Helden. Dat was het thema van Pride 2018. Het werd gemotiveerd door alle LHBTI-plussers en andere superhelden die zich inzetten voor de emancipatie van de gemeenschap. Elk jaar vier ik Pride met het enthousiasme van een kleuter op haar verjaardag. Maar vanwege de ongelijkwaardigheid en haat die nog steeds heerst, voelt het alsof dat niet langer kan.

STEUN RO

Ik besloot – ondanks mijn kritiek op de commercialisering van de Parade – dit jaar voor het eerst mee te varen met het College van de Rechten van de Mens, omdat het een van de organisaties is die zich permanent en structureel met mensenrechten bezighoudt.

Het was een spectaculaire ervaring met zingende en dansende mensen die verwoed vanuit de kant zwaaiden, confetti die uit het niets naar beneden leek te dwarrelen en bubbels met alle kleuren van de regenboog. Onze boot vaarde door een rookgordijn en ik geloofde zowaar in het sprookje dat LHBTI’ers – in ieder geval in Nederland – vrij waren.

Maar vanochtend werd ik huilend wakker. Ik huilde bittere tranen voor trans vrienden van kleur die uitgescholden en beetgepakt werden, voor mijn lesbische vriendinnen die in hun kruis gegrepen en aan hun borsten betast zijn, voor mijn queer vrienden die door een taxichauffeur in hun gezicht zijn geslagen, voor de Oegandese lesbische vluchteling die uit een christelijke opvang is gezet omdat ze een zogenaamd ‘gevaar’ voor kinderen vormde en voor alle LHBTI-vluchtelingen die uitgezet zijn omdat ze niet ‘gay’ genoeg waren. Dit terwijl de IND en regeringspartij VVD – die al tijden een repressief immigratiebeleid voert –  dit jaar gezellig de emancipatie vieren op de Amsterdamse grachten. Waar zijn de bezorgde burgers als het hierom gaat?

Volgens recent onderzoek zijn hetero’s positiever over homoacceptatie dan homo’s. Zoals – me dunkt – vleeseters tevredener zijn over vlees eten dan koeien. Uit onderzoek blijkt ook dat een derde van de Nederlanders problemen heeft met zoenende stellen van hetzelfde geslacht, dat mensen met een intersekse conditie minder aan de bak komen en dat transgenders pas dit jaar niet meer als mentaal ziek gecategoriseerd worden door de Wereldgezondheidsorganisatie.

Tijdens de Parade was er een vreedzaam protest van Reclaiming Our Pride, een groep die zich inzet tegen pink washing (lhbti-emancipatie misbruiken om progressief te lijken), racisme binnen de gemeenschap, etnisch profileren en commercialisering. De demonstranten stonden met spandoeken en megafoons aan de kant om ons eraan te herinneren dat de eerste Pride een rel voor gelijke rechten was.

In New York in 1969 leidden trans sekswerkers van kleur, waaronder Marsha P. Johnson en Sylvia Rivera het eerste verzet tegen de politie die regelmatig LHBTI’ers in het café Stonewall terroriseerde. Dit jaar nam de Amsterdamse politie opblaaseenhoorns in van de demonstranten die in de geest van Stonewall protesteerden, omdat ze in overtreding zouden zijn.

Ik kan de Pride niet meer op deze manier vieren als we de mensen die we zeggen te tolereren nog steeds bespugen, mishandelen en discrimineren op de werkvloer en woningmarkt. Bovendien pleit ik niet voor tolerantie – waarbij één partij het recht heeft om te besluiten of hij iemand verdraagt – maar nonchalance. De gelijkwaardigheid zou zo vergevorderd moeten zijn dat iemands seksualiteit of gender geen rol speelt en je onverschillig laat.

Non-binaire kunstenaar en transrechtenactivist Alok-Vaid Menon stelden onlangs tijdens een optreden in Amsterdam dat queer en trans mensen niet gered hoeven worden. Maar juist de wereld proberen te redden van de verstikkende moraal, dat ons beperkt in het zijn van onszelf. Helaas hebben we een lange geschiedenis van het kruisigen van onze helden. En ik kan niet langer toekijken terwijl degenen die er wat aan kunnen doen enkel één keer per jaar vanuit de kant naar ons zwaaien.

Clarice Gargard is freelance journalist en NRC-columnist