Midden in één van Rio de Janeiro’s talrijke bossen en parken ligt een Walhalla: het IMPA ofwel Nationaal Instituut voor Pure en Toepaste Wiskunde. In stilte buigen mannen en vrouwen uit de hele wereld zich daar over wetenschappelijke vraagstukken, ver van samba, strand, politieke intriges en geweld in favela’s.

STEUN RO

Nog een verrassend wetenschappelijk instituut in Rio de Janeiro dus. Een jaar geleden interviewde ik een Nederlands-Braziliaans sterrenkundestel in deze stad.

IMPA-directeur César Camacho, een Peruaan die al sinds 1965 in het wulpse Rio woont en vrijwel accentloos Portugees spreekt, glimlacht berustend als hij weer eens wordt geconfronteerd met deze verbazing. Ook in Brazilië wordt serieuze wetenschap bedreven. “Je hebt binnen de wiskundige instituten wereldwijd vijf niveaus. In het hoogste niveau, groep 5, bevindt zich geen enkel Latijns Amerikaans Instituut, in groep zijn wij de besten, en zitten we als enig instituut in Latijns Amerika en pas in groep 2 zitten andere Latijns Amerikaanse instituten.”

Nobelprijs voor wiskunde

Het IMPA was even in het nieuws, toen in augustus 2014 een van zijn studenten, de Braziliaan Artur Avila Cordeiro de Melo, de Fields Medaille kreeg voor zijn bijdragen aan de theorie voor dynamische systemen. De Fields Medaille, die één keer in de vier jaar wordt uitgereikt aan twee tot vier wiskundigen onder de veertig jaar, wordt beschouwd als de ‘Nobelprijs’ voor de Wiskunde. Volgens overzichten van wetenschappelijke instituten in het buitenland scoort het IMPA bovengemiddeld in de productie en de kwaliteit van zijn publicaties. De Universiteit van Leiden becijferde dat van de tien procent meest geciteerde wetenschappelijke artikelen ter wereld bijna dertien procent afkomstig was van het IMPA. “Tien procent is een normale score. Als je daar drie procent boven zit, doe je het best goed, zeker voor een Braziliaans instituut”, aldus Ed Noyons van het Centre for Science and Technology Studies van de Leidse universiteit.

In het buitenland promoveren

Het begon, zo verhaalt Camacho in zijn werkkamer die uitkijkt over het prachtige park dat het IMPA omringt, met twee wiskundigen in 1952 en een jaar of vijftien bleef het instituut heel klein en bestond het welhaast onopgemerkt op verschillende plekken in Rio de Janeiro.

“In die begin tijd werden jonge Braziliaanse studenten naar het buitenland gestuurd om te promoveren. Als doctor kwamen ze dan terug en zo kreeg het instituut door deze telkens nieuwe impulsen van buiten een behoorlijk hoog niveau. Een andere manier was om internationale concoursen te organiseren waarbij bijvoorbeeld honderd wiskundigen uit de hele wereld voor twee onderzoeksplaatsen konden meedingen.” En zo kwam het IMPA aan zijn bonte internationale gezelschap.

Donatie van Globo Net

Wat nooit een probleem was, was de financiering, zowel door de Nationale Raad voor Wetenschappelijk Onderzoek in Brazilië als door privé-instellingen die het belangrijk vonden om dat het IMPA zijn werk kon doen. Inmiddels herbergt het instituut vijftig permanente onderzoekers en zitten er per jaar zeventig gastonderzoekers en studenten.

Zo vertelt directeur Camacho niet zonder trots: “We gaan nu uitbreiden omdat we een donatie van de familie Marinho van het Globo Net hebben gekregen.” Dat is voorwaar een wapenfeit. Dat een van de machtigste families in het land, die bijna alle belangrijke media in handen heeft, zich bekommert om een toch op het eerste gezicht niet erg sexy wiskundig instituut mag luid en duidelijk rondgetoeterd worden. 250.000 vierkante meter heeft Globo Net geschonken om onderkomens te maken voor onderzoekers en zalen voor conferenties en exposities.

Het instituut weet verdomd goed hoe het de boer op moet. “Ook wij hebben een afdeling PR”, zegt César Camacho met een ironisch glimlachje.

Olympische Wiskundespelen

Het IMPA heeft een interessante campagne opgezet om het wiskundeniveau in het land te verhogen. Want, beaamt Camacho, de kwaliteit van het onderwijs in Brazilië is laag. Dus om te zorgen dat er goede wiskundigen kunnen worden opgeleid, moeten er extra inspanningen worden verricht.

“We zoeken op de lagere scholen talenten vanaf tien jaar”, verklaart Camacho. “We doen twee toetsen. Aan de eerste doen 19 miljoen leerlingen uit het hele land mee. Daarvan worden de vijf procent besten geselecteerd. Die doen dan de tweede toets in tweehonderd centra door het hele land. De besten kunnen met een beurs naar de universiteit.” Het geheel wordt genoemd de Olimpíada brasileira de Matemática das Escolas Públicas, ofwel de Braziliaanse Olympische Wiskundespelen voor Openbare Scholen.

Stelling van Pythagoras

Camacho: “We maken ook videofilmpjes van tien tot vijftien minuten waarin we uitleggen hoe je bepaalde wiskundige stellingen of formules uitlegt. Zo hebben we bijvoorbeeld een filmpje over de stelling van Pythagoras. We hebben er nu vijfhonderd, maar we willen toe naar de duizend.”
Geen enkele inspanning is te veel dus om iets te doen aan het niveau van het wiskundeonderwijs in dit land waar in juni 2013 duizenden mensen protesteerden, onder andere tegen het slechte onderwijs, is een logische stap. Een strijdlustige Camacho: “Wat we nodig hebben is competitie. Het onderwijs is te democratisch en te veel volgens de wensen van de vakbonden georganiseerd. Ja, het is goed dat de linkse regeringen de toegang tot het onderwijs hebben verbeterd en dat er minder schooluitval is, maar nu moeten we werken aan het niveau. Dat moet veel beter.”

Wies Ubags (1962) werkt vanuit Brazilië voor oa het ANP. Ze is ook te horen op de Nederlandse en Belgische radio (vooral BNN, WNL en VRT).  Ze schrijft over ambitie in Latijns Amerika, in het klein en in het groot. Economische onderwerpen krijgen veel aandacht.