Naar school in een leegstaande kerk

Wat is het ideale schoolgebouw? Dat is de grote vraag nu blijkt dat er miljarden euro's nodig zijn voor het achterstallig onderhoud van oude schoolgebouwen en kleine scholen van staatssecretaris Sander Dekker meer moeten samenwerken. Op zoek naar oplossingen in Wezep en Groningen. 'Voor biologie gaan we naar de boerderij'.

Wat is het ideale schoolgebouw? Dat is de grote vraag nu blijkt dat er miljarden euro's nodig zijn voor het achterstallig onderhoud van oude schoolgebouwen en kleine scholen van staatssecretaris Sander Dekker meer moeten samenwerken. Op zoek naar oplossingen in Wezep en Groningen. 'Voor biologie gaan we naar de boerderij'.

'Vanaf hier', wijst Sam (12) uit groep 8, 'kijken we uit op de theaterzaal.' Samen met zijn klasgenoot Anne-Fleur (11) leidt hij het bezoek rond door hun in vrolijk oranje en geel geverfde rooms-katholieke basisschool De Uilenhorst (110 leerlingen) in Wezep. Vanuit de loungeruimte waar 'drukke kinderen' tot rust kunnen komen op een groot rood relaxkussen – is er uitzicht op de open centrale hal waar bijvoorbeeld de musical wordt opgevoerd, gegymd en gegeten. Elk lokaal, demonstreren de kinderen, heeft lampen met vijf standen – uit, rust, standaard, energie en concentratie – met elk een bijpassende kleur. In oranje licht kun je 's ochtends rustig op gang komen, terwijl het blauwe licht de concentratie bij een toets moet bevorderen en het felle licht helpt bij geconcentreerd lezen. De school heeft ook kinderopvang. Praktisch, vindt juf Veronique Cramer. 'Zo is er een naadloze, warme overdracht als de kleintjes naar de kleutergroep gaan.' Het past in de visie van de schooldirecteur waarin 'elkaar ontmoeten' centraal staat. Daarom moeten alle leerlingen, van 0 tot 12 jaar, via dezelfde voordeur naar binnen – ook al is er nog een zij-ingang.

 In oranje licht kun je 's ochtends rustig op gang komen, terwijl het blauwe licht de concentratie bij een toets moet bevorderen en het felle licht helpt bij geconcentreerd lezen

De school, een ontwerp van het Zwolse architectenbureau Sacon, is een voortzetting van de Johan Friso-school. Dat jarenzeventiggebouw was vies, rommelig, het tochtte en de plantjes groeiden er naar binnen. Het was dus hard nodig dat er een nieuwe school kwam. De in juni vorig jaar opgeleverde De Uilenhorst is een voorbeeld voor andere scholen, vindt scholenbouwdeskundige Teun van Wijk van ICSAdviseurs, een adviesbureau voor onderwijshuisvesting (dat niet bij De Uilenhorst betrokken was). 'Vanuit een goed doordachte onderwijsvisie hebben de directeur en de architect over elke vierkante centimeter nagedacht. Het kind staat centraal in het ontwerp.'

Leerprestaties

Het verhaal van De Uilenhorst staat niet op zichzelf. Veel schoolgebouwen zijn aan vervanging toe. Ze zijn niet duurzaam, het is er te warm of te koud – en dat is niet goed voor de leerprestaties. Ook bieden gebouwen weinig mogelijkheden voor bijvoorbeeld zelfstandig werken. Daarom werkt de Primair Onderwijs-raad aan het verbeteren van de voorwaarden waaraan scholen moeten voldoen. Marco van Zandwijk van Stichting Ruimte voor Onderwijs en Kinderopvang (waar onder andere de PO-raad in zit): 'De eisen aan schoolgebouwen zijn sinds de jaren tachtig niet meer gewijzigd. Maar het onderwijs is erg veranderd. Zo werken leerlingen nu veel met computers, daar moet dus ruimte voor zijn in de school.' De nood is zo hoog dat het ministerie van Onderwijs de kwaliteit van gebouwen in basis- en middelbaar onderwijs onderzoekt. Van Zandwijk vindt dat 'super-relevant', omdat het onderzoek duidelijk moet maken wat de gebruikers zelf van de scholen vinden. 'Soms schieten de tranen in je ogen bij de schrijnende kwaliteit van gebouwen. Maar niemand weet over hoeveel scholen het gaat.'

 

'Soms schieten de tranen in je ogen bij de schrijnende kwaliteit van gebouwen'

De huisvestingsproblemen van scholen gelden voor heel Nederland. Maar schoolgebouwen in krimpregio's hebben een aparte aanpak nodig. Eind mei werd bekend dat staatssecretaris Dekker (Onderwijs, VVD) scholen met minder dan honderd leerlingen niet wil sluiten, ondanks het eerdere advies van de Onderwijsraad. In plaats daarvan moeten krimpscholen gaan samenwerken, vindt Dekker. In totaal gaat het om veertienhonderd kleine scholen, berekende het Centraal Bureau voor de Statistiek; de meesten staan in Friesland, Groningen, Drenthe en Zeeland. Teun van Wijk vindt het terecht dat scholen in krimpregio's behouden blijven. 'In krimpregio's verdwijnt steeds meer: de pinautomaat, winkels en het café. De enige plek waar mensen elkaar nog ontmoeten, is de school.' Kleine scholen kunnen zich wat hem betreft het beste omvormen tot een 'brede school' waarin onderwijs gecombineerd wordt met naschoolse opvang, zorg, welzijn, sport of cultuur. Van Wijk: 'De onderwijssector is door de crisis creatiever gaan nadenken over schoolgebouwen. De gedachte is: wat moeten we nu er niet zoveel geld meer is?'

Biologie op de boerderij

Een voorbeeld van deze creativiteit is het ontwerplab 'Scholen in het Noorderland', een initiatief van de Bond van Nederlandse Architecten en Stichting Scholenbouwmeester Noord-Nederland. Het idee: jonge, aanstormende architecten nieuwe schoolconcepten voor de noordelijke krimpregio's laten ontwerpen. Een van de deelnemers is Sara van Popta (31) van architectenbureau '19 het atelier'. Met twee collega's bedacht ze voor enkele Groningse dorpen een opvallende strategie: de schoolcoöperatie. Het zou de oplossing moeten zijn voor scholen die in zo'n slechte staat zijn dat het te duur is om ze op te knappen. Het idee van de jonge architecten: maak gebruik van bestaande voorzieningen die niet uit de regio zullen verdwijnen of waarvan de gemeenschap dat niet wil.

'Een leegstaande, omgebouwde kerk kan de centrale onderwijsplek zijn'

Dat kan een sportvereniging zijn, maar ook een monumentaal dorpshuis of een leegstaande kerk. Het onderwijs vindt dus niet meer plaats onder één dak, maar verspreid over meerdere plekken. Is het niet lastig en onrustig om de hele dag met een groep kinderen op stap te zijn? Van Popta denkt dat het meevalt. 'De omgebouwde kerk kan de centrale onderwijsplek zijn. Maar gymmen doe je bij de sportvereniging, cultuuronderwijs of uitvoeringen in het dorpshuis, en biologie op de boerderij. De kinderen weten de weg in hun dorp. Het is allemaal aan te lopen en dus heel behapbaar.'
Het plan – waarvoor ook onderwijsinstellingen in krimpregio's uit Limburg interesse hebben getoond – biedt de mogelijkheid voor scholen om gebruik te maken van elkaars voorzieningen. Door samen te werken zouden ze het kleinschalig onderwijs in stand kunnen houden. Met deze aanpak blijft een schoolbestuur flexibel en spaart de kosten uit van een nieuw gebouw, meent Van Popta. 'In krimpregio's is de toekomst moeilijk te voorspellen. Het is jammer als je net een duur gebouw hebt neergezet en de school over een paar jaar alsnog moet sluiten.'

'De scholenbouw in Nederland staat aan de vooravond van grote veranderingen'

Dat er meer samengewerkt moet worden, benadrukt ook Marco van Zandwijk. 'De scholenbouw in Nederland staat aan de vooravond van grote veranderingen. In crisistijd zie je iedereen – kinderopvang, gemeentes, en scholen – navelstaren op de eigen taak. Maar gemeenten, provincies en schoolbesturen moeten samen visie hebben op scholen en de leefbaarheid.'

Terug naar De Uilenhorst in Wezep. De rondleiding zit erop. Sam en Anne-Fleur zijn enthousiast over hun 'super-coole school', vooral als ze die vergelijken met de ongezellige en stoffige Johan Friso-school. Maar zijn er dan helemaal geen nadelen? Anne-Fleur: 'We mogen alleen maar via de voordeur naar binnen, terwijl je soms dichterbij de zij-ingang bent. Dan moet je helemaal omlopen.' Sam: 'Ja, dat is vet gemeen!'

Dit is een bewerking van een artikel dat op 1 juni verscheen in het Nederlands Dagblad.

Mijn gekozen waardering € -

Sjoerd Wielenga (Rotterdam, 1980) is zelfstandig journalist, tekstschrijver, eindredacteur en bladenmaker. Hij werkt(e) onder meer voor de EO, NRC Handelsblad, Trouw, de Volkskrant en opinieblad De Nieuwe Koers.

Geef een antwoord