Er is nog iets wat – temidden van alle taboedoorbrekende hervormingen – opvalt aan het regeerakkoord. Namelijk wat er níet in staat.

STEUN RO

Het woord vrijheid bijvoorbeeld treft de politieke junk die de tweeëntachtig pagina's scant alleen aan in de prozaïsche combinaties beleidsvrijheid (voor gemeenten) en invrijheidstelling (voor gedetineerden).

Geen woord over de vrijheid van meningsuiting, dat oude stokpaardje (ademt het nog?) van Mark Rutte, dat hij snel vergat toen zijn vijanden het aangrepen om hem goedkoop met de Holocaust om de oren te slaan. En ook niets over het verbod op smadelijke godslastering – een dode letter, maar toch. Dat Fremdkörper in ons wetboek, op zichzelf volkomen overbodig voor de vrijheid van godsdienst, kan intussen wel de vrijheid van anderen beknotten om diezelfde godsdienst te bekritiseren.

Over het internet: geen letter.

De centen staan voorop, zoveel is duidelijk. Logisch. Er is al genoeg over vrijheden gedebatteerd, laten we eens de crisis te lijf, ik hoor het u denken. Bovendien is het niet zo dat het kabinet helemaal niets doet op het immateriële vlak.

De weigerambtenaar gaat langzaamaan uitsterven, nu de species zich niet meer mag voortplanten. Een mooie mix van principe en clementie, door het ontzien van de oude garde die niet kon weten dat ze ooit eens zouden moeten afwijken van de van hogerhand geautoriseerde combinatie van man en vrouw. Maar wie nu nog wil weigeren, doet dat maar in zijn hoofd.

De boerka wordt verboden, niet op straat maar wel in de klas en in de zorg, kortom op plekken waar (non-verbale) communicatie essentieel is – wederom een mix tussen principe en pragmatisme. De vrijheid van godsdienst wordt slechts beperkt voorzover het algemeen belang dat vereist. Alleen ontbreekt enige duiding.

Het laatste voorbeeld laat overigens ook zien dat er op het zo gevoelige onderwerp van integratie en immigratie eigenlijk niet bijzonder veel verschil zit tussen Rutte I (met die verfoeilijke, rechtstaat bedreigende PVV…) en Rutte II. De boerka wordt niet op álle plekken verboden, een vreemdeling krijgt niet pas na tien maar al na zeven jaar recht op bijstand, illegaliteit wordt strafbaar gesteld maar hulp aan illegalen niet.

Het verschil is de nadruk op de kansen voor iedereen die wil meedoen, en dat het woord islamisering niet meer valt.

C'est le ton qui fait la musique, en nergens zozeer als in de politiek. Dat is geen verwijt, symbolen zijn belangrijk.

Juist daarom had ik een paragraaf over de vrijheid verwacht. Zeker nu de Arabische lente steeds killer aanvoelt, omdat bloggers in Egypte en Saoedi-Arabië worden opgepakt wegens “godslastering”. Dan vergeten we voor het gemak Rusland en China, landen die ingezetenen opsluiten omdat ze op het internet po-li-tie-ke ideeën verspreiden, stel je voor.

Kinderen van de Verlichting zijn ze al genoemd, Rutte en Samsom. Met een rotsvast vertrouwen in de toekomst. Was het te veel verwacht van zulke jongeren om bij hun verloving een lofrede op de verworven vrijheid te houden, op de vrijheden – van meningsuiting én godsdienst – die dit land mogelijk en groot maken? Ach, kinderen kunnen nog groeien.

Verschenen op: Trouw.nl, 30 oktober 2012

Journalist en columnist. Schrijft over alwat voor zijn pen komt, van Haagse politiek tot terrorisme. Beukt er graag op los met de filosofenhamer. Classicus en volgeling van Dionysus, liefhebber van spot en ironie, slaat nooit een cappuccino af.

Geef een antwoord