In tien jaar kwakte Vincent een enorm oeuvre op het doek. Het heropende Van Gogh Museum wil bewijzen dat de Brabander geen woeste geweldenaar was maar een methodologisch werkende kunstenaar.

STEUN RO

Axel Rüger is een heel beschaafde man, maar hij kan het niet laten om te benadrukken dat de verbouwing van het Van Gogh Museum Binnen Budget en Op Tijd is volbracht. Bescheidenheid gebiedt hem daaraan knarsetandend toe te voegen dat het – vergeleken met Stedelijk of Rijks – slechts een beperkte update van alle installaties betrof om aan de verscherpte veiligheidsvoorschriften te voldoen. Terwijl de collectie in de Hermitage bivakkeerde, kreeg het gehele door Rietveld ontworpen gebouw een opfrisbeurt.

Horden

Vlak na koningsdag staan de horden al voor de deur. Een rij bezoekers van zo’n 150 meter bewijst het gelijk van Rüger dat het museum een andere entree nodig heeft. Maar dat is van latere zorg. Aan het gebouw zelf merk je niet veel: alles is geverfd, voor de rest bleef de structuur ongewijzigd. Nieuw is de grote expositie Van Gogh aan het Werk, die alle verdiepingen beslaat.

Acht jaar onderzoek naar Vincents werkmethoden ging vooraf aan deze tentoonstelling, die werkelijk geen aspect onbelicht laat. Welke doeken gebruikte Vincent, welke verf, hoe probeerde hij perspectief op het doek te krijgen, waarom gebruikte hij zulke felle kleuren? De bezoeker kan zelfs met microscopen naar verffragmenten kijken. Met dank aan de steun van de Shell laboratoria.

Zonnebloemen

Zitten de bezoekers op al die info te wachten? Na de persbezichtiging is het gebouw binnen de kortste keren stampvol bezoekers, die vooral naar de Zonnebloemen en de Aardappeleters rennen. Hang de highlights op, (zoals het Rijksmuseum die 10 jaar in de Philips-vleugel deed), en het merendeel gaat tevreden naar huis. Maar kijk, daar hangen 2 versies van de zonnebloemen! Da’s leuk. Omdat Van Gogh duidelijke ideeën had over hoe zijn schilderijen gecombineerd moesten worden opgehangen, laat het museum hier zo’n ideale opstelling zien. Twee bloemenschilderijen met het Portret van Madame Roulin er tussenin. De Londense National Gallery was zo aardig een doek in bruikleen te geven.

Projectiel

Zo hangen er meer werken tijdelijk op zaal, die de Nederlandse bezoeker zelden of nooit te zien krijgt. Neem de vele prachtige tekeningen, zoals de studie De Oogst uit 1888. Van Gogh was geen ongeleid projectiel die maar verf op het doek kwakte: hij werkte zijn landschappen nauwgezet uit, om zo een afwisseling van streepjes en andere structuren te bereiken. De tekening van De Oogst berust in particulier bezit en is zelden in het openbaar te zien.

Gevangenis

De expositie hangt vol met dit soort schatten. Alleen al voor Van Goghs briljante versie naar Gustave Doré van de Gevangenis (afkomstig van het Moskouse Poesjkinmuseum) is de moeite waard om weer eens naar Van Gogh aan het Werk te gaan. Ook zijn schilderspalet is een fijne aanwinst. Duidelijk wordt hoe door inferieure rode verf zijn paarse interieurs en andere accenten in de loop der tijd zijn verdwenen. Van Gogh besefte dit risico. Zijn oplossing: extra felle kleuren gebruiken, die mogen dan later afzwakken.

Probeer laat in de middag te gaan, om de grootste menigten te ontwijken. En neem een audiotour, dan kun je op afstand over alle Italiaanse en Chinese omaatjes heen kijken.

Van Gogh aan het werk, www.vangoghmuseum.com, t/m 12 januari 2014

http://youtu.be/awdbtj0me8E

SmaakMaker Dirk Koppes proeft en fileert het culturele klimaat. Deze AlbertHeijnHater was hoofdredacteur van Carp, chef cultuur bij De Pers, en schreef een reisboek over Cubaanse jongeren. Hij selecteert verplicht lees- , proef- en kijkvoer.

Geef een antwoord