voorliefde voor de moderne (stads)mens. Doet mee aan 'Wie is de Mol'. Op Reporters Online publiceert ze columns.

    Geef een antwoord