WK2014 // Het begon met een schot in eigen doel en eindigde voor het gastland in wat met een mooi woord een ‘mindfuck’ heet: tijdens een strak georganiseerd toernooi werd het eigen nationale elftal dramatisch vernederd. Het “WK aller WK’s” zal Brazilië nog jarenlang bezighouden.

STEUN RO

Ik keek naar de openingswedstrijd van het WK, tussen Brazilië en Kroatië, in het huis van mijn schoonfamilie, in een arme buitenwijk van Salvador. De wedstrijd was nog maar nauwelijks begonnen of de Braziliaanse verdediger Marcelo Vieira tikte de bal in eigen doel. Mijn nichtje Tainara (20) sprong op van de ribfluwelen bank, riep ‘Goooo–‘ en sloeg toen verschrikt beide handen voor haar mond. In mijn hoofd (en, gok ik, in de hoofden van honderden andere journalisten) deed het schot in eigen doel onmiddellijk allerlei prachtige metaforen opborrelen. Het was op dat moment nog alleszins onzeker of het WK van 2014, door de Braziliaanse president Dilma Rousseff en haar Arbeiderspartijregering steevast het “WK aller WK’s” genoemd, een geslaagd toernooi zou worden. Stadions waren op het nippertje afgekomen, veel infrastructurele werken niet, en er dreigden protesten.

Even later stapte Tainara’s moeder Nadilene, een imposante verschijning van groen en geel en heel veel bloot, de huiskamer binnen. ‘Ze hadden toch voorspeld dat Brazilië het eerste doelpunt van het WK zou maken?’ zei ze druipend van sarcasme.

Een maand later, nadat het Braziliaanse nationale elftal eerst door Duitsland en daarna door Nederland afgetuigd werd, maakte dezelfde galgenhumor zich opnieuw van Brazilië meester. ‘Kunnen we dit WK nog omruilen voor scholen en ziekenhuizen?’ twitterde @Irma_Zuleide, een populaire parodieaccount, afgelopen zaterdag tijdens Nederland-Brazilië aan haar bijna zevenhonderdduizend volgers.

Waar bleven de protesten?

Daarmee legde @Irma_Zuleide (in werkelijkheid een bekende DJ) de vinger op een gevoelige plek. Sinds de protestgolf die vorig jaar juni tijdens de Confederations Cup (de generale repetitie voor het WK) uitbrak weet de hele wereld wel dat veel Brazilianen liever beter onderwijs, betere gezondheidszorg en beter openbaar vervoer gehad hadden dan dit WK. Vlak voor het begin van het toernooi was het draagvlak voor het mega-sportevenement lager dan ooit; Brazilië bereidde zich voor op een nieuwe protestgolf.

Maar die bleef uit.

Er vonden weliswaar op verschillende plekken in het land kleinschalige demonstraties plaats – ik was er zelf getuige van hoe in Salvador tijdens de wedstrijd Nederland-Spanje een vreedzame protestmars van zo’n tweehonderdvijftig demonstranten in bruut politiegeweld gesmoord werd – maar het overgrote deel van de honderdduizenden Brazilianen die vorig jaar avond aan avond de straat op gingen zat thuis voor de buis.

Magie

Weet u wel, die magie, die zich na Oranje’s overwinning op Spanje van u meester maakte en die u tijdens de spanning van Nederland-Mexico, Nederland-Costa Rica en Nederland-Argentinië schietgebedjes deed richten aan hogere machten waarvan u wellicht aan het bestaan twijfelt – die magie, die voelden de Brazilianen vanaf het moment dat hun ‘seleção’ in de openingswedstrijd het gras betrad ook. Het was die magie, die hen, en ons, en miljarden mensen over de hele aardbol, de afgelopen vier weken terugbracht naar onze kinderjaren, naar onze eerste WK’s, naar Panini-plakboeken of desnoods toeterende auto’s op een dorpsplein. 

Brood en spelen

Wat de een magie noemt, noemt de ander een verdovend middel. Waar brood en spelen goed voor zijn, dat wisten de Romeinen al; in 2014 blijkt het recept nog altijd te werken. Maar dat de demonstraties van de afgelopen vier weken in het niet vielen bij die van vorig jaar juni had ook andere oorzaken. Daarvan is de gewelddadige onderdrukking waarmee de autoriteiten impliciet dreigden er één; Brazilië’s veiligheidsapparaat schafte in de aanloop naar het WK meer dan 270.000 traangasgranaten en meer dan 260.000 rubberkogels aan. Ook grepen de autoriteiten preventief in. Afgelopen zaterdag nog werd een twintigtal activisten ingerekend; de politie zegt bewijzen te hebben dat de verdachten geweld hadden willen plegen tijdens de finale in Rio de Janeiro, die gisteren door Duitsland gewonnen werd.

Feest

Voor buitenlandse fans was het uitblijven van massale protesten een opluchting. ‘Wij kwamen hier met een dubbel gevoel, vanwege de protesten van vorig jaar, maar nu zien we dat de Braziliaanse bevolking ook helemaal in WK-stemming is,’ vertelde Oranjefan Caroline Dessing uit Rotterdam me vlak voor de wedstrijd Nederland-Chili in São Paulo. 

Het toernooi was toen halverwege, en Dessing en haar partner Paul Hirschel – beiden steevast gekleed in oranje carnavalskostuums – hadden bij de Braziliaanse media al een soort van cultstatus bereikt. Overal waar ze verschenen wilden eindeloze rijen Brazilianen (maar ook Chilenen, Mexicanen, Costa Ricanen en wat dies meer zij) met hen op de foto. De uitbundigheid en gastvrijheid van het Braziliaanse volk waren twee van de belangrijkste ingrediënten voor het succesvolle verloop van WK 2014, maar als er ook maar één andere schare was die een steentje heeft bijgedragen aan de feestvreugde, dan waren dat de Oranjefans.

‘The Best World Cup Ever’

Met wedstrijden als Nederland-Spanje (5-1), Duitsland-Portugal (4-0) en Duitsland-Brazilië (7-1) en vele bizarre wendingen van het lot was WK 2014 nooit minder dan spectaculair. Maar ook vanuit organisatorisch oogpunt verraste het toernooi. Velen – zowel Brazilianen als buitenlanders – hadden verwacht dat het mega-evenement getekend zou worden door problemen, maar chaos bleef uit: de stadions hielden het en ’s lands vliegvelden barstten niet uit hun voegen. Alleen het instorten van een met het oog op het WK uit de grond gestampt viaduct in Belo Horizonte, waarbij twee inwoners van die stad om het leven kwamen, en twee afzonderlijke verkeersongelukken waarbij twee Argentijnse sportverslaggevers het leven lieten, riepen vragen op over de veiligheid van de infrastructuur van het gastland.

Dat WK 2014 een succes was, daar is Sabrina Eiko Kubo uit Salvador van overtuigd. De Braziliaanse, die met een Nederlandse man getrouwd is, stortte zich in de aanloop naar de wedstrijd Nederland-Costa Rica in het oranjegeweld met een kartonnen bord waarop ze de leus ’The Best World Cup Ever’ geschreven had. Dat haar plakkaat precies leek op de stukken bordkarton waarop honderdduizenden demonstranten vorig jaar juni het WK tot zondebok van Brazilië’s maatschappelijke problemen bombardeerden was beslist geen toeval.

Sociaal activist Enderson Araújo, die in een achterstandswijk van Salvador een jeugdproject leidt, is het met haar eens. ‘Het WK is nooit een oplossing, noch een probleem geweest. Mét het WK staat Brazilië voor dezelfde problemen als waar het zónder WK voor gestaan zou hebben. Wat we nodig hebben is echte politieke vernieuwing, en daarvoor is het noodzakelijk dat de bevolking actiever meedenkt.’

Stembus

Daar krijgen de Brazilianen over iets minder dan drie maanden de kans voor. In oktober hoopt de huidige president Dilma Rousseff, wier Arbeiderspartij (PT) al twaalf jaar aan de macht is en wier illustere voorganger Lula het WK van 2014 en de Olympische Spelen van 2016 binnensleepte, een tweede ambtstermijn te behalen. Wat voor effect het toernooi dat gisteren afliep op de uitslag zal hebben is moeilijk te voorspellen; aan de ene kant is er de opluchting dat WK 2014 een evenement was waarop Brazilië best trots mag zijn, aan de andere kant is er het trauma van de dramatische ondergang van de ‘seleção’. Voor de Braziliaan was WK 2014 een mindfuck – en het nakaarten is nog maar net begonnen. 

Alex Hijmans (1975) is internationaal correspondent en schrijver. Zijn standplaats is Salvador, de derde stad van Brazilie, waar hij in een volksbuurt woont en verder kijkt dan voetbal, samba en zogenaamde Wirtschaftswunderen. Hij schrijft, net zoals weleer voor de papieren De Pers, journalistieke reportages en persoonlijke columns. Met veel beeld en altijd met de blik van een local.