Het is maar goed dat ze in het Friese Bantega ook kabel-tv, krantenabonnementen én Blendle hebben. Want Sjinkie Knegt had zijn dorpsgenoten anders nooit zélf verteld dat hij afgelopen weekeinde wereldkampioen in Moskou was geworden. De shorttracker is thuis, in zijn Friese dorp, een heel ander mens.

STEUN RO

Zijn familie was er niet bij in Moskou. Hij zou ze toch maar proberen te ontwijken, in zijn eigen wereld zitten. Thuis op de bank hadden ze allicht beter beeld, konden ze direct zien wie zijn telescoopbeen als eerste over de streep zou drukken. Hij zou ze – tussen alle bedrijven door – zo nu en dan wel even sms’en of app’en. Bovendien, zeg nou zelf, wie in Bantega kan blijven, is toch gek als hij of zij er vertrekt. Al is het maar voor even.

Bantega voor, Bantega na. Praat met Sjinkie Knegt over shorttrack en hij glimlacht, heb het over Bantega en hij straalt. Het is zijn toevluchtsoord. Daar is Sjinkie zichzelf, kan hij zich verliezen in het sleutelen aan zijn auto’s. En dollen met zijn vrienden. Ze deelden, van kinds af, lief en leed. Bantega was hun wereld, wat daar gebeurde was van belang, het leven daarbuiten boeide amper.
Voor zijn allerbeste vrienden bleef dan ook lang verborgen hoe goed Sjinkie Knegt nu eigenlijk was in dat 'andere schaatsen', shorttrack.

‘Sjinkie is echt heel erg bescheiden. Wat-ie buiten Bantega doet, dat krijgen de meesten niet mee. Omdat hij er over zwijgt', lacht Fenna van der Wal, de vriendin van Sjinkie. ‘Ze zien hem natuurlijk weleens in een gesponsord jack, maar veel vaker in werkkleren. Toen hij Europees kampioen was geworden, had hij het er met niemand over. Zaten we een keer bijeen, zei er één: 'verrek man Sjinkie je bent Europees kampioen, waarom heb je dat niet gezegd'.

Och ja, denkt Sjinkie dan. 'Waarom zou ik dat nou moeten vertellen?'' Zo was het ook weer toen hij begin dit jaar Europees kampioen werd, zo zal het zijn als hij terugkeert uit Moskou. Wereldkampioen, het is mooi. Maar een huldiging, op de platte kar door het dorp, of een receptie in Café it Alde Weintsjil, van hem hoeft het niet zo nodig. Medailles verdwijnen in een laatje, herinneringen houdt hij liefst voor zichzelf.

Superrelaxed

In Bantega, dat een kleine 600 inwoners telt, is hij ‘een andere Sjinkie.' Daar is hij zichzelf. ‘En superrelaxed', aldus vriend Menno Kroes. Sjinkie, vernoemd naar een op jonge leeftijd verongelukte oom met Chinese roots, is er thuis. Hij, de jongen van de opvallend gepimpte, lila-kleurige pick-up. De gast met de handige handjes, die in zijn werkplaats urenlang kan frezen en draaien, die van niets iets maakt. Die na zijn ochtendtraining in Heerenveen vlug naar huis gaat, omdat hij liefst zo snel mogelijk weer wil sleutelen.

Fenna: ‘Daarin vindt hij zijn ontspanning. Hij is altijd aan het klussen. Stilzitten kan hij niet. Met de kop onder de motorkap, daar haalt hij energie uit. Hij wordt niet beter van op de bank zitten.' Sjinkie (25) is de man die zorgt dat de crossauto's van zijn vrienden beter lopen. Jan Hooisma: ‘Sjinkie rijdt zelf niet, maar is de fanatiekste van ons allemaal. We moeten goed spul hebben.' Het beste is niet te koop. En dus maakt Sjinkie het zelf. SCP, Sjinkie Custom Parts, is in oprichting.

AFP PHOTO / YURI KADOBNOV

Altijd al was hij handig. Menno: ‘Toen we een jaar of dertien waren, hebben we van een caravan een zuipkeet geknutseld. Sjinkie was er heel fanatiek mee. Ik bedoel: hij heeft daar toen de bar in gemaakt.' Een koud kunstje voor de kleinzoon van een kroegbaas. In Café it Alde Weintsjil (Het Oude Wagenwiel) hielp hij als jochie al mee.

Acht jaar terug moest Fenna van der Wal met een vriendin mee naar de maandelijkse disco in De Pomp, de jeugdsoos van Bantega. ‘Die feestjes waren altijd weken van tevoren uitverkocht. Ze kwamen van heinde en verre. Mijn vriendin had een jongen in de klas, dat leek haar wel wat voor mij. Sjinkie was toen een heel druk baasje. Liep daar een beetje stoer te doen, héél aanwezig.'

Project 2018

Het was geen reden om elkaar te mijden. Integendeel. Inmiddels wonen ze samen. Niet op een flatje in Heerenveen, vlakbij de ijsbaan, maar in een eigenhandig verbouwd deel van Sjinkie's ouderlijk huis. In de werkplaats ernaast, met zijn draaibanken en freesapparatuur, staat ook een oude Volkswagen uit de jaren zestig. Een opknapper. Project 2018 allicht.

Er is bijna geen plek waar je makkelijker rust kunt vinden. Hier, in het Lemsterland, laten water en landerijen zich niet of nauwelijks verdringen door bebouwing. Achter zijn huis strekt de vlakte zich uit. Een ideale plek om te mijmeren. Maar stilzitten en middagdutjes zijn niet aan hem besteed, hoe graag bondscoach Jeroen Otter dat ook anders ziet.

Als hij niet toevallig heel goed geweest was in shorttrack, was hij vrijwel nooit buiten Bantega gesignaleerd

Otter weet dat Sjinkie, waar het shorttrack hem ter wereld ook brengt, altijd weer terugkeert naar zijn dorp. Het geeft hem de rust die nodig is om te presteren. ‘Het interesseert Sjinkie volgens mij niet echt wat er buiten dat dorp gebeurt. Ik denk dat als hij niet toevallig heel goed geweest was in shorttrack, hij vrijwel nooit buiten Bantega zou zijn gesignaleerd.’

Als klein kind leerde Sjinkie er schaatsen. Bij IJsclub De Polder, vlak bij huis. Met Menno, toen buurjongen en klasgenootje, nu nog altijd zijn vriend, ging hij op les in Heerenveen. ‘Ik ben er al gauw weer mee opgehouden. Sjinkie niet.’ Met name shorttrack boeide. ‘Als-ie iets leuk vindt, dan wordt hij bloedfanatiek. Sjinkie moest en zou altijd winnen, met spelletjes of de skelterrace. Anders werd hij kwaad. We hebben vroeger regelmatig ruzie gehad. Ook bij EBC, de voetbalclub, kon hij soms echt flippen.’

Tot een paar jaar terug kon Knegt verbaal flink uit de bocht vliegen, enkele weken voor de Spelen had hij wéér een terugslag. De spanning werd te veel, hij stak zijn middelvingers omhoog. Bijna dreigde uitsluiting voor de Spelen. ‘Vroeger was hij écht een vat buskruit. Beheersing, dat heeft Sjinkie echt moeten leren. Hij heeft ook wel ingezien dat het succes in de weg stond’, aldus Fenna, die afgelopen weekeinde overigens gewoon moest werken. Sjinkie vond het niet meer dan logisch. Je kunt je vriend, als je wat anders moet doen, ook in de herhaling kampioen zien worden.

IJshockey

In De Pomp komen de twee niet meer. Dat is meer iets voor de jeugd van nu. In het café, feitelijk de buren, drinkt hij, zo nu en dan, nog wel eens een colaatje. Ook als de rest wél bier drinkt. Menno: ‘Hij is de laatste jaren echt serieuzer geworden.’ Dus, een week voor de Spelen nog ijshockeyen op de ijsbaan van het dorp, zoals in 2010, dat deed hij dit keer niet. ‘Dat hij wat in Sotsji te zoeken had, besefte hij zelf ook wel’, aldus Otter. In Rusland won hij olympisch brons op de 1500 meter. Dit jaar was, met wereldbekermedailles, de Europese – én wereldtitel, nog succesvoller.

In Café it Alde Weintsjil zaten ze er net als tijdens de Spelen ook nu weer klaar voor, keken ze naar ‘Moskou’ op het grote scherm. Nou ja, op zondag dan. Zaterdag stond er namelijk een kinderkledingkoopjesbeurs ingepland. Het gewone leven gaat in Bantega altijd door. Sjinkie zou het niet anders willen zien.

Edward Swier was er bij op de Olympische Spelen in Peking en Londen, deed verslag van Wimbledon en Roland Garros. Schrijft tegenwoordig ook over voetbal. Reed naast honderden andere koersen tien keer de Tour de France, in de volgerskaravaan. Zat er met zijn neus bovenop, maar zag niet alles.