Angela nam wel een heel bijzonder souvenir mee uit Thailand. De eitjes van een Tumbu-vlieg. In haar lichaam.

STEUN RO

Angela (31):

‘Met een spiegeltje bekeek ik de achterkant van mijn rug. De plekken zagen er behoorlijk heftig uit, rood en opgezet. Ook de plekjes op mijn benen leken roder en dikker te worden. Eerst hadden ze alleen nog gejeukt, maar nu begonnen ze ook echt pijnlijk te worden. Dat was wel een hele gemene mug geweest, dacht ik. Pas toen de bultjes na een week of twee nog niet weg waren besloot ik ze aan een nadere inspectie te onderwerpen. Ik pakte een vergrootglas en bekeek de bultjes op mijn been eens goed.

Ik kon mijn ogen niet geloven, maar toen ik nog eens goed keek zag ik het weer. Het leek of er iets onder mijn huid bewoog..

Ik had een heerlijke trip naar Thailand achter de rug. Een welverdiende vakantie, als ik dat tenminste zelf mag zeggen. Ik vierde mijn derde jaar als ZZP’er en was er trots op dat, sinds ik was gestart, de opdrachten bleven binnenstromen. Maar, zoals veel zelfstandigen zullen herkennen, het werk hield nooit op.

Paradijs

De laatste maanden merkte ik dat mijn energielevel daalde. Zelfs na een goede nachtrust stond ik doodmoe op. Ik besloot mezelf dan ook te trakteren op mijn eerste vakantie in drie jaar. Van tevoren droomde ik weg bij het idee aan witte Bounty-stranden met wuivende palmbomen, en toen ik samen met mijn vriend Jeroen eenmaal op de plek van bestemming was aangekomen bleken de foto’s niets teveel te hebben beloofd: Koh Tao was niets minder dan een paradijs op aarde.

We installeerden ons in een schattige houten cottage aan het strand en twee weken van zalig nietsdoen was begonnen. Al snel hadden we een dagelijkse routine ontwikkeld die me prima beviel en niet veel meer omvatte dan uitslapen, vrijen, snorkelen, op het strand liggen, lezen en lekker eten. De twee weken vlogen om. In het  vliegtuig terug naar huis maakte ik al weer plannen om aan het werk te gaan. Mijn accu was weer helemaal opgeladen en ik had zin om weer te knallen. Ik had toen al wat rode, jeukende bultjes op mijn rug, maar ik dacht dat het gewoon muggenbulten waren en besteedde er zodoende niet al teveel aandacht aan.

Thuis merkte ik dat ik ook wat bultjes op mijn benen had. Nog steeds maakte ik me geen zorgen, dat begon pas toen de bultjes steeds meer begonnen op te zwellen. Ook de plekjes op mijn rug jeukten nog als een malle, terwijl dat met een normale muggenbeet na een dag of twee wel over is. Jeroen was vaker gestoken dan ik, daar had ik hem nog mee geplaagd tijdens de vakantie. Ik was alleen de laatste dag gestoken. Maar bij hem waren alle bultjes allang weg…

Bewegende bulten

Ik bekeek een van de bultjes wat dichterbij en drukte mijn vinger erop. Het leek wel of ik iets zag bewegen? Wat het ook was dat onder mijn huid bewoog, verplaatste zich een stukje, weg van mijn vinger. Terwijl ik op het bewegende ding probeerde te drukken voelde ik plotseling een felle pijnscheut door mijn been. Alsof ik door een mes werd gestoken. Ik moest mezelf aan de rand van de wasbak vasthouden om niet flauw te vallen.

De volgende dag was ook een van mijn ogen dik en opgezet. Jeroen was bezorgd en drong erop aan dat ik naar de huisarts zou gaan. Ik maakte een afspraak voor de volgende dag.  Die nacht kon ik zelfs niet slapen van de pijn, die in steeds heviger golven leek te komen. Om vier uur ‘s nachts kon ik er niet meer tegen. Ik ging plassen en in de badkamer zag ik dat een van de bultjes op mijn benen open was gegaan. Er kwam pus uit dat ik wegveegde met een pluk watten, en weer leek er iets te bewegen…

Ik probeerde mezelf gerust te stellen. Ik was zo moe dat ik dingen zag die er niet waren, prentte ik mezelf in.

De volgende ochtend stond ik al eerste op de stoep bij mijn huisarts. Ik vertelde waar ik last van had en voegde er zo nonchalant mogelijk aan toe dat het soms leek of ik iets in mijn wondjes zag bewegen. Ik wilde liever niet als de dorpsgek te boek staan, maar ik wilde het ook niet verzwijgen. Mijn huisarts trok veelzeggend haar wenkbrauwen op, maar toen zij de bultjes inspecteerde bewoog er niets. ‘Zie je wel dat ik spoken zie’ dacht ik. Mijn huisarts wist ook niet direct raad met mijn symptomen en verwees me door naar het ziekenhuis.

Toen ik aan de beurt was werd ik naar de spreekkamer gebracht door een verpleegster. Daar stroopte ik mijn broek op om de bultjes te laten zien. Het was in ieder geval direct duidelijk dat het niet om een muggenbeet ging: Uit het gat, wat inmiddels nog groter was geworden, stak iets wat nog het meeste op een made leek. Direct werd dit gevolgd door de inmiddels bekende pijnscheut. De ogen van de verpleegster werden groot van afschuw. Haar stem klonk ijzig kalm toen ze vroeg of ik mee wilde lopen naar een ander kamertje, een met een security bordje op de deur.  Door het glas aan de bovenkant mimede ze dat ze zo snel mogelijk een arts naar me toe zou sturen.

Totale paniek

Ik ging liggen op het bed in het kamertje. Ik huilde en was in paniek om het ding dat zich uit mijn been probeerde te wurmen. Na een minuut of twintig kwam de arts eindelijk binnen. Een specialist die zich blijkbaar bezighield met tropische ziekten. Hij keek naar de bultjes op mijn lichaam en stelde me een aantal vragen. Was ik in een tropisch gebied geweest? Had ik vochtige kleding gedragen toen ik daar was? Ik dacht aan het shirtje wat ik tijdens het snorkelen had gedragen om niet te verbranden. Ja. En ja.

De arts vertelde me dat het ding onder mijn huid de larve was van een vlieg. De made leefde van mijn vlees, ging hij verder. Het klonk weerzinwekkend en ik moest drie keer slikken om te voorkomen dat mijn boterham met chocopasta van die ochtend naar boven kwam.

De arts legde uit dat de Tumbu-vlieg eitjes legt op natte kleding of linnen. Als je de kleding vervolgens aantrekt, penetreren de eitjes je huid. Na twee of drie dagen komen ze vervolgens uit. Onder je huid. Wanneer ze ‘geboren’ zijn, hebben de larven lucht nodig en beginnen hun weg naar buiten te eten. Op die manier kunnen ze zich door je hele lichaam verspreiden en was er dus zelfs een in mijn oog terecht gekomen..

Ik realiseerde me dat dat dus de pijn veroorzaakte die ik steeds voelde. In de tropen, ging hij verder is het dus heel belangrijk om geen vochtige kleding te dragen, vooral niet als deze buiten hebben gehangen. Kleding moet in de droger en heet gestreken worden, zodat de hitte de eitjes kan doden.

Klodders vaseline

Heel leuk, dacht ik, maar hoe kreeg ik die beesten uit mijn lichaam. En niet geheel onbelangrijk: zo snel mogelijk? De behandeling bleek zo mogelijk nog bizarder als de kwaal. De beste remedie was om de larve naar buiten te lokken door hem te verstikken. In veel tropische landen gebruiken ze blijkbaar bacon, maar mijn arts ging voor ouderwetse vaseline. Een dikke klodder op elke bult, met daaroverheen een soort plastic keukenfolie. Dat zou de zuurstofbron voor de larve afsnijden waardoor ze naar buiten zou kruipen…

Ik moest drie uur wachten en ik mocht op zich wel even een rondje winkelstraat doen, zei de verpleegster, maar het idee om te winkelen met een stel Thaise maden in mijn lijf die hun weg naar buiten aan het vreten waren benam me zelfs de interesse voor de uitverkoop. In plaats daarvan belde ik Jeroen om me af te leiden, anders was ik waarschijnlijk doorgedraaid van het idee dat er beesten in me zaten.

Na drie uur werd ik opgehaald en naar een soort klaslokaaltje gebracht, waar ongeveer tien artsen in opleiding  en nieuwsgierige verpleegsters stonden te wachten. Een van hen zei opgetogen dat ze het zo spannend vonden, omdat ze nooit hadden verwacht iets als dit te zien.

Een voor een werden de plasticjes van mijn armen en rug gehaald en binnen een paar seconden plukte de arts de maden eruit met een groot pincet. De knagende pijn verdween op slag. De maden werden in een jampotje gedaan, verzegeld en doorgegeven onder de aanwezigen. De studenten waren gebiologeerd. Ikzelf was meer gebiologeerd door de gaten op mijn lichaam en het feit dat er nog zo’n ding in mijn oog zat.

Om die te verwijderen moest ik onder lokale verdoving. Ik vertel het nu heel rustig, maar ik vond het natuurlijk gruwelijk. Ik sluit me er ook helemaal voor af en wilde geen foto’s zien, laat staan het potje met verwijderde maden. Gelukkig was ik er op tijd bij, anders had ik zelfs hersenvliesontsteking kunnen krijgen. Nu hield ik er niets aan over. Ik zag later zelfs waarom in sommige gevallen maden worden gebruikt om wondgenezing te bevorderen: de littekens die ik eraan overhield waren perfecte, kleine cirkels.

Mensen vragen me of ik nog wel naar een tropisch land zou durven. Het antwoord is ja. Maar er gaat vanaf nu wel altijd een stoomstrijkijzer mee.’

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen.

Zie hier voor meer informatie!

Mijn gekozen waardering € -
Freelance Journalist. Ik schreef voor o.a. LINDA., Viva, Grazia, Flair, Veronica Magazine, Margriet, VROUW, Oh! Magazine, Nieuwe Revu, Story, de Telegraaf, Psychologie Magazine, Marie Claire, Cosmopolitan en als (web)content creator voor o.a. VODAFONE en Sanoma Marketing Partnerships. Voor mijn volledige profiel: zie LinkedIn. $twitter.xrptipbot.com/Vivscontent