Donald Trump heeft zich de rol van law-and-order-president en autocraat toegeëigend, en verandert Amerika van voorbeeldland in iets dat doet denken aan een dictatuur in het Midden-Oosten die op omvallen staat.

STEUN RO

Hoe erg is het als de leider van wat we jarenlang hebben beschouwd als de leidende grootmacht in de wereld steeds meer gaat lijken op dictators als Saddam Hoessein, Bashar al-Assad, Hosni Moebarak en Muammar Khadafi? Deze week heb ik het gevoel dat het Midden-Oosten zomaar zijn intrede heeft gedaan in onze eigen vertrouwde westerse wereld. Dat de Arabische Lente tien jaar later naar Amerika is overgeslagen maar dan als de herfst voor de democratie.
Dat gevoel was het sterkst toen president Trump straten liet schoonvegen en vreedzame betogers verjoeg om van het Witte Huis naar de naburige kerk St John’s Church te kunnen lopen. Voor een foto. Waarbij hij zich de ‘law-and-order-president’ noemde. Allereerst viel op hoe hij een Bijbel ophield zoals alleen iemand dat doet die niets heeft met dat boek – noch met alle andere boeken. Maar mij vielen vooral de gelijkenissen op met Saddam, die voortdurend met de Koran zwaaide tijdens het proces na zijn val. En met Assad, die zich graag in kerken laat fotograferen als de steun en toeverlaat van Syrische christenen en andere minderheden.

Maar het gevoel was er al vanaf het moment dat in heel Amerika hard werd opgetreden tegen de honderdduizenden betogers die de straat op gingen na de moord door vier politiemensen op een zwarte Amerikaanse burger. De hele wereld had gezien hoe George Floyd die beschuldigd was van het betalen met een vals 20 dollarbiljet, hardhandig op de grond werd gewerkt hoewel hij zich niet verzette.

Milities

Op mijn netvlies verschenen beelden van militieleden in de Iraakse hoofdstad Bagdad, die jacht maakten op een ongewapende jonge Irakees. Die had deelgenomen aan de recente demonstraties tegen corruptie. Ze hadden hem tot in een woonwijk gevolgd en stortten zich met z’n allen op hem. Hoewel hij niet meer had gedaan dan betogen en wegrennen om aan een onverdiend pak slaag te ontkomen.

In Irak zijn tal van jongeren gedood of ernstig gewond geraakt doordat de veiligheidspolitie traangasgranaten op hen afvuurde. In Amerikaanse steden gebeurt nu hetzelfde. Alleen zijn de granaten in de VS wel bestemd voor rellenbestrijding, en die in Irak alleen voor gebruik door het leger. Maar in beide gevallen zijn ze niet bedoeld om rechtstreeks op mensen af te vuren.

Ook toen in Washington het Witte Huis en omgeving voor iedereen werd afgegrendeld met hoge hekken, deed me dat aan Irak danken. In Bagdad was de Groene Zone jarenlang afgesloten, zodat het parlement, de ambtswoning van de premier en verschillende ambassades – zoals de Amerikaanse en de Nederlandse – alleen te bereiken waren met een uitnodiging en via speciale, streng bewaakte sluizen.

Huurlingen

Zelfs de mannen die ingezet zijn tegen de demonstranten roepen dit soort associaties op. In Irak liet de VS veel van het vuile werk over aan huurlingen. Die contractors hadden vaak een achtergrond in leger of veiligheidsdiensten. Het ging hen vooral om de verdiensten en ze misdroegen zich herhaaldelijk – met dood en verderf tot gevolg. Wie herinnert zich Blackwater niet? Ook in de VS zijn gewapende mannen op straat verschenen zonder naamplaatjes of markering op hun mouw. Wie het zijn? Veteranen, militieleden, huurlingen? ‘We werken voor het ministerie van Justitie,’ zeggen ze.

Ik wil er toch maar even aan herinneren dat in Irak zeventien jaar na de val van de dictatuur van Saddam het recht op vrije meningsuiting en demonstratie nog lang niet is ingeburgerd. En dat juist Amerika het voorbeeld heet te zijn; probeerde dat land in Irak in 2003 niet juist de democratie te brengen waar het zelf zegt zo trots op te zijn?

Een voorbeeldland dat de persvrijheid hoog in het vaandel heeft. De pers heeft immers een grote rol te spelen als een van de hoeders van de democratie. In dictaturen krijgen journalisten het zwaar voor hun kiezen: intimidaties, geweld, dood. In hetzelfde Amerika dat tot voor kort nog iedere staat op de vingers tikte die de pers muilkorfde, houden agenten nu journalisten on camera aan, spuiten peperspray in hun ogen, schieten gericht met traangasgranaten, slaan hen in elkaar en noemen hen ‘pieces of shit’. Meer dan honderd journalisten melden al dat ze zijn aangevallen. Amerika is met stip binnengekomen op de lijst van landen die onveilig zijn voor journalisten.

Alle journalisten deden hun werk, droegen een perskaart of waren anderszins herkenbaar als dienaren van de pers. Ook dat ken ik uit Irak, waar een perskaart geen enkele indruk maakt op de politie. Maar dit is Amerika waar de politie beter zou moeten weten. De negatieve spiraal die Trump heeft ingezet met zijn scheldkanonnades jegens de media (fake news!) en het weren van kritische media uit zijn persconferenties heeft de bodem nog niet bereikt. Als er geen respect meer is voor het noodzakelijke werk van journalisten, dan verkeert de democratie in een vrije val.

Handboek

Collega Josie Ensor, die na vijf jaar in Beirut net was begonnen als de Amerikaanse correspondent voor de Britse The Telegraph kreeg het er benauwd van toen ze de situatie in New York herkende uit het Midden-Oosten. Vooral toen Trump aankondigde dat hij Antifa, een los verband van anti-fascisten, tot terroristen wilde verklaren. Volgens Ensor is dat “Stap Eén uit het handboek van een dictator: geef betogers het label van terroristen, waarmee je jezelf grotere macht geeft om de vermeende opstand neer te slaan.”

Het voormalig hoofd van het Amerikaanse Bureau voor Regeringsethiek raadde Amerikaanse journalisten deze week zelfs aan om wat er in hun land gebeurt te verslaan “alsof je een buitenlandse correspondent bent in een republiek die bezwijkt”.

Een aantal oud-medewerkers van de Amerikaanse CIA had dezelfde herkenning. “Ik heb dit soort geweld gezien. Dit is wat autocraten doen. Dit is wat gebeurt in landen voordat ze uiteenvallen,” zei ex-analist Gail Helt die in China en Zuidoost-Azië werkte tegen de Washington Post.

Iconisch

De voormalige Amerikaanse zaakgelastigde in de oorlog tegen ISIS, Brett McGurk, wees in dat stuk op de gevolgen hiervan voor de Amerikaanse geloofwaardigheid. “Het beeld van een staatshoofd die tegen andere bestuurders zegt: ‘overheers de straten, overheers het slagveld’ – dat zijn iconische beelden die Amerika nog een tijd zullen kenschetsen.” Hij waarschuwt dat dit het “veel moeilijker voor ons maakt om ons te onderscheiden van andere landen die we proberen te bestrijden of beïnvloeden.”

De Iraanse geestelijk leider Khamenei toonde McGurks gelijk. “De misdaad tegen deze zwarte man is hetzelfde als wat de Amerikaanse regering tegen de hele wereld heeft gedaan,” zei hij bijna triomfantelijk. “Dit is de ware aard van de Amerikaanse regering die nu wordt onthuld.”

Collega Namo Abdulla vraagt zich daarom ook al af, wat de gevolgen zijn voor het politieoptreden elders. Of “de veiligheidstroepen in Iraaks Koerdistan zich gesteund voelen door hoe de politie in de VS journalisten en betogers heeft behandeld”.

En ondertussen zijn de meer dan 100.000 Amerikaanse doden door het coronavirus uit de aandacht verdwenen. Nog een les uit het handboek van de dictator: geef het volk iets anders om zich druk over te maken als je in de knel lijkt te komen. Dat werkt altijd.

Waardeer dit artikel!

Dit artikel las je gratis. Vond je het de moeite waard? Dan kun je jouw waardering laten zien door een kleine bijdrage te doen.

Zie hier voor meer informatie!

Mijn gekozen waardering € -
Judit Neurink is schrijver en journalist die vooral schrijft over Irak en het Midden-Oosten