De opiniepagina was al vol en dicht, maar anders had dit briefje meegemogen, zei de paginachef van NRCH. Een briefje over het voortdurende gezeik over het Noord-Afrikaanse uiterlijk. Racistisch in feite, en oerdom.

STEUN RO

Iedere weldenkende vrouw weet, schrijft Christiaan Weijts in NRCH van donderdag, dat zij ‘s avonds groepjes Noord-Afrikaanse of Arabisch uitziende jongeren moet vermijden. Heb Weijts even opgegoogled en is schrijver, heeft Nederlands gestudeerd. Dan zal hij weten dat zo’n zin drogreden heet. Want als je niet weet wat Weijts wel weet, of anders ervaart of het er niet mee eens bent en die jongeren niet vermijdt, ben je geen weldenkende vrouw. De juf Nederlands zet een rode streep onder zo’n zin.
Toevallig heeft Weijts wel gelijk: ik ben geen weldenkende vrouw, want een man, zonder dochters ook. Toch weet ik heus dat meisjes en vrouwen zulke jongens regelmatig lastig of vervelend vinden en soms ook als bedreigend ervaren. Dat geldt voor wel meer groepjes ‘s avonds op straathoeken, jongeren of mannen of gewoon eikels, dronken of crimineel of corpslid of hooligan of jongens met het voornoemde uiterlijk.

Ik vind het echt een nare zin die Weijts schrijft, kennelijk slachtoffer van de heersende epidemie dat je gedrag kunt paren aan uiterlijk. Hun zijn gewoon anders, dat is hun niet te verwijten, dat is hun natuur want een achterlijke cultuur. Basta. Volgens mij is zo’n redenering in feite racisitisch. De redenering past daarom heel goed naast de redenering van Wilders cum suis’ dat je moslims nimmer kunt vertrouwen, omdat ze van hun religie mogen liegen, want dat staat ergens in hun boek. Probeer daar maar eens tegenop te redeneren, kan niet, want je liegt eigenlijk altijd!

Eikeltjes

Nogmaals, ik weet ook wel dat er een heleboel eikeltjes op straathoeken staan, maar Weijts’ redenering klopt niet. Ik woon bijvoorbeeld zelf in een straat met mensen met voornoemd uiterlijk en die staan ook wel eens op de hoek, maar ik doe ze gewoon de groeten en soms zelfs met hun praten! Maar ja, dat is dan ook niet in een Randstedelijke omgeving, misschien telt het uiterlijk dan niet meer mee?

Een actualiteit staat zelden op zichzelf, die komt voort uit context. Daarom reist Anthon Keuchenius (1964) graag rond, ongeveer tussen Heuvelrug en Jemen, om die context in tekst en beeld te brengen. Liefst ruim voor- of nadat die actualiteit zich voordoet. Of waar anderen hem laten liggen.