Wereldwijd neemt de biodiversiteit af: plant- en diersoorten verdwijnen. De landbouw is hier een belangrijke oorzaak van door intensivering en grootschalig gebruik van kunstmest en pesticiden. Biologische teelt biedt uitkomt. Op land waar biologisch geboerd wordt, is 30 procent meer biodiversiteit dan op reguliere landbouwgrond.

STEUN RO

Biodiversiteit is een parapluterm voor alle soorten dieren, planten en schimmels die leven op aarde. ‘Maar biodiversiteit staat niet alleen voor de hoeveelheid soorten,’ zegt milieuwetenschapper en universitair docent Alexander van Oudenhoven. ‘Het staat ook voor de hoeveelheid individuen per soort (populaties), de mate waarop deze verdeeld zijn, en de hoeveelheid en diversiteit aan ecosystemen, de leefgebieden van de soort. Of je het nu hebt over een lieveheersbeestje of over de gehele Amazone, beide betreft biodiversiteit.’

Van Oudenhoven presenteerde onlangs via VN-platform IPBES een internationaal rapport over biodiversiteit. Kort samengevat blijkt uit het rapport dat een miljoen plant- en diersoorten met uitsterven wordt bedreigd en dat de snelheid waarmee dat gebeurt toeneemt. Van Oudenhoven: ‘Dat soorten komen en gaan, is een natuurlijk fenomeen. Maar momenteel is de snelheid waarmee soorten uitsterven zo’n 1000 keer hoger (zelfs 10.000 volgens sommigen) dan de natuurlijke uitstervingssnelheid, op basis van de afgelopen 1 miljoen jaar.’

Biodiversiteit staat aan de basis van het leven op aarde. Ook de mens is direct verbonden met biodiversiteit op aarde. Van Oudenhoven: ‘We zijn voor alles wat we doen en wie we zijn afhankelijk van biodiversiteit. Het gaat om voedsel, schoon water en organische hulpbronnen, maar ook om emotionele, spirituele en culturele banden met de natuur. Onze menselijke identiteit, cultuur en welzijn… alles is verbonden met en afhankelijk van biodiversiteit en de natuur.’

Niet gek dus dat wetenschappers wereldwijd aan de bel trekken. De tijd dringt, we moeten ons gedrag veranderen. Van Oudenhoven: ‘De realiteit is dat de hele planeet aarde een ontzettende puinhoop is, en dat we haar nooit goed behandeld hebben. De vernietiging van de aarde is onze verantwoordelijkheid en heeft vertrekkende gevolgen voor de hele wereldbevolking, nu en in de toekomst. We schepen de komende generaties op met een aardbol die nauwelijks meer te repareren is en de ongelijkheid op aarde zal groter worden.’

Biodiversiteit in Nederland

Ook in Nederland gaat de biodiversiteit hard achteruit. Ecoloog Raymond Klaassen onderzoekt vanuit de Rijksuniversiteit Groningen de akkervogels in Nederland. ‘Het is schrikbarend. Alle studies naar de biodiversiteit van akkerland schetsen een dramatisch beeld. Veldleeuweriken waren vroeger zo algemeen dat je ze niet kon tellen, tegenwoordig zijn ze vrij zeldzaam. Hetzelfde geldt voor de patrijs: met 95 procent afgenomen. De akkervogels fungeren als indicator. Een gezonde populatie vogels betekent dat het ecosysteem goed in balans is.’

Wetenschappers zien een directe link tussen het afnemen van biodiversiteit en de reguliere landbouw. Klaassen: ‘We zien dat hoe intensiever de landbouw is, hoe meer de biodiversiteit afneemt. Onze akkerbouw is heel erg gericht op schaalvergroting en het telen van gewassen die het meeste opbrengen. Maar honderden hectaren aardappelen en bieten zorgen voor een kaal landschap met weinig natuurwaarde en allerlei milieuproblemen.’

‘Door gebruik van (kunst)mest en pesticiden kunnen boeren zeer hoge opbrengsten behalen, soms wel de hoogste in Europa. Maar door die kunstmatige toevoegingen neemt het bodemleven af, verdwijnen insecten, vogels, enzovoort. Met andere woorden: de ecologie verdwijnt, er is te weinig biodiversiteit om de natuur haar werk te laten doen. Het gevolg is dat we steeds meer gebruik maken van kunstmatige oplossingen en die leiden weer tot nog meer biodiversiteitsverlies. Het is een lineair systeem zonder balans.’

Biodiversiteit in natuurgebieden

Toch neemt het oppervlakte beschermde natuur in West-Europa toe. Kunnen we die gebieden niet gebruiken om de biodiversiteit weer omhoog te brengen? Milieuwetenschapper Van Oudenhoven denkt van niet. ‘Natuurbescherming is belangrijk, maar bij lange na niet voldoende om het tij te keren. Natuurbescherming is vaak te eenzijdig. In een wereld die zo dichtbevolkt is, moet de mens altijd meegenomen worden in overwegingen, hetzij als bedreiging hetzij als partner. Een hek bouwen om een bos waar mensen van afhankelijk zijn, werkt averechts.  Bij natuurbescherming moeten zowel duurzame als sociaal-culturele aspecten mee gewogen worden.’

Daarbij: het één sluit het ander niet uit. ‘Natuurgebieden en land- en akkerbouwgronden zouden elkaar moeten ondersteunen,’ zegt Raymond Klaassen. ‘De biodiversiteit wordt groter als je verschillende soorten leefgebieden hebt waar verschillende soorten planten en dieren kunnen leven. Dus zowel bossen als weiden en akkers. Aanplanten van bos in akker- of weidegebieden vind ik een slecht idee want zo raak je specifieke ecosystemen kwijt. Beter is om te kijken hoe verschillende systemen elkaar kunnen helpen. Een natuurgebied kan bijvoorbeeld een bron zijn voor insecten die we nodig hebben in de landbouw.’

In de praktijk zien we dat natuurbeschermingsorganisaties vaak individueel en fragmentarisch te werk gaan. Klaassen: ‘In de natuurbeschermingsgedachte mis ik een helikopterview waarbij dingen samenkomen. Vaak wordt geprobeerd stikstofuitstoot aan te pakken, maar het heeft past echt zin als je die uitstoot kan verminderen. Organisaties zouden zich veel drukker moeten maken om wat er in landbouwgebieden gebeurt. Het stikstofoverschot is grotendeels terug te voeren op de landbouw, dat is echt wel duidelijk. Ook de enorme veestapel draagt bij aan het stikstofoverschot. Als we er iets aan willen doen, moeten we daar beginnen.’

Technologische innovatie

In de landbouwsector wordt gewerkt aan nieuwe technologie om de landbouw milieuvriendelijker te maken. Emissiearme stallen, ander krachtvoer… Deskundigen zetten vraagtekens bij deze benadering. Klaassen: ‘Technologische oplossingen om vervuiling in de landbouw tegen te gaan, pakken de effecten aan. Beter is het om naar de bron te gaan: werken naar een duurzamer landbouwsysteem dat ondersteunend is voor het buitengebied en het bodemleven. Een gezonde bodem kan veel koolstof (CO2) opslaan. Een rijke biodiverse grasvegetatie kan net zoveel koolstof opslaan als een bos.’

Hoe ziet een duurzaam landbouw systeem eruit? Klaassen: ‘In ieder geval anders dan hoe we het nu doen. Als we verder zouden gaan zoals we het nu doen, raken we steeds meer biodiversiteit kwijt. We moeten om te beginnen minder kunstmest en minder pesticiden gebruiken. Natuurlijke plaagbestrijding zou een grote bijdrage kunnen leveren. Bijvoorbeeld luisbestrijding met natuurlijke vijanden. En dan niet lieveheersbeestjes in Amerika kweken en hier rondstrooien, maar zorgen dat je een ecosysteem hebt waar die lieveheersbeestjes van nature aanwezig zijn. In de biologische landbouw, waar geen kunstmest gebruikt wordt en veel minder pesticiden, zien we veel meer  biodiversiteit.’

Structurele verandering 

‘Het hele systeem moet op de schop,’ concludeert Klaassen. ‘Niet alleen kunstmest en pesticiden zijn een probleem. De teelt is de eenzijdig en de veestapel is veel te groot. Net als onze focus op export en import. We zijn een doorgeefluik geworden. We halen goedkope soja uit Zuid Amerika en leveren vlees en zuivel aan Azië. Maar we hebben die soja helemaal niet nodig, we zouden ons veevoer prima zelf kunnen verbouwen. Grasklaver bijvoorbeeld of luzerne, dat zou naast alle aardappelen en granen een enorme verrijking zijn voor onze biodiversiteit.’

Net als Klaassen, pleit ook milieuwetenschapper Van Oudenhoven voor een structurele verandering van het landbouwsysteem. Van Oudenhoven: ‘We hebben een nieuwe kijk nodig op ‘welvaart en welzijn’ en hervorming van oude economische structuren: niet een alsmaar groeiende economie als uitgangspunt maar de natuur. Biodiversiteit en natuur zou leidend moeten zijn in de landbouw. Niet-duurzame productie en diensten ontmoedigen door middel van belastingen; duurzame productie en diensten bevorderen door middel van subsidies.’

Lagere opbrengst

Veel gehoorde kritiek op duurzame biologische landbouw is dat de opbrengt lager is. Daar tegenover staat dat de bioboer niet hoeft te investeren in kunstmest en pesticiden, wat veel geld scheelt én milieuvriendelijker is. Duurzame landbouw is ook arbeidsintensiever. ‘Maar is dat erg?’, vraagt Klaassen zich af. ‘Werkgelegenheid is belangrijk. Daarbij zien we in Afrika dat 70 procent van de lokale markt wordt bevoorraad door kleine boeren met diverse teelt. De grote industriële boeren met één of twee producten zijn daar minder belangrijk. Het laat zien dat een systeem met kleine boeren werkt. In Nederland zouden we dat ook kunnen doen.’

De roep om verandering wordt steeds luider. Brussel investeert miljarden in biologische landbouw en 80 procent van de Nederlandse boeren zegt te willen verduurzamen. Met gerichte regelgeving en minder macht bij grote coöperaties kunnen we een nieuwe weg inslaan. Denk aan btw ontheffing voor biologische groenten, subsidies voor boeren die willen omschakelen naar biologisch, milieubelasting en vleestax. Klaassen: ‘We weten steeds beter hoe we duurzame landbouw kunnen bedrijven en zien ook dat steeds meer boeren nieuwsgierig zijn naar alternatieven. Minister Carola Schouten heeft een belangrijk begin gemaakt met de kringlooplandbouw. Het is nu aan de politiek om verdere stappen te maken…’

Foto van Tomas Hertogh via Unsplash

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen.

Zie hier voor meer informatie!

Mijn gekozen waardering € -
De artikelen van Anne verschenen eerder in tijdschriften en kranten waaronder Fabulous Mama, Viva, Margriet, Linda en NRC Next. Anne is cultureel antropoloog en eigenaar van Uitgeverij 11