Toen ik na bijna twintig jaar na mijn jeugd mijn biologische moeder eindelijk weer terugvond, vroeg ik haar of jeugdzorg haar op de hoogte hield van hoe het met haar kinderen ging.  Ze gaf me een verbijsterend antwoord. Ze vertelde mij, dat wij als pleegkinderen met zoveel plezier woonden in onze respectievelijke pleeggezinnen. Wij vroegen volgens jeugdzorg nooit naar haar, omdat we van de pleegouders hielden. Een grovere leugen hoorde ik in mijn leven nooit.

STEUN RO

Immers, op het moment dat zij door jeugdzorg deze informatie ontving werden minstens vijf van haar acht kinderen in verschillende pleeggezinnen mishandeld.  In sommige pleeggezinnen vond zulke ernstige mishandeling plaats, dat van herstel later geen sprake meer was.

Jeugdzorg wist van de mishandelingen op het moment dat ze mijn moeder informeerden.  Maar dit is zelfs nog niet het ergste.  Nee, het ergste is de reden waarom wij nooit naar haar vroegen. Niets was namelijk erger op aarde dan mijn biologische moeder, mijn biologische broers en zusters. Het uitspreken van het woord; moeder’ of de namen van mijn broers en zussen leverde zoveel grof geweld op, dat gezwegen werd.  Als kind verloochende ik mijn eigen moeder. Je eigen afkomst was het ergste op aarde. 

Macht

De onbeperkte macht van jeugdzorg, gebaseerd op een wij – tegen – jullie – cultuur, maakte niet alleen dat jeugdzorg nooit enige verantwoording hoefde af te leggen. Nee, de aan hun zorg toevertrouwde kinderen ontvingen nooit enig recht.   En het reikte zelfs verder. Want wie geen verantwoording hoeft af te leggen voor gepleegde wandaden, hoefde achteraf ook geen enkel antwoord te geven op vragen die gesteld werden over hun handelen.

Er bestaat geen maatschappelijk debat over wat jeugdzorg precies aanrichtte in het leven van zoveel duizenden kinderen. Slachtoffers van geweld in de jeugdzorg kregen een tegemoetkoming van 5000 euro, terwijl ze soms voor het leven beschadigd waren. Hoe moeten zij verder zonder enig recht?  Waarom wordt in de rechtstaat Nederland in dit verband nooit gesproken over recht? 

Immers, het ging niet om een enkel aan jeugdzorg toevertrouwd kind dat toevallig buiten de boot viel door willekeurige ongunstige pedagogische omstandigheden. Nee, het ging om beleid, om systematisch kinderen te onderdrukken, in geweld en onthechting te laten opgroeien. Daarbij ging het om het op grote schaal schenden van fundamentele mensenrechten, iets waarmee Nederland normaliter vooroploopt om andere landen te wijzen op het schenden daarvan.  

Wat maakt het uit?

Het grote publiek denkt nu misschien ‘Dat overkomt mij niet, het zou wat, zo ver van mijn bed…’. Maar mocht iemand er bijvoorbeeld na een echtscheiding niet uitkomen, of een kind vertoont problematisch gedrag, dan komt direct jeugdzorg in beeld. Voor u, voor uw buren, voor een vriendin, voor iedereen die een kind heeft in ons land.  Zoals dat door ons allen is afgesproken. Jeugdzorg neemt dan de taak op zich om het allemaal veel beter te gaan doen dan de ouders. 

Grotendeels buiten het zicht van iedereen opereert dan een organisatie die een vrijwel onbeperkte macht is gegeven en nergens wordt gecontroleerd.  Die opereert onder de veilige paraplu van justitie. Met welk recht jeugdzorg? Hoezo? Had u achteraf dan vragen? Dan moet u niet bij ons zijn.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen.

Zie hier voor meer informatie!

Mijn gekozen waardering € -
Ik ben auteur van "Gepleegd", een uitgave van Tobi Vroegh te Amsterdam uit 2020, een jeugdervaringsverhaal waarin ik het systematisch geweld in de jeugdzorg beschreef dat ik meemaakte. Daarnaast schreef ik het boek "Hoe word ik Tim?" uitgave Pumbo, 2021 over de levenslange gevolgen van kindermishandeling in relatie tot identiteit (dissociatieve identiteitsstoornis).  Ik blog en schrijf (eveneens vanuit eigen ervaringen) over jeugdzorg, pleegzorg, kinderbescherming, (dissociatieve) identiteit, kunst en trauma, gender, GGZ  en traumaverwerking.