Geldboom

Voor het individu en de natie wordt het steeds lastiger om rond te komen. Daarom deze week op DNP: als het maar geld oplevert.

De werkloosheid stijgt, de bezuinigingen lopen op en de JSF wordt duurder. Hoe komen we nog rond? Als natie, als provincie, als gemeente en als individu wordt het steeds lastiger om de eindjes aan elkaar te knopen.

Deze week op De Nieuwe Pers: als het maar geld oplevert. Een creatief idee om te besparen, een gekke subsidie voor een projectje hier of daar, een studie met baangarantie of wat dan ook… Als het maar geld oplevert.

Suggesties zijn welkom op [email protected] of via de twittert (@DNPLive)

OOK IN HET NIEUWS VRIJDAG 16:30 Nederland maakt geen gebruik van het Amerikaanse aftapprogramma PRISM. Bondskanselier Merkel vertrekt met slaande deuren uit Rusland. En Geert Wilders wil de banden met de Belgische partij Vlaams Belang aanhalen.

NIET VOOR NIETS

Tekst: Sam Trompert / 21 jun. – 16.00

“Een groeiende wereldbevolking tot 9 miljard in 2050,  klimaatverandering, grondstoffenschaarste, vergrijzing, etc. Dit vraagt om slimme en nieuwe antwoorden om ook in de toekomst welvaartsgroei te kunnen realiseren. De antwoorden komen van excellente onderzoekers en ambitieuze ondernemers.” Dat schrijven Henk Kamp (Economische Zaken) en Sander Dekker (Onderwijs) begin dit jaar aan de Tweede Kamer. Onderwijs is namelijk een economische zaak. Vooral als het gaat om de ‘kenniseconomie’.

Want het hoger onderwijs mag dan geteisterd worden door bezuinigingen, die kenniseconomie moet intact blijven: onze reddingsboot naar de veilige havens van economische voorspoed en innovatie. Want meer en betere kennis = economische groei, zo luidt de formule. Maar bezuinigingen maken het een stuk lastiger voor universiteiten en onderzoekers om meer en betere kennis te vergaren.

‘Nut’

Om bezuinigingen deels te ondervangen wordt samenwerking gezocht met het bedrijfsleven. Samenwerking moet dan, vooral voor bedrijven, wel wat opleveren. En het liefst wordt dat ‘wat’ uitgedrukt in geld.

Twee zaken zitten dan op de schopstoel. Allereerst moet fundamenteel onderzoek beschermd worden, zo zegt ook de brief van Kamp en Dekker. Fundamenteel onderzoek, onderzoek dat niet direct ‘nut’ (lees: geld) oplevert, rendeert nu eenmaal niet zo snel. Het bedrijfsleven staat dus niet te juichen om zulks te financieren.

Ten tweede: alfa’s. De talen, geschiedenis en kunstgeschiedenis, cultuurstudies… Het mogen boeiende disciplines zijn, maar geld heeft het nog nooit opgeleverd. En de kans dat er ooit flink munt uit te slaan valt lijkt gering. Universiteiten moeten zichzelf ‘profileren’; een trend die al langer speelt maar door het eerste kabinet Rutte nog even flink is aangezet. Specialiseer je in een beperkt aantal wetenschapsgebieden en excelleer daarin. Word een baas, zogezegd.

Profileren kun je leren

Universiteiten hebben dat enthousiast gedaan. Maar onder druk van het universitaire marktdenken specialiseren zij zich voornamelijk in gebieden die ‘wat’ opleveren. En dus niet in archeologie of mediastudies. In plaats daarvan worden complete talen van het onderwijsprogramma geschrapt en samengevoegd tot zogenaamde ‘brede bachelors’: Europese Talen en Culturen bijvoorbeeld.

Eigenlijk is het allemaal heel logisch, want “Nederland kampt met een groot tekort aan technici”. Niet met een tekort aan, bijvoorbeeld, antropologen. Volgens hoogleraar Digital Humanities Rens Bod ligt dat genuanceerder. Hij schreef een boek over de geschiedenis van de alfadisciplines: De Vergeten Wetenschappen. “Vaak wordt gedacht dat alle bètaopleidingen de zogenaamde ‘technici’ afleveren. Er is inderdaad een tekort aan technisch geschoold personeel, maar er is absoluut geen tekort aan biologen, of natuurkundigen.” Volgens Bod is het gevaarlijk dit soort generalisaties te maken. Maar feit blijft dat een bètaopleiding meer kans geeft op een baan. Afgelopen week publiceerde opinieblad Elsevier haar jaarlijkse onderzoek naar arbeidsmarktperspectieven. Tandarts scoort weer hoog, met ‘cultuurstudies’ kun je wel inpakken.

Maar ook dat is niet heel verrassend. Bod: “Kijk, technische opleidingen zoals werktuigbouwkunde, maar ook geneeskunde leiden op voor een specifiek beroep”. Dat je daar meer kans op een baan mee hebt is logisch, volgens Bod. Overigens doen niet alle alfaopleidingen het slecht. Zo is er ook een tekort aan docenten Klassieke Talen, maar daar hoor je veel minder over.

‘Hypergespecialiseerd’

Oudheidkundige Jona Lendering is somberder. Volgens hem leiden we mensen op voor werkloosheid, en leveren universiteiten de alfa af met een serieuze achterstand op de arbeidsmarkt. “Dat zou nog te rechtvaardigen zijn als het idee dat deze mensen heel ‘breed’ kunnen denken waar zou zijn”, zegt Lendering. Een historicus heeft bijvoorbeeld onderzoek gedaan naar een of ander handelsverdrag tussen Colombia en Nederland uit 1912. Nutteloos dus. Maar deze historicus zou, zo is de aanname, heel goed moeten zijn in het opzoeken en verwerken van informatie. Wel nuttig.

Maar volgens Lendering wordt juist die brede kennis, waarmee de alfa zijn nut moet bewijzen, niet meer gedoceerd. “Docenten zijn ‘hypergespecialiseerd’. Als ze zelf die algemene ontwikkeling al niet hebben, hoe moeten ze die dan overdragen?”

Specialisatie is een van de criteria geworden voor professionaliteit van en in de universiteit, samen met het aantal wetenschappelijke publicaties dat een universiteit uitbrengt en het aantal afgestudeerden dat ze aflevert. Voormalig president van de Koninklijke Akademie van Wetenschappen (KNAW) Frits van Oostrom zei vorige maand in de Groene Amsterdammer dat “het academische lichaam is gedrogeerd met de bloeddoping van het moderne marktdenken.” De universiteit is een handelaar in kennis, te verkopen aan de hoogste bieder.  En voor de geesteswetenschappers zijn maar weinig mensen bereid te betalen. De samenleving wil immers ‘waar voor zijn geld.’ Een medicijn tegen kanker bijvoorbeeld.

Pretpakket

Hoe komt het toch dat de alfa zijn maatschappelijk nut niet over het voetlicht weet te brengen? Volgens Rens Bod begint het al op de middelbare school. “Als je ook maar een klein beetje goed bent in wiskunde wordt je al gauw naar de ‘zware’ Natuurprofielen geduwd – de vakkenpakketten met de exacte vakken. Doe je de alfavakken, het profiel Cultuur en Maatschappij, dan heb je het ‘pretpakket’”, aldus Bod, die zelf met het grootste gemak Natuurkunde cum laude afrondde. De opleiding Kunstgeschiedenis die daarop volgde was een stuk moeilijker. “Toch is de publieke perceptie erop gericht de exacte vakken als ‘moeilijker’ en ‘zwaarder’ te beschouwen. Dat is een misvatting.”

Daar is de geesteswetenschap overigens zelf ook deels verantwoordelijk voor. Jona Lendering verwijt de alfawetenschappers een ivorentorenhouding: “Neem de afdeling Astronomie van de Universiteit van Amsterdam. Daar zit permanent iemand om vragen van de pers te beantwoorden en hun onderzoeken onder de aandacht te brengen. De alfawetenschappen doen dat veel minder. Zij hebben een instelling van: ‘men begrijpt ons toch niet, dus alle kritiek is ongefundeerd’. Dat is een groot probleem want door die houding wordt alle kritiek eenvoudig weggewuifd. Ook terechte kritiek, zoals het gebrek aan goede wetenschapscommunicatie.”

Zonder geesteswetenschappen geen internetrevolutie

En onbegrepen maakt onbemind. Maar wat is dan die waarde van een alfa? Volgens Bod kunnen we op dat gebied nog wel wat leren van Amerika. Studenten zijn daar verplicht een minor buiten hun eigen vakgebied te volgen: “Een natuurkundestudent moet dus een aantal geestesvakken volgen. Die worden als belangrijk gezien omdat ze je dwingen kritisch te denken en kritisch de reflecteren op teksten en bronnen.” En dat zijn waardevolle eigenschappen, ook voor toekomstige werkgevers. Kijk naar de theoretische taalkunde, een geesteswetenschap pur sang, die de basis vormt voor de eerste hogere programmeertalen. Bod: “Zonder de geesteswetenschap had de internetrevolutie niet plaatsgevonden.”

Een slimme marketingstrateeg melkt zoiets natuurlijk helemaal uit, maar alfawetenschappers? “Die weigeren gewoon hun vakterrein uit te leggen”, benadrukt Lendering, “ze blijven het liefst in hun ivoren toren, en als ze er een keer uitkomen, dan lopen ze naar de circustent… voor de Historicus van het Jaarverkiezing. Dat gaat helemaal nergens over, en ondertussen blijven reële vragen van burgers aan de wetenschap onbeantwoord.”

En dan helpt de overheid ook al niet mee. Proefballonnetjes als de gratis bètastudie en de langstudeerboete versterken het beeld: studeren in het algemeen, en een alfastudie in het bijzonder, zijn voornamelijk een kostenpost voor de samenleving. Voormalig Onderwijsminister Jo Ritzen (PvdA) durfde in 1990 zelfs zo ver te gaan te beweren dat “alpha-studenten hun tijd verprutsen.” Ze studeren tegelijkertijd te lang (in jaren) en te kort (in uren per dag). Komt de alfa ooit van zijn imagoprobleem af? Als hij zelf ook bereid is te veranderen wel, denkt Rens Bod, en zichzelf durft te profileren, zoals een bèta dat doet:  “Steve Jobs zei ook: ‘Je hebt zowel natuur- als geesteswetenschappen nodig. Door techniek én schoonheid ontstaan de beste producten’.”

OOK IN HET NIEUWS VRIJDAG 11:30 De huizenprijzen hebben nog steeds niet de bodem bereikt. En oud-minister Wouter Bos gaat aan de slag als bestuursvoorzitter van het VU medisch centrum, het Amsterdamse ziekenhuis dat een boete van 30.000 euro moet betalen wegens het schenden van het medisch beroepsgeheim.

MILJONAIR MET CROWDFUNDING

Tekst: Sjoerd Blankevoort / 21 jun. – 11.15

De snelste manier om miljonair te worden? De Dordrechtse rechtenstudent Lars Troost denkt hem gevonden te hebben: crowdfunding. Hij startte een inzamelingsactie op de site dreamordonate, waar voor alle mogelijke dromen geld kan worden gedoneerd. De droom van Lars troost is om als miljonair het nieuwe jaar in te gaan. Als hij dit doel behaalt, geeft hij op 2 januari een groot feest om alle gulle gevers persoonlijk te bedanken. Hij hoopt dat een paar mensen grote bedragen storten, zodat het op het feest niet al te druk zal worden.

Wat hij na het miljonairsfeest overhoudt, zal hij investeren in zijn internetbedrijf, zijn moeder en een huis in Wassenaar, liet hij deze week weten in Het Parool. Vooralsnog loopt het nog niet echt storm: de teller staat op 33 euro. Omdat Lars zelf al wel 905 euro had gespaard, heeft hij nog maar 999.062 euro nodig om zijn droom te verwezenlijken.

Doneren kan hier.

OOK IN HET NIEUWS DONDERDAG 15:15 De prijs van goud staat op het laagste punt in twee jaar. Vervoersbedrijf Arriva en de gemeente Den Haag willen een directe trein naar Brussel. En hup ons! Want consumenten zijn steeds meer bereid om te betalen voor online nieuws.

AAN AL HET GOEDE KOMT EEN EIND

Tekst: Remco Slump / 20 jun. – 15:00

Niet alleen Doutzen is boos, maar ook staatssecretaris Wilma Mansveld van Infrastructuur en Milieu. Ze voelt zich namelijk in het ooitje genomen. Zogenoemde ‘zuinige auto’s’ blijken tot wel vijftig procent minder zuinig te zijn dan fabrikanten beloven en dat verschil neemt toe. Nou weet iedereen met slechts een marginale interesse in automobiliteit dit al jaren, maar voor de PvdA-politica kwam het als een schok. Foei, autofabrikanten! Zo gaan we niet met elkaar om.

Dat die autofabrikanten zich gewoon aan Europese regels houden, wordt in de verontwaardiging gauw vergeten. Die regels zijn immers zo vaag dat het voor hen niet moeilijk is om de mazen in de wet op te zoeken. Een auto wordt op een rollenbank getest en daarbij mag de fabrikant bijvoorbeeld banden met lage rolweerstand monteren, opties en accessoires verwijderen, smeermiddelen met lage frictie gebruiken, de accu helemaal opladen en nog veel meer.

Misleiding van de consument? Misschien, maar vooral handig gebruikmaken van gebrekkige regelgeving. Dus ja, het is logisch dat Mansveld wil dat Europa met een nieuwe testmethode komt. En Nederland moet daarin een voortrekkersrol krijgen, aldus de staatssecretaris. In Nederland zijn zuinige auto’s namelijk niet aan te slepen. Niet omdat ze zo ontzettend milieuvriendelijk zijn, maar omdat ze geld opleveren.

Vooral de zogenaamde plug-in hybrides – elektrische auto’s met een brandstofmotor die via het stopcontact kunnen worden opgeladen – zijn in trek. Zo gaat maar liefst zeventig procent van de totale Volvo V60 Plug-in Hybrid-productie naar Nederland en heeft Mitsubishi een maximum moeten stellen aan het aantal Outlander PHEV-orders dat dit jaar verwerkt kan worden: 10.500 stuks. En dat terwijl het Japanse merk vorig jaar in Nederland slechts 3.580 auto’s verkocht.

Een plug-in hybride is echter zo groen als de gebruiker, en in de praktijk is dat een leaserijder met een brandstofpasje van de zaak die nauwelijks elektrisch rijdt. Waarom hij of zij dan toch voor zo’n auto kiest? Omdat een plug-in hybride zwaar gesubsidieerd wordt. Ons bent zuunig! En als wij voor een auto kunnen kiezen waarvoor we geen BPM en motorrijtuigenbelasting hoeven te betalen, dan doen we dat. Om over de 0% bijtellingsregeling nog maar te zwijgen.

En als je een eigen bedrijf hebt of ZZP’er bent – en wie is dat niet tegenwoordig – zijn zuinige auto’s zelfs nog veel aantrekkelijker. Dan mag je namelijk ook gebruikmaken van de milieu-investeringsaftrek, de willekeurige aftrek milieu-investeringen en de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek. Kassa! Een Toyota Prius Plug-in Hybrid van 39.645 euro kost dan opeens nog maar 8.735 euro.

Maar helaas, aan al het goede komt een eind. Het succes van de subsidieregelingen betekent immers de ondergang ervan. Schone auto’s kosten de staat honderden miljoenen, dus het zal niemand verbazen dat eigenaren vanaf 1 januari 2014 gewoon motorrijtuigenbelasting moeten betalen (alleen extreem zuinige auto’s blijven vrijgesteld) en dat het bijtellingpercentage van 0% naar (een nog steeds lage) 7% gaat. Besparing voor de overheid? Ongeveer 150 miljoen euro.

OOK IN HET NIEUWS DONDERDAG 12:30 Acteur James Gandolfini – Tony Soprano uit de hitserie The Sopranos – is overleden. Frankrijk vindt dat Google zijn privacybeleid moet wijzigen. En in mei zaten 659.000 Nederlanders zonder werk. Dat waren er 9.000 meer dan een maand eerder.  

KOFFIE, EEN PRAATJE EN EEN GEREPAREERD TOSTI-IJZER

Tekst: Sam Trompert / 20 jun. – 11:00

“Er zit een buffercompensator in, en die is verlopen.” De reparateurs van het Repair Café in Haarlemmermeer zijn niet zomaar gepensioneerde vrijwilligers, ze weten dondersgoed waar ze het over hebben. Tijdens de tweede editie van het reparatie-evenement is het een komen en gaan van kapotte apparatuur.

Het Repair Café is een vrolijk concept: op, bijvoorbeeld, de derde woensdag van de maand open je het buurthuis. Je zet een aantal handige vrijwilligers achter een tafel en je wacht tot er mensen langskomen die kapotte spullen ter reparatie komen aanbieden. Het initiatief is in 2009 gestart, en inmiddels zijn er honderden Repair Cafés in Nederland.

Rijen voor de deur

In Haarlemmermeer waren er bijna drie geweest. Toevallig waren zowel de lokale GroenLinks-afdeling, kerkgemeente De Ark en Natuur- en Milieucentrum bezig met het opzetten van een Repair Café. In plaats van de concurrentie aan te gaan, besloten de drie partijen gezamenlijk op te treden. Met succes en naar grote tevredenheid. “Het gaat fantastisch! Vandaag organiseren we het voor de tweede keer, en al voordat het café open zou gaan stonden er al mensen voor de deur te wachten”, zegt Els Berk, initiatiefnemer en fractievoorzitter van GroenLinks in de gemeenteraad van Haarlemmermeer.

“We gooien ontzettend veel spullen wel, die het nog prima doen”, vult Anneke Wegman van het Natuur- en Milieucentrum aan, “dat is ongelooflijk zonde. Het Repair Café draait om duurzaamheid, ervoor zorgen dat je spullen langer meekunnen.” Maar dat is niet alles. Het is immers niet alleen Repair, maar ook Café. Zo is Els Berk weer een aantal recepten rijker voor de broodbakmachine. Een vrouw die haar kapotte exemplaar kwam laten repareren had er net zo een als zij. “Uiteindelijk stonden we met vier vrouwen tips uit te wisselen.”

Sociale cohesie

Want ook daar draait het om bij het Repair Café. Wie van plan was even z’n koffiezetapparaat te droppen om het een paar uur later weer op te halen komt bedrogen uit. Bezoekers worden geacht te blijven, om mee te kijken met de reparateurs. Het is namelijk de bedoeling dat ze er ook iets van leren, zodat ze de volgende keer hun eigen tosti-ijzer weer in elkaar kunnen klussen.

Een verklaring voor het succes zoeken de initiatiefnemers in de tijdgeest. “Mensen komen terug van het individualisme”, denkt Berk, “men wil weer weten waar hun spullen vandaan komen.” Maar er zijn ook mensen die reparatie simpelweg niet kunnen betalen. Dat wordt duidelijk als Janny, de receptioniste, komt vragen waar de man met de kapotte rits gebleven is. “Die is weggegaan. Hij dacht dat wij ritsen op voorraad zouden hebben, want zelf kon ‘ie dat zich niet veroorloven”, antwoord Rien Wattel, tot voor kort dominee in De Ark.

Campingexemplaar

Want klanten moeten zoveel mogelijk hun eigen materiaal meebrengen, om oneerlijke concurrentie met de lokale middenstand te voorkomen. “Wij gaan de fietsenmaker niet het brood uit z’n mond eten”, zegt Rien Wattel, “maar bijvoorbeeld iemand die een buitenband heeft gekocht, maar het zelf niet voor mekaar krijgt om zo’n ding er op te zetten, kan bij ons terecht.” De dienstdoende fietsenmaker heeft het druk vandaag. Vorige maand hadden ze met z’n drieën weinig te doen, maar vandaag staan ze in de rij. En hij is in z’n eentje. Zal je altijd zien.

De vrijwilligers zijn divers. Er zijn een aantal gepensioneerden en er zitten wat WAO’ers tussen, maar Frans is bijvoorbeeld directeur van een grote onderneming, met 1200 man in dienst. “Ik ben normaal de hele dag bezig met geld verdienen, maar hier – een keer per maand – kan ik doen waar ik echt goed in ben, samen met anderen. Dat geeft veel voldoening”, aldus Frans. Hij probeert intussen met zijn “twee rechterhanden” weer leven te blazen in de telefoonoplader van een man op leeftijd. Het gaat om een campingexemplaar, dat opgewonden dient te worden als een soort knijpkat. “Een relatiegeschenk van een verzekeringsmaatschappij”, legt de eigenaar uit, maar dat doet niets af aan de waarde ervan. De pogingen van Frans zijn tevergeefs. De eerdergenoemde buffercompensator is dus verlopen. Reparatie bij een professioneel bedrijf zou waarschijnlijk meer kosten dan de totale waarde van het dingetje. Toch gaat de eigenaar goedgemutst naar huis. “Nou ja, we hebben het leuk gehad! Doei!”

OOK IN HET NIEUWS WOENSDAG 15:30 Het Tropenmuseum in Amsterdam is voorlopig gered. In Friesland zijn drie mannen omgekomen in een mestsilo. En de oppositie twijfelt over het verminderen van het aantal publieke omroepen.

DE TIJD IS RIJP

Tekst: Victoria Broens / 19 jun – 15:00

Nergens laten de gevolgen van de crisis en de vergrijzing zich zo duidelijk gelden als in de zorg. Dat in deze sector bezuinigd moet worden is onvermijdelijk. Dit kan slechts tot op zekere hoogte. Goede zorg voor veel mensen kost nu eenmaal veel geld. Invoer van de sociale dienstplicht zou een goede oplossing zijn, al is dat vooral door een gebrek aan alternatieven.    

Eerst rechten dan plichten

Ton de Kok, Kamerlid van het CDA in de jaren ‘80, stelt in een opiniestuk in de Volkskrant dat “de crisis nu veelomvattend genoeg is om het idee van de sociale dienstplicht  te reanimeren.” Dat dit in de afgelopen decennia al meermaals geprobeerd is erkent de Kok ook. Maar nu is de tijd rijp. De motie die hij in 1989 indiende en waarin hij vroeg om een onderzoek naar de haalbaarheid en wenselijkheid van de invoer van de sociale dienstplicht liep stuk op de vrouwen in de Tweede Kamer. Getorpedeerd, noemt de kennelijk nog steeds verongelijkte Kok het.  “De dames wilden eerst al hun rechten en voorlopig geen nieuwe plichten.” Maar, stelt de Kok met het ontstellende gemak van een oudere man, de emancipatie is nu voltooid.

Wat fijn om te horen.

Gebrek aan moed kan De Kok in elk geval niet verweten worden. In één opiniestuk beslecht hij het debat over de rol van de vrouw in de moderne samenleving en blaast hij vol enthousiasme het oude debat over de sociale dienstplicht  weer leven in. Volgens hem zou invoer ervan een zegen voor iedereen zijn. Bekende argumenten zijn de bijdrage aan sociale cohesie, de vorming van jongeren, en het feit dat de sociale dienstplicht  deels tegemoetkomt aan de behoefte aan helpende handen, bijvoorbeeld in de zorg.

Eerlijk gezegd

Het laatste argument is vandaag natuurlijk het interessantst. Als we besluiten de sociale dienstplicht in te voeren zal dat primair zijn om zorg menselijk en betaalbaar te houden. Natuurlijk zullen we roepen dat het mooi is om op deze manier de generatiekloof te dichten en dat onze jongeren door hun ervaringen zullen uitgroeien tot mooie en betrokken volwassen. Dat stelt de Kok ook. Maar uiteindelijk hebben we gewoon handen nodig die voeren, duwen, tillen.

Is dat erg om te zeggen? Is het ok om schoolverlaters in te zetten als goedkope arbeidskrachten en ze te vragen (eisen) een half jaar van hun leven te geven om te helpen een probleem op te lossen waar zij niet aan hebben bijgedragen?

Pech

Veel mensen hebben daar problemen mee. Niet voor niks is de sociale dienstplicht vooralsnog niet ingevoerd, ondanks het feit dat het debat regelmatig wordt aangezwengeld. Er zijn principiële en praktische bezwaren. Het is echter een feit dat principes in tijden van nood kunnen wijken. Daar maakt De Kok goed gebruik van.

We kunnen wel roepen dat het niet ok is jongeren op deze manier in te zetten als goedkope arbeidskrachten, maar dit soort argumenten klinken hol als we ouderen dagen lang noodgedwongen in pyjama’s laten wegkwijnen.  De staat moet bezuinigen op zorg, aan de burger wordt met klem gevraagd meer zorgtaken op zich te nemen en ondertussen werken wij, als het aan Jet  Bussemaker de Beauvoir ligt, straks allemaal vijf dagen per week.  En iemand moet voor de buurman zorgen.

Jongeren kunnen eten en aandacht geven, rolstuwen duwen, boodschappen doen en zo af en toe onze ouders uit hun pyjama’s hijsen. Of dat een zegen is voor iedereen, zoals De Kok zo stellig meent, weet ik niet, maar toch in elk geval voor de ouderen en de Staatskas.

OOK IN HET NIEUWS WOENSDAG 12:00 Er gaan minder gevangenissen dicht. Brazilië zet het leger in tegen demonstranten. En woningcorporatie Vestia wil 1,9 miljard euro schadevergoeding van oud-topman Eric Staal.

SAVE ON SPLIFFS

Tekst: Ties Joosten / 19 jun 11:45

Enkele weken geleden werd in Rotterdam-West een wietplantage opgerold. Agenten met witte latex handschoenen brachten warmtelampen en zwarte vuilniszakken met onduidelijke inhoud naar buiten, en na paar minuten verschenen ook de eerste groene planten in de deuropening. Van een afstandje keek een groepje jongens geamuseerd toe. Met zijn vieren rookten ze een joint. Voor wie dit tafereel nog niet ironisch genoeg is: het was nog tien voor half vijf ook.

Jawel, we gaan het over het Nederlandse cannabisbeleid hebben. Want als de overheid ergens al jarenlang bergen geld aan het verbranden is, dan is het wel in de bestrijding van de wietteelt. Volgens de Brede Heroverwegingen, een rapport uit 2009 waarin de overheid onderzoekt waarop zoal bezuinigd kan worden, geeft Nederland jaarlijks zo’n 160 miljoen euro uit aan de bestrijding van softdrugscriminaliteit. Van dat geld zou je de totale bezuiniging op de podiumkunsten ongedaan kunnen maken. Of je kan van het uitgespaarde cannabisgeld twee Jointjes Strike Fighters extra kopen én en passant de bezuiniging op de AIVD ongedaan maken. Alles voor de veiligheid, niet waar? Afijn, we verzinnen wel iets met die gratis euro’s.

In Amsterdam hebben we van de verkoop van wiet en hasj een toeristische attractie met anderhalf miljoen bezoekers per jaar gemaakt. En dan zijn er ook nog ongeveer 466.000 Nederlanders die zo nu en dan een jointje opsteken. Ondertussen doen we alsof al die cannabis afkomstig is van de drie lullige plantjes die je als Nederlander legaal in je tuin mag hebben staan. Wie houden we voor de mal? Op de Amsterdamse Warmoesstraat verkoopt een beetje coffeeshop de oogst van drie planten makkelijk in een middag. Het is zo klaar als een klontje dat coffeeshophouders zo nu en dan zaken moeten doen met mensen die de oogst van grotere hoeveelheden wietplanten aanbieden. Met criminelen dus. Daarom hoor je verhalen over opgerolde wietplantages met tot wel 18.000 in beslag genomen hennepplanten.

De politie is er ondertussen maar druk mee. In 2009 zei korpschef van de politie Midden- en West-Brabant Frans Heeres dat “veertig procent van ons opsporingsapparaat wordt ingezet tegen de hennepcriminaliteit.” Veertig procent! We hebben het hier nog steeds over de bestrijding van een product dat nog nooit ook maar één dodelijk slachtoffer heeft gemaakt (naar verluid moet je voor een dodelijke dosis cannabis binnen een kwartier 680 kilo wiet roken. Voor de niet-rokers: da’s veel). Ondertussen wist Heeres’ politiekorps in datzelfde jaar nog niet één op de vijf gewapende overvallen op te lossen, en nog niet één op de vier (kinder)pornozaken. Iets met prioritering.

Steeds meer bestuurders en wetenschappers, uit binnen- en buitenland en van diverse pluimage, zien dan ook niet langer heil in de war on softdrugs. Zo bepleitten onder andere hoogleraar strafrecht Theo de Roos en de oud-ministers Frits Bolkestein (VVD), Hedy d’Ancona (PvdA) en Els Borst (D66) in 2010 al een opheffing van een verbod op álle drugs, omdat dit veel geld oplevert. Topeconoom en Nobelprijswinnaar Milton Friedman spreekt zich om dezelfde reden al decennia uit voor legalisatie: “Een drugsverbod is niets meer dan staatssteun voor criminelen.” Niet toevallig zijn het dan ook juist overheden op zoek naar bezuinigingen en/of extra inkomsten (Portugal in 2001 en California (VS) in 2010 bijvoorbeeld), die (sommige) drugs legaliseerden of decriminaliseerden.

Ook in Nederland wordt de roep om legale wiet steeds luider. Uit een inventarisatie van Trouw bleek onlangs dat zeker veertien steden, waaronder Amsterdam, Rotterdam, Utrecht en Eindhoven, gemeentewiet willen gaan kweken. Naast de kostenbesparing die dit met zich meebrengt, gaf de Rotterdamse burgemeester Aboutaleb in een brief (pdf) aan zijn gemeenteraad nog een waslijst aan voordelen die de gelegaliseerde teelt van wiet met zich mee zou brengen: “het bestrijden van (georganiseerde) criminaliteit, het verminderen van (drugs-)overlast in woonwijken, het reguleren van de toevoer via de achterdeur, het verminderen van gevaarzetting, veiligheidsrisico’s en (stank)overlast in de woonwijken en het verminderen van de volksgezondheidrisico’s.” Nu maar hopen dat crime fighters Ivo en Fred het ook zo zien.

(In dit artikel ben ik uit gegaan van een besparing van 160 miljoen euro die de legalisering van de wietteelt kan opleveren. Dit is een conservatieve schatting. Het zijn namelijk alleen de kosten die jaarlijks gemaakt worden voor de bestrijding van softdrugscriminaliteit. De overheid zou bijvoorbeeld ook belasting en accijns op wiet en hasj kunnen heffen. Volgens de Brede Heroverwegingen zou dat nog eens 260 miljoen kunnen opleveren. Volgens econoom Martijn Boermans zou een legalisering van de wietteelt de Staat jaarlijks zelfs 850 miljoen euro kunnen opleveren. En professor Rigter van de Erasmus Universiteit concludeerde in 2003 dat de kosten van de handhaving van het verbod op álle drugs jaarlijks oplopen tot 1,6 miljard euro.)

OOK IN HET NIEUWS DINSDAG 15:30 Alcohol drinken mag straks pas vanaf 18 jaar. Het aantal onterechte trajectcontroleboetes valt binnen de marge. En neurochirurg Kees Tulleken mag zijn titel houden, ondanks dat hij zijn mond voorbijpraatte na het skiongeluk van prins Friso.

GEMEENTEN VERSPILLEN VASTGOEDMILJOENEN

Tekst: Remco Slump / 18 jun. – 15:00

Nederlandse gemeenten kunnen ieder jaar 300 tot 400 miljoen euro overhouden als ze wat minder inefficiënt en amateuristisch met hun vastgoed zouden omgaan. Dat blijkt uit een onderzoeksrapport van de TU Delft.

Zo verhuren gemeenten hun commerciële vastgoed (woningen, kantoren, winkels en bedrijfsruimte) bijvoorbeeld niet tegen marktprijzen. Professor Hans de Jonge van de TU Delft zei in Nieuwsuur dat “corporaties met vergelijkbare portefeuilles circa 30 procent hogere inkomsten halen” en dat commerciële beleggers “zelfs tot 90 procent hogere inkomsten” bereiken. Besparingsmogelijkheid voor de gemeenten? Ongeveer 100 miljoen euro per jaar.

Exploitatiekosten
Nog eens 70 miljoen euro per jaar is te bezuinigen als het gemeentelijk vastgoed wat doelmatiger zou worden benut dan nu het geval is. Scholen staan bijvoorbeeld hele dagdelen leeg en buurthuizen worden vaak maar beperkt gebruikt.

Ook gaan gemeenten niet efficiënt om met de exploitatiekosten, zoals onderhoud, gas, water en licht. Uit het rapport van de TU Delft blijkt namelijk dat commerciële vastgoedbeleggers 20 procent goedkoper uit zijn. Gemeenten zouden daardoor op de exploitatiekosten zo’n 180 miljoen euro per jaar kunnen besparen.

Vastgoed
Vreemd is overigens dat gemeenten vaak niet eens weten wat ze aan vastgoed bezitten. In Nieuwsuur vertelde het Amsterdamse VVD-raadslid Daniël van der Ree dat hij een paar jaar geleden had gevraagd hoeveel gebouwen de gemeente bezat. Amsterdam schatte het aantal toen op 1.000, maar nader onderzoek toonde aan dat het er maar liefst 2.300 waren.

In totaal bezitten de Nederlandse gemeenten meer dan 10.000 gebouwen. De waarde ervan wordt geschat tussen 23 miljard euro (boekwaarde) en 35 miljard euro (WOZ-waarde).

OOK IN HET NIEUWS DINSDAG 12:00 Ons belastingstelsel moet simpeler. (Lees hier DNP's Pierre Spaninks over die kwestie). Zorginstellingen gaan onzorgvuldig om met medische gegevens. En de Rotterdamse politie heeft een leerling van de Ibn Ghaldounschool opgepakt wegens mishandeling van twee cameramannen.

HET HANDELSVERDRAG DAT ALLE ANDERE HANDELSVERDRAGEN OVERBODIG MAAKT

Tekst: Sam Trompert / 18 jun. – 11.00

De Europese Unie en de Verenigde Staten gaan een nieuw, vergaand handelsverdrag sluiten. De beide economische grootmachten zijn momenteel bijeen in Noord-Ierland voor de G8. Het verdrag gaat om het harmoniseren van technische en juridische standaarden, waardoor handelsbarrières zullen verdwijnen.

De Amerikaanse president Barack Obama noemt het verdrag een van de hoogte prioriteiten van zijn regering. In juli zullen de eerste onderhandelingen in zijn land plaatsvinden.

Naar verwachting zullen de financiële sector en de farmaceutische industrie voor de grootste struikelblokken zorgen. Niettemin verwacht de Europese Commissie een verdrag dat jaarlijks zo’n honderd miljard euro op moet leveren en twee miljoen banen zal scheppen.

Beide partijen hopen snel overeenstemming te bereiken. Volgend jaar september wisselt de Europese Commissie, na de verkiezingen voor een nieuw Europees Parlement. In november 2014 zijn er weer verkiezingen voor het Amerikaans congres. Met een beetje mazzel is de deal tegen die tijd achter de rug.

OOK IN HET NIEUWS MAANDAG 16:00 De nieuwe president van Iran wil de relatie met het Westen verbeteren. Turkije dreigt het leger in te zetten tegen demonstranten. En de rechtbank in Lelystad heeft celstraffen tot zes jaar uitgedeeld voor de dood van grensrechter Richard Nieuwenhuizen.

DE SUPERPROVINCIE VAN PLASTERK

Tekst: Remco Slump / 17 jun. – 15:00

U woont in Noord-Holland, Utrecht of Flevoland? Geniet er nog maar even van (of niet), want per 1 januari 2016 staat uw huis misschien in Noordvleugel, de gedroomde fusieprovincie van minister Ronald Plasterk (PvdA) van Binnenlandse Zaken.

Wat die samenvoeging wel niet kost? Nou, daar is ‘ome Roon’ vrij duidelijk over: maximaal 115 miljoen euro. Die incidentele kosten zijn echter binnen vier jaar terugverdiend, want de superprovincie zorgt voor structurele besparingen die kunnen oplopen tot 70 miljoen euro per jaar.

De naam Noordvleugel is overigens een voorzetje van minister Plasterk. Want als het ontwerpvoorstel realiteit wordt, mogen Noord-Holland, Utrecht en Flevoland zelf de definitieve naam bedenken en ook de provinciehoofdstad aanwijzen.

Het wetsontwerp ligt vanaf vandaag bij de drie provinciehuizen, de gemeentehuizen in de provincies en het ministerie van Binnenlandse Zaken. Dus mocht u faliekant tegen zijn of juist hartstochtelijk voor, dan kunt u tot en met 16 oktober ‘uw zienswijze indienen’, zoals de overheid dat zo mooi noemt.

OOK IN HET NIEUWS MAANDAG 12.00
Vijf leerlingen hebben bekend fraude te hebben gepleegd tijdens hun eindexamen. De nieuwe fusieprovincie ‘Noordvleugel’ (jawel) gaat een besparing van 70 miljoen opleveren. Daar komen we in dit blog op terug. En in Brazilië gaan de mensen de straat op om te protesteren tegen de regering.  

ALFA’S ZIJN DE KLOS

Tekst: Redactie / 17 jun. – 11:30

Goed verdienen? Word tandarts. Elsevier en SEO onderzochten deze week welke studies het meeste perspectief op de arbeidsmarkt bieden. Onder andere hoe lang het duurt voor een afgestudeerde een baan heeft gevonden, het salaris en de kans op een vast contract werden onderzocht. Alfa’s komen er bekaaid vanaf.

De succesnummers zijn volgens het onderzoek Informatica (HBO) en technische HBO-studies. Afgestudeerden vinden relatief eenvoudig een baan op hun afstudeerniveau en krijgen een goed salaris. Bij de academici zien we een soortelijke trend: Informatiekunde, Econometrie en de technische studies bieden het meeste uitzicht op een vast inkomen.

Voor HBO-afgestudeerden in de richting van muziek en dans, toneel en social work is het een tranendal. Niet alleen vinden zij moeilijk werk, ze verdienen ook nog eens vrij weinig. Musici en dansers kunnen rekenen op zo’n 1.300 euro per maand. Ter vergelijking: de tandarts pakt bijna 5.500 euro per maand.

Voor wie pas geslaagd is voor het VWO: geschiedenis, de talen en kunst- en cultuuropleidingen doen het slecht op de arbeidsmarkt. Dat je ’t weet. De onderzoekers onderzochten overigens ook andere succesfactoren bij de banenjacht. Het ligt dus niet alleen aan de studiekeuze als je als afgestudeerde werkloos wordt. Snel afstuderen en hoge cijfers doen het bijvoorbeeld goed, net als bestuurservaring of een tijdje in het buitenland studeren. Ook kinderen van hoogopgeleide ouders doen het beter op de arbeidsmarkt, dan het kroost van de wat lagergeschoolden.

Mijn gekozen waardering € -

Geef een antwoord