Ook Nederland krijgt ontwikkelingshulp. Zo leren jongerenwerkers in Utrecht van Ambrose Ongwen, die geweld in Oost-Afrika terugdrong.

STEUN RO

Zie ook pdf van de publicatie in NRC Handelsblad: Mister Nobody
,,Ze noemen mij Mister Nobody”, zegt Ambrose Ongwen tegen een groep voetballende jongeren in de Utrechtse wijk Ondiep. ,,Ik kreeg die naam van jonge Keniaanse krijgers toen ik hun vertelde: ‘Niemand zal het roven van vee stoppen. Niemand zal jullie vrede brengen. Jullie zullen het zelf moeten doen.’”

Ongwen, een grote Keniaan van een jaar of zestig, wist het dodelijke geweld in het onrustige grensgebied van zijn land met Oeganda en Zuid-Soedan in te dammen. Hij overtuigde de veehouders die er met geweld elkaars koeien roofden, hun wapens neer te leggen. Hij liet de strijders voetballen in plaats van vechten, zodat ze evengoed als held thuiskwamen. Door dat succes geniet hij nu zelf een soort heldenstatus. Dit voorjaar kreeg hij nog de Compassieprijs van het Amsterdamse Mozeshuis uitgereikt. Deze week is de consultant in conflictmanagement, zoals hij zichzelf omschrijft, in Utrecht om te praten met jongerenwerkers. Zijn bezoek kan beschouwd worden als een soort omgekeerde ontwikkelingshulp.

Ongwen, die toen hij jong was missionaris wilde worden, spreekt vol zelfvertrouwen over de rol die hij in Nederland denkt te kunnen spelen. ,,Ontwikkelingshulp is niet alleen een stroom geld. Het gaat ook om kennis en ervaring, en ja, wat dat betreft kan ik zeker iets bijdragen. Mijn suggestie zou bijvoorbeeld zijn om positiever te kijken naar lastige jongeren. Stigmatiseer je ze als criminelen, dan gaat dat tegenwerken. Kijk liever naar wat ze wel kunnen.”

Carin Boersma, woordvoerder van de organisatie die het bezoek van Ongwen mogelijk heeft gemaakt, formuleert het zo: ,,Maatschappelijke vraagstukken in Nederland doen soms denken aan die in ontwikkelingslanden. Ook jongeren in achterstandswijken hier worden verleid tot criminele activiteiten omdat ze daarmee een heldenstatus verwerven.”   Boersma denkt bovendien dat Nederland kan leren van landen waar, door een afwezige of falende overheid, veel meer creatieve oplossingen uit de maatschappij zelf moeten komen. ,,Dat is des te interessanter nu Nederland te maken heeft met een terugtrekkende overheid”, zegt zij.