Waarom Bagdad alweer zijn achtste stofstorm van de maand heeft

Na acht stofstormen in een maand is het effect van klimaatverandering in Irak niet meer te ontkennen. Dat zorgt voor stofstormen, en die verergeren het effect van klimaatverandering. Over een paar  jaar is het bijna voortdurend stoffig in Irak.

De BBC had het uitgerekend, want in Bagdad zijn de meeste mensen de tel kwijt. In de afgelopen maand is de stad maar liefst acht keer getroffen door een stofstorm.  Twee keer per week kleurde de lucht oranje en meldden zich duizenden bij de eerste hulp met ademhalingsproblemen.

Dat is geen sinecure. Het zandstof is piepklein, en dringt overal in door. Zelfs met alle deuren en ramen dicht landt het op de meubels, in je bed, zit het in je kasten. Dat betekende afgelopen maand dus acht keer je huis van boven tot onder schoonmaken. Ja, alweer is de Iraakse vrouw het slachtoffer.

Er gaan beelden rond van slapende kinderen in een van de vele tenten waarin de duizenden ontheemden in Irak nog wonen. Overal stof, in hun bed, hun haar, op hun huid, ze ademen het in.

Natuurlijk ligt de schuld bij klimaatverandering; de verwoestijning van Irak. Die al even aan de gang is, maar nu boeren hun land niet meer kunnen bewerken en hele meren droogvallen komt de boodschap hard aan.

Water

Irak krijgt al jaren steeds minder water uit zijn belangrijkste rivieren, de Eufraat en de Tigris, door dammenbouw in Turkije en Iran. En deze winter is er opnieuw te weinig regen gevallen. Of eigenlijk: die regen viel wel, maar dat waren zulke hoosbuien dat de droge aarde geen kans zag het water op te nemen. Met overstromingen tot gevolg – ook al een gevolg van de klimaatverandering. Waarna het water wegstroomde en nauwelijks effect had op het uitgedroogde land of het niveau van de rivieren en de meren.

Die stofstormen zijn niet nieuw in Irak. Ik herinner me dat ze elkaar na de Amerikaanse invasie van 2003 ook opvolgden. De Amerikanen hadden tijdens de invasie een programma om ze tijdig te voorspellen. Zelf heb ik nog een beeld op mijn netvlies van een grijze, zachte maar dreigende muur van stof waar ik langs reed, ergens in Iraaks Koerdistan. Wat ik ook nooit zal vergeten is de geur, als er na zo’n stofstorm regen valt: nat stofzand heeft een hele aardse, zware geur. En mijn buitenlandse bezoekers hebben vast de foto’s nog van het gedempte oranje licht dat zo’n storm veroorzaakt.

Toen dachten we dat het kwam door de invasie. Door de tanks die door de woestijn in Koeweit en Irak waren gereden en daarbij het zand hadden losgewoeld. Er zijn veel onderzoeken gedaan, maar ergens las ik dat experts van de universiteit van Basra dat naar het domein van de fabelen hebben verwezen. Want de luchtstromen klopten helemaal niet met die theorie. Het zand kwam gewoon uit Saoedi-Arabië, zoals het meestal al deed, en er was dus geen relatie met de invasie.

Front

Veel stofzand dat Irak teistert is niet Iraaks, en eindigt meestal in Iran of de Golfstaten. Als je kijkt naar het front van stofzand dat van west naar oost over Irak gaat, dan lijkt het afkomstig uit Saoedi-Arabië, Jordanië en Syrië. Maar er zijn berichten dat zelfs zand uit Libië in Irak terecht komt.

Stofstormen teisteren vooral landen waar de vegetatie beperkt is en er dus minder barrières zijn voor de harde wind. Negentig procent van de Arabische wereld bestaat uit woestijn. Sommige stormen beginnen in de Sahara, en worden dan in Saoedi-Arabië en Jordanië gevoed door de combinatie van wind, woestijnen en droge rivierbeddingen. Ieder voorjaar ontstaan er ook stofstormen in het woestijnland van West-Irak, die Bagdad en het zuiden van het land teisteren en daarna Iran.

De problemen worden groter, omdat er door de effecten van klimaatverandering meer droog land is dat de wind mee kan voeren. Ontbossing speelt een rol, maar ook de bouw van dammen waardoor er minder water in de rivieren stroomt. Dat ook weer minder voor irrigatie kan worden gebruikt waardoor akkers verdrogen. In Irak verliezen dezelfde moerasgebieden die Saddam in de jaren negentig drooglegde en die na zijn val in 2003 weer volliepen, nu ieder jaar door natuurlijke oorzaken aan omvang. Slecht watermanagement, waarbij ondergrondse waterbronnen uitgeput raken en het beschikbare water slecht wordt verdeeld, draagt bij aan verdroging en stofstormen.

Gewend

De hele regio is al jaren gewend aan stofstormen, en het ene jaar zijn het er meer dan het andere. Maar de laatste jaren is er sprake van een toename. In 2013 waren er 122 van die stormen in Irak. Wetenschappers van de VN voorspellen dat het er jaarlijks aan het eind van de jaren ’20 van deze eeuw zo’n 300 zullen zijn. Er zijn dan dus nog maar nauwelijks stofvrije dagen.

Daarom zijn projecten waarbij bomen worden aangeplant belangrijk. De organisatie Mosul Eye, opgericht door Omar Mohamed, de blogger die tijdens de ISIS-bezetting stiekem vanuit Mosul verslag deed, heeft in die stad internationale steun gekregen voor zo’n project. Ook de lokale overheid is om, en overal in en rond de stad worden bomen geplant.

Om het rondvliegende stofzand tegen te houden, wordt bij de stad Karbala een groenstrook aangelegd, maar het duurt nog enkele jaren voor dat werkelijk effect zal hebben en er zijn veel meer van dit soort stroken nodig.  In Koeweit herinner ik me van jaren geleden al een project om het woestijnzand via beplanting vast te leggen, en ook in Europa en Afrika wordt daaraan gewerkt. Nu Irak nog.

Stofstormen zijn op allerlei manieren schadelijk. Voor de mens, wiens longen niet bedoeld zijn om dit fijne stof in te ademen. Bovendien blijken er metalen en schadelijke stoffen in te zitten. In Irak gaat het sterftecijfer erdoor omhoog. Ook voor het onderwijs, want iedere stofstorm worden de scholen weer gesloten. En voor de gewassen, die door het stof beschadigd worden, en de rivieren en meren die verstopt raken door het zand.

Stroom

Indirect hebben de stormen ook gevolgen voor de stroomvoorziening, die toch al problematisch is in Irak. Stof op de zonnecollectoren zorgt voor minder stroom. En door het stof zullen luchtfilters van gasturbines van elektriciteitscentrales verstopt raken, waardoor die vaker onderhoud nodig hebben en de centrale dus nog vaker zal stilliggen.

Het gevolg van de klimaatverandering is in Irak al op heel veel manieren te zien, waarbij de economische en humanitaire ramp van het fenomeen klimaatvluchteling misschien wel de meest ingrijpende is. De landbouw zorgt in olieland Irak voor zo’n twintig procent van de banen. Maar tal van boeren zagen door de verdroging geen toekomst meer voor hun akkers of vee en trokken naar de steden. Daar wordt de druk van mensen die onder de armoedegrens leven steeds groter.

Er is een vicieuze cirkel ontstaan. Klimaatverandering zorgt voor stofstormen, en die verergeren het effect van de klimaatverandering. Overal ter wereld, maar vooral in het Midden-Oosten doen zwakke regeringen die verslaafd zijn aan de inkomsten uit de olie-industrie te weinig om die cirkel te doorbreken. Daarmee zijn corruptie, nepotisme en gebrek aan visie net zo verantwoordelijk als klimaatverandering voor het onleefbaar worden van steeds meer gebieden.

Mijn gekozen waardering € -

Judit Neurink is schrijver en journalist die vooral schrijft over Irak en het Midden-Oosten