Karim Benammar is filosoof en daagt zijn gehoor graag uit na te denken over thema’s die direct invloed hebben op hun leven in de nieuwe economie. Ik ontmoet hem in de member lounge van de Amsterdam Tower om eens lekker te filosoferen over de voordelen van het terugbrengen van de AOW-leeftijd naar 18 jaar.

STEUN RO

We kijken uit over de hoofdstad. Karim Benammar geeft me drie ‘bankbiljetten’ met een QR-code. De code correspondeert met een coördinaat op de wereldkaart. Hij heeft me zojuist ‘eigenaar’ gemaakt van een stukje wereld in de Stille Zuidzee. Waarom ook niet. Waarom zou ik geen recht hebben op een stukje van de wereld? Of – als we even doordenken – als inwoner van Nederland niet direct mogen meedelen in de gasopbrengsten? Die 1000 Euro van Rutte is helemaal niet zo’n gek idee.

We komen te praten over Monopoly. Het verschil tussen het spel en de echte economie fascineert Karim Benammar. ‘Bij Monopoly begin je allemaal met evenveel kans en geld. In de loop van het spel probeer je straten te ruilen, huizen en hotels te bouwen en uiteindelijk is er een winnaar. Bij een volgend potje begint iedereen weer van voren af aan. ‘In de echte wereld zou zo’n reset ook prettig zijn.’

Als de term onvoorwaardelijk nog te Calvinistisch klinkt, mag je wat hem betreft ook spreken van het verlagen van de AOW-leeftijd naar 18 jaar of van negatieve belasting.

Helaas werkt het zo niet. Onze op geld gestoelde economie staat opnieuw beginnen met een schone lei zelden toe. ‘Dat maakt veel kapot’ zegt Benammar. ‘Neem bijvoorbeeld schulden. Die heb je voor het leven, maar ik zou het humaner vinden als er een termijn wordt gesteld aan schulden hebben. ‘Binnen die termijn moeten mensen er alles aan doen om af te lossen, maar daarna is het klaar. Schulden mogen niet voor eeuwig zijn. Maar zelfs als je doodgaat, ben je er nog niet vanaf, want veel schulden gaan over op nabestaanden.’

Met dit soort Calvinisme heeft de filosoof het moeilijk. Neem bijvoorbeeld ook onze kijk op werk. ‘Dat beschouwen we als een morele plicht. Wie een uitkering krijgt, moet daar minstens wat voor terug. Al is het maar je eens in de zoveel tijd ergens melden. Het is heel voorwaardelijk opgezet allemaal. Ik vind dat we dat moeten durven veranderen.’

Onvoorwaardelijk inkomen voor iedereen

Benammar ziet meer in een onvoorwaardelijk inkomen. ‘Je profiteert mee van de BV Nederland. Het inkomen moet de ergste noden van mensen verlichten. Het hoeft dus niet hoog te zijn.’ Als de term onvoorwaardelijk nog te Calvinistisch klinkt, mag je wat hem betreft ook spreken van het verlagen van de AOW-leeftijd naar 18 jaar of van negatieve belasting.

De onvoorwaardelijke toelage is een mooie gamechanger om anders naar werk en inkomen te kijken. Hard nodig in deze tijd waar veel werk verdwijnt door automatisering en robotisering. Het wordt tijd om in te zien dat werk om meer draait dan geld alleen. ‘Je ontleent er ook andere zaken aan, zoals: zingeving, identiteit, collega’s en structuur. Door het onvoorwaardelijke inkomen hoef je niet altijd declarabel te zijn bijvoorbeeld.’

‘Je kunt ook op een andere manier profijt delen. Zoals jij en ik hier nu zitten te praten. We kunnen dit zien als een traditioneel interview, maar we kunnen ook bekijken wat we hier allebei aan overhouden. Ik heb dat weleens aan de hand gehad met iemand die mij in contact bracht met iemand die voor mij van heel veel waarde was. Maar hoe verreken je zo’n tip? En hoe fijn zou het zijn als iemand ook geld kan verdienen met het maken van goede matches?’

Zo hoog boven ’t IJ  doemt de toekomst van een hybride leven op. Een dergelijke structuur van een werkzaam leven is volgens Benammar een mooi antwoord op alle veranderingen die op ons afkomen. Met cappuccino sojamelk filosoferen we verder welke heilige huisjes allemaal omver moeten om de veranderingen mogelijk te maken.

Benammar: ‘We denken te veel in bestaande structuren. Onze huidige structuur ontlenen we nog aan de industrialisatie. We moeten vaststellen dat veel van die modellen niet meer werken. Omdat we die structuren zelf opgezet hebben, kunnen we ze ook afbreken.’

‘Maar je merkt dat veel zaken nog op een oude manier worden benaderd en die werkt niet meer. Het is niet voor niks dat organisaties die rondom arbeid zijn georganiseerd het moeilijk hebben, zoals vakbonden en partijen als Labour of de PvdA. Het socialisme heeft ons veel gebracht, maar misschien is hun tijd voorbij?’

‘Zo zijn ze nog steeds bezig over vaste banen, maar er zijn ook andere noden. ZZP’ers moeten zelfstandigen met personeel worden, maar het is gewoon hartstikke duur om in Nederland iemand in dienst te nemen. De belasting op arbeid is veel te hoog. Tegelijkertijd zie je dat die ZZP’ers bezig zijn met een race to the bottom. Ze worden tegen elkaar uitgespeeld. Maar minimumprijzen mogen ze niet afspreken met elkaar. Dat is kartelvorming. Dat moet veranderen.’

Tegelijkertijd lenen en sparen is onzin

Benammar wil ook een andere kijk op pensioenen. Daar zit ontzettend veel geld vast en als je er goed over nadenkt is dat heel onvoordelig. Je laat mensen aan de ene kant sparen voor later en aan de andere kant lenen voor hypotheken.’

Een andere fraaie vorm van vastzitten in een denkstructuur ziet hij bij de ‘geslaagde’ Nederlanders. ‘Die mensen werken in de regel keihard. Een drukke baan, een commissariaat, familiekapitaal wat ze moeten beheren. Ze zijn altijd bezig. Dat is ook overgebleven uit de industrialisatie periode. Ruim 100 jaar geleden was het juist de bedoeling dat welgestelden niet werkten. In het stenen tijdperk werkten jagers ook maar twee uur per dag.’ Voorbeelden dat structuren kunnen verdwijnen.

De tijd verstrijkt ongemerkt op het bankstel van de Tower-lounge. Het is dat we geen sigaren bij ons hebben, maar de sfeer nodigt uit om door te pakken. Wat wordt de volgende stap weg van de industrialisatie structuur.

‘De belangrijkste drijfveer zit bij mensen vanbinnen, Wat wil je doen met je leven? Hoe wil jij werken? Gelukkig vragen steeds meer mensen zich dat af. Ik ken een fietsenhandelaar die in het weekend werkt als verhuizer. Zo genereert hij meer inkomen, maar hij sport ook. Het is heel goed voor je lijf om dozen en andere zware spullen te versjouwen. Misschien wel beter dan de gym’. Of een ambtenaar die vier dagen op kantoor zit, maar de vijfde dag van de week werkt als bakfietskoerier. ‘Zo krijgt hij toch beweging. Maar je kunt ook als je ergens werkt de regels van binnenuit proberen te veranderen.’

Een andere manier is beïnvloeding van buiten. Zelf is Benammar geen beroepsdemonstrant, maar je ziet dat bijvoorbeeld een bedrijf als Shell groener wordt door actievoerders’. Zelf oefent hij liever invloed uit met zijn brainwash talks of publicaties.

Het leukste vindt Benammar eigenlijk startups die een model naast een bestaand model introduceren en zo laten zien dat het anders kan. ‘Deze tijd biedt mensen heel veel mogelijkheden.’ Zo is hij zelf bezig met online colleges geven. ‘Voor universiteiten is dat dé belangrijke bron van inkomsten en dat is door moderne technologie beschikbaar voor iedereen.’

‘Universiteiten komen sowieso in zwaar weer. Het is niet meer van deze tijd om iemand rond zijn 22e te certificeren en daarna eigenlijk niet meer. Werken is ook een leven lang leren, maar daar profiteren vooral andere organisaties van.’

Het wordt écht tijd om af te sluiten. Ik ben een stukje van de wereld rijker. Over de hardste vorm van kanteling hebben we het nauwelijks gehad. Benammar: ‘Het is de domste methode, maar uit de geschiedenis kun je leren dat het achteraf soms onvermijdelijk is geweest: oorlog.’ Toch maar eens kijken naar de geschiedenis van de Stille Zuidzee.

    Ruud Poels schrijft over veranderingen die hij ziet in de nieuwe economie. Hoe vinden mensen en organisaties daar hun weg in? En worden we er gelukkig van?