“Gruwelijk” noemde de Amsterdamse rechtbank maandag de manier waarop twee Ieren waren omgegaan met het lijk van hun in 2009 vermoorde criminele landgenoot Keith Ennis. Ze kregen hiervoor de maximale straf van twee jaar, maar werden van de moord vrijgesproken.

STEUN RO

In februari 2009 werd er in het water bij de Diemerzeedijk het in drie stukken gehakte, en in een koffer en in zakken verpakte lichaam van de Ierse crimineel Keith Ennis gevonden. Twee jaar later werd er een verdachte aangehouden, die ging verklaren over de moord. Volgens Philip C. hadden Brian M. en Kenneth B. de moord gepleegd in zijn appartement in Rotterdam, tijdens een ruzie. Na een lange uitleveringsprocedure kwam de zaak vorige maand eindelijk in Nederland voor.

Meer weten

De meervoudige kamer noemde haar eigen uitspraak in de zaak ‘onbevredigend’. Vooral voor de nabestaanden van de 29-jarige Keith Ennis, die in de rechtszaal aanwezig waren om de uitspraak aan te horen. De voorzitter van de rechtbank gaf aan dat hij ervan overtuigd was dat de verdachten, waarvan er twee ook in de zaal aanwezig waren, meer wisten van wat er zich in februari 2009 had afgespeeld.

Aangetoond was wel dat het DNA van M. op de kettingzaag in het Rotterdamse appartement zat, waarmee Ennis was gevierendeeld. Zijn verklaring dat dit via handdoeken moest zijn gebeurd, vond de rechtbank onwaarschijnlijk. De getuigenis van de verdachte C. was achteraf ook te ongeloofwaardig, om de mannen hierop te veroordelen. Hij zat bijvoorbeeld fout over de steekwonden in het lichaam van Ennis. Ook kon niet worden onderbouwd dat C. ten tijde van de moord niet op de plaats delict was. Het excuus van de verdachten M. en B. dat ze toen bij een stripteaseclub in Rotterdam waren, werd niet geloofd. Desondanks hield men rekening met het belangrijke feit dat er een flinke kans was dat de verdachten onschuldig konden zijn. Daarom volgde vrijspraak.

Schoongemaakt

Het wegmaken van het lichaam werd wel bestraft, met de maximale straf van twee jaar die ervoor staat. De telefoongegevens van de drie mannen waren van Rotterdam, naar de Diemerzeedijk gereden, enkele dagen na de moord. Verder was duidelijk geworden dat de drie verdachten het huis van Ennis in Mijdrecht uitgebreid hadden schoongemaakt. De rechtbank vond dat de verdachten op een ‘gruwelijke en respectloze wijze met het dode lichaam waren omgegaan.’

De vader van Keith Ennis hoorde het vonnis in de rechtszaal aan. Hij wilde niet reageren op het vonnis tegen journalisten. De moeder van Ennis was niet aanwezig, maar kreeg een gedeeltelijke schadevergoeding van 5000 euro toegezegd, vanwege het feit dat zij getraumatiseerd was geraakt door het zien van de foto’s van haar vermoorde zoon, en hiervoor hulp had gezocht. Voor de immateriële schade voor de moord zelf volgde vanwege de vrijspraak geen schadevergoeding.

De twee aanwezige verdachten mochten de rechtszaal direct verlaten, omdat zij het voorarrest kregen afgetrokken van hun straf. Zij gaan allebei in hoger beroep tegen de straf. De derde verdachte is vorig jaar na zijn voorlopige vrijlating in de zaak, er vandoor gegaan.

 

 

    Joost van der Wegen (1970) is (onderzoeks)-journalist op het gebied van criminaliteit, politie en justitie, inlichtingendiensten, slachtofferschap, en drugsbeleid. Hij publiceerde hierover onder meer in Metro, Panorama, Crimelink en Vrij Nederland. Voor Crimesite schreef hij het boek 'Onder spanning’, over politiewerk en PTSS. In 2018 werden zijn verzamelde misdaadreportages gebundeld in ‘Moordboek’ (Just Publishers).