Wat is #MeToo nou eigenlijk, zijn we daar al  over uit? Een revolutie in een hashtag. Twee  woorden die aan elkaar zijn gegroeid tot één,  een schild waarachter je eindelijk vrijuit kunt vertellen  over die keer dat je ongewenst bent betast, vernederd,  verkracht. Een wraakactie, een heksenjacht. Een vrijbrief  alle gebruikelijke journalistieke eisen te laten varen, die  de media spannen voor het karretje van wie er ook maar  wil profiteren van de val van een machtig persoon. Maakt  het van vrouwen passieve slachtoffers, of geeft het ze hun  zelfbeschikking terug? Gaat het over machtsmisbruik,  of over lust? Betekent het de val van de man?

De gewezen hoofdredacteur van The New York  Review of Books Ian Buruma omschrijft #MeToo in het  veelbesproken interview met Slate als ‘een noodzakelijke  correctie op mannelijk gedrag’. Het NYRB-dossier ‘The  Fall of Men’ wilde dan ook ‘slecht mannelijk gedrag  begrijpen’. Door #MeToo-mikpunt avant la lettre Jian  Ghomeshi een stem te geven, wilde hij licht werpen op  een in zijn ogen onderbelichte kant van de #MeToobeweging:  het lot van de beschuldigde man.

De rest is geschiedenis. ‘Reflections from a Hashtag’  is op zijn best een verslag van de vernietigende en  corrigerende impact van de media. Het essay van  Ghomeshi vertelt ons in elk geval niets nieuws over  ‘slecht mannelijk gedrag’. De auteur balanceert in al zijn  wonderlijke saaiheid op de grens van wat de progressieve  gemeenschap wil horen, met een feilloze toe-eigening  van feministisch discours (‘I began to see my own actions  as part of a systemic culture of unhealthy masculinity’),  en wat Buruma wil horen, het verhaal van het individu  als middelpunt van massahysterie.

Omdat Ghomeshi aard en aantal van de beschuldigingen  aan zijn adres afzwakt of verzwijgt, blijft  een man zonder eigenschappen over. Zijn reflecties  ontstijgen de banaliteit nauwelijks: ‘I ought to have been  more respectful and responsive with the women in my  life. To them I say, you deserved much better from me.’