Tientallen journalisten zijn vermist in Syrië. De laatste grote kidnap van mediamensen was in Cambodja in de jaren zeventig. De Nederlandse avonturier Hans Duynisveld probeerde hen te redden.

STEUN RO

(Eerder verschenen op 10 maart 2014)

Grofweg geldt deze spelregel voor oorlogsverslaggevers: hoe netter de beweegredenen van opstandelingen, hoe eenvoudiger en veiliger een bezoek is. De ideologie maakt niet uit. De rechtse UNITA-rebellen in Angola, Afghaanse mudjahedeen of de linkse guerrilla in El Salvador. De media zijn er welkom geweest en werden zo goed mogelijk beschermd. Vanaf het startpunt, meestal de grens, tot aan het retour. In de tussentijd slapen de journalisten in veilige huizen bewaakt door strijders.

In Syrië, waar de zwaarste oorlog van dit moment woedt, lieten de opstandelingen vanaf het begin van de opstand medio 2011 ook de media toe. Zij het mondjesmaat, vanwege de zware tegenstand van het Syrische leger. Maar tussen medio 2012 en medio 2013 was het relatief eenvoudig om de Turkse grens over te steken voor een bezoek aan steden als Aleppo. Maar door de groei van extremistische groeperingen, zoals het Al Nusra-front en de Islamic State of Iraq and al-Sham ISIS, neemt het gevaar toe. Zij zien in iedere buitenlander en gematigde moslim een vijand. Het uitblijven van de eindzege, de weigering van het Westen om gewapenderhand in te grijpen en interne verdeeldheid verergert bovendienook de anarchie binnen het gematigde Vrije Syrische Leger. De rebellengebieden van Syrië gelden nu als 'no-go area'.

Mishandelingen

Volgens de Franse journalistenorganisatie 'Reporters zonder Grenzen' zijn de ontvoeringen in Syrië nu "systematisch van aard". Inmiddels zouden zo'n 18 buitenlandse journalisten en 22 Syriërs ontvoerd zijn. Andere bronnen spreken over 30 buitenlandse journalisten. Niemand weet het exact.

Het eerste buitenlandse slachtoffer was de Amerikaanse freelancer Austin Tice die op 14 augustus 2012 verdween. Mogelijk is hij opgepakt door medestanders van Bashar al-Assad. Tot de laatste verdwijningsgevallen behoren die van Javier Espinosa van de krant El Mundo en freelance fotograaf Ricardo Garcia Vilanova. Deze Spanjaarden vielen op 16 september vorig jaar in handen van ISIS-strijders bij de Noord-Syrische stad Tal-Abyad.

Over de omstandigheden waaronder gekidnapte journalisten in Syrië verblijven is weinig bekend. Zij die zijn vrijgekomen spreken over mishandelingen en schijnexecuties. De Amerikaanse fotograaf Matthew Schrier werd tijdens zijn zeven maanden durende gevangenschap een autoband over zijn knieën getrokken, omvergeduwd en met kabels en stokken op zijn voetzolen geslagen. Hij wist in juli 2013 te ontsnappen via een gat in de deur, maar bij velen wordt gevreesd voor hun leven.

Killing fields

We moeten lang teruggaan willen we een gelijksoortige discriminerende houding tegenover de lokale media, en jegens buitenlandse media regelrecht racistische haat zien. Een voorbeeld hiervan is te vinden tijdens de bloeitijd van de extreemlinkse Rode Khmer in Cambodja. Deze op maoïstische leest geschoeide communisten begonnen in de jaren '60 een guerrillastrijd tegen de regering in de hoofdstad Phnom Penh. In 1975 grepen ze de macht, waarna tot 1979 onder leiding van Kameraad nummer één Pol Pot zo'n anderhalf miljoen Cambodjanen omkomen door ondervoeding of worden vermoord op de killing fields.

In de aanloop naar de machtsovername voerde de Rode Khmer haar rigide politiek al uit op het platteland. Buitenlandse journalisten werden gezien als spionnen dan wel vertegenwoordigers van het verderfelijke westen. Zoals extremistische moslims in landen als Syrië nu denken. Ook dan bestaat er grote onzekerheid over hun lot. Zitten ze gevangen? Zijn ze gedood? Niemand die het weet.

Karskens_duynisveld

In het Cambodja van de Rode Khmer probeerde één Nederlander informatie te vergaren over de verblijfplaats van ontvoerde journalisten: de 26-jarige Hans Duynisveld uit Voorschoten. Een uiterst risicovolle operatie, waarbij Duynisveld eerst zelf gevangen werd genomen. Zoals nu ook in Syrië bestonden er in Cambodja verschillende strijdgroepen. Duynisveld viel in handen van door Noord-Vietnam gesteunde rebellen die zijn leven sparen. Na anderhalve maand ontmoet hij er drie eveneens gevangen genomen Franse verslaggevers.

Eén van hen is de correspondent voor Agence France Presse AFP, Xavier Baron. Hem valt het doorzettingsvermogen van Duynisveld op, die bij een bombardement door scherven werd geraakt: "Hij had een gapende wond, een gat. Omdat er geen medicijnen voorradig waren, nam hij elke dag een borstel en maakte de wond schoon met water. Dat is zeer pijnlijk en wij vonden hem erg moedig. Hij zei dat hij een infectie wilde voorkomen, wat in deze jungle zeer gevaarlijk is."

Sean Flynn

Half augustus wordt Duynisveld samen met het Franse drietal vrijgelaten en vliegt naar de Cambodjaanse hoofdstad Phnom Penh. Duynisveld geeft zich nu uit als journalist voor 'De Stass', een onbestaande studentenkrant. Hij stelt goede contacten te hebben met de opstandelingen, opgebouwd tijdens zijn gevangenschap.

'Hij maakt de indruk van een fantast, die dacht dat hij in zijn eentje de vermiste journalisten kon opsporen'

Vrouwen en andere familieleden van verdwenen journalisten tonen grote interesse in die contacten. In 1970 staan namelijk 23 buitenlandse correspondenten in Cambodja als vermist genoteerd. Onder hen Sean Flynn, zoon van de Amerikaanse acteur Errol Flynn. Hij was tijdens een motorrit samen met CBS-cameraman en fotograaf Dana Stone zomaar verdwenen.Ze zouden door Vietcong-strijders bij een roadblock op Highway 1 zijn aangehouden en overgedragen aan de Rode Khmer.

De desperate echtgenote van Stone klampt zich vast aan Duynisveld, die zijn medewerking belooft. Hij reist met haar naar buurland Laos en spreekt met diplomaten op de Noord-Vietnamese ambassade. Terug in Cambodja vertelt hij dat de Noord-Vietnamezen hem gevraagd hebben medicijnen te brengen naar de gevangenen. Hoewel de meeste correspondenten sceptisch zijn en hem een avonturier noemen, geven ze hem de gevraagde geneesmiddelen. De voorzitter van het plaatselijke comité voor journalisten overhandigt hem een namenlijst van zeventien vermiste collega's en autoriseert Duynisveld om over hun vrijlating te onderhandelen. Kate Webb, later AFP-correspondent in Jakarta, antwoordt op de vraag of de pogingen van Duynisveld door haar en collega's serieus werden genomen. “Journalisten verdwenen met een gemiddelde van één per week. We stelden nooit te veel vragen naar de drijfveren van de personen die zochten naar verdwenen journalisten."

Fiets

Op een fiets in een grijze broek en T-shirt rijdt Duynisveld op 15 september 1970 de hoofdstad Phnom Penh uit. Richting het oosten. Ten noorden van Svay Rieng en 13 kilometer ten westen van de Vietnamese grens houden Cambodjaanse rebellen, die tot de aanhangers van de verdreven president Norodom Sihanouk behoren, hem tegen. Ze onderzoeken zijn bagage, nemen zijn fiets in beslag en brengen hem naar het dorp San Trei dat kort tevoren is gebombardeerd. Volgens Duynisveld moeten hier de vier journalisten verblijven die met hem terug zouden moeten komen: Sean Flynn, Dana Stone, de Franse Claude Arpin van Newsweek en Guy Hannoteaux van L'Express.

Hij hoort echter dat de journalisten in of nabij het postkantoor zijn omgekomen. Wat rest zijn alleen verbrokkelde muren en verbrande lichamen. Bevestigde berichten over het lot van de zeventien vermiste reporters waaronder Japanse, Oostenrijkse en Zwitserse journalisten krijgt hij niet. Duynisveld vermoedt dat ook zij allemaal dood zijn.

Hinderlaag

De links georiënteerde Duynisveld sluit zich vervolgens aan bij de Vietcong. De vergelijking dringt zich dan ook op met de huidige Syrië-gangers, die humanitair werk als opstap zien naar de gewapende strijd. De loopbaan van Duynisveld is echter uiterst kort. Op 19 december 1970 sterft hij in een kogelregen bij een hinderlaag van Zuid-Vietnamse militairen.

De Nederlandse consul A.H. Croin in Zuid-Vietnam die zijn spullen doorzoekt en zijn dagboek leest, spaart hem in zijn rapportage naar het ministerie in Den Haag niet. “Hij maakt de indruk van een fantast, die blijkbaar dacht dat hij in zijn eentje de in Cambodja vermiste journalisten kon opsporen.” Hans Duynisveld ligt begraven op een katholieke begraafplaats even buiten Ho Chi Minhstad, het vroegere Saigon. Van de verdwenen buitenlandse journalisten in Cambodja is nooit meer een spoor teruggevonden.

Het hele verhaal 'Nu ben ik klaar voor de dodenreis', de geschiedenis van Hans Duynisveld, staat in 'Rebellen met een reden, Idealistische Nederlanders vechtend onder vreemde vlag' uitgegeven bij J. M. Meulenhoff, 2009.

    Arnold Karskens is Neerlands meest onafhankelijke en ervaren oorlogsverslaggever. Muckraker. Nachtmerrie voor nazi’s en andere oorlogsmisdadigers. Auteur van tienŒ boeken. Onderzoeksjournalist die nooit ‘nee!’ als antwoord accepteert. Lastig, dwars & gehaat door zijn vijanden, maar Last Man Standing voor mensenrechten en vrijheid van meningsuiting.