WK2014 // Het Nederlands elftal kwam in Salvador met de schrik vrij. En dat is maar goed ook, want Brazilië is tot over zijn oren verliefd op de Nederlandse fans.

STEUN RO

Dat Oranje van geluk mag spreken de halve finale van het WK gehaald te hebben, daar waren de meeste Brazilianen het na afloop van Nederland-Costa Rica over eens. Een carrousel van gemiste kansen was niet wat ze van ‘a laranja mecânica’ – de oranjemachine – verwacht hadden. Aan de feestvreugde in speelstad Salvador deed de nipte strafschopoverwinning echter niets af, want gastland Brazilië heeft de Nederlandse fans in zijn hart gesloten.

Oranjeplein

De autoriteiten in Salvador moesten even slikken toen een KNVB-delegatie hen eind februari kwam vertellen dat de Nederlandse voetbalbond voorafgaand aan de wedstrijden van het Nederlands elftal in elke speelstad een plein tot Oranjeplein wilde omtoveren: een plek waar fans in de sfeer komen om vervolgens gezamenlijk naar het stadion op te trekken. Ook de plaatselijke media maakten zich zorgen: 'Politie vreest rommelschopperij op Oranjeplein', kopte de krant Correio da Bahia een paar dagen voor Nederland-Spanje, de eerste WK-wedstrijd die in Salvador gespeeld werd,. Hoe anders waren de reacties nu, bij Nederland-Costa Rica.

Verkleedpartij

Er was in de tussentijd natuurlijk ook wel het een en ander gebeurd. Niet alleen hebben Nederlandse fans zich tijdens het WK tot nog toe voorbeeldig gedragen; Oranje is de afgelopen drie weken uitgegroeid tot een van de favorieten om het WK te winnen. 

Dat leidde er zaterdag toe dat zeker een kwart van de bezoekers aan het Oranjeplein in Salvador bestond uit Brazilianen die zich, haastig in oranje kloffie gestoken of niet, onder de Nederlandse fans begaven. Onder hen bevonden zich Sabrina Eiko Kubo en Raylda Coelho Bittencourt Spier, die beiden met Nederlandse mannen getrouwd zijn. 

Ook acarajéverkoopster Mary, die haar hartige oliebollen vlakbij het Oranjeplein aan de man brengt, was vol lof. 'De Nederlandse fans steken met kop en schouders uit boven de andere buitenlandse voetbalfans die we hier op bezoek gehad hebben. Ze zijn vrolijker, losser en maken er echt een verkleedpartij van. Als Brazilië niet wint hoop ik dat Nederland wint.'

Warme rillingen

Acarajéverkoopster Mary was niet de enige Braziliaanse middenstander die het Oranjeplein omarmde. Een nabijgelegen restaurant liet een ober bakjes ‘Nederlandse’ patat met mayonaise venten; een Afro-Braziliaanse kunstenaar, zijn rood-wit-blauw geverfde gezicht één en al concentratie, schminkte de wangen van Oranjefans. Ik nam een foto van hem die me diep raakte, zeker met de in Nederland weer opgelaaide Zwarte Pietdiscussie in het achterhoofd. Geschminkte gezichten kunnen dus ook verbroederen.

Even later werden Paul Hirschel en Caroline Dessing, twee Rotterdamse fans die ik tijdens het WK al drie keer sprak (en die in hun oranje carnavalspakken onophoudelijk de aandacht van de Braziliaanse media trekken) door een Braziliaanse moeder gevraagd haar kindje vast te houden. Klik! Een hartverwarmend moment, dat de positiefste kant van het WK liet zien: mensen uit alle uithoeken van de wereld, samengebracht door sport. Uit de luidsprekers schalde Marco Borsato's 'Dromen zijn bedrog’; over mijn rug liepen warme rillingen.

‘Zulk soort momenten, daar doen we het voor’

Niet veel later veranderde Oranjeplein in Oranjemars. Pas voor de tweede keer dit WK kon de tocht richting stadion door de befaamde dubbeldekkerbus van supportersvereniging Oranjefans.nl geleid worden. Die had namelijk na de wedstrijd Nederland-Spanje onderweg naar São Paulo pech gekregen en bracht het grootste deel van de afgelopen twee weken noodgedwongen in een garage in Belo Horizonte door. Maar vrijdagavond, minder dan vierentwintig uur voor Nederland-Costa Rica, was de bus dan toch weer terug in Salvador. 

Onderweg merkten de buspassagiers meer dan eens hoe populair Oranje in Brazilië is. 'We werden door de federale politie met gillende sirenes en zwaailichten ingehaald. Stoppen, gebaarden ze met hun armen. Dus we stopten, draaiden onmiddellijk de muziek uit, en bereidden ons voor op een onaangename verrassing. Wilden ze alleen maar met ons op de foto!' vertelt Nico Komen. 'Kijk, zulk soort momenten, daar doen we het voor.'

Woensdag ontmoet Nederland in de halve finale Argentinië, in São Paulo. Als het aan Komen en zijn vrienden ligt is de oranje dubbeldekker dan weer van de partij. ‘Het is een rit van 1.900 kilometer, maar als we drie dagen twaalf uur per dag rijden moet het lukken.’

Alex Hijmans (1975) is internationaal correspondent en schrijver. Zijn standplaats is Salvador, de derde stad van Brazilie, waar hij in een volksbuurt woont en verder kijkt dan voetbal, samba en zogenaamde Wirtschaftswunderen. Hij schrijft, net zoals weleer voor de papieren De Pers, journalistieke reportages en persoonlijke columns. Met veel beeld en altijd met de blik van een local.