De NBA staat bekend als ‘s werelds beste basketbalcompetitie. Toch houden de ├ęchte basketballiefhebbers in de Verenigde Staten vooral van March Madness. De komende weken treffen de beste studententeams elkaar. In deze competitie is mannetjesmakerij uitgesloten. In de NCAA-studentencompetitie is geen plaats voor de grootste ego’s, maar voor het mooiste teamspel.

STEUN RO

US, SBU, Moestasj, LUSV, Groene Uilen, Pendragon. Zeggen de namen u niks? Het zou ons niks verbazen. Het zijn studentenbasketbalclubs uit Nederland. Ze spelen niet louter tegen elkaar, maar zijn actief in de vaderlandse competitie van de NBB, tussen de ‘burgerverenigingen’. Doorgaans spelen de beste studententeams één of twee treetjes onder de eredivisie. Studentenbasketbal in Nederland laat zich kenmerken door jaarlijks verschillende selecties, lage kantineprijzen, leuke zomertoernooien en knalfeesten. In de VS is dat wel even anders. Daar is het big business. March Madness is, beschreef ik deze week voor de site van Sport & Strategie, een gouden gekte.

De afgelopen weken verbleven twee speelsters van CTO Amsterdam in de Verenigde Staten om een aantal colleges te bezoeken. Laura Cornelius en Emese Hof staan op de rol om te gaan studeren én (vooral) basketballen in Amerika. Er wacht hun een beurs, en een totaal andere wereld.

Zon en sneeuw

Cornelius ging, na overleg met de CTO-staf en familie, langs bij Miami University en Iowa State University. ‘Twee uitersten’, aldus Cornelius op haar blog. Ze zat in de zon in Florida en de sneeuw van Iowa. Komend seizoen zal ze voor één van beide universiteiten gaan spelen. Cornelius: ‘Ik ben erg blij dat ik had gekozen voor twee totaal verschillende scholen met echt enorme uitersten. Alles is anders: het weer, maar ook de grootte van de school – Iowa State is een staatsschool met 35.000 studenten en Miami is een privéschool met 15.000 studenten -, de verschillen in cultuur, in coaching staff, in competitie en in speelstijl. De scholen hebben echter ook twee grote overeenkomsten. De eerste is dat ze allebei een point-guard nodig hebben en de tweede is dat vrouwenbasketbal er echt leeft. Mooi en goed om te zien!!’

Ook Emese Hof verbleef een week in Amerika. Zij bezocht drie colleges, en ook zij hield een dagboekje bij. Enkele fragmenten: ‘De eerste stop was Syracuse. De trainingsfaciliteit, het Carmelo Anthony Center, is een vrij nieuw complex. Mannen- en vrouwenbasketbal delen de weights room, rehabilitation center met hydrotherapie, studyhall en soort van computerkamer, waar onder meer de videoanalyses van de wedstrijden worden gemaakt. Daarnaast hebben beide teams een eigen lockerroom en videoroom.‘ Hof bezocht net als Cornelius ook Miami University. En daarna nog de Vanderbilt University in Nashville, Tennessee. ‘Het was al met al bizar om mee te maken, een totaal andere wereld. Je wordt als een prinsesje behandeld en dat alleen maar omdat je een balletje door een netje kan gooien, het is me wat. Het was indrukwekkend. Kiezen tussen deze drie scholen wordt pittig, maar ik ben ervan overtuigd dat ik bijna niet fout kan kiezen.’

Barack Obama

De twee zullen allicht de komende weken met extra aandacht March Madness volgen. En daarin staan ze niet alleen. Ook Barack Obama is een groot fan. Als zoveel Amerikanen leverde hij zijn favorietenlijstje voor de studentenbasketbalcompetitie in.

Zodra de NCAA bekendmaakt welke 68 ploegen zich voor het toernooi mogen melden, zit half Amerika te puzzelen aan de keukentafel. Het invullen van het 'bracket', het speelschema, en het voorspellen van de deelnemers aan de Final Four, houdt hele volksstammen bezig. Sponsors loven prijzen van honderdduizenden dollars uit voor diegenen die het juiste formulier inleveren.

Als elk jaar houdt March Madness half Amerika, inclusief de eerste burger dus, in zijn greep. Economen berekenden al dat het bedrijfsleven zo'n 1,5 miljard euro verlies lijdt doordat op kantoor via internet stiekem naar het studentenbasketbal wordt gekeken en er bij de koffieautomaat eindeloos over wordt gediscussieerd.

De NBA, de Amerikaanse profbasketbalcompetitie, nadert weliswaar zijn beslissende fase, de duurbetaalde profs moeten de komende weken de aandacht delen met aankomende sterren. De echte liefhebber in Amerika richt zich tot en met 6 april – als de finale in het Lucas Oil Stadium in Indianapolis plaatsvindt – volledig op March Madness. Komende zondag, Selection Sunday, worden de laatste startbewijzen uitgedeeld, op 17 maart barst het spektakel echt los. Er zijn dagen dat er, dankzij de verschillende tijdzones, 16 uur lang live wedstrijden worden uitgezonden. Sommigen noemen het ‘the only tourney that matters’, het enige toernooi dat ertoe doet.

Gouden gekte

March Madness is als gezegd een gouden gekte. De National Collegiate Athletic Association (NCAA) hanteert strenge regels voor de universiteiten. Ze mogen de beste basketballers, volleyballers, gymnasten en atleten weliswaar lokken met een studiebeurs en huisvesting op de campus, echt betalen is uit den boze. Jaarlijks dient er wel een of andere geruchtmakende zaak waarbij een coach te ver is gegaan in zijn beloften, waarbij een sporter net even te gretig een paar blitse schoenen, een dikke auto of een stofzuiger voor zijn moeder had aangenomen.

Dat is feitelijk vreselijk hypocriet. Want March Madness draait om geld. Heel, heel veel geld. Er wordt gevochten om de tv-rechten. Die brengen in eigen land inmiddels veel meer op dan de NBA-rechten. CBS en Time Warner’s Turner kochten vorig jaar samen, voor ruim 9 miljard euro, de rechten voor de komende 14 seizoenen. Adverteerders maken allemaal mooie sier met de competitie. CBS verkocht vorig jaar voor zo’n 500 miljoen aan tv-reclametijd rond de wedstrijden.

De ticketprijzen voor het finaleweekeinde vliegen door het plafond. Wie langs het veld wil zitten, betaalt zonder schroom enkele duizenden dollars. Een VIP-box kost nu zo’n 90.000 dollar. Catering en parkeerkosten zijn daarbij nog niet inbegrepen, laat de kaartjesverkoper weten.

De colleges die goed presteren ontvangen cheques van ettelijke miljoenen dollars, elke zege tijdens March Madness is ongeveer 250.000 euro waard. De winnende school krijgt bovendien de speelvloer. Soms wordt deze in de eigen hal gelegd, maar meestal zijn die accommodaties al zo mooi dat het hardhout in stukjes wordt gezaagd en verkocht wordt aan de fans.

Minder opgepompt en gewichtig

Voor de spelers zelf valt er ook wat te halen. 'The Big Dance' is dé manier om je in beeld te spelen bij de clubs uit de NBA. En dat terwijl het spel daar juist zo anders is. Zetten bij de profs kilo's en ego's de toon, het collegebasketbal is heel wat minder opgepompt en gewichtig. In de NBA zijn het de supersterren die mogen schieten, in het collegebasketbal draait het om het collectief. De meeste ploegen spelen een hartstochtelijke vorm van run-and-gun, waarbij de benen vaak harder rennen dan het hoofd kan denken. Voeg er de cheerleaders, de brassbands, de vele verrassende uitslagen én het patriottistische gejoel van de typisch Amerikaanse studenten bij, en de naam March Madness is verklaard.

Dat het enthousiasme zo groot is, is overigens niet onlogisch. Iedere Amerikaan die naar een highschool of universiteit is geweest, blijft tot zijn dood trots op de sportteams van dat betreffende college. Waar US, SBU, Moestasj, LUSV, Groene Uilen, Pendragon al snel uit het oog én uit het hart zijn, kunnen UCLA, North Carolina, Temple en Michigan State op fans in het hele land rekenen. In de VS geldt: eens student, altijd student.

 

Edward Swier (@edwardswier) is freelancer. Hij volgt voor De Persdienst onder meer Ajax, en schrijft voor Sport & Strategie over vrijwel alle andere sporten.

Edward Swier was er bij op de Olympische Spelen in Peking en Londen, deed verslag van Wimbledon en Roland Garros. Schrijft tegenwoordig ook over voetbal. Reed naast honderden andere koersen tien keer de Tour de France, in de volgerskaravaan. Zat er met zijn neus bovenop, maar zag niet alles.