Cinematograaf Hoyte van Hoytema moet af en toe zoeken naar Nederlandse woorden. Hij werd geboren in Zwitserland, groeide op in Nederland, deed de filmacademie in Polen en woont nu in Zweden. Vanaf 20 juli is Dunkirk in de Nederlandse bioscopen te zien, waar Van Hoytema met regisseur Christopher Nolan aan gewerkt heeft. Een deel van de opnames werd op aanraden van Van Hoytema op Urk gemaakt.

STEUN RO

Wat is je taak als cinematograaf?

‘De cinematograaf draagt de verantwoordelijkheid voor de visualisatie van het verhaal. Een verhaal kan via licht en camerawerk op oneindig veel manieren verteld worden. Daarbij probeer ik zo veel mogelijk de verleiding te weerstaan om het esthetisch mooiste plaatje te kiezen. Je moet namelijk altijd zoeken naar het beeld dat in dienst staat van het verhaal; het hoeft geen losstaand kunstwerk te zijn.’

Je bent opgeleid in Polen, wat betekende die school voor jou?

‘De kunst van de cinematografie werd daar zeer hoog geacht, de hele school was doordrenkt van de sfeer dat je met iets belangrijks bezig was. Het onderwijs was erg traditioneel en de academie ontzettend hiërarchisch. Het hoofd van de school was een oude legendarische filmmaker en als hij door de gang liep, stond iedereen stil om voor hem te buigen. Op die school leerde ik heel consequent te zijn in het draaien, iets wat ik nu juist los heb gelaten; ik ben nu veel relaxter.’

Wat is jouw stijl; sta je naast de regisseur of in dienst van hem of haar?

‘Iedereen in de film staat in dienst van het project of de regisseur. Hoe closer je bent met elkaar des te gemakkelijker het creatieve proces verloopt. Een regisseur moet iemand naast zich hebben die op kalme en respectvolle manier met zijn ideeën om kan gaan. Regie is een van de allermoeilijkste beroepen: onder enorme tijdsdruk moet je ongelofelijk presteren terwijl je ook een sterke artistieke stem hebt die van binnenuit schreeuwt. De hiërarchie op een filmset is enorm aanwezig; het lijkt daarin op een leger. Alleen op die manier kun je zo presteren.’

Wat is belangrijker; goeie plaatjes maken of de beste vriend zijn van de regisseur?

‘Er zijn heel veel goede cameramensen maar als regisseur heb je altijd in je achterhoofd dat je een jaar lang gaat samenwerken. Dus kies je niet alleen iemand die goed kan fotograferen, maar ook iemand bij wie je je safe voelt. Iemand die jouw ideeën met genoeg aandacht en voorzichtigheid behandelt. Een film maken is niet alleen visueel. Als je geen goed inzicht hebt in de emotionele bedoelingen van de film, helpt het niet om mooie plaatjes te maken, die worden dan betekenisloos.’

Was het maken van de nieuwe Bondfilm het hoogst haalbare?

‘Nee, niet per se. Elk project moet een bepaalde uitdaging hebben. Bij Bond ligt dat onder andere in de omvang van het project en daarmee de controle over veel meer mensen, infrastructuur en politiek dan ik normaal gewend ben; op sommige dagen kan de crew bestaan uit 350 man. Het is wellicht het duurste project wat ik ooit deed, maar met beroepsmatige voldoening heeft dat weinig te maken. In een kleine film stort ik me met evenveel overgave en energie. Nadat ik de film Interstellar had gedaan, had ik juist zin om een heel klein projectje te doen. De nieuwe James Bondfilm paste aanvankelijk absoluut niet in mijn planning. Maar toen ontmoette ik regisseur Sam Mendes en werd ik verliefd op het verhaal en de regisseur.’

Je gaat van cultfilm via commercials naar grote Hollywoodproducties, is er een handtekening te vinden in jouw films?

‘Het is makkelijk om een stijl of een look in een film te branden, maar in mijn werk hoop ik dat op een meer subtiele manier te bereiken. De uiteindelijke handtekening is een resultaat van duizenden minibeslissingen die je gevoelsmatig en intuïtief maakt. Soms haal je een plant voor het raam weg, doe je gordijnen open of dicht of wacht je een halve dag met filmen omdat het licht dan beter is. Aansluitend op de eerdere vraag, ben ik niet meer zo druk bezig met consequent zijn in stijl maar probeer ik juist intuïtie en tijd de uiteindelijke look van de film te laten bepalen.

    Veerle Corstens is thuis in de theaterwereld en observeert graag de straten en mensen van Amsterdam. Ze kon dat lang uiten in het Parool, maar richt zich nu meer en meer op grote interviews en verbreedde ook haar aandacht naar andere kranten en bladen. Won ooit de Studentenluis voor het beste interview en hoopt de volwassen versie nog eens in de wacht te slepen.