De oppositie in Venezuela heeft tot opluchting van velen na zestien jaar socialisme van Hugo Chávez de verkiezingen gewonnen. Maar de vooruitzichten zijn nog niet hoopgevend.

STEUN RO

“Je hebt voor de oppositie gestemd! Je bent een landverraadster!” Terwijl we in het centrum van Caracas in de rij staan om een chocoladedrankje te kopen, hebben Janset Rojas en ik het over de verkiezingen in Venezuela en over de kansen voor het land, nu de oppositie zo overtuigend heeft gewonnen. Maar een vrouw voor ons in de rij is helemaal niet gediend van ons gesprek. Ze draait zich woedend om en begint te schelden. Ze blijkt een volgelinge van el comandante Chávez – die in 2013 aan kanker overleed – zonder enige twijfels over zijn ideologische gelijk. “De commandant heeft ons gezegd dat dit zou gebeuren en dat we moeten volhouden. Waarom staan jullie hier eigenlijk in de rij tussen de armen? Ga naar je shoppingmall met airconditioning!” Janset probeert de vrouw nog te kalmeren, zeggend dat iedereen recht heeft op een eigen mening, dat ze haar ook respecteert om haar politieke voorkeur. Maar er is geen beginnen aan. Gelukkig mengen zich niet nog meer mensen in de discussie en bloedt ze dood.

Janset staat te trillen op haar benen. “Precies hierom heb ik een paar jaar geleden besloten om me niet meer met politiek bezig te houden. Die haat tussen links en rechts. Ik kan er niet meer tegen.” Ze leest geen kranten meer en kijkt niet meer naar het journaal. Maar de werkelijkheid op straat kan ze natuurlijk niet ontvluchten.

Helemaal niet rijk

Voor de radicale chavistas zijn mensen die op de rechtse oppositie stemmen extreemrechtse bourgeois, gefinancierd door ‘het imperium’: de Verenigde Staten. Maar Janset is een actrice die moet knokken om iedere maand de eindjes aan elkaar te knopen. En zo zijn er nog veel meer mensen die voor de oppositie hebben gestemd, maar die zelf helemaal niet rijk zijn. Er zijn zelfs heel veel armen tussen, die de eindeloze rijen om aan eten, toiletartikelen of medicijnen te komen meer dan zat zijn. De producten waar ze voor in de rij staan, zijn vaak wel op de zwarte markt te krijgen, maar zijn voor de man met de kleine portemonnee onbetaalbaar.

“De oppositie heeft de verkiezingen gewonnen dankzij de mensen uit de sloppenwijken”, zegt sociaal onderzoeker Alejandro Moreno in zijn werkkamer vol boeken in het Instituut Don Bosco, dat programma’s voor de armen beheert. “De mensen hebben niet voor de oppositie gestemd, maar tegen de regering, en het is te hopen dat de oppositie dat begrijpt. Er moeten oplossingen worden bedacht voor de schaarste.”

Onteigeningen

Het is niet gemakkelijk om het probleem van de schaarste snel op te lossen. Door de vele onteigeningen die de linkse regeringen van Hugo Chávez en zijn opvolger Nicolás Maduro hebben doorgevoerd, is de productie van voedsel ernstig gedaald. Maar ook bijvoorbeeld de productie van staal, ijzer, papierpulp en glas, dat Venezuela exporteerde, is nagenoeg stilgevallen. Het land is nu van zijn belangrijkste exportproduct, ruwe olie, afhankelijk en tot overmaat van ramp zijn de prijzen daarvan gedaald van meer dan honderd dollar per vat naar ruim dertig nu. Daarbij is ook nog eens de productie gedaald van 3,5 miljoen vaten per dag naar ruim 2 miljoen. Dat betekent een enorme daling in komsten voor het land en dus heeft Venezuela geen geld om producten te importeren. Daarom is er schaarste ontstaan.

Militair-civiele unie

Op 6 december leed de socialistische regering een verpletterende nederlaag bij de parlementaire verkiezingen. De oppositiepartijen, verenigd in de MUD, de Ronde Tafel voor Democratische Eenheid, veroverden een tweederde meerderheid. Het duurde uren voordat de Nationale Kiesraad het resultaat bekend maakte, naar verluidt omdat de regering het niet wilde accepteren. Vóór de verkiezingen had president Maduro verschillende keren gezegd dat hij zich niet bij een nederlaag zou neerleggen en dat hij met het volk “in een militair-civiele unie” de straat op zou gaan. Volgens welingelichte bronnen heeft de legerleiding zondagnacht de regering ervan overtuigd dat ze de uitkomst van de verkiezingen wél moest accepteren.

Een aangeslagen president Maduro deed dat inderdaad in een rechtstreeks uitgezonden toespraak, maar hij gaf de ‘economische terroristen’ de schuld. Dat wil zeggen leveranciers die volgens de regering producten achterhouden om schaarste te creëren en de prijzen op te drijven, of die de producten naar het westelijke buurland Colombia smokkelen. Om die reden zijn de grenzen met Colombia al enkele maanden gesloten.

Referendum tegen Maduro

Nu zijn we inmiddels al bijna een week verder en de regering wil van geen wijken weten. Samenwerking met de oppositie is volgens de laatste uitspraken van president Maduro uitgesloten. De regering probeert nu met het huidige parlement, waarin ze de meerderheid heeft, in het Hoogste Hof van Justitie magistraten te plaatsen uit eigen gelederen, zodat de oppositie in het nieuwe parlement, dat op 5 januari 2016 aantreedt, minder gedaan kan krijgen.

Wat de oppositie onder andere wil is een referendum in gang zetten dat een afzettingsprocedure voor president Maduro mogelijk maakt. Ook wil ze een amnestiewet voor de – volgens mensenrechtengroepen – 64 politieke gevangenen. De bekendste is oppositieleider Leopoldo López, die tot bijna veertien jaar cel is veroordeeld wegens het aanzetten tot geweld na de laatste presidentiële verkiezingen, die oppositieleider Henrique Capriles van Nicolás Maduro verloor.

Kostbare tijd verliezen

De oppositie, die won door met het oog op de verkiezingen de MUD te vormen, is intern verdeeld. Niet iedereen wil een afzettingsprocedure voor president Maduro en niet iedereen wil de amnestie voor politieke gevangenen tot absolute prioriteit verheffen. De economische problemen zijn het meest urgent, zo vindt bijvoorbeeld Henrique Capriles, die nu gouverneur is van de deelstaat Miranda.

Volgens Alejandro Moreno maakt het de oude achterban van Hugo Chávez die nu voor de oppositie heeft gestemd helemaal niet uit wie er regeert. Als er maar een oplossing voor de problemen wordt gevonden. “Mensen verliezen kostbare tijd omdat ze uren in de rij moeten staan. En dan nog weten ze niet of ze krijgen wat ze nodig hebben. Er zijn al bedrijven die hun werknemers dagen beschikbaar stellen om dat te doen. Want je moet of in de rij staan, of werken. Je kunt niet alles tegelijkertijd.” Hij verheft zijn stem: ”Er is iets wat we nog nooit hebben gezien in Venezuela: er is honger! 76 procent van de mensen leeft op dit moment in armoede volgens onderzoek dat is gedaan door drie universiteiten. Dat is nooit vertoond.”

“We weten niet wat er tussen nu en begin volgend jaar gaat gebeuren. Het parlement heeft geen macht en Maduro heeft nog geen centimeter toegegeven. Dit is een hyper presidentieel systeem, waar de macht is geconcentreerd in één persoon.”

Sociale ontploffing

Tot februari gebeurt er sowieso niets omdat de vakantieperiode is aangebroken, maar de rijen voor de winkels worden alleen maar langer, omdat de schaarste toeneemt, omdat de regering blut is. Wat gaat er volgens Alejandro Moreno gebeuren, als deze situatie nog maanden voortduurt? “Als er niet snel iets gebeurt, kan er een sociale ontploffing komen.”

Janset Rojas is hoopvol na de overwinning van de oppositie, maar maakt zich net als Alejandro Moreno zorgen. Ze maakt plannen om een filmopleiding in Rio de Janeiro in Brazilië te gaan doen. “Misschien is dit juist niet het moment om weg te gaan, maar ik heb er hier zo veel zin in en voordat Venezuela weer een beetje op orde is… Dat gaat een hele tijd duren.”

    Wies Ubags (1962) werkt vanuit Brazilië voor oa het ANP. Ze is ook te horen op de Nederlandse en Belgische radio (vooral BNN, WNL en VRT).  Ze schrijft over ambitie in Latijns Amerika, in het klein en in het groot. Economische onderwerpen krijgen veel aandacht.