Het kabinet wil de instroom van werkzoekende Kroaten beperken als Kroatië in juli toetreedt tot de EU. De ervaring leert dat met name de grote steden niet zijn toegerust op de instroom van grote groepen nieuwkomers.

STEUN RO

Als wethouder van Amsterdam bezocht Lodewijk Asscher (PvdA) vorige zomer de Kolenkitbuurt, een probleemwijk in West. Bewoners hadden geklaagd over overlast door Oost-Europese arbeidsmigranten. Wat Asscher er aantrof was niet niks: illegale bewoning, veel grof vuil op de stoep,  liften die stonken naar urine, vermoedens van prostitutie. En nacht na nacht was er sprake van ernstige geluidsoverlast. De wethouder, geschrokken: ‘We gaan nu ingrijpen!’

Asscher is inmiddels minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en hij nam zijn ervaringen uit de Kolenkitbuurt mee naar Den Haag. Als minister verzet hij zich tegen de komst van nieuwe groepen immigranten uit Oost-Europa. Asscher wil daarom Kroaten weren van de Nederlandse arbeidsmarkt, wanneer Kroatië in juli toetreedt tot de Europese Unie. Daarmee stapt hij in de voetsporen van zijn voorganger Henk Kamp (VVD). Die hield voor Roemenen en Bulgaren zo lang mogelijk de deur dicht.  

Moelanders

Volgens Asscher is de stijgende werkloosheid de voornaamste reden voor zijn voorstel. Maar hij wees ook op de problemen die Nederland nu al heeft met de opvang van zogeheten ‘Moelanders’ (Midden- en Oost-Euroepanen).

Die problemen zijn reusachtig. In de oude wijken van de grote steden doen zich dramatische veranderingen voor. Als gevolg van de openstelling van de arbeidsmarkt voor Oost-Europese arbeidsmigranten, in 2007, kwamen meer dan driehonderdduizend Polen, Roemenen en Bulgaren naar Nederland. Grote aantallen streken neer in de Randstad. In Rotterdam en Den Haag, steden die dienen als uitvalsbasis naar de tuinbouwkassen van het Westland, gaat het om respectievelijk zo’n twintig- en dertigduizend mensen. ‘Mensen die de taal niet spreken en de Nederlandse cultuur niet kennen,’ zegt de Rotterdamse wethouder Hamit Karakus (PvdA) van Wonen. ‘We waren daar totaal niet op voorbereid.’

Karakus voorzag de ontwrichtende gevolgen voor zijn stad en riep in 2007 een ‘Polentop’ bijeen met vertegenwoordigers van de vier grote steden, de minister, de uitzendbureau’s en de werkgevers. Die ontkenden vooral de ernst van het probleem. Karakus: ‘Ik kreeg veel kritiek: waar ik mee bezig was? Ik dacht: zie ik het wel goed?’

Maar Karakus kreeg gelijk.

Huisjesmelkers

Naar schatting honderdduizend Oost-Europese arbeidsmigranten vielen, volgens het rapport Lessen uit recente arbeidsmigratie (2011) van de parlementaire commissie-Koopmans, in handen van malafide uitzendbureau’s. Die bureau’s werken samen met huisjesmelkers en frauduleuze ondernemers. Gezamenlijk vormen zij een machtig conglomeraat, dat delen van de arbeids-  en woningmarkt in zijn greep houdt. ‘Keiharde criminelen’, oordeelt Karakus.

Arbeidsmigranten krijgen wurgcontracten opgedrongen, ze worden samengepropt in ondermaatse woonruimte in achterstandsbuurten, ze krijgen om het minste of geringste hoge ‘boetes’ opgelegd en als ze misstanden aan de orde stellen komt het voor dat zij fysiek worden bedreigd.

De Haagse wethouder Marnix Norder (PvdA) waarschuwde dat door die misstanden de sociale cohesie in zijn stad wordt bedreigd. Hij riep het beeld op van een ‘tsunami van Oost-Europeanen’. En Henk Kamp begon een heuse oorlog tegen de malafide uitzendbureau’s, waarvan er maar liefst zo’n zesduizend actief zijn – vaak niet meer dan een man of vrouw met een steeds wisselend mobiel nummer. Kamp wilde de ‘top-100’ uitroken.

Maar die harde woorden leverden nog weinig resultaat op. Ondanks speciale interventieteams, een speciaal Meldpunt Malafide Uitzenbureau‘s, soms torenhoge boetes en een verhuurverbod voor recidieve huisjesmelkers, blijft het probleem van de uitbuiting van Oost-Europeanen hardnekkig, erkende Lodewijk Asscher vorige maand in de Tweede Kamer. En daarmee de overlast in de achterstandswijken.

Nieuwe golf

En er komt een nieuwe golf aan: per 1 januari 2014 mogen Roemenen en Bulgaren zonder tewerkstellingsvergunning aan de slag in Nederland. Asscher vindt het daarmee wel mooi geweest: niet straks ook nog de Kroaten er bij.

In die mening staat hij in Europa niet alleen. De Deutscher Städtetag, de Vereniging van Duitse Gemeenten, waarschuwt in een alarmerend rapport voor de ‘historisch ongeëvenaarde import van armoede’ uit Oost-Europa. De opstellers hekelen de beleidsmakers in Berlijn en Brussel, ‘die geheel voorbij gaan aan de realiteit in de steden’. Duitse steden worden geplaagd door een golf van criminaliteit en andere vormen van overlast door grote groepen Roma uit Bulgarije en Roemenië.

Om Brussel wakker te schudden organiseerde de Rotterdamse burgemeester Ahmed Aboutaleb (PvdA) een lobby van Europese steden, die kampen met deze problematiek. Zij eisen begrip, maar bovenal willen zij financiële steun. ‘Want,’ zegt Aboutaleb, ‘Brussel besluit en wij krijgen de problemen op ons bord.’ Precies dat begreep Lodewijk Asscher, vorige zomer, bij zijn bezoek aan de Kolenkitbuurt in Amsterdam. 

    Wierd Duk schrijft over Berlijn, de hipste stad van Europa, en bericht over Duitsland, het machtigste land in de Europese Unie, en over Rusland, het ingewikkeldste land tussen Europa en Azië. Hij was correspondent in Rusland en verslaggever voor de GPD en Elsevier. Laat op radio en tv regelmatig zijn licht schijnen over actuele internationale ontwikkelingen. Schreef de boeken ‘Poetin: straatvechter bedreigt wereldorde’ (Prometheus/Bert Bakker) en 'Merkel: koningin van Europa' (Prometheus/Bert Bakker). In 2016 verschijnt 'De Beul en de Heilige: een geschiedenis uit Auschwitz' (Prometheus/Bert Bakker).

    Geef een antwoord