De krantenlezer krijgt sinds het begin van de COVID-19-crisis veel inzicht in de spectaculaire ontwikkelingen  in de biomedische wetenschappen. Zo lezen wij over vaccins, die gekweekt worden middels cellijnen. De Leidse microbioloog Lex van de Eb kwam opeens in het nieuws vanwege zijn basale werk, al decennia geleden, waarop Janssens nu hun vaccin konden ontwikkelen. In dit artikel geven we drie illustraties van cellijnen die eindeloos hun nut houden voor de gezondheid. Van der Eb kreeg ook te maken met vijandigheid vanuit orthodox-christelijke hoek. De tweede helft van dit artikel is een vergelijkende studie van Amerikaanse en Nederlandse anti-abortus cq. pro-life-activisten, lobbyisten en politici.

STEUN RO

Cellijnen; PER.6C, babyvoorhuid, en Flury’s rabiësvaccin

In de tijd dat wetenschappelijk onderzoek nog “zuiver” was, dus gericht op kennis, en pas secundair op profit, werkte de Leidse microbioloog Lex van der Eb aan het pro­gram­meren van embryonale cellen tot stabiele kweeklijnen van helpercellen, ten behoeve van allerlei biologische processen. Eén daarvan werd PER.C6, en die bleek later geschikt voor de pro­duc­tie van vaccins. Op PER.6C kweekte Janssens zijn COVID-19-vac­cin. Opeens is Van der EB, al 20 jaar emeri­tus, wereld­nieuws. Wikipedia verzocht om een foto; het kwam goed uit zoon Taco een bekroond persfotograaf is. Maar ook was er al meteen onaangename aandacht uit de VS. Ameri­kaan­se orthodox-christelijke beschermers van het ongeboren leven atta­queerden het gebruik van em­bry­o’s, waaruit cellen geïsoleerd waren. De abortus­bestrijders hadden kennelijk het beeld dat voor iedere proef een vers geaborteerd foetus gebruikt werd; bij dierproeven is dat immers een gangbare praktijk. Van der Eb’s embryo’s waren echter “geoogst” voor IVF. Bij deze procedure overtreft het aantal succesvol bevruchte eicellen meestal de kinder­wens van het paar. Als de fertiliteitsarts dan aan de ouders vraagt of de embryo’s die niet tot verdere ontwikkeling zullen komen, gebruikt mogen worden voor wetenschappe­lijk onderzoek, dan ge­ven zij vaak toe­stem­ming. Het klinkt oneerbiedig, maar in IVF-klinieken zijn embryo’s geregeld restma­te­ri­aal. En als er een­maal een perfecte cellijn geïsoleerd is, dan kan die vermenigvul­digd wor­den zonder dat er verder embryonaal weefsel voor nodig is. De verontwaardiging van de pro-life-activisten is groot, ook omdat zij er van uitgaan dat de biomedische industrie gigantische aantallen foetussen nodig heeft, en dat de abor­tus­klinieken daar grof geld aan verdienen.

Ook de babyvoorhuid leidt tot publieke discussie over het industrieel ge­bruik van men­selijk materiaal. In de VS worden, vooral in behoudende kringen, nog steeds pasgebo­renen besneden, en het is zeker dat die voorhuiden commercieel interessant zijn voor de biomedische industrie. Hoe interes­sant, dat is een zorgvuldig bewaard bedrijfsge­heim; het is bij zonder moeilijk om betrouw­bare cijfers te vinden over het percentage babyvoorhuidjes dat in de economie terecht komt, maar het kost maar een paar minu­ten op internet om vele bedrijven te vinden die materialen aanbieden waarin neonatal foreskin het werkzame bestanddeel is. Het kan gaan om fibroblasten, die bruikaar zijn als helpercellen voor stamcelver­meer­dering, maar ook keratocyten (huidcellen) die als huidtransplantaat kunnen dienen. Van één babyvoorhuid kan een lap huid gekweekt worden ter grootte van een voetbal­veld.

Naast Amerikanen die van mening zijn dat een onbesneden man geen Amerikaan mag heten, kent de VS ook een krachtige anti-besnijdenislobby, de intactivisten. Bij demon­straties treden zij op als blood-stained men, in witte overals met bloeddoorweekt kruis, en zij zijn ervan over­tuigd dat iedere babyvoor­huid enorme winsten kan opleveren in de bio-industrie. Veel persaandacht kregen intactivisten toen zij een aanval richtten op Oprah Winfrey. Zij had reclame gemaakt voor een krankzinnig dure anti-rimpelcrème, die aangeprezen werd met bioengeneered using human baby foreskins. De producent haastte zich om te verzekeren dat het materiaal geproduceerd werd door één cellijn, die al vele decennia zijn werk deed. Het bedrijf voelde zich dus onterecht aangevallen, op dezelfde grond als Van de Eb door de abortusbestrijders. Maar hun excuus werkte als een boemerang: het was dus waar dat één baby­voorhuid vele miljoe­nen opgeleverd had.

 

Als we de producent geloven, dan zou het dus juist en passend zijn dat Oprah’s dure specialité de naam droeg van het besneden jongetje dat, onvrijwillig, dit cosmetica­merk mogelijk maakte. Dat is niet gebeurd, maar er is wel degelijk één voorbeeld van een medisch prepa­raat dat de naam draagt van de schenkster. Dat is het Miss Flury-vaccin tegen honds­dolheid. Na een hon­den­beet is snelle vaccinatie zeer aan te raden, want rabiës is een zeer dodelijke ziekte, die de mens altijd krijgt door speeksel van een dier. Louis Pasteur had al in 1885 een rabiës­stam geïsoleerd die, na verzwakking, als vaccin toegepast kon worden, maar het was verre van ideaal. In 1939 overleed, vier dagen na haar hondje, “miss Flury”, 14 jaar oud, en het virus uit haar ruggenmerg bleek een enorme verbete­ring te zijn. Het wordt tot van­daag gebruikt onder haar naam. De hondsdolheid van het hondje was onmisken­baar, maar Flury wist zeker dat zij niet gebeten was. Wel bekende ze dat in de intimiteit met haar lievelingsspeel­kame­raad­je zijn tong en haar vagina vaak intensief met elkaar in contact waren geweest.

Gedenk, o lezer, de tragische, maar niet vergeefse dood van dit meisje, als u ooit een rabiësprik nodig hebt.

Anti-abortusactivisme in de VS en in Nederland

Het is zinvol om uitvoerig terug te komen op Lex van der Eb’s mededeling dat hij vanuit de VS in het vizier gekomen was van abortusbestrijders. Dat geeft ons de gele­gen­­heid om het doen en laten van de Amerikaanse en Nederlandse geestverwanten met elkaar te vergelijken. Sommige verschillen zijn algemeen bekend. Hoe luidruchtig en intimide­rend de anti-abortusdemonstranten zich bij onze klinieken ook gedragen, ze gebruiken geen fysiek geweld. De VS telt 11 moorden op kliniekpersoneel; 2 daders hebben levenslang, één kreeg de doodstraf en is geëxecuteerd. Bij de recentste (2015) vielen drie doden en nog enkele gewonden; die dader werd ontoerekeningsvatbaar verklaard.

Van der Eb wordt genoemd in een reportage over een wetsvoorstel in Wisconsin, waarin gebruik van foetaal materiaal verboden wordt, ook als het gaat om cellijnen die zich al de­cen­nia vermenigvuldigen. Woordvoerders van de universiteit komen daarte­gen in verzet en benadrukken dat daarmee een groot aantal projecten stilgelegd zou­den worden. Dat betekent mede: het niet benutten van miljoenen aan fondsen waar men zo fanatiek voor gelobbyd heeft. Het voorstel van 2019 is identiek aan eerdere mislukte pogingen in 2011 en 2013. Als het aangenomen zou worden zou het vrijwel zeker stuiten op een veto van de democratische gouverneur, maar toch heeft de indie­ner in 2019 de wind in de rug door lastercampagnes gericht op de abortusklinieken (planned parenthood, PP).

Zoals gezegd is Pro-life ervan overtuigd dat de PPklinieken enorme aantallen foetus­sen leveren aan de farmaceutische industrie. De meest rabiate zoeker naar bewijzen hier­voor David Daleiden. Voor zijn spionageactiviteiten richtte hij Biomax Pro­cu­r­ement Services op en in 8 jaar tijd produceerde hij tientallen clandestien opgeno­men video’s van gesprek­­ken met PP-artsen en managers. Hij kwam binnen onder het mom van inkoper van een weten­schap­pelijk instituut en hij beweerde dat men herhaal­delijk had ge­hapt op zijn aanbod om grof geld te betalen voor foetaal materiaal. Het bewijs was geconstrueerd door schaam­­te­loos knip- en plakwerk, en PP kon bewijzen dat zij inder­daad soms foetaal materiaal beschikbaar stelden voor wetenschappelijk onderzoek, maar steeds met toestemming van de vrouw, en tegen slechts een marginale onkosten­ver­goe­ding. Toch ontstond er veel com­mo­tie in de pers, en ook in een aantal con­gres­commissies. Stem­Express, tussenper­soon in de toele­vering van foetus­weefsel aan onderzoeks­instituten, voelde zich ernstig be­dreigd. Weliswaar wisten ook zij 100% zeker dat hun bemoeienis volstrekt legaal was, maar de juridische strijd tegen een puisant rijke tegen­stan­der zou het bedrijf uitputten. De firma sloot de betreffende afdeling, hetgeen ern­sti­ge vertraging betekende voor onder­zoeksprojec­ten naar o.a. het Zika-virus, Alz­heimer, ALS en kinder­leu­caemie.

Daleiden moest voorkomen in een fors aantal rechts­zaken, en in één daarvan werd hij ver­oor­deeld tot $ 1.370.000 schadever­goeding aan PP. Hij ging in hoger be­roep; bin­nen­­kort komt de uitspraak. Omgekeerd heeft Daleiden het OM van Cali­­fornia aange­klaagd vanwege samen­zwering met PP, en schending van zijn burger­rech­ten. Eén van de twee Attor­ney Ge­ne­rals die hierin gedaagd zijn, is Kamala Harris, de huidige vice-president. Nog pikanter: Daleiden’s verdediging is in handen van de Thomas More Society, en deze firma heeft zich, met the Amistad Project, intensief beziggehouden met de pogin­gen van Donald Trump om de overwinning van Joe Biden te stelen.

Voor de verdediging van Daleiden speelt geld geen rol; activisten voor de christelijke orthodoxie kunnen rekenen op ruimhartige giften van hun achterban. Onbekend is of Daleiden zelf een inkomen heeft uit die fondsen, maar de gedachte is niet vergezocht. Pro-life heeft veel geld over voor het verbuigen van de waarheid. Een dramatisch voor­beeld hiervan kwam in de openbaarheid in 2017, toen de documentaire AKA Jane Roe uitkwam. Jane is de vrouw wier alias onverbre­kelijk verbonden is aan de uitspraak van het Amerikaanse hooggerechtshof in de zaak Roe vs Wade. Die luidde dat staten die abortus verbieden tegen de grondwet ingaan. Voor haar dood ontlastte Jane haar geweten over haar rol in de pro-life-propaganda.

De dramatische biografie van Norma McCorvey (haar ware naam) be­gint met een vaderloze jeugd en een moeder die mepte. Vanwege weglopen belandde ze in een opvoedingsgesticht, en op haar 16de trouwde ze met een man die haar mis­han­delde. Haar eerste kind werd onder voogdij geplaatst vanwege haar drank- en drugs­versla­ving, en bij een latere, derde zwangerschap zag zij abortus als enige oplossing uit de ellende. Nu weet iedereen dat haar beproeving uiteindelijk leidde tot de Roe vs. Wade-uitspraak; minder bekend is dat de procedure zo lang geduurd heeft dat Norma toen al lang bevallen was en haar baby had afgestaan voor adoptie. Het zou logisch geweest zijn als Norma/Jane een boegbeeld voor pro-choice was geworden, maar ze was daar­voor te weinig presentabel, zeker nadat ze bekend had dat ze haar abortuswens had ondersteund met een verzonnen verkrachting. Ze werkte in Texas in een abortus­kliniek, en tijdens haar rookpauzes werd zij in 1995 door predikant Flip Benham be­keerd tot het pro-life-standpunt. Haar rol daarin heeft haar zeker $ 500.000 opgeleverd. Benham hield ook goed in de gaten dat Norma haar lesbische relatie voor de buitenwereld als platonisch eta­leerde. Ooit verbrandde ze bij een manifestatie zelfs een regenboogvlag. Na AKA Jane Roe produceerd pro-life The real Norma McCorvey, exposing the lies in AKA Jane Roe, drie keer zo lang als het origineel, waarin een blik vriendinnen open getrokken wordt die allen heel zeker weten dat Norma toch authentiek pro-life was.

De Nederlandse anti-abortuspolitiek

Er is één punt waarop de meeste Nederlanders zich generen t.o.v. de verdedigers van de vrouwenrechten. Voor zover ik heb kunnen nagaan is de SGP in de westerse wereld uniek in haar discriminerende grondhouding. De partij heeft zich met grote hardnekkig­heid verzet tegen het actief vrouwenkiesrecht, maar beet uiteindelijk zijn tanden stuk bij het Europese Hof voor de Rechten van de Mens. Inmiddels zijn er een aantal vrouwen in gemeenteraden gekozen, maar toen het Reformatorisch Dagblad schreef dat de partij Lilian Schot feliciteerde met haar lijsttrekkerschap in Amsterdam, eiste het partijbestuur een rectificatie. Er stonden dan ook geen vrouwen op de SGP-kandidatenlijst van 2021.

Politici van CU en SGP zijn hyperalert op kansen om de abortuspraktijk zoveel mogelijk in de wielen te rijden. Voor deelname van de CU aan Rutte-III is keihard vastgelegd dat de bestaande, bepaald weinig liberale wetgeving ongewijzigd blijft. Vooral de vijf dagen bedenk­­­­tijd zijn heilig. Dat bleek onlangs weer, toen CU-kandidaat Don Ceder grote veront­waardiging wekte met zijn uitspraak dat ook na verkrachting beslist niet mocht worden afgewe­ken van deze wettelijke plicht. Gert-Jan Segers gooide olie op de golven door te bena­drukken dat na verkrachting iedere vrouw onmiddellijk hulp moet kunnen krijgen, maar hij hield zijn kaken stijf op elkaar over de vraag of dat ook inhield dat van de wachttijd afgezien kon worden. Misschien heeft Segers waardevolle ideeën over hoe je, tijdens de vijf dagen uitstel, een vrouw moet onder­steunen die de angstgevoelens na haar sek­sue­­le overweldiging gecompliceerd ziet door machteloze woede over de Chris­telijke betutteling. In ieder geval geeft dat de dan nog hulpverlener de gelegenheid om te verifi­ë­ren of de vrouw tot een besluit komt “in het besef van haar verantwoordelijkheid voor ongebo­ren leven”, zoals de wet dat van haar en haar arts eist.

Segers zit in dezen dan helemaal op de lijn van SGP-er Kees van der Staaij, die in 2019 een initia­tiefwet ingediend heeft ter aanscherping van de abortuswet. Hij wil vooral de huisartsen het mes op de keel zetten op het punt van standaard-informatie over alter­natieven, en de verantwoordelijkheid voor het ongeboren leven. Hij is kennelijk be­nauwd dat men daar te makkelijk van afwijkt, en daar zou hij weleens gelijk in kunnen hebben. Het NHG (Nederlands Huisartsen Genootschap) tikte de indiener prompt op de vingers: “hiermee treedt de wetgever in de professionele ruimte die de arts toekomt.”

De tweede heilige koe in het regeerakkoord is de rol van de huisarts bij het verstrekken van de abortuspil. De voorvrouw van Women on Waves Rebecca Gompers (door Time geplaatst op de lijst van 100 belangrijkste vrouwen van 2020) heeft het grote publiek erop gewezen dat Nederlandse vrouwen veel moeilijker dan elders voor een medica­menteuze zwangerschapsbeëindiging kunnen kiezen. Terwijl in vele landen de praktijk sterk verschoven is naar de abortuspil. Als vrouwen onbevooroordeeld zouden kunnen kiezen voor zuigcu­rettage of pillen, dan ligt het voor de hand dat de praktijk zou gaan lijken op die in Fin­land, Zweden en Frankrijk. Er ligt een initiatief-wetsvoorstel van Corin­ne Elle­meet (Groen Links) en Lilianne Ploumen (PvdA), geformuleerd in samen­spraak met het NHG, dat voor de ongewenst zwangere vrouw de drempel lager, en de keuzevrijheid groter zal maken.

Een buitengewoon grondig artikel in De Groene beschrijft hoezeer de pro-life-activisten geobsedeerd zijn door de mogelijkheid van spijt na abortus. Staatssecretaris Blokhuis (CU) heeft forse bedragen vrijgemaakt voor onderzoek, gericht op betere geboorte­re­ge­ling. Klinkt zinnig, maar het zou kunnen dat een deel van dat budget wordt aangewend voor onder­zoek dat moet aantonen dat het toch echt waar is dat steeds meer jongeren tegen abor­tus zijn, en dat de meeste vrouwen spijt en depressies hebben na een abor­tus. Overbo­dig, want er is al behoorlijk degelijk onderzoek beschikbaar waar uitkwam dat spijt zeldzaam is. Het Groene-artikel is sowieso erg succesvol geweest in het aan het licht brengen van de manieren waarop de anti-abortuslobby subsidies weet binnen te halen, zowel in Nederland als in Euro­pees verband.

Het artikel besteedt voorts aandacht aan de abortusstopper, een medicatie-ingreep waarmee een vrouw, als ze snel is, het effect van de abortuspil misschien ongedaan kan maken. Eén van de participerende journalistes ging undercover en belde de web­site abortusstopper. Zij vertelde spijt te hebben van haar beslissing van gisteren, en ze werd doorverwezen naar een huisarts in SGP-bolwerk Urk. De betreffende arts bleek onlangs overleden te zijn (aan Covid-19), maar in no time lag er bij een Haagse apo­theek een pakketje pillen voor de spijtoptante klaar. Over de stopper, en de proce­dure vroeg zij vervolgens commentaar van de KNMPharmacie, en dat was vernietigend. Er is nauwelijks onderzoek gepubliceerd over de effectiviteit van de interventie, laat staan over de veiligheid. Dat laatste is des te zorgelijker omdat haar dosering het dubbe­le van de in de bijsluiter genoemde maximale dosis was.

Kees van der Staaij slaat het vaakst aan als hij mogelijkheden ziet om abortus te belem­meren. De Covid-19-crisis inspireerde hem tot Kamervragen, waar­in hij wilde verifiëren of de klinie­ken hun deuren wel gesloten hadden voor buitenlandse vrouwen. Misschien zouden de quarantainebe­per­kingen wel tot leegstand geleid hebben, en zou het niet mooi zijn als de abortus­art­sen ingezet zouden worden in de Coronazorg? (Mogelijk werd hij hierin geïnspireerd vanuit de VS: in Ohio en Texas heeft de staat verordon­neerd dat abortus­klinieken gesloten moeten worden, en hun personeel ingezet voor Covidzorg.) Van der Staaij vreesde voorts dat de quarantaine­pro­b­­le­matiek ertoe zou kunnen leiden dat vaker voor de abortuspil gekozen zou worden. Werd daar­bij wellicht de hand gelicht met de vijf dagen bedenktijd?

Een bijzonder opportunistische actie zagen we in de senaat. Er is een wet aangenomen ter voorbereiding van een grondwetswijziging: de uitbreiding van het anti-discriminatie-artikel met de categorieën gehandicapten en LHBTQ-mensen. Het aantal tegenstem­mende senatoren was verwaarloosbaar, maar de twee SGP-ers waren daar wel bij. Uiteraard: in het confessionele onderwijs is discriminatie van (openlijke) homoseksua­liteit eerder regel dan uitzondering, zoals onlangs weer bleek op het Gomarusschool in Gorinchem. Korte tijd later dienden de SGP-ers een motie in waarin zij wettelijk geëx­pliciteerd wilden zien dat ook ongeboren gehandicapten niet gediscrimineerd mogen worden. De implicatie is duidelijk: de praktijk van abortus na gebleken afwijkingen (Down syndroom, open rugge­tjes) moet gestopt. Uiteraard werd deze motie door alle niet-SGP-ers verworpen, maar de mannenbroeders hadden weer een signaal afgege­ven aan hun achterban.

Nog een geniepige, maar helaas geslaagde actie ging ten koste van D66-lid Vera Berg­kamp, die een initiatiefwet door de kamer loodste ten behoeve van ouders van dood­geboren kinderen. Zij hebben nu de mogelijkheid om hun kind in te schrijven in de bevolkingsregisters, en een groot aantal ouders is hier heel blij mee is. Bergkamp was ervan overtuigd dat niemand misbruik van deze wet zou kunnen maken. Helaas, in het al genoemde Groene-artikel gnuifde Ardjan Boersma, beleidsmedewerker zorg en me­dische ethiek van de SGP dat men bewust muisstil gebleven was over een gerefor­meer­de bijbedoeling. “We wilden geen slapende honden wakker maken, maar hadden altijd onze abortusagenda in het achterhoofd”.

In een uitzending van EO’s NieuwLicht bleek dat advocaat Don Ceder erin geslaagd was om de geaborteerde foetus van “Yara” te laten registreren. Dit was mogelijk omdat Bergkamp in haar ontwerp geen minimumleeftijd van de ongeborene had opgenomen. Ceder legt er de nadruk op dat de inschrijving in het bevolkings­register impliceert dat de geaborteer­de foetus een mens is; voor de abortusbestrijders is dat een bevestiging van hun over­tuiging dat abortus moord is.

Het interview met “Yara” is overigens bewonderenswaardig genuanceerd en verhelde­rend. Zij schildert aangrijpend de emotionele wervelstorm van een volstrekt onver­wach­te verlating op het moment van zwangerschap. Haar depressie was diep en langdurig, en ze is erg tevreden over de psychotherapeutische hulp die ze gehad heeft. Ze ver­wacht dat de inschrijving van haar foetus haar zal helpen bij het afronden van een rouw­proces. Het is overigens opmerkelijk dat zij niet met zoveel woorden zegt dat ze spijt heeft van har beslissing. Dat deed de EO in de toelichting uiteraard wel; het is duidelijk dat “Yara” voor de Vereniging ter Bescherming van het Ongeboren Leven, en de profes­sionele afsplitsing ervan, Siriz, meetelt in hun propaganda over “de enorme aantallen vrou­wen met spijt”. Er is veel tumult geweest over Siriz en hun leugenachtige voorlich­ting over de gevolgen van abortus (naast spijt ook verminderde vruchtbaarheid; al even bewijsbaar onwaar). We weten niet of “Yara” zich bewust is geweest van de manier waarop ze door de CU gebruikt is. Anderzijds is haar verhaal zo openhartig dat zij past binnen de boodschap van de ­pro-choice-activisten van shout your abortion. Dit initiatief vanuit de VS wil het taboe slechten op spreken over je keuze, vooral ook als je er totaal geen negatieve gevolgen van hebt ondervonden.

Afwegingen voor de coalitiebesprekingen

We mogen aannemen dat Bergkamp haar tong inmiddels wel af kan bijten vanwege haar naïviteit over het niet-opnemen van een leeftijdsgrens in haar initiatiefwet. Ze was in ieder geval niet beschikbaar voor de schrijvers van het Groene-artikel. De (vrouwe­lijke) D66-kamerleden hebben tijdens Rutte-III sowieso herhaaldelijk hun feministische overtuigingen over abortus binnenskamers moeten inslikken, omdat het regeerakkoord de coalitiepartijen muilkorfde op het punt van verbetering van de abortuswetgeving. Arjen Lubach illustreerde dat in zijn voorlaatste uitzending: hij gebruikte staatssecretaris Blokhuis als een soort jingle: “ik kan wel op m’n kop gaan staan, maar het staat dan nog steeds in het regeerakkoord”. Kees van der Staaij werd, met de kansloze SGP-initia­tief­jes een soort hofnar van het CU-smaldeel in de regering. Waar niemand over mag spreken, daar komt de nar mee weg.

 Gert-Jan Segers was in de campagnetijd door de prognoses wat overmoedig gewor­den, en gaf al vast een schot voor de boeg. Als een nieuwe regering de CU aan boord wil hebben, dan zal hij zich sterk maken voor de fundamentele CU-ideologie. Op verkie­zingsdag leek het even of de CU zelfs een zetel zou verliezen, maar heeft werd toch consolidatie. We mogen aannemen dat Sigrid Kaag alles uit de kast zal halen om haar partijgenoten de vernederingen van de afgelopen vier jaren te besparen.

Ik neem aan dat in de kamer ook wel nagedacht wordt of de demissionaire periode niet zo snel mogelijk het 4 jaar bevroren intiatiefwetsvoorstel van Ploumen en Ellemeet te behandelen (abortuspil bij de huisarts). Zonder bevindelijk regeerakkoord staat een meerderheid in de Tweede Kamer wel vast; de senaat is wat minder peilbaar, o.a. omdat JA21 nogal lijkt aan te schurken tegen de SGP. In het Europarlement vormen drie van Forum voor Democratie geroofd JA21-zetels samen met één SGP-er het Nederlandse blok in de ultra-conservatieve Europese Conserva­tieven en Hervormers (ECR). Van die bewe­ging vormt de Poolse partij PiS de harde kern, en die partij heeft abortus vrijwel onmo­ge­lijk gemaakt. Ronald Zoutendijk, de voorzitter van SBOK en Siriz, werd voor het CDA gemeenteraadslid in Wassenaar, maar kondigde kort na zijn installatie aan dat hij voor JA21 op de kandidatenlijst zou staan. Het CDA ontstak in woede, zette hem uit de partij en verzocht hem zijn zetel te verlaten, maar dat was hij niet van plan. Slim opereren op de transfermarkt heeft JA21 dus, nog voor hun eerste verkiezingsdeelname, al zes senatoren, drie europarlementariërs en één raadslid opgeleverd.

 Al met al mogen we Segers bewonderen als een effectieve machtspoliticus die ervoor gezorgd heeft dat een minderheid de autonomie, her zelfbeschikkingsrecht van alle Nederlandse vrouwen in een dwangbuis houdt. De rol van minister Hugo de Jong (CDA) en staats­secretaris Paul Blokhuis (CU) op VWS heeft er zeker toe bijgedragen dat de dubieuze adviesorganisatie Siriz inmiddels meer overheidsgeld ontvangt dan het oude vertrouw­de, daadwerkelijk neutrale FIOM. Als vandaag een tienermeisje in de rats zit omdat ze een week over tijd is, en ze gaat zoeken op Google onder “ongewenst zwanger”, dan is er een forse kans dat ze even later aan de telefoon zit met een hulp­verleenster van gereformeerde huize. Vaak zal de belster dat niet in de gaten hebben, en we zijn niet overdreven cynisch als we veronderstellen dat dat expliciet beleid is. Siriz is een zuster­organisatie van de Vereniging ter Bescherming van het Ongeboren Kind (VBOK), met vrijwel dezelfde bestuurderen. De VBOK richt de onverdunde bood­schap naar de ach­ter­ban, en Siriz is de gecamoufleerde geheime agenda naar de rest van Nederland. Nog een voorbeeld van camouflage: geen krantenlezer zal vermoeden dat de Neder­land­se Patiënten Vere­niging (npv) slechts één doel dient, t.w. de bescher­ming van het ongeboren leven. Ze maken oneigenlijk gebruik van de subsidieregeling voor patiëntenbelangen­organi­saties; VWS weet dat, maar gedoogd het. Het artikel in De Groene bevat verder nog een inven­taris van schimmige christelijke lobby­clubs die bijzonder handig zijn in het binnen­halen van overheidsgeld.

Wat betreft de SGP kunnen we terughalen dat in 2006, toen de partij bleef weigeren het lidmaatschap open te stellen voor vrouwen, men uiteindelijk eieren voor zijn geld kocht toen de overheidssubsidie voor de fractie werd ingetrokken. Het passief kiesrecht voor vrouwen was afgedwongen door de Hoge Raad, maar zonder aanwijzin­gen van midde­len ter afdwinging. Het Europees gerechtshof bevestigde de uitspraak, maar in het hui­dige politieke landschap kan de SGP het zich permitteren om op een lange kandidaten­lijst geen enkele vrouw te zetten. Zelfs niet als schaamlap. Onder Rutte-III loopt hun fractiesubsidie geen gevaar.

Als de CU-fractievoorzitter stilletjes uiterst tevreden is over het feit dat Nederland inmiddels op het gebied van abortuspraktijk tot de meer restrictieve groep is gaan horen, dan zal hij toch de pest in hebben dat de aller-orthodoxste groepering van zijn achterban hem een lapzwans vindt. We hebben het dan over Stirezo (Stichting Recht zonder Onderscheid), vrijwel gelijktijdig opgericht met de koepel van abortusklinieken Stimezo (Stichting Medisch verantwoorde ZwangerschapsOnderbreking). Bij de vorige verkiezingen wees de organisatie erop dat de term abortus maar één keer in het ver­kiezingsprogramma voorkwam, en dat het daar gemaakte punt (de absolute begrenzing van abortus tot 18 weken) totaal niet behandeld is in de het parlement. Recent brak men de staf over Bina Chirino, de voorzitster van Perspectief, de CU-jongerenpartij, die in een conferentie met o.a. kenniscentrum Rutgers zich liet verleiden tot de uitspraak dat in een ideale wereld abortus niet voor zou komen, maar het recht op abortus wel.

Stirezo vindt abortus een zodanig grote misdaad, dat men de vergelijking met de Nazi-gaskamers niet schuwt, ook in hun beeldmateriaal. Hun website is de enige Nederland­se bron over de affaire David Delaiden. In hun verhaal is hij een eerbare klokkenluider, opgejaagd door een perfide samenzwering van de abortusklinieken met Kamala Harris. Segers zal door Stirezo pas gewaardeerd worden als hij, à la Cato, iedere speech in de kamer zou eindigen met: “en voorts ben ik van mening dat abortus verboden moet worden”. Om met O.B. Bommel te spreken: het is wel bitter.

Beeld bovenaan: Egon Schiele, auf dem Bauch liegendes Akt; Albertina, Wien

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen.

Zie hier voor meer informatie!

Mijn gekozen waardering € -