Het verhaal over de opsporingsblunders en de gevolgen in de zaak van seriemoordenaar Ömer Aksit is zó verbijsterend, dat het als filmscript ongeloofwaardig zou worden gevonden. Maar de werkelijkheid is – zo heb ik na dertig jaar misdaadjournalistiek onderhand wel ervaren – meestal schokkender dan fictie.

STEUN RO

Ömer Aksit maakte in Nederland en in zijn vaderland diverse slachtoffers. Die moordpartijen hadden volgens oud-rechercheurs van het Groningse coldcaseteam op verschillende momenten voorkomen kunnen worden als politie, OM en NFI hun werk hadden gedaan.

Een gezellige Sinterklaasviering had het moeten worden, donderdag de vijfde december 1991. Maar de ouders van Lisa zitten die avond uren vergeefs op hun dochter en haar man Leendert te wachten.

Het is niets voor de twee jongeren om zomaar verstek te laten gaan. Lisa en Leendert nemen bovendien hun telefoon niet op. Ook dat is vreemd, vindt het verontruste ouderpaar in Groningen.

Als Leenderts werkgever de volgende ochtend opbelt om te melden dat hun schoonzoon zonder bericht is weggebleven, is de maat vol voor Lisa’s ouders. Ze nemen onmiddellijk contact op met de politie.

Even na tien uur die morgen zet een surveillancewagen van de Groninger politie koers naar de Planetenlaan in de wijk Paddepoel. Aan de buitenkant van het huis van Leendert (29) en Lisa van der Lei (23) zien de toegesnelde agenten niets bijzonders. De voordeur zit keurig dicht en vertoont geen braaksporen.

Zwanger

Van Leendert en Lisa, leden van de Pinkstergemeente en sinds een jaar getrouwd, is bekend dat ze een kalm en teruggetrokken bestaan leiden. Lisa is nu een half jaar zwanger. Leendert heeft een baantje bij de sociale werkplaats.

De twee politiemannen bellen herhaaldelijk bij het stelletje aan. Maar in huis blijft het stil. Veel te stil. De agenten vertrouwen het niet en breken de voordeur open.

In de slaapkamer stuiten de politiemannen op een afschuwwekkend tafereel. Leendert en Lisa liggen dood in bed, naast elkaar en op hun buik. Op hun enkels en polsen en in hun hals zijn striemen zichtbaar. Ook hun voetzolen vertonen verwondingen.

Slotsom

Een technisch rechercheur komt even later tot de slotsom dat het om een moord en zelfmoord moet gaan. Lisa is volgens hem omgebracht door Leendert die daarna zichzelf heeft gedood.

Een merkwaardige conclusie, gezien de verwondingen bij de twee. Jaren later geeft de technisch rechercheur toe de situatie aan de Planetenlaan compleet verkeerd te hebben beoordeeld. Hij was, zegt hij dan, in 1991 erg overspannen.

Maar door zijn verkeerde inschatting blijft tactisch en technisch onderzoek op het plaats delict uit. Pas een dag later, na een forensische sectie op de stoffelijk overschotten, komt aan het licht dat het wel degelijk om een dubbele moord gaat. Het kwaad is dan al geschied. Sommige sporen zijn vernietigd omdat de zaak niet direct als misdrijf is behandeld.

Momenten

De laatste momenten die Leendert en Lisa hebben doorgemaakt, zijn weerzinwekkend.

Tijdens de autopsie stelt een forensisch patholoog vast dat de slachtoffers met touwen rond hun enkels en handen vastgebonden zijn geweest. Beiden zijn gewurgd, waarbij de moordenaar gezien de letsels bij Leendert niet alleen zijn handen maar ook touw heeft gebruikt.

De kenmerkende verwondingen op de voeten laten zien dat de twee ook op hun voetzolen zijn geslagen. Die martelingen doen het rechercheteam denken aan een dader van allochtone komaf.

Beul

Het wordt al snel duidelijk waarom hun beul de twee jongeren eerst heeft gepijnigd. In de woonkamer van het echtpaar Van der Lei vinden rechercheurs een bankenvelop waaruit een nieuwe betaalkaart is verdwenen. De dader wilde ongetwijfeld de pincode weten, hij moet de pinpas vervolgens met zich hebben meegenomen.

Het onderzoeksteam stelt kort na de dood van Leendert en Lisa vast dat 1500 gulden van hun rekening is gepind in briefjes van honderd en vijfentwintig gulden.

Aan de hand van buurtonderzoek, gesprekken met de nabestaanden en tips op grond van een compositietekening van de dader, wordt enkele weken later een spoor naar een verdachte getraceerd. Op 14 januari 1992 slaat de politie de 31-jarige Turk Ömer Aksit in de boeien. Ömer is een bekende van het vermoorde echtpaar. Hij had ruim vier jaar een relatie met Leenderts zus.

Rekening

Op de dag na de dubbele moord blijkt op Ömers rekening 1200 gulden in briefjes van vijfentwintig en honderd gulden te zijn bijgeschreven. Bovendien wordt de Turk herkend door een vrouw die direct nadat met het gestolen pasje van Leendert en Lisa is gepind bij dezelfde betaalautomaat geld heeft gehaald. Ze weet de pinner tijdens een zogeheten Oslo-confrontatie direct uit een rijtje mannen te pikken en wijst zonder te aarzelen op Ömer Aksit.

De vrouw heeft een verklaring voor het feit dat ze zo zeker is. Altijd als de Groningse ergens staat te wachten, kiest ze voor de grap één persoon in de wachtrij uit die ze nauwlettend observeert. Laat dat nu net Ömer zijn geweest.

De Turk zelf ontkent hardnekkig iets met de moordpartij in de Planetenlaan te maken te hebben. Hij blijft dat volhouden. Ondertussen reizen enkele rechercheurs af naar Duitsland en Turkije om familieleden en bekenden van hem te horen.

Ziek

Er blijkt ook in het verleden van Ömer nogal wat aan de hand te zijn geweest. Toen hij nog in eigen land woonde, is een ziek kind van hem onder verdachte omstandigheden overleden. Dat gebeurde toen Ömer zijn kindje naar het ziekenhuis bracht. De plaatselijke politie had grote vraagtekens bij het sterfgeval gezet, maar tot een onderzoek naar de dubieuze kinderdood was het in Turkije helaas niet gekomen.

En daar blijft het niet bij. Meerdere getuigen in Nederland verklaren dat Ömer minderjarigen in zijn omgeving seksueel heeft misbruikt.

Leenderts zus doet bij de politie eveneens een bijzonder alarmerend verhaal. Toen zij nog met Ömer samenwoonde in de omgeving van het Van Brakelplein in Groningen, was er eind jaren tachtig diverse malen vergeefs bij de politie gemeld dat hij haar zoontje en dochtertje mishandelde.

Raadselachtige

De politie had er niets mee gedaan, waardoor die vreselijke praktijken doorgingen. Op maandag 17 september 1990 was dat volgens Leenderts zus ontaard in een drama. Haar vijfjarige zoon Toearan Reindert was totaal onverwacht en onder raadselachtige omstandigheden overleden.

Leenderts zus had het vreemd gevonden dat er een kussen bij haar dode kindje in bed lag terwijl dat er de avond ervoor beslist niet was geweest. Dat ze het zelf bij Toearan Reindert in bed had gestopt, sloot de Groningse uit. Haar zoontje leed aan epilepsie, de huisarts had haar gewaarschuwd beslist geen losse voorwerpen bij de kleuter in bed te deponeren.

Bovendien had haar dochtertje de avond voor Toearan Reinderts dood opmerkelijke dingen waargenomen. Ömer was toen in haar slaapkamertje geweest.

Hij had er een kussen weggenomen.

Misdrijf

De huisarts van het gezin had het in die tijd allemaal niet vertrouwd en een schouwarts ingeschakeld. Maar deze medicus had een misdrijf destijds net als de politie weggewuifd. Alweer een misser van jewelste.

Het onderzoeksteam heeft in 1992 andere ideeën bij de dood van het jongetje. Het rechercheteam wil deze vermoedelijke kindermoord bij het onderzoek naar de moorden op Leendert en Lisa gaan betrekken.

‘Maar officier van justitie Henk van Voorst besliste anders’, schreef oud-politiepsycholoog Harrie Timmerman in 2017 in zijn boek ‘(Nog steeds) tegendraads’. Tot woede en frustratie van het onderzoeksteam was er volgens Van Voorst te weinig bewijs om strafrechtelijke vervolging door te zetten.

Razend

Razend is Leenderts stiefvader Jacob van der Laan als de rechtbank Ömer in maart 1992 weer vrijlaat. In een artikel in het Nieuwsblad van het Noorden kondigt de Groninger aan bij het gerechtshof in bezwaar te gaan.

‘De recherche heeft me verteld ervan overtuigd te zijn dat hij de dader is’, zegt Van der Laan in die tijd in de krant. ‘Ik wil gerechtigheid. Ik wil mijn vrouw gerust stellen en ik wil dat de moordenaar van mijn stiefzoon en zijn vrouw wordt gepakt. Leendert was mijn oogappel. Ik heb hem als mijn eigen zoon beschouwd. Hij en zijn vrouw waren voor mij net als mijn eigen kinderen.’

De Groninger verwijst naar het vele bewijs dat de recherche tegen Ömer heeft vergaard. Bij de Turk thuis is bovendien nog een wollen handschoen aangetroffen met haren van Leendert, weet hij.

Blauwe plekken

Het onderzoeksteam heeft Jacob van der Laan naar zijn zeggen ook verteld dat in de hals van Leendert en Lisa precies zulke blauwe plekken zijn aangetroffen als bij het jongetje Toearan Reindert. ‘Volgens de recherche zijn de plekken ontstaan bij een speciale, Turkse manier van moorden’, aldus de stiefvader van Leendert in het regionale dagblad.

De pogingen om via het hof strafrechtelijke vervolging tegen Ömer af te dwingen, stranden hopeloos. Zo snel als hij kan reist de Turk via een korte tussenstop in Duitsland terug naar zijn vaderland.

In december 1992 meldt Ömers zus vanuit Duitsland bij de Groningse politie dat zij door haar broer is opgelicht. Hij heeft volgens haar bovendien bekend dat hij meerdere mensen onder wie ‘een echtpaar in Groningen’ om het leven heeft gebracht. Zelfs die verklaringen brengen het OM bizar genoeg niet op andere gedachten. Ömer Aksit is volledig uit beeld.

Coldcaseteam

Dat verandert als hij in 2003 in het vizier komt bij Harrie Timmerman en oud-rechercheur Dick Gosewehr. Beiden zijn op dat moment werkzaam bij het coldcaseteam in Groningen en houden onder meer de onopgeloste moord op Leendert en Lisa opnieuw tegen het licht.

Er blijken nog mogelijkheden te zijn voor nieuw onderzoek in dit dossier. Stukken touw waarmee het echtpaar was vastgebonden en gewurgd zijn nog niet onderzocht.

In 1991 konden daar niet of nauwelijks sporen vanaf gehaald worden omdat dna-onderzoek toen nog in de kinderschoenen stond. Maar in 2003 is dat anders. Het Groningse coldcaseteam stuurt de touwen daarom op 23 juni dat jaar voor sporenonderzoek naar het Nederlands Forensisch Instituut (NFI).

Hoogleraar

In de tussentijd legt het coldcaseteam in 2003 ook de verdachte dood van de kleuter Toearan Reindert uit 1990 voor aan het NFI. Bij die review wordt een hoogleraar kindergeneeskunde van het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam ingeschakeld.

Die specialist komt na bestudering van de stukken tot de conclusie dat er geen enkele reden is om te aan te nemen dat Toearan Reindert aan een epileptische aanval is bezweken. Gezien de eerdere verklaringen moet het jongetje destijds zijn gesmoord met een kussen.

Weer wijzen alle pijlen op Ömer. De avond voor Toearan Reindert stierf hadden hij en Leenderts zus hoogoplopende ruzie gehad. “We vermoedden dat Ömer het kind vervolgens heeft omgebracht uit jaloezie. Hij vond dat het jongetje teveel aandacht kreeg van zijn moeder”, kijkt Dick Gosewehr op het onderzoek terug.

Resultaten

In oktober 2003 komt er bericht van het NFI. Dna-deskundige Richard Eikelenboom, in die tijd werkzaam als onderzoeker bij het NFI, meldt dan bij het coldcaseteam dat hij belangrijke resultaten heeft geboekt.

Op de touwen heeft Richard mengprofielen veiliggesteld waarin zowel dna van Lisa van der Lei als van Ömer Aksit zit.

Dat is bewijs, want de touwen zijn in de kelder van Ömers huis aangetroffen, terwijl Leendert en Lisa nooit bij hem op bezoek zijn geweest. Ömer moet dus bij de moordpartij op de echtelieden en hun ongeboren kind betrokken zijn. In een tweede spoor vindt Richard dna van Leendert van der Lei, maar dat spoor blijkt minder goed dan het eerste.

Dringende

Richard heeft wel een dringende waarschuwing voor het Groningse coldcaseteam in petto. Harrie Timmerman: “Hij zei te verwachten dat NFI-rapporteur Ate Kloosterman de sporen niet zou goedkeuren en er daarom geen melding van zou maken in zijn rapport. Dus ook al had Eikelenboom dna-profielen getraceerd, in het eindrapport zouden we daar mogelijk niets over lezen.”

Om die reden adviseert Richard om het materiaal naar het forensische lab FLDO in Leiden over te maken voor een second opinion. “Begin december 2003 kregen we een telefoontje van forensisch officier van justitie Emmy van der Bijl”, vervolgt Harrie. “Zij vertelde dat het er goed uitzag in het NFI-onderzoek maar dat het materiaal voor alle zekerheid zou worden doorgestuurd naar het FLDO. Dit omdat men daar meer kon dan bij het NFI.”

Jaar

Maar liefst een jaar moet op de bevindingen worden gewacht. Op 26 juni 2004 ontvangt het coldcaseteam twee rapportages.

Het FLDO meldt precies wat toenmalig NFI-deskundige Richard Eikelenboom in 2003 al berichtte: mengprofielen met Lisa’s en Ömers dna. Het Leidse lab heeft daarnaast nog een aan het Y-chromosoom gebonden dna-profiel op het touw aangetroffen dat van Leendert kan zijn.

Het coldcaseteam laat op grond van de FLDO-bevindingen een eigen berekening op de profielen los: de kans dat het dna van Ömer en van Lisa is, bedraagt liefst 98 procent.

Tegenvaller

De grote tegenvaller zit ‘m echter in het rapport van het NFI. Tot afgrijzen van Dick Gosewehr, Harrie Timmerman en de andere leden van het Groningse coldcaseteam staat er in het door Ate Kloosterman opgemaakte NFI-rapport dat het dna-onderzoek géén resultaat heeft opgeleverd.

Precies wat Richard Eikelenboom al had voorspeld.

Het team nodigt de toenmalige NFI-onderzoeker daarom een maand later uit om een toelichting te komen geven. “In juli 2004 gaf Richard bij ons de lezing die hij toen al jaren gaf aan allerlei vertegenwoordigers van de politie, het OM en de rechterlijke macht”, licht Harrie toe.

Lastige

De belangrijkste boodschap volgens Harrie en Dick: “Kloosterman rapporteert liever geen complexe DNA-mengprofielen omdat hij hierover lastige vragen kan krijgen bij de rechter. Onder het mom van wetenschappelijke normen worden deze dna-profielen vervolgens door hem afgekeurd.”

Datzelfde was volgens Richard Eikelenboom onder meer en met medeweten van het Openbaar Ministerie gebeurd in de Schiedammer parkmoord. Kloosterman heeft volgens hem ook in die zaak mengprofielen afgekeurd. Maar in dit dossier ging het juist om ontlastend materiaal voor de verdachte: Cees Borsboom die op dat moment van de kindermoord in Schiedam werd beticht. Het gesjoemel had voor Borsboom tot gevolg dat hij onschuldig in het gevang verdween.

Ontluisterende

Het Groningse coldcaseteam probeert na de ontluisterende lezing van Richard Eikelenboom in 2004 in de zaak van Ömer Aksit om de leiding op andere gedachten te brengen. Ook worden gesprekken met NFI-rapporteur Ate Kloosterman aangegaan. Hij weigert volgens Harrie Timmerman uit te leggen wat er niet wetenschappelijk is aan de dna-profielen in de zaak-Aksit.

Seriemoordenaar Ömer Aksit werd uiteindelijk dood aangetroffen op het dak van zijn huis in Izmir.

Het FLDO blijft tijdens een telefoongesprek met Harrie achter zijn onderzoeksresultaten staan. ‘We zijn het bepaald niet eens met Ate Kloosterman’, krijgt de toenmalige politiepsycholoog naar eigen zeggen van het Leidse lab te horen.

Nadat Harrie en Dick meermalen vergeefs bij de leiding aanklopten, besluiten zij de bizarre praktijken door NFI en OM met het toenmalige actualiteitenprogramma Netwerk te gaan bespreken. Over de zaak van Ömer Aksit komen zij niet naar buiten, omdat dit onderzoek op dat moment nog loopt.

Onder vuur

Hun leidinggevenden zijn steeds van die stappen door Harrie en Dick op de hoogte. Maar als de omvang van het dna-schandaal en de rol daarin van het NFI écht aan het licht dreigen te komen, rekent de politietop alsnog af met de twee klokkenluiders. Harrie en Dick komen in januari 2005 zwaar onder vuur te liggen.

In de tussentijd is de Schiedammer parkmoord al ‘geklapt’. Het is duidelijk geworden dat Cees Borsboom niets met de zaak te maken heeft. De echte dader heeft zich namelijk aangediend: Wik H. die in augustus 2004 in een andere zaak is opgepakt en spontaan heeft bekend ook de Schiedammer parkmoord te hebben gepleegd. U raadt het al: de niet gerapporteerde dna-profielen passen naadloos bij Wik H.

Ongevraagd

En wat zijn dan de gevolgen in de zaak van Ömer Aksit? Nadat Harrie Timmerman en Dick Gosewehr door de politie op een zijspoor zijn gezet, stuurt het NFI in maart 2005 ongevraagd een nieuw rapport.

Daarin staat volgens Harrie Timmerman dat rapporteur Kloosterman nog eens naar het materiaal heeft gekeken. En ditmaal komt hij – ‘wonderbaarlijk’ genoeg – tot de conclusie dat er wél sprake is van een mengprofiel met dna van slachtoffer Lisa van der Lei en dader Ömer Aksit. “Er was géén nieuw onderzoek gedaan, Kloosterman had alleen opnieuw gekeken. We waren alweer verbijsterd toen we dit hoorden”, herinnert Harrie zich.

Het is wel duidelijk hoe er gerotzooid is in diverse moorddossiers. Als de zaak-Ömer Aksit alsnog moet worden rechtgezet is het te laat. Met het nieuwe dna-bewijs kan de Turk strafrechtelijk worden vervolgd. Maar door al het gesteggel en de enorme vertraging bij het NFI is er zoveel tijd verloren gegaan, dat Ömer volgens Dick en Harrie ergens gaande de rit moet hebben opgevangen dat het onderzoek tegen hem was heropend.

Rampzalige

Met rampzalige gevolgen. Vanuit Turkije komt het bericht dat Ömer Aksit en zijn toen twaalfjarige dochter Elif op 26 augustus 2004 dood op het dak van hun woning in Izmir zijn gevonden. De twee lichamen hebben er volgens de Turkse autoriteiten zes maanden gelegen. Ömer heeft rond februari dat jaar de hand aan zichzelf geslagen. Maar niet zonder eerst zijn derde minderjarige moordslachtoffer te maken door ook zijn kind Elif van het leven te beroven.

Zijn het Openbaar Ministerie en NFI medeverantwoordelijk voor enkele van Ömers moorden?

Samenvattend

Samenvattend durf ik wel te stellen dat deze seriemoordenaar op meerdere momenten van de straat gehaald had kunnen worden.

-Wanneer de meldingen over de aanhoudende mishandelingen van de kinderen van Leenderts zus in de jaren tachtig serieus waren genomen, was Ömer strafrechtelijk vervolgd en had het jongetje Toearan Reindert hoogstwaarschijnlijk nog geleefd.

-Wanneer de moord op Toearan Reindert in 1990 serieus was onderzocht, had dat met alle getuigenverklaringen zonder meer voldoende bewijs opgeleverd om Ömer te vervolgen. Dan waren Leendert, Lisa van der Lei en hun ongeboren kindje niet vermoord.

-Wanneer de moord op Toearan Reindert was meegenomen in het moordonderzoek in de zaak-Leendert en Lisa van der Lei in 1991, had dat extra bewijs opgeleverd en was Ömer voor drie moorden strafrechtelijk vervolgd.

En daar blijft het niet bij.

-Wanneer toenmalig NFI-rapporteur Ate Kloosterman in oktober 2003 de door Richard Eikelenboom aangetroffen dna-mengprofielen wél had goedgekeurd, was een tijdrovende contraexpertise door het FLDO in Leiden niet nodig geweest. De Nederlandse justitie had dan in Turkije om onmiddellijke aanhouding en uitlevering van Ömer Aksit kunnen vragen of de strafzaak aan de Turken kunnen overdragen.

“Dan had Ömers dochtertje Elif nog geleefd”, concluderen Dick Gosewehr en Harrie Timmerman.

Veranderd

Richard Eikelenboom is na het schandaal in de Schiedammer parkmoord bij het NFI vertrokken en vervolgens zijn forensische onderzoeksbureau IFS begonnen.

Richard zegt er zeker van te zijn “dat zijn toenmalige leidinggevende het rapport in de zaak-Aksit later in opdracht van de NFI-directie of in overleg met de top van het OM heeft veranderd. Kloosterman, die moeilijke situaties altijd probeerde te vermijden, was zeer beïnvloedbaar door autoriteiten. Het is triest dat de hele gang van zaken tot de moord op een kind heeft geleid.”

Dit alles is vanzelfsprekend niet terug te vinden in het persbericht dat het OM op 6 december 2005 over deze schokkende zaak uitbracht.

Justitie houdt Ömer Aksit daarin verantwoordelijk voor de moorden op Toearan Reindert en op Leendert en zijn zwangere vrouw Lisa. Het OM meldt in datzelfde bericht echter glashard dat de voor Ömer belastende dna-mengprofielen pas in maart 2005 zijn binnengekomen. De waarheid verdraaien, weten we inmiddels, is het Openbaar Ministerie al heel lang niet vreemd…

Criticasters

In mijn boek ‘Moordsporen, op zoek naar de waarheid achter cold cases’ beschrijf ik wat de gevolgen voor de criticasters van politie, OM en NFI zijn geweest. Dick en Harrie hebben de politieorganisatie destijds gedwongen en met zeer nadelige financiële consequenties moeten verlaten. Richard Eikelenboom en zijn echtgenote, forensisch arts Selma Eikelenboom hebben hun lab in Hulshorst inmiddels moeten sluiten omdat zij nog nauwelijks opdrachten kregen. De twee maken nu furore in de VS.

NFI-man Ate Kloosterman vertrok bij het NFI en kreeg daarentegen een koninklijke onderscheiding.

Vandaag legde ik hem deze zaak uitgebreid voor per telefoon. Volgens Kloosterman moet hij eerst het dossier van weleer gaan bestuderen en komt hij over enkele weken met een reactie op de lezing van Dick, Harrie en Richard.

 

Foto boven: ‘In het Nieuwsblad van het Noorden deed de politie een getuigenoproep na de gruwelijke moorden op Leendert (29) en zijn zwangere vrouw Lisa (23) in 1991’

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen.

Zie hier voor meer informatie!

Mijn gekozen waardering € -
Femkefataal.nl is een onafhankelijke website over vrouwen en crime van misdaadjournalist Jolande van der Graaf. Het platform biedt nieuws en achtergronden over misdaad, steeds belicht vanuit een vrouwelijk perspectief. Vrouwen die zelf slachtoffer zijn of vanwege hun werk met criminaliteit te maken hebben, schrijven columns op femkefataal.nl.