Slechte journalistiek over de inzet van gifgas werpt Syrië en de regio bijna in de afgrond.

STEUN RO

De oorlogstrom roert zich de afgelopen weken op de redacties van Nederland en België. Het Syrische leger zou het gifgas Sarin hebben ingezet tegen de opstandelingen.

Maar nu lijkt de wind gedraaid. Althans voorlopig. Carla Del Ponte, lid van de commissie van de Verenigde Naties die de schending van mensenrechten in Syrië onderzoekt, wijst de beschuldigende vinger naar de rebellen zelf. “We hebben geen bewijzen dat de Syrische regering chemische wapens heeft gebruikt.”

De voormalige aanklager van het VN-tribunaal voor ex-Joegoslavië wacht nog met haar definitieve conclusies tot het indienen van haar eindrapport, maar een ding is inmiddels duidelijk: Als publiek zijn we à la Irak 2003 weer eens goed voor de gek gehouden door inlichtingendiensten met dubbele agenda's en slaafse media.

Papegaaien

De aanwijzingen van de VN-onderzoekers zetten de Israëlische militaire inlichtingendienst in haar hemd. "Volgens onze bevindingen heeft het Syrische regime dodelijke chemische wapens gebruikt tijdens een aantal incidenten, hoogstwaarschijnlijk het zenuwgas Sarin", aldus de Israëlische brigadegeneraal en inlichtingentopman Itai Brun in de Vlaamse krant De Morgen van 22 april. Talloze andere nieuwsbronnen papegaaien na. Want zo gaat dat tegenwoordig. Een spectaculair verhaal moet je niet doodchecken.

Daarvoor hebben immers al Britse onderzoekers aanwijzingen gevonden voor “één of ander chemisch wapen” in Syrië. Daarbij is ook naar de leiders in Damascus gewezen.

Kwestie van tijd

De VS-minister van defensie Chuck Hagel doet er een schepje bovenop in het NOS-journaal van 25 april: “Het is aannemelijk dat de chemische wapens in Syrië van het Assad-regime komen." Correspondent Wouter Zwart noemt het bij de duiding “een kwestie van tijd” voordat de bewijzen boven water komen.

Het toch vaak interessante Brandpunt dobbert in de mediastroom mee met een intro van Aart Zeeman, drie dagen later op 28 april, met zware stem: "Syrië. Deze week werd bekend dat er gifgas is gebruikt." Alleen de treurende vioolmuziek ontbreekt. 

Relativerende woorden van VS-president Barack Obama op 30 april: “We weten niet hoe ze zijn gebruikt, wanneer ze zijn gebruikt en wie ze heeft gebruikt”, maken voor de eerste impact niet meer uit.

Rode lijn

Het regime van Bashar al-Assad steun ik niet. Ik sta zelfs op een zwarte lijst en mag het land niet in. Hoezeer ik ook de andere zijde van het journalistieke verhaal wil vertellen. Wel wijs ik op de vergaande consequentie van journalistiek na-aapgedrag. Want er is sprake van een 'rode lijn'-dilemma waarbij internationaal militaire ingrijpen wordt gelegitimeerd bij de inzet van massavernietigingswapens door de machthebbers in Damascus. De VS hebben zich in dergelijke oorlogstaal geuit.

Dezelfde veronderstelde aanwezigheid en inzet van onmenselijk wapentuig was in 2003 de reden voor het verdrijven van de Irakese dictator Saddam Hoessein. Het kostte uiteindelijk ruim honderdduizend maar mogelijk meer onschuldige Irakezen het leven door de chaos die een buitenlandse aanval nu eenmaal teweeg brengt. Ik heb het zelf gezien en meegemaakt en weet wat de effecten zijn. De Israëlische luchtaanvallen op Syrië afgelopen weekeinde wijzen bovendien op de gevaren van een regionaal conflict.

Zonder de bereidwillige en kritiekloze steun van de de media was het nooit tot een ingreep in Irak gekomen, is mijn stellige indruk. En daarom moeten de media  anno 2013 uiterst voorzichtig zijn bij het wijzen van een beschuldigende vinger. Dat is als je het beste voor hebt met de lijdende Syrische bevolking.

Arnold Karskens is Neerlands meest onafhankelijke en ervaren oorlogsverslaggever. Muckraker. Nachtmerrie voor nazi’s en andere oorlogsmisdadigers. Auteur van tienŒ boeken. Onderzoeksjournalist die nooit ‘nee!’ als antwoord accepteert. Lastig, dwars & gehaat door zijn vijanden, maar Last Man Standing voor mensenrechten en vrijheid van meningsuiting.

Geef een antwoord