Via allerlei media kunnen we continu onzinnige en zinvolle informatie tot ons nemen. Hoe help je als ouder je tiener daar bewust mee om te gaan?

STEUN RO

Zojuist heeft David een afspraak met zichzelf gemaakt: hij gaat een kwartier leren zonder social media te checken. Zijn telefoon heeft hij op ‘stil’ gezet en een paar meter bij hem vandaan gelegd. Terwijl hij zich op Franse woordjes concentreert hoort hij in de verte het trilgeluid van zijn smartphone. ‘Niet kijken, niet kijken’, echoot het door zijn hoofd. Na vijf minuten kan hij de verleiding niet weerstaan om zijn telefoon te pakken. In een berichtje op zijn beeldscherm lacht een smiley hem vriendelijk toe. Het had zomaar heel belangrijk kunnen zijn.

Media die tieners afleiden tijdens het maken van huiswerk: het is een grote zorg van ouders, weet Justine Pardoen. Zij is hoofdredacteur van Ouders Online en Mediaopvoeding.nl en zij schreef het boek Focus! ‘In deze tijd waarin scholen steeds meer verwachten van leerlingen, zijn sommige ouders echt wanhopig’, vertelt Pardoen. Haar advies is om samen met je kind te onderzoeken wat voor hem of haar het beste werkt. ‘Stel ze vragen als: “wat is voor jou de ideale manier om te leren?” “Hoe kan ik je daarbij helpen?”

De een zal dan misschien zeggen: het zou voor mij heel erg helpen als je ophoudt met zeuren. De ander zal blij zijn als je helpt herinneren zijn of haar telefoon uit te zetten tijdens het leren. En’, zegt Pardoen, ‘vergeet als ouder niet te benoemen dat je ziet dat er iets fout gaat, bijvoorbeeld dat je zoon laat gaat slapen of zijn huiswerk niet maakt. Als er geen problemen zijn, hoef je natuurlijk ook niets te veranderen.  Mocht je er dan toch over willen praten, dan  zou je eens kunnen vragen: “ik hoor dat het moeilijk is voor jullie generatie om met alle informatie om te gaan. Jou lukt dat wel, hoe doe jij dat?”’

Mediaopvoeding

‘Media kunnen harstikke mooi en krachtig uitwerken voor tieners’, vertelt Peter Nikken, bijzonder hoogleraar Mediaopvoeding aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. ‘Daardoor kunnen ze contacten met anderen onderhouden, zichzelf vermaken en dingen leren. Bijvoorbeeld het opzoeken van informatie, maar ook het ontwikkelen van smaak en hoe je met mensen omgaat. Tegelijkertijd zijn er risico’s verbonden aan media. Denk hierbij aan geld kwijtraken door het afsluiten van onbedoelde abonnementen of het zien van enge filmpjes. Op televisie zagen we afgelopen zomer veel ellende. Dat is er ook allemaal. Daarom is het belangrijk dat ouders hun kinderen helpen goed om te gaan met allerlei beelden en stromen van informatie.’

‘Er zijn geen kant en klare recepten voor hoe dat moet’, zegt Nikken. Studies hebben wel uitgewezen dat sommige vormen van mediaopvoeding voor sommige kinderen effectief kunnen zijn. Toch blijft het in de praktijk een dagelijkse zoektocht. Het verschilt per leeftijd van de kinderen, maar ook wat ouders belangrijk vinden. ‘Sommige ouders proberen hun kinderen zo weinig mogelijk in contact te brengen met televisie en internet. Zij vinden het vooral belangrijk dat kinderen op tijd naar bed gaan, lezen en sporten. Er zijn ook ouders die meer liberaal zijn en bijvoorbeeld tablets belangrijk vinden voor de ontwikkeling van hun kind. Uiteindelijk is het aan de ouder zelf hoe zij hun kinderen daarin opvoeden, maar dan moeten ze wel consequent blijven en dat valt niet altijd mee.’

Waardering

Nikken vertelt verder: ‘als ouder moet je op een goede balans letten. Hebben je kinderen genoeg tijd voor huiswerk? Eten ze voldoende? Doen ze aan sport?’ Daarbij is het volgens hem belangrijk om het gesprek over media aan te gaan met kinderen, zonder direct negatief te zijn. ‘Jongeren willen van alles proberen en onderzoeken. In de puberfase hebben ze veel contacten met vrienden en vriendinnen, probeer daar open voor te staan. Luister naar wat je kinderen leuk vinden, probeer belangstelling te tonen. Eventueel ook waardering, als ze bijvoorbeeld goed zijn in gamen.

Wanneer je merkt dat je kind continu met zijn of haar smartphone in de weer is, dan kun je eens vragen: “gaat het ten koste van iets als je de hele avond aan het gamen bent? Realiseer je je dat je daardoor misschien contacten in het echt mist?” En bedenk alternatieven om iets anders te doen dan beeldschermgebruik.’ Dat ouders niet zouden weten op welke sociale media en games hun tieners actief zijn, valt volgens Nikken wel mee. ‘Via google kun je al veel algemene informatie vinden. En juist door je kinderen te vragen wat voor apps ze bijvoorbeeld op hun telefoon hebben staan, kan een ouder daar makkelijk achter komen.’

Voorbeeldfunctie

In gesprek zijn over media is volgens Nikken ook belangrijk omdat kinderen dan ook naar hun ouders durven te komen wanneer er iets misgaat. Denk aan cyberpesten of als ze per ongeluk een eng filmpje hebben gezien. ‘Ze weten: ik kan het er met mijn ouders over hebben zonder dat ze gelijk met een belerend vingertje wijzen.’ Maar hoe houd je het gesprek überhaupt gaande wanneer je puber vanachter zijn schermpje af en toe een ‘hmmhm’ uitbrengt?  Nikken: ‘als volwassene moet je je realiseren dat je een voorbeeldfunctie hebt en ook een boodschap afgeeft. Als je tegen je dochter zegt dat ze niet zoveel achter haar scherm moet zitten, durf dan ook jezelf af te vragen hoe vaak je voor je werk nog achter de laptop zit. Er zijn ouders die kinderen een appje sturen als het eten klaar is, maar je kunt er ook voor kiezen even naar ze toe te lopen. Je kunt ook een moment inbouwen, bijvoorbeeld tijdens eten, waarop iedereen zijn smartphone aan de kant legt. Dat zijn gelegenheden waarbij je met elkaar kunt praten. Het is niet verkeerd daar bewust over na te denken.’

Pardoen vult aan: ‘er zijn gezinnen die een dag in de week, bijvoorbeeld op zondag, offline gaan. Tieners ervaren dan eens hoe het voelt om een dag even los te zijn van allerlei prikkels.’ Ze waarschuwt er wel voor dat zo’n experiment  snel een opgelegde regel wordt. En dat is niet de bedoeling. ‘Leg uit waarom je een offline-dag instelt en praat met elkaar over wat het met je doet. Dat heeft meer effect en dan beseffen je kinderen misschien wel dat je ze eigenlijk een cadeautje geeft.’

Vijf tips om te praten over internet:

1. Ga niet zitten voor een goed gesprek, maar grijp kleine voorbeelden aan zoals bijvoorbeeld een programma op televisie of een bericht in de krant.

2. Neem vragen altijd serieus en geef altijd antwoord.

3. Voorkom dat je alleen over risico’s en gevaren praat.

4. Voorkom dat je alleen nog praat wanneer er iets is misgegaan.

5. Probeer contact te blijven houden, ook al lijkt je tiener onbereikbaarder dan ooit. Stel grenzen en blijf duidelijk maken wat jij en je partner ergens van vinden.

(bron: mijnkindonline.nl)

Heleen Dekens schrijft interviews en achtergrondartikelen die het verhaal achter het nieuws vertellen. Ze schrijft om te informeren en inspireren. En gewoon omdat ze het niet laten kan.