Ik was van de week proefkonijn in wat mogelijk een nieuw televisieprogramma wordt van Paul de Leeuw. Het programma kent de werktitel ‘De Persvoorlichters’. Samen met Marc-Marie Huijbregts (“we wilden zo graag nog eens iets samen doen”) vormt De Leeuw een setje persvoorlichters die een persconferentie met een Bekende Nederlander in goede banen moeten leiden.

STEUN RO

Ergens in september kreeg ik via Facebook een uitnodiging om een vraag te bedenken voort Eva Jinek, de uitverkoren BN’er voor de pilot-aflevering van ‘De Persvoorlichters’. Zonder na te denken stuurde ik een vraag in: Is het beeld dat we van Amerika krijgen in Europa een juist beeld? Nog geen uur nadat ik de vraag had ingestuurd had ik al iemand van het productieteam aan de lijn. Wie ik was, wat ik deed en of ik de vraag in de studio wilde komen stellen? Geen probleem natuurlijk.

Het idee achter het programma is dat De Leeuw en Huijbregts de BN’er in bescherming nemen tijdens een persconferentie. Een twintigtal journalisten neemt plaats op een perstribune, de BN’er staat aan een catheder en weet zich geflankeerd door zijn of haar persvoorlichters c.q. waakhonden, De Leeuw en Huybregts dus. De twee openen het programma met een filmpje over de hoofdpersoon – tijdens de pilot Eva Jinek – en screenen vervolgens de ingekomen vragen.

Ik was bij de proefuitzending een van de 20 journalisten, al is dat laatste misschien een groot woord. Ik zat tussen mensen die schrijven voor een frietmagazine, een blad over poezen, over andere dieren, over schilderen, over spirituele zaken, over meisjesdingetjes, over auto’s, films en bier. Verder waren er ‘verslaggevers’ van een schoolkrant, een buurtvereniging, de studentenvereniging waar Jinek ook lid van is geweest, iemand van het blad Flair en ik dus, als blogger. Althans, zo werd ik voorgesteld door De Leeuw aan het publiek op de tribunes.

De mensen die daar zaten werden voorafgaand aan de opnames aangemoedigd om vooral veel te lachen en zich te laten horen, want dat zou het programma ten goede komen. Immers, na montage zou men met de pilot-aflevering ‘de boer’ op gaan. De omroepen langs met de show onder de arm, in de hoop dat het goed genoeg bevonden wordt voor uitzending en er dus meer afleveringen gemaakt kunnen gaan worden. De pilot zou dan als aflevering één gelden van het nieuwe, hopelijk succesvolle programma.

Tijdens de opnamen werd al snel duidelijk dat De Leeuw en Huijbregts het vooral gezellig wilden houden. Het moest een onderbroekenlolprogramma worden. Nog voordat er aan een rondgang langs het journalistenpanel werd begonnen wist ik al dat mijn vraag niet aan bod zou komen. Te serieus, te zwaar. Ook de vraag van de dame van de buurtvereniging (Welke oplossing zie je voor het ouderenzorg in Nederland?) was op voorhand kansloos.

XXL-frikandel

Van de twintig vragen werden er tien uitverkoren om aan Eva Jinek te worden voorgelegd. Dat verliep allemaal erg onhandig, want microfoons voorzien van de naam van het medium werden in een standaard gezet voor de neus van Jinek. Na elke vraag werd de microfoon van een verslaggever weggehaald en opzij gelegd door Huijbregts, zodat ze wisten dat die vraag aan bod was geweest.

Het programma verliep verder zoals je je dat nu al voor kunt stellen. Veel gelach om niks. De Leeuw die met zijn wat cynische humor probeert het publiek aan het lachen te krijgen en Huijbregts die het vooral leuk vindt als het wat schuin of dubbelzinnig wordt: ‘Zou Eva de XXL-frikandel wel naar binnen weten te krijgen, denkt u meneer van de Frietkoerier?’

Zo kreeg het programma het niveau van een schoolkrant. Jinek vond het allemaal best geestig, maar ik neem aan dat ze zich een dagje later nog eens achter de oren heeft gekrabd. Van vragen als ‘Wat is je favoriete snack?’; ‘Je laatste biertje in dit leven, wordt dat een Tsjechisch of een Amerikaans biertje?’; ‘Denk je dat je eerder hebt geleefd?’; ‘Wat heeft je ertoe gebracht om te gaan schilderen?’; Heb je het idee dat je gemanipuleerd wordt door je kat? (Huijbregts: “Of door je poes, Eva?”); ‘Uit welke van deze drie auto’s zou je kiezen? (een fotovraag); ‘Ik heb gehoord dat je overweegt om een mini-varkentje in huis te nemen, maar weet je wel dat die ook een meter in het vierkant worden en 100 kilo gaan wegen?’

En zo nog drie die ik vergeten ben. De 10 vragen die ‘de uitzending’ niet haalden, mochten als doekje voor het bloeden door de journalisten nog wel gesteld worden aan Jinek. Die zouden dan – als het programma een vervolg krijgt – op de internetsite eventueel nog te zien zijn.

Na de opnames die zo’n anderhalf uur duurden, werden Jinek, de journalisten en de toeschouwers vriendelijk bedankt en kon ieder zijns weegs weer gaan. Onderweg naar de uitgang kreeg ik van de lieve dame van het productieteam nog wel de vraag wat ik ervan gevonden had. Het lukte me niet om politiek correct te blijven. “Het idee is leuk, maar de uitvoering laat te wensen over”, hoorde ik mezelf zeggen. “Er gebeurt niets. Niemand zit te wachten op vragen aan Jinek over poezen, varkens, friet en auto’s. Het is louter bedoeld om lollig te doen en dat is jammer. Er zou wat meer de diepte gezocht kunnen worden zodat de kijker meerdere kanten van Jinek te zien krijgt: blij, boos, verdrietig, ontroerd, enthousiast, bedachtzaam, et cetera.

De dame van het productieteam knikte en krabbelde wat op haar schrijfblok. “Ik bel je van de week om dit even rustig door te nemen”, zei ze. “Oh ja”, zei ik. “Het is ook beter voor het programma als de journalisten kunnen ‘inbreken’. Nu is het wat statisch allemaal. Je mag naar voren komen, je vraag stellen en ‘that’s it. Zo gaat het niet tijdens persconferenties. En dat willen jullie toch nabootsen?”

Kortom: dit gaat ‘m niet worden. Lijkt me toch. In elk geval Eva Jinek had beter verdiend, dunkt me.