Komende woensdag 13 maart wil paralympisch atleet Jetze Plat op de wielerbaan van Alkmaar in één uur meer dan 42 kilometer en 165 meter afleggen. Op een ligfiets, met alleen zijn armen als drijvende kracht. Een kijkje bij de voorbereiding op het werelduurrecord handbike.

De nietsvermoedende bezoeker aan Sportpaleis Alkmaar staat wel even raar te kijken. Na het passeren van de grote klapdeuren bij de ingang van de wielerbaan ziet hij ineens een onderbeen staan. Het is een prothese: hij staat rechtop en aan de voet zit een zwarte rechterschoen. Even verderop ziet de bezoeker vanachter de reling een ligfiets met één wiel voor en twee achter hard over de baan sjezen. Erop ligt een man met een opvallend brede torso in een oranje shirt en zwarte broek. Zijn linkerbeen reikt bijna tot de rand van het voorwiel, zijn rechterbeen haalt dat duidelijk niet.

De man op de fiets is Jetze Plat. Viervoudig wereldkampioen in het handbiken, drievoudig wereldkampioen op de paratriatlon en tevens Paralympisch kampioen op dat onderdeel. Plat, van 1991, is geboren met een verkort linkerbovenbeen terwijl rechts zijn bovenbeen helemaal ontbreekt. Plat is zich op de Alkmaarse velodroom aan het voorbereiden op 13 maart aanstaande. Dan wil hij het werelduurrecord verbeteren in het handbiken, de wielerdiscipline waar de fiets wordt voortgestuwd door enkel de armen.

Die zijn flink gespierd bij Plat. Dat moet ook wel want hij moet er een fors verzet mee rond zien te draaien. “53 x 14 heeft hij gemonteerd”, vertelt zijn coach Guido Vroemen die aan de rand van het middenterrein langs de baan staat. “Dat draait Jetze rond met een cadans van bijna 95 omwentelingen per minuut.” Het betekent dat Plat een vermogen van ruim boven de 200 watt weet te genereren, vertelt Vroemen. En dat is nodig ook. “Een uur lang een vermogen van 230 watt moet voldoende zijn om het record te halen, dat laten de berekeningen zien. Bij dit record heeft hij vooral te maken met de luchtweerstand maar omdat Jetze al zo vlak op zijn fiets ligt, kan hij daar niet zo veel winst meer halen. Dan komt het puur op zijn vermogen aan. Dat zijn we daarom aan het testen: Jetze moet drie blokken van elk een kwartier proberen om minimaal 230 watt te rijden.”

Dit artikel lees je gratis. Als het bevalt kun je onderaan een kleine bijdrage doen, zodat ik dit soort artikelen kan blijven schrijven

 

Veelvraat

Wanneer Plat hem passeert, drukt Vroemen de stopwatch op zijn mobiel in. “Rondje twintig en een halve seconde. Dat is bijna 44 kilometer per uur. Netjes.” Plat rijdt nu een stukje harder dan de huidige recordhouder Geert Schipper gemiddeld tijdens zijn uur reed. Schipper kwam in april 2018, ook in Sportpaleis Alkmaar, uit op een afstand van 42 kilometer en 165 meter. Toen Vroemen en Plat aan het einde van het vorige seizoen om de tafel gingen zitten met het oog op 2019, kwam daar al snel het werelduurrecord ter sprake. Vroemen: “Jetze is een veelvraat. Die wil gewoon winnen en prijzen pakken. Dus ook dit record. Het is een mooie voorbereiding op het komende seizoen en op 2020 waar hij zijn zinnen heeft gezet op drie keer goud tijdens de Paralympische Spelen in Tokio.”

Een uur volle bak op de weg fietsen, dat was Plat wel gewend. Maar de baan is toch anders. Die ligt nergens recht: de hellingshoek van de Alkmaarse baan is op het rechte stuk al dertien graden en in de bochten neemt die nog verder toe, tot bijna 45 graden. Het doet de fiets kantelen, merkte Plat toen hij een paar weken geleden voor het eerst de baan betrad. Er zit maar één ding op: terugduwen, met het hele lijf. En gewoon hard door blijven duwen in de bochten, dan blijft de fiets vanzelf loodrecht op de baan.

Vroemen neemt een slok van zijn koffie. Hij heeft het Senseo apparaat gevonden waar Plat hem bij de warming-up naar verwezen had. Plat kent de weg in het Sportpaleis inmiddels op zijn duimpje, het is vandaag de achtste keer dat hij op de baan traint. De beheerder van het Sportpaleis weet dat ook; hij is na het openen van de deur weggegaan om over een paar uurtjes, als de training erop zit, de boel weer af te sluiten. Hij is het wel gewend: vorig jaar had hij iedere donderdagochtend Dion Beukeboom op zijn baan te gast die zich voorbereidde op het échte werelduurrecord, dat voor valide wielrenners dus.

Beukeboom haalde het niet: zijn afstand van 52 kilometer en 757 meter was weliswaar de vijfde beste afstand ooit maar onvoldoende om het huidige record van Bradley Wiggins uit de boeken te schrijven. Vanwege een lagere luchtdruk deed Beukeboom zijn aanval op een hooglandbaan in het Mexicaanse Aguascalientes. Zo ver weg wil Vroemen voor Plats aanval niet gaan. “Het scheelt zeker in de afstand maar het is voor ons record niet nodig. Jetze moet het ook op een laaglandbaan kunnen halen, daar ben ik van overtuigd. Voor Beukeboom was het essentieel om op hoogte te rijden omdat Wiggins’ record -in Londen verreden- zo scherp staat. Het werelduurrecord handbike is, in tegenstelling tot het record waar Beukeboom voor ging, ook geen officieel record.”

Speciale baanfiets

Het tweede blok zit erop, Plat passeert zijn coach in een rustig tempo. Hij schudt zijn armen los, de pedalen aan weerszijden van het grote tandwiel boven zijn buik blijven rondgaan. Het is een speciale lichtgewicht baanfiets met maar één verzet en zonder remmen. Plat heeft hem voor het werelduurrecord door zijn Deense sponsor laten maken. Helemaal op maat, de pedalen en het grote tandwiel zijn precies op de juiste afstand van zijn lichaam gemonteerd zodat hij die zo efficiënt mogelijk met zijn armen synchroon kan ronddraaien. Het is niet zoals met een gewone fiets waar het zadel nog even een centimetertje omhoog of naar voren geschoven kan worden, dat kan hier niet omdat de ketting precies op de goede spanning moet blijven. “Nog anderhalve minuut”, roept Vroemen. “Dan gaat het derde blok van start.” Plat reikt zijn rechterhand naar achter zijn lichaam. Hij haalt er een bidon tevoorschijn.

Vroemen is er vandaag pas voor het eerst in Alkmaar bij. Hoewel hij regelmatig via de telefoon met Plat overleg heeft gehad over de voorbereiding en na elke training de data bekeek, wil hij graag even poolshoogte nemen nu 13 maart niet meer zo ver weg is. Het is meteen een mooie gelegenheid om de fonkelnieuwe aerometer die hij net in bezit heeft te testen. Vroemen heeft hem voor de training op de fiets van Plat gemonteerd. Na afloop kan Vroemen die gegevens mooi combineren met de vermogensdata. Dan kan hij precies zien hoe gestroomlijnd zijn pupil door de baan gaat en nog preciezer inschatten welke afstand Plat moet kunnen halen tijdens zijn werelduurrecordpoging.

Waar eerder in de training Plat ogenschijnlijk moeiteloos zijn rondjes reed, zijn tijdens het derde blok duidelijk sporen van vermoeidheid bij hem te zien. Met de tanden stijf op elkaar en de mond wijd open rijdt hij voor Vroemen langs. Het hoofd houdt hij nadrukkelijk nog schever om de fiets op het rechte spoor te houden. “Dat tandenknarsen is zijn handelsmerk”, vertelt Vroemen. “Hij krijgt het zwaar en dat is niet zo gek. Zijn lichaam reageert namelijk hetzelfde op inspanning als het doet bij valide mensen, zijn autonome zenuwstelsel is gewoon intact.”

Cijfertjesman

Gelukkig voor Plat hoeft hij vandaag nog niet een uur lang op zijn best te zijn. Drie keer een kwartier is mooi zat, beaamt hij tegenover zijn coach wanneer hij uitgerold is en zijn fiets bij Vroemen heeft geparkeerd. Hij heeft zijn zwarte helm afgezet. Plat blijkt hetzelfde stekeltjeskapsel als zijn coach te hebben. Hij wijst naar een plek net onder zijn linkerschouder, waar zich duidelijk een goed getrainde borstspier aftekent. “Daar gaat het op een gegeven moment pijn doen. Als dat gebeurt moet ik iets terug in mijn vermogen. Mijn hartslag gaat dan meteen ook wat omlaag.” Vroemen knikt: “Dat is logisch. Het is je pectoralis major die dan gaat opspelen, uit die spier moet je de meeste kracht halen. Het is gewoon de belemmering als je alleen je armen kan gebruiken, daar valt niet tegenop te trainen.”

Plat kijkt op de vermogensmeter die hij naast het grote tandwiel op het frame heeft geklemd. “230 watt, meer zat er niet meer in tijdens het laatste blok. Ik weet niet of ik dat straks een uur vol ga houden.” Vroemen stelt hem gerust. “Ik denk dat je het met 220 watt ook wel gaat redden. Vergeet niet dat je midden in een trainingsblok zit en vanochtend nog een pittige zwemtraining hebt gedaan. Bovendien heb je op de 13e publiek dat je gaat opzwepen. Ga je nog een scherm voor ze ophangen?”

Plat glimlacht. “Ja, wordt geregeld. Daarop kunnen ze alles volgen: rondetijden, snelheid, vermogen.”

“En muziek?” vraagt Vroemen.

“Gaat er ook komen, maar ik denk niet dat ik daar veel van merk”, antwoordt Plat terwijl hij op zijn vermogensmeter wijst: “Hier heb ik genoeg aan, als het vermogen wat zakt dan wil ik dat weer goed krijgen. Ik ben een cijfertjesman.”

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen.

Zie hier voor meer informatie!

Mijn gekozen waardering € -
Jurgen van Teeffelen (1968) is freelance wetenschapsjournalist sinds 2014. Tot die tijd werkte hij als gepromoveerd fysioloog aan universiteiten in Nederland (AMC, Maastricht) en de Verenigde Staten (Yale). Data in plaats van meningen vormen de basis van zijn artikelen. Jurgen schrijft graag over wetenschap in relatie tot sport en bewegen.