De mooiste van zijn zes WK-medailles, de enige van goud namelijk, behaalde baanwielrenner Peter Schep in Bordeaux. In 2006 werd Schep wereldkampioen op de puntenkoers. Nu keert hij, als assistent-bondscoach, terug naar Frankrijk. In Saint Quentin-en-Yvelines, op een steenworp van Parijs, ligt een gloednieuwe piste. Vandaag, woensdag 18 februari, begint daar het WK, met een nieuwe lichting Nederlands baantalent én serieuze kansen op eremetaal.

STEUN RO

In 2013 kneep Peter Schep de remmen dicht. Een liesslagader hinderde hem al een tijdje, zoals veel coureurs. Maar de druppel was een vierde sleutelbeenbreuk, nog zo’n typische wielerkwaal. 'Het lijkt alweer een eeuwigheid geleden’, erkent Schep. Twee weken nam hij vakantie. 'Ik zou geen wereldreis willen maken.’ Daarna was het mokken over en volgde een carrièreswitch. Als coach van de baanbeloften hoopt hij zo snel mogelijk nog meer jong talent klaar te stomen, bovendien laat hij de huidige achtervolgingsploeg delen in zijn koerservaring én staat hij omniumrenster Kirsten Wild tactisch bij. 'Ik ben er meer mee bezig dan toen ik coureur was, praat er meer over.’

Als hij zichzelf had moeten coachen, was het geen succes geworden. Zegt Peter Schep. 'Ik hield ervan binnen mijn eigen comfortzone te blijven. Dat brengt je op een goed niveau, maar niet op het hoogste.’ Fietsen moest leuk blijven, de focus hield hij amper langer dan vijf weken vast. 'Ik kon wel afzien, maar op mijn eigen manier. Ik doseerde, wist dat de periode waarin ik scherp kon blijven, maar beperkt was. Ik wist wél dat het belangrijk was me op het juiste moment, voor een paar weken, uit mijn comfortzone te laten lokken.’

Watje

Dat lukte in 2006 beter dan ooit. Judoka Edith Bosch, zijn toenmalige vriendin, had hem ingepeperd zelfbewuster te worden. Zij had al wél WK-goud. 'Ik heb best veel moeite met confronterende dingen. Zolang ik dat uit de weg kan gaan…Maar als je samenwoont met zo iemand als Edith, weet je dat er iets moet gebeuren. Edith zei: loop nou eens door een muur heen, je bent gewoon een watje. Edith kon dat wel, liet me dat zien. Ze kon helemaal instorten en zich kort daarna weer helemaal opladen. Judo gaat er natuurlijk ook letterlijk om de sterkste te zijn, daar maken ze je op de training helemaal af. In die cultuur had ik me niet kunnen handhaven. Maar dankzij Edith besefte ik wel dat ik harder voor mezelf moest worden.’

Zijn houding op de fiets, de gesoigneerde aanblik én het ogenschijnlijke gemak waarmee hij rondreed, gaf hem een eretitel. Pédaleur de charme. 'Je zag het nooit aan mij af als ik het zwaar had.’ Op sommige dagen vloog hij ook écht. 'Zoals toen in 2006.’ Het waren de jaren dat er voldoende budget voor de baanploeg was. De huidige selectie heeft slechts beperkte middelen. Toch, zegt Schep, is er nú veel meer mogelijk. 'Ik besef nu pas hoeveel er destijds op het bordje van Peter Pieters terecht kwam.’ Kwam Pieters ogen en oren tekort, onder zijn opvolger René Wolff werd een duidelijker taakverdeling gemaakt. Wolff houdt zich met name bezig met zijn specialisme, het sprinten. Wetenschapper Jabik-Jan Bastiaans is verantwoordelijk voor de duurrenners, Schep assisteert en zorgt met name voor tactische aanwijzingen. Velen hebben een deeltijdaanstelling. 'Maar een uurtje extra werk, daar doen we niet moeilijk over. Er is zoveel bevlogenheid.’

In de nacht

Bovendien verloopt alles zoveel efficiënter. 'De structuur staat. Elke euro die er nu in wordt gestopt, zal één op één rendement opleveren. Honderd procent! Het is nog even wachten op meer werkbudget, maar ik ben er van overtuigd dat het gaat komen. Dan wordt het alleen nog maar beter. Als we twee ton meer zouden hebben, kunnen we trainingsprogramma, faciliteiten en trainingsuren optimaliseren.’ Als de wedstrijdkalender dan ook nog een wat gunstiger karakter krijgt – de afgelopen jaren waren wereldbekers, WK’s en zelfs EK’s in ‘onbereikbare’ oorden als Colombia, Mexico en Guadeloupe – zal Nederland snel kennis maken met de huidige generatie baantalent, denkt Schep. 'We fietsten de laatste jaren vooral ‘in de nacht’. Wat dat betreft is Frankrijk ook een heel wat gelukkiger keus. Frankrijk is bovendien een prachtig land voor baanwielrenners, de sport zit er in het hart van de mensen.’

Zijn allereerste Wk-medaille behaalde Schep overigens in 2005. Hij reed dat jaar, met onder anderen de huidige wegrenners Niki Terpstra en Jens Mouris, in Los Angeles naar WK-zilver op de ploegachtervolging. Dat resultaat is nooit meer door een Nederlands kwartet overtroffen of geëvenaard. 'En toch ligt het niveau nu enorm veel hoger. Wij reden altijd 4.05, laatst zijn die gasten onder de 4 minuten gedoken. En dat wordt de standaard.' Daarvoor is niet per se de terugkeer van Terpstra noodzakelijk. 'Tuurlijk, als hij de ruimte krijgt van zijn ploeg, hebben we hem er in aanloop naar Rio graag weer bij. Maar dan zal hij zich net als de anderen wel moeten conformeren aan het programma. Het zou niet goed zijn als ze zomaar vlak voor de Spelen instromen, het zou niet goed zijn als dat zou kunnen. Ik geloof er niet in. Dat houd ik de huidige ploeg ook voor: jongens als Niki rijden wel grote, zware koersen op de weg, maar jullie hebben juist weer veel meer specifiek baanwerk gedaan. Daar moeten jullie je voordeel uithalen.'

WK baan

Nederlandse selectie WK baan, van 18-22 februari in Saint Quentin-en-Yvelines. Sprintnummers mannen: Hugo Haak, Matthijs Büchli, Jeffrey Hoogland, Nils van ’t Hoenderdaal. Sprint vrouwen: Elis Ligtlee, Shanne Braspennincx, Yesna Rijkhoff. Duuronderdelen mannen: Rof Eefting, Tim Veldt, Dion Beukeboom, Wim Stroetinga, Roy Pieters. Duur vrouwen: Kirsten Wild. 

Edward Swier was er bij op de Olympische Spelen in Peking en Londen, deed verslag van Wimbledon en Roland Garros. Schrijft tegenwoordig ook over voetbal. Reed naast honderden andere koersen tien keer de Tour de France, in de volgerskaravaan. Zat er met zijn neus bovenop, maar zag niet alles.