Wanneer we iets horen of lezen over zedendelicten, gaat dit meestal over de slachtoffers of de daders, maar voor de directe familie van die laatste groep is maar weinig aandacht. En dat terwijl familieleden behalve met hun eigen gevoelens van schuld en schaamte ook vaak te maken krijgen met bedreigingen. Soms zelfs met fysiek geweld en vernielingen aan hun woning. Maar ook als er nog geen misdrijf is gepleegd, is het niet makkelijk om te dealen met een naaste met pedofiele gevoelens. Drie “familieleden van” delen hun ervaringen.

STEUN RO

Wanneer we iets horen of lezen over zedendelicten, gaat dit meestal over de slachtoffers of de daders, maar voor de directe familie van die laatste groep is maar weinig aandacht. En dat terwijl familieleden behalve met hun eigen gevoelens van schuld en schaamte ook vaak te maken krijgen met bedreigingen. Soms zelfs met fysiek geweld en vernielingen aan hun woning. Maar ook als er nog geen misdrijf is gepleegd, is het niet makkelijk om te dealen met een naaste met pedofiele gevoelens. Drie “familieleden van” delen hun ervaringen.

Sylvie (28) was net een jaar getrouwd toen haar man Ernst (31) werd opgepakt wegens het downloaden van kinderporno. Ze besloot direct van hem te scheiden. 

‘Hoe kun je met getrouwd zijn met iemand als je walgt van wat diegene gedaan heeft, zelfs als je ergens nog van hem houdt?’

‘Ik kon niet meer met hem leven. Ik kon hem zelfs niet meer recht aankijken. Maar de liefde….de liefde is een raar ding. Ondanks wat Ernst heeft gedaan, houd ik nog steeds van hem. Ik was zelfs nog stapelverliefd op hem toen ik besloot van hem te scheiden, en die gevoelens kan ik niet zomaar uitschakelen. Een paar dagen geleden zag ik een aflevering van Dr. Phil waarbij de dochter van een seriemoordenaar werd geïnterviewd. Zij vertelde dat, voor haar, de moordenaar en haar vader twee verschillende personen waren. Ze walgde van de een, maar de ander, degene waar zij mee te maken had, was alleen maar goed voor haar geweest. Zo zou je mijn situatie denk ik ook het beste kunnen omschrijven. Ernst is voor mij niet alleen die vieze pedofiel. Het seksuele roofdier dat kinderporno bekeek. Hij is ook nog steeds de jongen waar ik verliefd op werd. 

Vier jaar geleden leer ik Ernst, in de dierentuin, notabene. Ik was daar met een vriendin, hij met een groepje vrienden die, verkleed als flamingo, een vrijgezellendag aan het vieren waren. Ik viel meteen voor hem. Voor zijn lange, wat slungelige lijf, zijn lieve verlegen lach en die warrige bruine krullen. Hij was de persoon in mijn leven die elke avond, zonder uitzondering, mijn voeten masseerde als ik terugkwam van mijn werk in een verzorgingstehuis. Die na anderhalf jaar huwelijk nog steeds elke week verse bloemen voor me haalde op de markt, die de lekkerste kippenpootjes maakte op de barbecue volgens zijn ‘geheime recept’ dat hij weigerde te verklappen, en die me altijd aan het lachen wist te maken als ik een rotdag had. 

Ik zat in de auto toen ik gebeld werd. Het was Ernst, maar in plaats van de gebruikelijke warme toon in stem klonk hij schril en onvast. Hij zei dat ik misschien even ergens moest parkeren voordat hij kon vertellen waarvoor hij belde. Ik snapte het niet; hij stond op de carkit en ik had mijn handen vrij. Toch stond hij erop dat ik zou stoppen en hem van de speaker af zou halen. Toen ik had gedaan wat hij vroeg, kondigde hij aan dat hij was gearresteerd. ‘Ze hebben dingen gevonden op mijn computer. Totale onzin natuurlijk. Schatje rustig…ik ben hier zo weer weg’ voegde hij eraan toe. Ik begreep in eerste instantie niet eens waarover het ging. Dingen op zijn computer? ‘Dingen? Wat voor ‘dingen’?!’ vroeg ik.De stilte die volgde leek uren te duren. Ik hoorde Ernst een paar keer diep zuchten voordat hij zei: ‘Porno. Ik…nou ja…ik heb porno gedownload en daar zaten wat rare dingen bij. Illegaal. Had ik totaal niet in de gaten. Van eh.. van minderjarigen.’ Heftiger zei hij: ‘Je ziet het verschil amper nog!’ 

Ik had het gevoel alsof mijn geest even uit mijn lichaam trad. Niet door het feit dat Ernst bekende dat hij naar porno keek – ik heb daar nooit problemen mee gehad en we keken zelfs wel eens samen – maar dat hij blijkbaar naar hele jonge meiden had lopen zoeken, daar kreeg ik wel buikpijn van. De porno waar we samen altijd naar keken was het gewone huis-, tuin en keuken werk, zeg maar. Met normale mensen, zoals wij. Met mijn achtentwintig jaar voelde ik me nog lang niet bejaard, maar dat Ernst in zijn eentje blijkbaar naar meiden van net achttien zat te kijken, was niet iets waar ik de vlag voor uithing. Nu denk ik: Hád ie maar naar meiden van achttien zitten kijken. Maar op dat moment werd ik overvallen door een golf van misselijkheid. Ik zag dat de knokkels van mijn handen wit waren, zo hard kneep ik in mijn stuur. Ik was te overdonderd om nog iets uit te brengen en zei dat ik naar huis moest. 

In de dagen die volgden werden er meer dingen duidelijk. En ik kwam erachter dat zoveel van wat de echte waarheid niet naar voren kwam in wat Ernst me had verteld. Het ging niet om een paar plaatjes van meisjes die nog net niet legaal waren en die je met wat goede wil voor achttien zou kunnen aanzien. Op Ernst’s laptop stonden duizenden obscene afbeeldingen en video’s van kinderen. Sommigen nog peuters, die op de meest vreselijke manieren werden misbruikt. Ondertussen had de politie alle computers in ons huis in beslag genomen, inclusief mijn eigen laptop, om bewijs te zoeken. Het was behoorlijk beschamend. Vernederend. Je vraagt je continu af wat ze van je denken. Misschien wel dat ik overal van afwist, of zelfs goedkeurde wat Ernst had gedaan. Ik heb ook geen moment getwijfeld of ik bij Ernst wilde blijven. Hoe kun je met getrouwd zijn met iemand als je walgt van wat diegene gedaan heeft, zelfs als je ergens nog van hem houdt? 

Ernst was helemaal kapot, maar tegelijkertijd leek hij nog steeds niet te beseffen dat hij iets vreselijks had gedaan. Volgens hem ‘keek hij gewoon naar plaatjes van kinderen.’ Alsof hij zichzelf, door het op die manier te formuleren, verwijderde van de emotie. Hij misbruikte geen kinderen, herhaalde hij keer op keer. Hij keek gewoon naar plaatjes. Niet eens echte foto’s, maar afbeeldingen op het internet. 

Het feit dat hij de waarheid niet wil zien, niet kan zien, bewijst voor mij dat hij ziek is. En daarom kan ik misschien nog een soort medelijden voor hem opbrengen. Dat is misschien ook de reden dat ik de dingen die hij heeft gedaan, los kan koppelen van de positieve gevoelens die ik nog wel voor hem heb. 

Natuurlijk ging dat niet zomaar. Ik heb daar echt behoorlijk mee geworsteld, heb zelfs psychische bijstand gezocht omdat het zo’n enorme chaos van tegenstellingen in mijn hoofd was. Je weet dat je relatie over is. En met een hele goede reden, maar je gevoel schakel je niet zomaar uit. Met onze relatie an sich was ook helemaal niets mis. Dat was echt enorm verwarrend. Maar wat ik wel altijd zeker heb geweten, is dat ik hoe dan ook niet met hem door zou kunnen. Wat als we kinderen zouden krijgen? Zie je het voor je? Dat ik relaxed op de bank een serie kijk terwijl papa de kinderen in bad doet. Nee dat was absoluut geen optie. 

Ernst is veroordeeld en moet gedwongen therapie volgen. We zijn inmiddels gescheiden en hebben nog sporadisch contact. maar alleen via de App en alleen op zijn initiatief. Eigenlijk zou ik willen dat hij daarmee stopt. Het blijft moeilijk. Soms vergeet ik even wat hij heeft gedaan en verlies ik mezelf in zo’n gesprek. Dan voelt het weer zo vertrouwd en moet ik mezelf echt tot orde roepen. 

Ergens ben ik opgelucht dat dit gebeurde toen we pas net getrouwd waren. Na tien jaar huwelijk een een stel kinderen was het allemaal nog veel verschrikkelijker geweest. Nu ben ik nog jong genoeg om een toekomst op te bouwen met iemand anders. Al vind ik het moeilijk om mannen nog te vertrouwen. Ik ging altijd prat op mijn goede mensenkennis, maar als mensen vragen of ik nooit iets aan Ernst heb gemerkt kan ik alleen maar zeggen: ‘Totaal niet.’ Het was niet zo dat Ernst zich verdacht gedroeg als hij met de computer bezig was of heel snel dingen ging wegklikken als ik binnenkwam ofzo. En juist dat doet me nu aan alles twijfelen. Ik durf niet meer op mijn intuïtie te vertrouwen. De man die, als het me gegeven is, ooit de vader van mijn kinderen gaat worden,  heeft nog wel een harde noot te kraken.’

***

Suzanne (47) is weduwe en moeder van Pascal (16), Laura (19) en tweeling Colette en Anne-Fleur (22). Met drie meiden had zij al aardig wat ervaring op het gebied van puberperikelen. Haar schrik was dan ook groot toen de negatieve gevoelens van Pascal aan iets anders dan puur opspelende hormonen bleken te liggen: Hij werd dan wel ouder, maar de meisjes die hij leuk vond niet. 

‘Alleen mensen die zelf gebroken zijn, zullen andere mensen breken. Daarom moet ik zorgen dat Pascal’s geest niet gebroken zal worden.’

‘Mijn zoon Pascal is zestien. Hij heeft blond haar, sproeten en de zonnigste lach die je ooit hebt gezien. Hij is de jongste van onze vier kinderen, de enige jongen. Mijn man Pieter was in de wolken toen hij eindelijk de zoon kreeg die hij zo graag wilde. En beiden waren we kapot toen Pieter zijn fatale diagnose kreeg. Toen duidelijk werd dat hij onze zoon nooit volwassen zou zien worden. Nu denk ik: Misschien is dat maar goed ook. Dat hij dit niet heeft hoeven meemaken.  

Een klein half jaar geleden voerde ik het vreselijkste gesprek dat ik ooit in mijn leven heb gevoerd. Een gesprek met Pascal die zwetend en trillend voor me stond. Zijn ogen wijd opengesperd als die van een hert dat in de koplampen van een vrachtwagen kijkt. Zijn stem onvast toen hij vroeg: ‘Mam, ik vraag niet of je me accepteert. Maar wil je me alsjeblieft helpen?’ 

In de twee jaar voorafgaand aan dit gesprek werd mijn open, vrolijke, altijd positief gestemde zoon steeds neerslachtiger en stiller. Hij begon zich meer af te zonderen op zijn kamer en had regelmatig een donkere blik in zijn ogen. Ik hield het in de gaten, maar ik dacht ook dat het waarschijnlijk gewoon te wijten was aan de puberteit, al hadden mijn drie dochters nooit zo’n last gehad van hun hormonen. Zelfs na de dood van Pieter, die zes jaar geleden stierf aan ALS, was hij niet zo neerslachtig geweest, ik had hem juist altijd bewonderd om zijn veerkracht en positiviteit. Op de vraag of er op school iets aan de hand was, antwoordde hij dat alles oké was. Elke poging om een gesprek aan te gaan, werd door Pascal afgekapt. Totdat ik een keer vergat te kloppen voordat ik zijn kamer binnenging. Ik wilde wat schone kleding in zijn kast leggen en had niet eens gemerkt dat hij thuis was gekomen, zo stilletjes bewoog hij zich door het huis. 

Pascal zat te huilen op zijn bed. Mijn hart brak meteen in duizend stukken. Mijn jochie, die inmiddels geen klein jongetje meer was maar was uitgegroeid tot een beer van een vent, lag in zijn kussen te snikken als een klein kind. Ik ging naar binnen, streelde het haar van zijn voorhoofd en vroeg hem wat er mis was. Hij zei ongeveer een half uur niets, maar dit keer was ik vastbesloten en volhardender dan de keren ervoor. Ik wist nu dat er wel degelijk iets aan de hand was, en ik wilde weten wát. 

Uiteindelijk begon Pascal iets onverstaanbaars te mompelen. Hij probeerde iets te zeggen, maar begon zijn zin steeds weer opnieuw. Ik weet niet hoe lang het duurde voordat hij uiteindelijk – heel snel – zei:  ‘Mama. Ik ben een pedofiel’. Hij vuurde de woorden op me af als een geweerschot, waarna begon hij weer vreselijk te huilen en te trillen. Ik kon op dat moment eerlijk gezegd niets anders uitbrengen dan ‘Het is okee.. schat, het is okee’. Ik bleef hem maar over zijn rug aaien, maar ik was totaal in shock. Ik wist weet echt niet wat ik moet denken of doen.

Uiteindelijk kalmeerde hij een beetje, en vertelde hij me dat hij meisjes tussen de zeven en elf jaar seksueel aantrekkelijk vindt. Dat hij dit als kind al had gevonden, maar dat zijn voorkeur nooit met hem was ‘meegegroeid’.  Ik vroeg of het niet gewoon een kwestie was van dat hij die meisjes schattig vond om naar te kijken, maar Pascal haalde diep adem en zei: ‘Nee mam. Ik wil ze…. aanraken en naakt zien.’ Ik kan niet beschrijven hoe ik me op dat moment voelde, maar mijn wereld stortte echt in. 

 Pascal wist dat het verkeerd was. Dat hij nooit een kind zou aanraken.  Hij schaamde, nee, walgde zelfs van zijn eigen gevoelens, en was doodsbang was dat andere mensen erachter zouden komen en hem zouden haten. Vandaar dat hij het niemand had durven vertellen. Hij grabbelde onder zijn matras en duwde me snikkend een verzameling foto’s van kleine meisjes die hij uit HEMA folders en tijdschriften had gescheurd onder mijn neus. ‘Mam, ik wil dit niet meer, neem het alsjeblieft mee!’

Ik had geen idee wat ik hiermee aan moest. Als je nadenkt over het opvoeden van kinderen en de problemen die je daarbij tegen kunt komen, denk je in het ergste geval aan dingen als drugsmisbruik of dat ze hun draai niet vinden in de maatschappij, met werk ofzo. Maar dat je bloedeigen kind wel eens een pedofiel zou kunnen zijn, komt niet in je op.  Dat zijn dingen die je op het nieuws hoort. Iets dat andere mensen overkomt en waarmee je medelijden hebt. Want het zou nooit jouw kind kunnen zijn. Inmiddels ben ik erachter dat die kans veel groter is dan ik dacht. En dat pedofilie onvrijwillig is. Niemand kiest ervoor en veel mensen die zich realiseren dat ze zich seksueel aangetrokken voelen tot kinderen, gaan gebukt onder een enorme angst en wanhoop.

Toen ik mijn aanvankelijke schrik te boven was, heb ik de beslissing genomen mijn zoon te omarmen. Hem mijn liefde en acceptatie te laten voelen. Waar ik heel zeker van ben is dat alleen gebroken mensen andere mensen zullen breken. En gezien Pascal’s afwijking, is het van het grootste belang dat zijn geest, zijn ziel, niet zullen breken. Dat hij de moed heeft kunnen opbrengen om mij te vertellen waar hij mee worstelt, vind ik ongelofelijk dapper. Inmiddels hebben we professionele hulp gezocht, waardoor we hebben geleerd dat mensen met pedofiele gevoelens die nooit hun diepste gedachten en worstelingen kunnen delen met hun naasten, niet alleen een veel  groter risico lopen te handelen naar hun verborgen verlangens, maar ook om zelfmoord te plegen, uit de angst ‘een monster’ te worden. 

We zullen wel nooit weten hoeveel mensen die hun eigen leven hebben beëindigd, dit mogelijk hebben gedaan vanwege een geheim waarvan ze vonden dat ze niet konden delen, maar ik zal er alles aan doen om te zorgen dat mijn zoon niet een van die mensen zal zijn. 

Ik heb studies gelezen die uitwijzen dat één of twee op de honderd mannen ‘echte pedofielen’ zijn, wat betekent dat ze alleen seksueel tot kinderen worden aangetrokken. Maar liefst twintig op de honderd mannen kunnen sommige componenten van pedofilie in hun seksuele oriëntatie hebben, zodat ze onder sommige omstandigheden seksueel opgewonden kunnen zijn voor kinderen. Hoewel Pascal zich sterk – en voornamelijk – aangetrokken voelt tot kinderen, weten we inmiddels dat hij zich ook wel aangetrokken voelt tot sommige volwassen vrouwen. Dat geeft me hoop. Misschien kan dat gevoel meer ‘ontwikkeld’ worden door therapie, en kan hij alsnog een normaal leven leiden.

Maar nog steeds, blijft het moeilijk. Ook omdat Pascal nog niet klaar is om zijn geheim te delen en ik dus niet de waarheid kan vertellen tegen mijn drie dochters. Zij weten dat hij worstelt met depressieve gedachten, maar niet de reden daarvoor. Daardoor zit ik nu voortdurend in een ongelofelijk naar loyaliteitsconflict tussen mijn zoon en de rest van mijn kinderen. Sinds Pieter vierenhalf jaar geleden overleed , zijn we zo’n sterke eenheid geweest met zijn vijven. Ik ben doodsbang dat die eenheid definitief uiteen zal vallen als mijn dochters eenmaal op de hoogte zijn. Misschien dat ze niet meteen afstand nemen, maar wat nu als ze kinderen krijgen? Dochters? Het zijn vragen waarvan ik nachtenlang wakker lig.’

***

Sonja (38) kwam erachter dat haar vader een jongetje uit zijn straat had misbruikt. Inmiddels heeft ze geen contact meer met haar beide ouders. 

‘Mijn hele identiteit was weg. Ik was altijd de dochter van de goudsmid. En toen was ineens de dochter van die vieze pedo.’

‘Het telefoontje kwam toen ik zat te eten met mijn gezin. Een buurman verderop uit de straat van mijn vader, iemand bij wie hij regelmatig over de vloer kwam, vroeg of ik even tijd had. Hij wilde me spreken. 

 Dat was het moment dat ik mijn vader verloor. 

Mijn vader heeft een jongetje misbruikt. Het zoontje van de buurman van een paar huizen verder, die net als de rest van zijn familie al jaren bij mijn ouders over de vloer kwamen. Mijn ouders namen die jongen zelfs wel eens mee naar de camping. Zijn eigen ouders hadden niet veel geld en op die manier was hij er ook eens uit, zei mijn vader. Hij ging dan meestal iets eerder dan mijn moeder, zodat hij ‘mannendingen’ met die jongen kon doen. Vissen enzo. Ook kocht hij wel eens nieuwe sneakers voor hem. Als ik er nu aan terugdenk is het zo overduidelijk. Ik sla mezelf echt voor mijn kop dat ik die signalen heb gemist. 

Uiteindelijk is het misbruik aan het licht gekomen doordat die jongen met zijn ouders een programma op TV zat te kijken over misbruik. Hij is toen naar zijn kamer gegaan en heeft in de gezins app een berichtje gezet. Iets als: ‘Dat van net op tv gebeurt ook met mij.’ Toen is het balletje gaan rollen. 

Ik heb er lang over gepraat met een rechercheur van de politie, over hoe ik al die signalen heb kunnen missen. Het voelde alsof ik mijn excuus moest aanbieden, ik maakte mijn vaders schande tot de mijne. Maar die rechercheur zei dat ik het los moest laten. Dat niemand zoiets van zijn vader verwacht. Met lood in mijn schoenen heb ik ook mijn eigen kinderen gevragd of opa wel eens aan ze had gezeten. Goddank niet. Ik denk wel te weten waarom: op zijn computer werden ook alleen maar foto’s gevonden van jongetjes tussen de acht en veertien. Ik heb twee dochters van vier en zes. Blijkbaar niet zijn ‘voorkeursgroep’. 

 Ineens lag mijn hele identiteit in duigen. Ik was altijd de dochter van de goudsmid. En toen was ik ineens iets heel anders: de dochter van ‘die vieze pedo.’ Ik was altijd een vaderskindje, lijk veel op hem qua karakter. Ik werd zelfs onredelijk bang dat ik ook tot hele slechte dingen in staat zou zijn, ik had tenslotte zijn genen Inmiddels weet ik: dit is zijn gedrag. Het hoort niet bij mij. Ik kan het door een hoop therapie eindelijk een beetje loslaten, en inzien dat ik zelf ook een slachtoffer van de situatie ben.

 Mijn vader heeft een aantal maanden in een penitentiaire inrichting gezeten en daarna moest hij verplicht een intensieve therapie volgen. Mijn ouders zijn inmiddels verhuisd. Ze moesten wel; mijn moeder weigerde te scheiden , en omdat iedereen in de – nogal kinderrijke – straat op de hoogte was van wat er was voorgevallen, had ze daar geen leven meer. Gedurende de tijd dat ze daar alleen woonde, werden er flessen urine door haar brievenbus heen geleegd, en haar ramen besmeurd met onder andere verf en eieren. Ze werd uitgescholden voor ‘Pedohoer’ als ze haar neus buiten de deur stak.

Al voor mijn vader vrijkwam, is mijn moeder ergens anders gaan wonen en ze gaan nu gewoon weer verder op de oude voet, alsof er niets is gebeurd. Mijn vader neemt geen verantwoordelijkheid voor wat hij gedaan heeft. In plaats daarvan is hij wrokkig tegenover de buitenwereld. Hij zit vol verwijten naar iedereen om hem heen die niet bereid is zomaar over zijn ‘misstap’ heen te stappen.. En hij is is ontzettend boos op mij omdat ik hem weiger zijn kleinkinderen te laten zien. Mijn man wil niets meer met mijn vader te maken hebben, maar ik was op zich nog wel bereid om hem af en toe alleen te bezoeken. Alleen, hij bleef tijdens die bezoekjes zijn gedrag minimaliseren en bagatelliseren. En datzelfde gedrag zie in in mijn moeder. Volgens hen is hij alleen maar geregistreerd als pleger van een seksueel misdrijf omdat dat nu eenmaal ‘procedure’ is en de rechter geen keuze had. In zijn hoofd, en die van mijn moeder, is hij niet zoals die pedofielen waar je over leest in de krant; hij is gewoon een respectabel mens dat een foutje heeft begaan en hij bevindt zich – volgens hemzelf dan – alleen in deze situatie vanwege de rigide richtlijnen van het wetboek. 

 Mijn vader volgt nog steeds een therapie, en mijn moeder een vergelijkbare therapie voor echtgenoten van daders. Ik vraag me af wat ze daar leert, want ze hield er allemaal rare gedachtes aan over. Volgens haar was het ‘ gewoon iets is dat in iemands hoofd komt’. Een soort ‘dopamine-rush, waaraan mensen verslaafd raken.’ Ze downplayed een afschuwelijke misdaad doodleuk tot een chemisch proces: ‘Oh nee hoor, het is puur een verslaving 

aan dopamine.’ Nu ik erop terugkijk, past het gedrag wel bij de relatie die mijn ouders hadden. Mijn vader kon geen fout doen, in de ogen van mijn moeder. Ik vond het altijd lief en aandoenlijk hoe ze achter hem stond, zelfs toen er een keer een zakelijk conflict was waarbij mijn vader overduidelijk niet goed had gehandeld. Maar dat ze zover zou gaan dat ze zelfs misbruik met de mantel der liefde zou bedekken? Nee, dat heeft mij zelfs verbaasd. Geschokt.

 Inmiddels heb ik geen contact meer met allebei mijn ouders. Mijn moeder is ons nog een tijd lang komen bezoeken om met onze dochters te spelen, en soms bleef ze dan ook eten. Maar deze bezoekjes draaiden steeds uit op emotionele chantage van haar kant om mijn vader ook weer uit te nodigen om zijn kleinkinderen te zien. Ook gaf ze op een gegevens moment aan dat ze als ze ons had bezocht dagen van slag was en zich down voelde. Haar antwoord hierop was om te stoppen met ons te bezoeken en te stoppen met bellen, en, schreef ze laatst in een mail, dit heeft gewerkt. Ze voelt zich nu veel beter, schreef ze.

 Wat mijzelf betreft: Ik voel een zelfopgelegde morele druk om de herinneringen van dat wat gedurende vijfendertig jaar lang mijn leven was, te herzien. Om mijn oordeel over mijn ouders te herzien.  En dat is lastig, want er is een tweedeling in mijn gevoelens. Mijn vader is deels nog steeds mijn held, maar voor het andere deel een monster. Mijn moeder een engel, maar nu ook een medeplichtige aan vreselijke dingen. Die onverenigbare aspecten geven me het gevoel dat ik gevangenzit tussen het voelen van liefde voor mijn ouders, of hen keihard veroordelen. Het is echt een rouwproces, het besef aanvaarden dat je de mensen waarvan je dacht dat ze het dichtst bij je stonden, niet alleen nooit ten volle hebt gekend, maar ook iets enorm duisters in zich herbergen. En toch wist zelfs die realiteit niet alle liefde uit, al vind ik wel dat dat eigenlijk zou moeten. Ik voel gewoon dat de buitenwereld me beschuldigd van het goedkeuren van gruwelijke dingen, als ik aan zou geven dat ik nog steeds van mijn ouders houd. En dat terwijl ik net zo fel tegen seksueel misbruik ben gekant als zij. Het klinkt hard, maar ik had honderd keer liever gehad dat ze gewoon dood waren gegaan. Dan had ik tenminste nog kunnen rekenen op medeleven omdat ik mijn ouders was verloren. Nu krijg ik alleen maar schuine blikken.’

 Kader 

Herken je jezelf in een van deze situaties, of zit je met vragen en wil je met iemand praten? Dan kun je contact opnemen met Stop it Now! (https://downloaders.stopitnow.nl) . Zij bieden onder andere anonieme, vertrouwelijk en gratis telefonische hulp aan mensen die kinderporno hebben bekeken, gedownload of hier toe neigen, en hun naasten (partners, ouders, familie, vrienden,  en collega’s).

*Op verzoek van de geïnterviewden zijn namen en bepaalde herkenbare eigenschappen aangepast.

Image by Grégory ROOSE from Pixabay

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen.

Zie hier voor meer informatie!

Mijn gekozen waardering € -
Freelance Journalist. Ik schreef voor o.a. LINDA., Viva, Grazia, Flair, Veronica Magazine, Margriet, VROUW, Oh! Magazine, Nieuwe Revu, Story, de Telegraaf, Psychologie Magazine, Marie Claire, Cosmopolitan en als (web)content creator voor o.a. VODAFONE en Sanoma Marketing Partnerships. Voor mijn volledige profiel: zie LinkedIn. $twitter.xrptipbot.com/Vivscontent