Ik ben door de chemokuren toch een paar hersencellen kwijt geraakt vrees ik. Ik ben namelijk zo verschrikkelijk in de valkuil van empathie gevallen, dat ik me wel móet afvragen waar mijn naïviteit plotseling vandaan komt.

STEUN RO

Als doorgewinterde kankerpatiënt, krijg ik van familie en vrienden veel kankerverhalen te horen.  Ze kleden het allemaal netjes in: ‘Tja, misschien zit je hier helemaal niet op te wachten hoor…’, is meestal het eerste dat ik hoor. En soms, heel soms, zit ik er ook echt niet op te wachten. Maar meestal voel ik me gewoon een beetje gevleid dat mensen mij voldoende vertrouwen om hun verhaal bij te doen.

Kerstsfeer

Afgelopen kerst werd ik herinnerd aan één van deze verhalen, toen ik een reclame zag van een groot en bekend Nederlands bedrijf.  Naast het blije Facebook (vol met verhalen van gelukkige etentjes en kerstborrels) stond de vraag wie je nou eens een extraatje gunde. Ik ben echt overgevoelig voor de kerstsfeer, dus ik voelde mij onmiddellijk aangesproken.

Ik moest dan ook terug denken aan het verhaal dat een zeer goede bekende mij vlak voor kerst vertelde. Zij zal op zeer korte termijn haar echtgenoot verliezen aan de K-ziekte. Deze twee verschrikkelijk lieve mensen waren eerder al hun enige zoon verloren en nu moesten ze elkaar ook nog eens veel te vroeg verlaten. Zo oneerlijk! En ja, hen gunde ik écht een extraatje.

Ik vulde de gegevens in en een korte samenvatting van het verhaal. Er nog goed oplettend, dat ze niet herkenbaar zouden zijn en dat er niet gevraagd werd om de contactgegevens van deze mensen. En eigenlijk was daarmee de kous af. Ik wist dat het hier ging om een reclame, maar ik vond het wel een hele mooie manier om reclame te maken. Het had gewerkt bij mij. Ik verwachtte er eigenlijk niets meer van te horen.

Callcentre

Deze week werd ik echter gebeld door een mevrouw in een heel slecht callcentre. Ik kon haar moeilijk verstaan, omdat er teveel stemmen op de achtergrond dezelfde teksten op dreunden. Meestal kap ik zo’n gesprek direct af, maar zij vertelde mij direct, dat ze belde over het schrijnende verhaal dat ik ze had geschreven. Ik was opnieuw geïnteresseerd. Misschien, heel misschien, zou ik die lieve mensen tóch een klein glimlachje kunnen bezorgen.

‘De actie is voorbij’, vertelde de mevrouw aan de andere kant. ‘Maar we zijn overweldigd door het aantal schrijnende verhalen dat bij ons is binnen gekomen. Daarom hebben we besloten om alle aanvragen te honoreren.’

Ik dacht op dat moment in termen als: ‘Wauw! Te gek! Er zijn echt nog bedrijven die maatschappelijk verantwoord ondernemen hoog in het vaandel hebben staan.’ Ik kan me zo voorstellen dat driekwart van Nederland mij uitlacht als ik dit schrijf, maar ik had echt even het idee dat er een prachtige actie gevoerd werd door een zeer rijk bedrijf, dat het best kon missen.

De stem bedankte mij nota bene nog voor mijn eerlijkheid!

Maar nog geen halve minuut later vernietigde de stem aan de andere kant van de lijn al mijn goedgelovigheid. ‘Als u nu een contract bij ons afsluit, dan gaan wij deze mensen een waardebon toesturen van honderd euro.’ Ik heb haar nog even gevraagd of het een grapje was en vervolgens het gesprek zeer teleurgesteld beëindigd. De stem bedankte mij nota bene nog voor mijn eerlijkheid!

Ik vraag me sinds dit gesprek af welk marketingbureau dit bedacht heeft. En vooral ook hoe. Ik zie ze al zitten brainstormen: ‘O en weet je wat we dan doen? Dan vragen we rond kerst om allerlei zielige verhalen en gaan we een paar gesponsorde bonnen verloten. Iedereen die dan iets sneus heeft ingevuld bellen we na de feestdagen terug en halen we over om een contract af te sluiten. Lachen man!’

Naïef

Ik stel me voor dat er één persoon bij zit die het idee niet ziet zitten: ‘Nee joh, niet doen. Daar trappen mensen niet meer in tegenwoordig. Niemand gaat daar een zielig verhaal neerzetten. Zo naïef is niemand.’

Helaas, ik ben die naïeveling. Ik heb er een levensecht, doodzielig verhaal neergezet. Ik heb geen contract afgesloten en zal het bij dit bedrijf ook nooit meer doen. Ik vind maatschappelijk verantwoord ondernemen namelijk bijzonder essentieel in een rijk land als het onze. Niet alles hoeft in het teken te staan van nog meer winst maken. Als een bedrijf empathie zo rücksichtslos inzet als marketingmiddel dan moet dit bedrijf zich volgens mij heel diep schamen.

Deze week ga ik gewoon nog een keer langs bij die hele lieve mensen. Met een bosje bloemen. Zorgt ook voor een glimlach. En het is oprecht gekocht en gegeven, zonder bijbedoelingen.

    Marije Klein (1973) werkt al ruim twintig jaar als journalist bij krant, internet, radio en televisie. In 2011 werd bij haar borstkanker geconstateerd en is ze over haar medische avonturen gaan schrijven. Ze schrijft nu over wat ze zelf meemaakt, maar ook over andere patiënten en zorggerelateerde verhalen. Naast publicist wordt ze inmiddels gevraagd als spreker op congressen en praat ze in medische instellingen mee over het te voeren beleid.