Wie zich, tegenwoordig bon ton voor velen, tegen Europa verklaart geeft blijk van het historisch besef van een ongeletterde.

STEUN RO

Zo vlak voor de verkiezingen is Europa dagelijks nieuws. De publieke opinie in ons land wil liever minder dan meer Europa. Een treurig misverstand, dat onder meer het gevolg is van een jarenlang beleid waarbij Europa vooral als zondebok is afgeschilderd. Regeringsleiders en ministers die in de Europese Raad of de Raad van ministers een besluit hadden genomen dat de burgers thuis minder goed beviel vonden het wel makkelijk om zich achter ‘Brussel’ te verschuilen. Terwijl ze die besluiten zelf met hun collega’s hadden genomen. Er wordt in Brussel niets besloten zonder goedkeuring van de nationale parlementen.

Het historisch besef van een ongeletterde

Een bijkomend argument om je tegen Brussel en Europa te keren is dat de positieve kanten onvoldoende over het voetlicht zijn gebracht. Zeventig jaar geen oorlog is, voor wie de oorlog alleen uit de boeken kent, nauwelijks een opzienbarend feit. Toch is het geen toeval dat de Europese gemeenschap (EG) ooit is ontstaan uit de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (EGKS). Een project waarbij de zware industrieën van Duitsland en Frankrijk zo met elkaar werden vervlochten dat de een nooit meer kanonnen kon gieten zonder dat de ander dit meteen in de gaten zou hebben. Wie zich, tegenwoordig bon ton voor velen, tegen Europa verklaart geeft blijk van het historisch besef van een ongeletterde.

De één kon nooit meer kanonnen gieten zonder dat de ander dit meteen in de gaten zou hebben

Des te zorgelijker wordt het wanneer een erudiet man als Frits Bolkestein zich bij herhaling uitspreekt tegen een verdergaande eenwording van Europa, tegen een Europese federatie van staten. En dat met argumenten die doen denken aan die van zelfstandige steden en streken eeuwen geleden. We zijn onderling te zeer verschillend om samen te kunnen gaan in een groter verband. Toch zijn die steden en landsdelen een geheel geworden. We kennen een Nederlands volk dat een eenheid vormt en desondanks zijn verschillen kan vieren in Friese, Zeeuwse, Tukkerse en Limburgse eigenheden.

Op den duur zal een Europese staat geboren worden – al was het maar om een vuist te kunnen maken in de nieuwe wereldorde. De huidige versnippering is onhoudbaar tussen machtsblokken als de VS, China, India, Rusland en Latijns Amerika.

Monetaire unie zonder politieke unie

We zijn trouwens al een eind op weg. Achttien landen vormen een Monetaire Unie  met een gemeenschappelijke munt, de euro. Alleen is bij de vorming van die unie een constructiefout gemaakt. Weliswaar is er een gezamenlijk monetair beleid met een gezamenlijk stelsel van Europese centrale banken, met de Europese Centrale Bank (ECB) in Frankfurt aan het hoofd. Maar er is over het hoofd gezien dat een monetaire unie zonder politieke unie een onhoudbare zaak is. Er is een politieke unie nodig met een gezamenlijk begrotingbeleid, belastingbeleid en sociaal beleid.

Er was een eurocrisis nodig

Maar in plaats van samen te werken beconcurreren de lidstaten elkaar op het gebied van belastingtarieven. Waardoor ze een speelbal vormen van multinationale ondernemingen die landen tegen elkaar uitspelen om nog gunstiger tarieven af te dwingen. Er was een eurocrisis nodig om de lidstaten mopperend ertoe te brengen gezamenlijke financiële steunfondsen in het leven te roepen. Er is zelfs een bankenunie uit voortgekomen.

De Glienicker groep

Waarom moeten de Eurolanden voortstrompelend van crisis naar crisis dichterbij samenwerking komen? Waarom worden de oude verdragen niet zo gerepareerd dat er een gezonde democratische structuur tot stand komt? Met een Euroregering en een Europarlement samengesteld uit de nationale parlementen naar rato van de bevolkingsgrootte of de economische betekenis (bbp) van elk deelnemend land? Daarbij moeten, zoals in elke goed werkende democratie het geval is, zaken die beter op nationaal niveau kunnen worden geregeld daar worden afgehandeld. Terwijl natie-overstijgende zaken als begroting- en belastingbeleid, financieel beleid, defensie, milieu en energiezaken op het Europese niveau worden aangepakt.

In Duitsland heeft een groep van 11 economen, de Glienicker groep, hiervoor in oktober vorig jaar aandacht gevraagd. In The Guardian van 2 mei heeft Thomas Piketty, ja die van de bestseller Le Capital dans le XXIeme siècle, een manifest in deze zin gepubliceerd.

Dus niet mopperen en zeuren over Europa maar de gebreken repareren en volle kracht vooruit.