Voor het verbreken van hardlooprecords kunnen tempomakers een essentiële rol vervullen. Sinds kort zien we ook led lampjes op de atletiekbaan dit werk doen. Maar geven deze elektronische hazen de atleet ook een voordeel? En hoe dan?

STEUN RO

Toen Miguel Indurain in 1994 het werelduurrecord op de fiets wilde aanvallen, kwam zijn begeleiding op het lumineuze idee om een laserstaal als richtpunt voor de Spaanse coureur in te zetten. En waarom ook niet? Het wielerrecord was in die tijd een sportprestatie waarbij technologische innovaties breed omarmd werden -zo reed Indurain op een futuristische baanfiets genaamd Espada (‘Zwaard’) die door een constructeur van Lamborghini ontwikkeld was- en een elektronische tempoaangever kon hierbij een prima hulpmiddel zijn. Maar de wereldwielerbond UCI vond dat Indurain het helemaal in zijn uppie moest klaren en verbood hem om tijdens zijn poging van de laser gebruik te maken.

Het deerde de Spaanse renner uiteindelijk niet: Indurain fietste op 3 september 1994 op de piste van Bordeaux een afstand van meer dan 53 kilometer en verbeterde zo ruimschoots het oude werelduurrecord van de Schot Graeme Obree. Terwijl voor een lichtstraal als gangmaker in het wielrennen momenteel nog steeds geen plek is, hebben in de hardloopsport hazende lampjes al wel hun intrede gedaan. Zo gaven bij de minutieus georkestreerde Sub2 marathon van Eliud Kipchoge in Wenen in 2019 op de weg geprojecteerde laserlijnen het vereiste tempo voor de Keniaan aan. En ook bij wedstrijden op de atletiekbaan zien we steeds vaker dat flikkerende led lampjes aan de binnenrand voor de atleten uit ‘rennen’.

Wereldrecords

Afgaande op de resultaten doet de lichtgevende tempomaker zijn werk uitstekend. Sinds het in Nederland ontwikkelde Wavelight systeem tijdens de FBK Games in 2018 geïntroduceerd werd, zijn er in de aanwezigheid van de ‘hazenlampjes’ heel wat wereldrecords gesneuveld: niet alleen gingen beide werelduurrecords er vorig jaar aan, ook de 5 en 10 kilometer bij de mannen én de vrouwen zijn inmiddels verbeterd tijdens races waarin atleten vergezeld werden van gekleurde lampjes. Deze week was het zelfs twee keer raak: eerst Sifan Hassan die afgelopen zondag in Hengelo ruim 10 seconden van het wereldrecord op de 10 kilometer afsnoepte, en twee dagen later de Ethiopische Letesenbet Gidey, die op dezelfde plek hier nog 5 seconden vanaf wist te halen. Beide keren werden de lampjes ingezet als ideale tempoaangever gedurende 25 rondjes, en uiteindelijk op de meet verslagen door de nieuwe wereldrecordhouder.

Hoewel de lampjes initieel ontwikkeld zijn om het aanwezige publiek op een visueel aantrekkelijke manier te informeren over de race die gaande is, blijft het de vraag in hoeverre de atleten zelf ook profiteren van de elektronische hazen. “De Wavelight helpt enorm”, verklaarde atletenmanager Jos Hermens bij Op 1, maar deze uitspraak kan moeilijk los gezien worden van het feit dat Hermens sinds maart dit jaar via zijn ‘Global Sports Communication’ bureau niet alleen maar het management van atleten van vlees en bloed onder zijn hoede heeft, maar ook die van de Wavelight.

Ook Sifan Hassan zelf meende zeker profijt te hebben gehad van de begeleidende lampjes. De toen nog kersverse wereldrecordhoudster vertelde bij Op 1 dat ze het wel prettig lopen vond omdat de lampjes minutieus éénzelfde tempo aangeven, terwijl levende hazen wel eens te zacht of te hard willen gaan. Het blijft toch mensenwerk natuurlijk. Het is een voor de hand liggende gedachte omdat voor een duursporter een superstrak tempo in een race de beste strategie is om de beschikbare energie in het lichaam zo efficiënt mogelijk te verdelen. Geen wonder dus dat Hassan na haar race tegenover de NOS aangaf niet erg tevreden te zijn met de tweede haas omdat die te ver achter de groene lampjes -die het wereldrecordtempo aangaven- holde. Hassan besloot om deze vervolgens dan maar zelf in te halen; voor een atleet die een wereldrecord wil lopen, betekent zo’n actie een onnodige verspilling van energie.

Slipstream

Hassan kon slechts zes ronden van een levende gangmaker profiteren. Vervolgens hielden de elektronische hazen haar negentien ronden lang gezelschap. Maar hoe fijn het ook is dat de lampjes perfect in staat zijn om een constant tempo aan te geven, ze kunnen een atleet niet uit de wind houden zoals een echte haas dat wel kan. Aan de hand van windtunneltesten van een halve eeuw geleden wordt het energiebesparende effect van dicht achter iemand anders rennen (op ~1 meter afstand) bij deze snelheden geschat op 6,5 procent. Zoals door onderzoekers van de TUe uitgedokterd voor de Sub2 poging van Kipchoge, geeft een omgekeerde V-formatie van een groep hazen hierbij de grootste daling van de luchtweerstand. Hoewel hier in theorie dus zeker voordeel te halen is met echte gangmakers, gaat dit in de praktijk van een officiële recordpoging op de baan simpelweg niet lukken. Vind namelijk maar eens een groep atleten die gedurende lange tijd het vereiste moordende tempo kan lopen. Het grootste deel van een race staat de atleet die een record uit de boeken wil lopen, er in principe alleen voor.

Niet helemaal meer, want tegenwoordig zijn er dus de lampjes. Hoewel deze elektronische hazen de atleet niet uit de wind kunnen houden, kunnen ze hem wel op de hielen zitten. Dat een virtuele tegenstander zo een sporter kan helpen om harder en dieper te gaan, laat wetenschappelijk onderzoek zien. In een studie van de Rijksuniversiteit in Groningen van een paar jaar geleden, trapten goedgetrainde wielrenners tijdens een tijdrit van vier kilometer op de fietsergometer een groter vermogen wanneer ze op het scherm voor zich een virtuele tegenstander in de vorm van een avatar zagen fietsen dan wanneer die niet in beeld was. De renners durfden meer van hun hart en hun benen te vragen -de hartfrequentie lag vijf slagen per minuut hoger en de maximale kracht in hun beenspieren bleek na afloop sterker te zijn afgenomen- maar hun vermoeidheidsgevoel was niet veranderd.

Als een sporter al opgefokt kan worden door een fietsend poppetje, dan moet dat met een flikkerend lampje ook kunnen lukken. Maar het is hierbij wel van belang dat het poppetje of het lampje als tegenstander wordt gezien. Wanneer wielrenners namelijk werd verteld dat de avatar op het scherm hun eigen prestatie aangaf, gingen ze niet harder fietsen. Maar als ernaast een extra poppetje als tegenstander werd geplaatst, gebeurde dat wel. Het scheelde al gauw een minuut op een tijdrit van 16 kilometer. Het zat hem in de focus tijdens de race. Want met een tegenstander in de buurt raakten de renners meer afgeleid en gingen ze minder op de signalen van hun eigen lichaam letten.

Valse informatie

Dit werkte ook zo voor Sifan Hassan, vertelde ze bij Op 1. Door de aanwezigheid van de lampjes voelde ze dat er iemand meeliep en dat ze daarbij moest blijven. Door ook nog continu met de lampjes te praten lukte dit feilloos. Gezien haar ferme eindsprint had Hassan bovendien nog aardig wat energie over. Omdat ze volledig op de Wavelight vertrouwde, was het wellicht ook nog gelukt om haar harder te laten lopen door het tempo van de lampjes iets te verhogen zonder dat Hassan te laten weten. Want dat sporters dieper kunnen gaan door ze valse informatie voor te schotelen, laat onder andere Engels onderzoek zien. Wielrenners kregen tijdens een vier kilometer lange tijdrit op de fietsergometer wederom een avatar als tegenstander op het scherm te zien. Maar in plaats van het beloofde maximale vermogen dat ze eerder wisten te halen, lieten de onderzoekers de avatar net een tempootje harder trappen. De wielrenners hadden niks door, maar raffelden hun tijdrit wél met bijna twee procent tijdwinst af. Uiteraard zit aan dit foppen wel een grens: een avatar waarvan de snelheid niet twee maar vijf procent hoger werd ingesteld, daar trapten de proefpersonen niet meer in.  

Maar zelfs een winst van twee procent kan in de topsport een groot verschil maken. Geen wonder daarom dat de wereldatletiekunie de komst van de Wavelight hartelijk toejuicht. Helaas voor Hassan zijn de lampjes deze zomer in Tokio tijdens de Olympische Spelen echter niet welkom om haar op te jutten. Ze zal het dit keer met échte tegenstanders van vlees en bloed moeten doen. Geen nood: mocht Hassan uiteindelijk alleen op kop komen te lopen in haar races, dan kan ze bij afwezigheid van de lampjes altijd nog de tactiek van Femke Bol toepassen en zich op haar eigen schaduw als tegenstander richten.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen.

Zie hier voor meer informatie!

Mijn gekozen waardering € -
Jurgen van Teeffelen (1968) is freelance wetenschapsjournalist sinds 2014. Tot die tijd werkte hij als gepromoveerd fysioloog aan universiteiten in Nederland (AMC, Maastricht) en de Verenigde Staten (Yale). Data in plaats van meningen vormen de basis van zijn artikelen. Jurgen schrijft graag over wetenschap in relatie tot sport en bewegen. Hij is auteur van 'Het maakbare uur - een zoektocht naar de ultieme wielerprestatie' en mede-presentator van de 'Slimmer Presteren Podcast'.