Verkiezingen doen rare dingen met politici én met journalisten. Een politiek leider moet minstens één boek op zijn of haar naam hebben staan, zo lijkt de trend anno 2017. Men geeft er grif gehoor aan, van Norbert Klein tot Alexander Pechtold. Het verkiezingsprogramma is niet voldoende, papier moet er gepresenteerd worden. Kilo’s papier. Er is heel wat te kiezen zo blijkt, niet alleen in het stemhokje, maar ook in de boekhandel. Politiek&zo maakte een selectie. Tekst en beeld: Josine Boven

STEUN RO

De al eerder genoemde Klein, die in zijn boek een poging doet af te rekenen met zijn 50PLUS verleden, lijkt eind februari de voorlopige hekkensluiter van politieke leiders met een boek. Aan de presentatie van zijn ‘Out of the Box’ wordt elders in dit nummer aandacht besteed. Van buiten de box naar optimisme. ‘Optimist in de Politiek’ heet het persoonlijk relaas van Alexander Pechtold. Voor wie de lijststrekker van D66 nog wat mist in het verkiezingsdebat: lees dit boek. Volgens de achterflap: Pechtold vertelt openhartig over zijn achtergrond, zijn jeugd en zijn opvoeding. In Optimist in de politiek zien we een man vol idealen. Iemand met een rotsvast geloof in de Europese samenwerking. We ontdekken de drijfveren van een politicus die zich vol overtuiging inzet voor wat meer dan ooit op het spel staat: onze veelkleurige vrije samenleving met kansen voor iedereen.

Breek het partijkartel

Thierry Baudet heeft van alle lijsttrekkers toch wel de meeste boeken op zijn naam staan. ‘Breek het Partijkartel is zijn negende. In dit boek betoogt hij dat het negentiende-eeuwse bestuursmodel dat we nog altijd in hoofdlijnen hebben, een structuurprobleem kent: kartelvorming. De politieke elites zien het niet, omdat ze er middenin zitten. Maar de kiezer haakt af. Referenda vormen een unieke en noodzakelijke aanvulling op het systeem – niet om de representatieve democratie af te schaffen, maar om haar te corrigeren waar zij niet representatief meer is.Empatisch economisme

De Justin Trudeau van de Nederlandse politiek, al gaat hij zelf die vergelijking hardnekkig uit de weg, mag natuurlijk niet ontbreken in dit rijtje. ‘De empathische samenleving’ heet zijn meest recente boek. Een soort van opvolger van zijn eerder verschenen ‘de mythe van het economisme. In dit essay, onderverdeeld in vier hoofdstukken moedigt Klaver progressieve burgers aan het debat over de Nederlandse identiteit naar zich toe te trekken. “We moeten het ‘wij’ niet kleiner, maar groter maken. Wat zijn onze gedeelde dromen en ambities in een land dat al lang van kleur verschoten is?” Deze vraag kan alleen zinvol beantwoord worden als mensen zich in elkaar inleven. Klaver pleit voor een empathische samenleving die ongelijkheid bestrijdt en tegenstellingen overbrugt.

Tegen het cynisme

CDA-voorman Sybrand Buma gooit het ook over een empathische boeg. In zijn ‘tegen het cynisme gaat Sybrand Buma op zoek naar antwoorden op die ons van het cynisme af kunnen helpen. Aan de hand van zijn persoonlijke verhaal dat ons voert langs zijn eigen familiegeschiedenis, laat hij zien hoe zijn eigen politieke overtuigingen zich hebben ontwikkeld. Tegenover de politiek van beeldvorming en korte termijn plaatst Buma onze waardetraditie. Wat houden die waarden in? Hoe hebben ze zich ontwikkeld? En hoe kunnen ze ons helpen in de strijd tegen het cynisme? Zo vinden we de vaste grond onder de voeten terug die nodig is om weer met vertrouwen naar de toekomst te kunnen kijken.

Goede gesprekken

Een leuke invalshoek voor zijn boek koos SGP-fractieleider Kees van der Staaij. De standpunten van landelijke politici zijn vaak wel bekend, maar hoe zijn die overtuigingen gevormd? Met wie praten de politieke smaakmakers erover, welke mensen hebben invloed op hen? In ‘Goede gesprekken’ doet Van der Staaij verslag van tien ontmoetingen met mensen die ieder op zijn of haar eigen manier indruk op hem hebben gemaakt. De gesprekspartners zijn divers, van opperrabijn Jacobs, relatietherapeut Grethe van Duijn, tot Claudia de Breij. Maar Kees van der Staaij spreekt ook met zijn eigen vader, over zijn opvoeding en welk stempel die op zijn leven drukte.

Hoop

Heeft Van der Staaij als ondertitel: Geloof, Hoop en Liefde, bij zijn Christenunie collega Gert-Jan Segers, draait het allemaal om ‘Hoop’ en heeft de ondertitel iets duisters namelijk: ‘voor een verdeeld land’. Ook Segers praat met anderen om zich heen. Zo komt Rabbijn Jacobs ook in dit boek aan het woord. Maar ook Arjen Lubach, Beatrice de Graaf, Generaal bd Van Uhm, Paul Schnabel, Francis Fukuyama, Bruno Roche, Vonne van der Meer, Bert Keizer en Ahmed Aboutaleb. De onderlinge vervreemding in Nederland raakte Segers geraakt, maar tijdens zijn zoektocht is hij ook hoopvoller geworden. Er is werkelijk iets aan te doen. Het is mogelijk: een land dat ruimte biedt aan verschillende mensen, een land waarin we elkaar weer echt in de ogen gaan kijken.