Theaterman Paul de Leeuw is fanatieker dan de rest. Dus weigert hij op commando van RTL4 vals te spelen bij Wie ben ik. ‘Donder op, ik wil gewoon Gordon verslaan.’

STEUN RO

Makelaars weten het al sinds mensenheugenis: de geur van appeltaart wekt kooplust op bij kijkers. De associatie met huiselijkheid en warmte is instinctief en onvermijdelijk. Ook bij Paul de Leeuw, die zijn nieuwe theatershow Ik ben rustig opent met het bakken van een appeltaart op het podium.

Patissier Paul

Patissier Paul is al weken aan het oefenen, het thuisfront kan geen appeltaart meer zien. ‘Ik probeer mijn eigen record te breken. Dat staat nu op 10 minuten. Behoorlijk lastig, want vergeet niet: ik moet er ook nog bij praten,’ vertelt de cabaretier in zijn Almeerse televisiestudio.

Vroeger was ik panisch voor de dood, dacht ik niet ouder te woorden dan 52

Het idee voor de appeltaart komt voort uit zijn succesvolle vorige show Poephoofd, toen hij na afloop kookdemonstraties gaf in de foyer. ‘Dat contact met het publiek vind ik heel erg leuk. Dus wilde ik nu weer iets verzinnen. Het sluit aan bij Heel Holland Bakt, bij het gegeven dat mensen met een klein kunstje opeens wereldberoemd in Nederland worden. Instant succes. Waarom heb ik dat niet verzonnen, denk ik dan? 50 Shades of Grey, Sylvie Meis, Ymke en Britt, waar gaat dat over?’ De Leeuw bekent dolgraag Heel Holland Bakt te willen presenteren. Nu dat baantje is weggekaapt, gaat hij 70 appeltaarten bakken, een per avond, die na afloop uitgereikt wordt in de foyer aan iemand die iets bijzonders heeft gemaakt. Aanvragen per twitter.

Leukemie

Keek Poephoofd vooral terug op de eerste vijftig levensjaren van de Blaricumse Rotterdammer, nu blikt hij vooruit naar de tweede levenshelft. ‘Als je vandaag overlijdt, wat laat je dan achter? Niet zozeer letterlijk qua erfenis, maar wat heb je nou eigenlijk gedaan? Waar blijven je man en kinderen mee achter? Wat heb ik betekend op deze aardbol? Het idee en de titel van de voorstelling komen voort uit de woorden van een vriend, die op vijftienjarige leeftijd euthanasie pleegde. Hij had leukemie. Ik was daar bij. Vroeger was ik panisch voor de dood, dacht ik niet ouder te woorden dan 52. Zoals mijn vader. Hm, dat ben ik nu. Maar sinds de laatste woorden van die tienerjongen, ‘ik ben rustig’, ben ik minder bang.’

Pianopiet

De Leeuw schermt zijn zonen altijd af voor de publiciteit. Toch duiken ze op in zijn voorstellingen. ‘Andere cabaretiers spreken over de toestand van de wereld. Ik ben mijn eigen oeuvre. Daarom speelt deze show zich ook af in mijn eigen huis. Daar zijn nog nooit foto’s van gepubliceerd, maar nu krijgen mensen op het podium stukken te zien van mijn interieur, je krijgt echt het gevoel dat je bij me op bezoek bent. Onderdeel van dat leven zijn nu eenmaal mijn man en mijn zoons. Ik heb wel de afspraak ze niet bij naam te noemen. De jongste speelt piano en opeens noemde ik hem Pianopiet. Vindt hij best, want hij vindt die hele pietendiscussie onzinnig.’

Sanitair taboe

Er zit geen emancipatoire bijbedoeling bij, zo van kijk die homo’s goed met hun zonen omgaan, stelt De Leeuw. ‘Die emancipatie is me in de schoen geworpen. Misschien was ik de eerste die aids normaal op televisie behandelde, of verstandelijke gehandicapten serieus nam. Dat was geen doel op zich. Wij wisten pas dat we een taboe doorbraken na de uitzending. Mijn voorspelling voor deze show: mijn conference over of mensen inspecteren wat ze in het toilet achterlaten. Bij dat sanitaire onderwerp blijft het verdacht stil in de zaal. Wat doe jij na de stoelgang?’

Televisie

Tot de zomer ligt de nadruk op De Leeuws grote liefde, het theater. Op de televisie doet hij het voor zijn doen rustig aan met programma’s als Kwis en Wie ben ik?Kwis is als onderdeel bij mij in het programma begonnen. Ze vroegen me als quiz master, maar dat wilde ik niet. Nu ben ik heel trots dat die jongens me erbij betrekken. En ik ben een goede begeleider van de gasten: ik weet geen enkel antwoord, dus we kunnen samen afgaan.’

Vals spelen

Wie ben ik? heeft hij vooral gedaan voor de lol. ‘Ik ben heel fanatiek, veel fanatieker dan Gordon of Richard Groenendijk. Ik ben een echte spelletjesman. RTL vroeg me om als ik een antwoord wist, het een beetje uit te stellen. Vals spelen! Donder op, dat doe ik niet. Ik wil gewoon winnen.’

Sylvie Meis

Op televisie, in het theater, Paul de Leeuw wil altijd winnen. ‘Zo steekt toch iedere goede professional in elkaar? Of het nu om een hartchirurg of een cabaretier gaat. Dus Ik ben rustig moet beter worden dan Poephoofd. Een afschuwelijk verwachtingspatroon, die het schrijfproces niet makkelijker maakt. Soms denk ik, dat ik in de verpleging moet gaan werken, iets met mensen. Gelukkig heb ik een thuisfront, waar ik nieuwe scènes op kan uitproberen. Zo was ik met de kinderen naar The Hobbit I geweest. Mijn man houdt daar niet van, mijn zonen gelukkig wel. Opeens zat Smèagul in mijn hoofd. En wilde ik die koppelen aan Sylvie Meis. Waarom? Dat zie je wel in de show.’

Koffietijd

Wie vooruit kijkt naar het einde, ziet de dood in de ogen. Wat voor levenseinde wenst De Leeuw? Stil er tussenuit knijpen als een kat of één grote parade? ‘Tsja, wordt het Koffietijd of het 8 uur journaal? Ik hoef geen enorme manifestatie, cabaretiers hoeven geen toespraken te houden. Als we mijn laatste momenten maar met het gezin beleven. En als mijn man de urn in godsnaam bij zich houdt. Aan het eind zing ik een lied van George Groot: Mijn tijd moet nog komen, ik heb het leukste tot aan het laatst bewaard. Ik wacht terwijl ik oefen voor bejaard, tot de laatste storm is bedaard en mijn tijd is gekomen.’

Paul de Leeuw: www.ikbenrustig.nl, t/m 31 mei

    SmaakMaker Dirk Koppes proeft en fileert het culturele klimaat. Deze AlbertHeijnHater was hoofdredacteur van Carp, chef cultuur bij De Pers, en schreef een reisboek over Cubaanse jongeren. Hij selecteert verplicht lees- , proef- en kijkvoer.