Goats Head Soup is al vijftig jaar een heerlijk rafelige klassieker van The Rolling Stones

Je kunt er van alles van vinden, maar ook in 2023 zal er ongetwijfeld vaak over de schouder worden gekeken. Meestal wordt de blik dan gericht op vijftig jaar geleden, want vijftig is een mooi rond getal dat overzichtelijk is en acuut een gevoel van jubileum afdwingt. Dat dekselse verleden blijkt telkens weer zelfbewuster en sterker dan het onzekere heden. Als er één rockband is waarvan het verleden inmiddels tot immense proporties is uitgegroeid dan zijn het wel The Rolling Stones.

Ze moesten eerst even bijkomen van de reeks concerten in Amerika die onder intimi ook wel de Cocaine And Tequila Sunrise Tour werd genoemd. Een cameraploeg maakte er zelfs een geruchtmakende documentaire over (Cocksucker Blues).

Maar Mick Jagger en Keith Richards hadden enkele maanden na de tournee toch weer voldoende inspiratie om een aantal nieuwe nummers te schrijven. Nu nog die studio zien te vinden, want in veel landen waren de Stones in 1972 niet welkom. De bandleden werden achtervolgd door Britse belastingperikelen; tegen Richards liep een onderzoek wegens vermeend drugsbezit. Zo werd Goats Head Soup alwéér een plaat van The Rolling Stones met een verhaal.

Een album dat bij de meeste fans altijd op meer waardering heeft kunnen rekenen dan bij de media.
En dat album werd vooral een enorm verkoopsucces dankzij de hit Angie. Toch raakte in de loop der jaren de artistieke kwaliteit van de plaat nogal in de verdrukking. Reden? Voorganger Exile On Main St. groeide uit tot een heuse jaren zeventigklassieker én hoogtepunt in het Stonesoeuvre. Het leek wel of de schaduw die Exile over de opvolger wierp in de loop der jaren steeds groter werd. Maar goed, die studio werd gevonden. In Kingston, Jamaica nota bene, waar de meeste nummers werden vastgelegd. Van reggae is trouwens niets terug te horen op Goats Head Soup.

Wel bevat de plaat met voor Stonesbegrippen songs die zich enigszins naar binnen keren. Alsof de band na de almaar stijgende roem, het gedoe met de pers, de ontelbare feestjes, “the best rock ’n roll band in the world”, zichzelf wilde downplayen. Mick Jagger voorop. Op de hoes staat hij afgebeeld in wat veel weg heeft van een in vacuüm getrokken plastic zak. In de eerste song wordt meteen een afspraakje gemaakt op een kerkhof. Verderop begint Doo Doo Doo Doo Doo (Heartbreaker) over de dood van een kind door politiegeweld. Dat ging destijds om een tienjarige Afro-Amerikaanse jongen. Ja ook toen al.

Reflectief is de bijdrage van Keith Richards in Coming Down Again met Mick Taylor op bas. In de prachtige ballad Winter wordt vurig verlangd naar een vrouw en een lange warme zomer in Californië. Silver Train gaat over een one night stand met een prostituee. En zo duiken er in de teksten nog wel meer seksueel getinte situaties op in combinatie met relatieleed.

Wie er nu vijftig jaar later naar terug luistert, makkelijker losgezongen van Exile, ontdekt dat de lp onmiskenbaar in het rijtje Stonesklassiekers thuishoort. De composities zijn onderling zo sterk dat de vertrouwde countrybluesinvloeden niet eens nodig blijken. Immers, in 1973 waren The Rolling Stones nog in grootse vorm met dat typische geluid van ze, herkenbaar en alom geliefd: de riffregens van Keith Richards, de om rockclichés heen swingende Charlie Watts, de beslissende slide van gitarist Mick Taylor.

[paytium name="Eenmalige donatie" description="Donatie Harry Prenger - "] [paytium_dropdown label="Ik waardeer met" options="1,50/3/5/10/25/100/250" options_are_amounts="true" /] [paytium_total label="Mijn gekozen waardering" /] [/paytium]

Muziek. Film. Boeken. Ooit Opscene, Heaven, Platenblad. Reporters Online. Boek POSTPUNK HEDEN EN VERLEDEN (uitgeverij Koninklijke Van Gorcum, longlist nominatie Pop Media Prijs 2021)