Het Nederlands Openbaar Ministerie heeft geen bewijzen tegen Transavia-piloot Julio Poch. Toch is meegeholpen aan zijn arrestatie drie jaar geleden. Momenteel staat hij terecht voor misdaden tegen de menselijkheid in Buenos Aires.

STEUN RO

Het Nederlands Openbaar Ministerie heeft geen bewijzen voor de betrokkenheid van Transavia-piloot Julio Poch bij de zogenaamde 'dodenvluchten'. De Argentijns/Nederlandse vlieger staat in Buenos Aires terecht op een mega-proces.

Eerder spande het Landelijk Parket in Rotterdam samen met de Argentijnse justitie waardoor Transavia-piloot Poch op zijn laatste vlucht voor zijn pensioenering op 22 september 2009 in het Spaanse Valencia kon worden gearresteerd. Dat land leverde Poch uit aan Argentinië. Zelf heeft Nederland geen uitleveringsverdrag. In de woning van Poch in Zuid-Schermer werd huiszoeking gedaan, maar die heeft geen aanwijzingen van betrokkenheid opgeleverd. En nu verklaart een goed ingevoerde medewerker dat Justitie de eerdere indicatie niet kan staven. Letterlijk: "Wij hebben geen bewijzen tegen hem."

De 60-jarige vlieger wordt verdacht van misdaden tegen de menselijkheid. Als marinepiloot zou hij betrokken zijn bij 'Vuelos de la muerte – dodenvluchten' tijdens de laatste Argentijnse dictatuur (1976-1983). Poch staat samen met 67 andere verdachten terecht in een strafproces dat op 28 november is begonnen.

Doden & Daders
Het aantal slachtoffers van de Argentijnse militair-civiele dictatuur tussen april 1976 en december 1983 schommelt tussen de 12.000 en 30.000, afhankelijk van de bron. Zo'n 1.200 mensen veelal militairen en politieagenten zijn tot nu toe als dader aangeklaagd. Daarvan zitten zo'n 290 vast, hebben 200 huisarrest, zijn inmiddels zo'n 100 vrijgelaten en zijn 165 inmiddels overleden.

Ook een Argentijnse advocaat die nabestaanden vertegenwoordigt, dus niet op de hand van Poch is, verklaart dat de 'ficalía', het Argentijns openbaar ministerie, een harde dobber heeft aan het rondbreien van de bewijsvoering. "Van andere verdachte piloten bestaan schriftelijke stukken die als bewijs kunnen worden aangemerkt. Bij Poch niet." Totaal staan er acht piloten terecht.

Julio Poch verblijft in de gevangenis van Marcos Paz, even buiten de hoofdstad Buenos Aires. In paviljoen 4, met ramen waarvoor horizontaal metalen strips zijn gelast. Hier verblijven zo'n 170 veroordeelde of verdachte medewerkers van de laatste junta. Zoals oud-generaal Jorge Videla, onder andere veroordeeld voor medeplichtigheid bij het ontvoeren van kinderen. "Een arme en oude man. Ik zag hem afgelopen maandag nog bij het bezoek," zegt Julio Poch tegenover DNP die hem de afgelopen maanden tweemaal in levenden lijve en enkele malen telefonisch sprak.

"In al mijn tijd bij de marine heb ik nooit slachtoffers gemaakt."
Julio Poch

Poch ontkent hardnekkig dat hij tijdens de smerige oorlog ooit op de Escuela de Mecánica de la Armada ESMA is geweest, het detentie- en martelcentrum in Buenos Aires dat onder leiding stond van de marine. Uit de ESMA verdwenen naar schatting zo'n vierduizend verdachte tegenstanders van het regiem, die gedrogeerd maar levend boven zee uit een vliegtuig werden gegooid. "Ik was nooit op de ESMA. Ik ben ook nooit op zo'n vlucht geweest. In al mijn tijd bij de marine heb ik nooit slachtoffers gemaakt."

Dodenvluchten

Poch zou bij een diner op Bali in 2003 hebben laten doorschemeren dat hij betrokken was bij de dodenvluchten. Althans dat maakten collega's op uit het gesprek, waarna het Nederlands Openbaar Ministerie werd ingeseind. "Het is een Kafka-scenario. Alsof je zegt dat de moord op J.F. Kennedy een complot was en je wordt vijf jaar later beschuldigd dat je onderdeel uitmaakte van datzelfde complot. Wat me pijn doet: ik dacht in Nederland een vrij land is waar je je opinie kan vertellen en niet direct verdacht ben."

Wel erkent hij: "We wisten dat mensen vastzaten op de ESMA, maar niet van de martelingen en de dodenvluchten. Pas in 1985 hoorde ik ervan via Nunca Más (Het onderzoek van de Nationale Commissie over Verdwenen Personen CONADEP, AK) en het proces van de 9 generaals van de junta's."

Volgens marineofficier luitenant Adolfo Scilingo, die zijn deelname toegaf aan twee dodenvluchten, had iedere hoge marineman door een roulatie-systeem als 'speciale gast' er aan deelgenomen. Veelal wierpen ze de lichamen niet zelf uit het vliegtuig. Evenmin vlogen ze het toestel. Ze keken vooral toe. Hij verklaart dit in het boek 'El Vuelo', geschreven door Horacio Verbitsky. Poch bezit als piloot de rang van officier.

Maar Poch acht Scilingo, die nu in Madrid een levenslange gevangenisstraf uitzit voor zijn aandeel in de massaslachting, onbetrouwbaar omdat hij wegens fraude is ontslagen bij de marine. Ook zou het logistiek onmogelijk zijn. De dodenvluchten werden zo'n anderhalf jaar lang iedere woensdag uitgevoerd. Er zouden hooguit enkele honderden mensen als 'gast' hebben kunnen meevliegen. "Er waren 2.000 marineofficieren in die tijd."

Nonnen

De aanklacht tegen hem deugt niet en is daarom ook aangepast, meent Poch. De eerste betichting van onderzoeksrechter Sergio Torres behelst zijn participatie bij de dood van 615 mensen. Bij de laatste is het aantal uiteindelijk verminderd tot zo'n 27. "Omdat ik een deel van de oorlog in de Verenigde Staten zat en werkzaam was op een vliegkampschip."

Poch wordt de dood van de Franse nonnen Alice Domon en Léonie Duquet op 14 december 1977 aangewreven. Maar hij zou via zijn logboek kunnen aantonen dat hij zich die bewuste dag op een marinebasis bevond 600 kilometer ten zuiden van Buenos Aires en een trainingsgevechtsmissie met zijn Skyhawk A-4Q A-306 vloog. Nog twee punten moeten zijn onschuld aantonen. Zo heeft hij verklaringen van andere disgenoten bij het diner op Bali: "Dat ik niet heb gezegd wat wordt beweerd." Het derde bewijs is dat hij een combatfighter op een Skyhwak-straaljager was, en geen transportvliegtuig mocht besturen.

Etentje

Volgens zijn Argentijnse advocaat Gerardo Ibáñez is het proces het bizarre gevolg van een etentje met collega-piloten waar de drank rijkelijk vloeide en Engels de voertaal was. Ibáñez: "In het Engels bestaat geen onderscheid tussen 'jij' en 'jullie', het is beide 'you'." En dan zijn er de fouten in de Spaanse vertaling die de getuigen hebben ondertekend zonder de taal machtig te zijn. "Dat is alsof je blind iets ondertekent, maar daarin staat wel dat Julio Poch dodenvluchten vloog. Daarop vroeg onderzoeksrechter Torres uitlevering van Poch."

Inmiddels zet Poch grote vraagtekens bij de rechtsgang in Argentinië. "Ik voel me een politiek gevangene. In Nederland ben je onschuldig tot het tegendeel is bewezen. In Argentinië word je als schuldig gezien en moet je je onschuld zelf bewijzen. Hier werken de aanklager en de onderzoeksrechter samen. Mijn zaak duurt misschien 2-3 weken maar omdat er zo'n 68 verdachten zijn duurt het allemaal erg lang."

Op 18 februari, zo is de planning, leest Poch zijn verklaring voor op de Argentijnse rechtbank waarin hij zijn onschuld bepleit. Dat is 3,5 jaar na zijn arrestatie.

Arnold Karskens is Neerlands meest onafhankelijke en ervaren oorlogsverslaggever. Muckraker. Nachtmerrie voor nazi’s en andere oorlogsmisdadigers. Auteur van tienŒ boeken. Onderzoeksjournalist die nooit ‘nee!’ als antwoord accepteert. Lastig, dwars & gehaat door zijn vijanden, maar Last Man Standing voor mensenrechten en vrijheid van meningsuiting.

Geef een antwoord